**//sticky ads code//**

Vanaf groep 6 krijgen de meeste kinderen topografie. Ze krijgen veelal een niets zeggend kaartje mee naar huis met daarop wat stippen. Bijzonder hoe zo’n kaartje er naar al die jaren nog steeds zwart wit ziet en vaak onherkenbaar is. Maar daar gaat deze blog niet over. Hoe help je je kind om alle plaatsen te leren.

Veel kinderen hebben moeite om de plaatsnamen en provincies uit hun hoofd te leren. Als ouder heb je dan vaak een belangrijke rol om je kind aan een voldoende te helpen. Maar hoe doe je dat?

Met name kinderen met dyslexie hebben moeite om topografie te leren. Kinderen met dyslexie hebben moeite met automatiseren. Hierdoor is het lastig om feitenkennis te onthouden. De verschillende plaatsnamen zegt hen niets en ze hebben geen beeld bij woorden zoals ‘De Rijn’ of ‘Emmen’. Vaak lukt het wel om plaatsen in de buurt wel te onthouden. Deze namen hebben namelijk betekenis. Wanneer we na gaan denken over plaatsen en landen buiten Nederland wordt het lastig.

5 tips om je kind te helpen bij het leren van topografie

1. Maak plattegronden levendig

Maak de plattegrond levendig door gebruik te maken van kleuren. Geef bijvoorbeeld de rivieren een blauwe kleur en de provincies elk een eigen kleur. Dit maakt de plattegrond al duidelijker voor een kind.

2. Associaties

Kinderen hebben over het algemeen geen beeld bij plaatsen waar ze nog nooit zijn geweest. Zo kan je als ouder vertellen over de kaasmarkt in Alkmaar of er een filmpje over laten zien. Op deze manier krijgen deze steden meer betekenis en kunnen ze deze plaatsen beter onthouden. . Associaties kunnen ook worden gemaakt door te gaan rijmen op het woord of na te gaan waar je kind aan denkt bij deze plaatsnaam. Zoek daarbij naar verbanden. Bijvoorbeeld de stad Den Helder. Helder is lucht, lucht is boven en Den Helder ligt in het puntje van de provincie Noord-Holland. Let daarbij wel op dat de associaties gemaakt moeten worden door je kind. Als het voor je kind niet logisch blijft de naam minder goed hangen.

3. Reis maken

Maak een reis. Dit heeft deels te maken met tip 2, maar als ouder kan je goed ondersteunen door aan de hand van de te leren plaatsnamen of landen een verhaal te verzinnen. In het verhaal staat je reis door alle plaatsen centraal. Je gaat een verhaal verbinden aan de verschillende locaties. Op deze manier krijgen niet alleen de verschillende namen betekenis maar wordt de volgorde ook benadrukt.

4. Verdeel

Om alle plaatsen of gebieden goed te onthouden is het belangrijk het leerwerk te verdelen. Het werkt niet alles op een avond te willen leren. Verdeel de te leren plaatsen over verschillende dagen. Daarbij is een houvast om altijd te starten met wat je de vorige dag hebt geleerd als herhaling. Vervolgens voeg je er een paar plaatsen aan toe zodat je op de laatste dag alleen nog maar hoeft te herhalen.

5. Overhoren

De dag voor de toets neem je samen met je kind nog een keer alles door. Goed om te weten is dat bij kinderen met dyslexie eigenlijk nooit schrijffouten worden mee gerekend bij een topografietoets. Dat neemt in ieder geval de druk weg om alle plaatsen juist te leren schrijven. Het is toch ook geen spellingsles!

Hebben jullie zelf nog tips, deels ze dan in de comments.

bron studieus.nl