**//sticky ads code//**

Mijn zoon vertikte het om van de kleuterschool naar de lagere school te gaan. Waarom was me een raadsel maar hij meldde bij voorbaat al “dat hij ging weglopen als hij niet meer naar de kleuterschool mocht”. Mijn lief besloot om eens met hem te gaan praten.

“Het is toch leuk op de grote school?” vleide hij. Maar zoonlief schudde gedecideerd zijn hoofd. Dan ging papa toch lekker zelf naar “de grote school”. “Maar je bent toch al een grote jongen?” probeerde lief weer. En was zoonlief daar normaal gesproken erg gevoelig voor, als het thema school werd aangekaart hoefde hij helemaal niet “groot” te zijn. Wilde hij zelfs best wel klein zijn. En blijven. Lieve help, dit ging een probleem worden om hem zonder geweld naar de lagere school te krijgen. Toevallig wist ik uit ervaring dat ik ook zo’n kind was. En als ik iets niet in mijn bol had (heb) ging het niet door. Wat de consequenties ook waren. Dus dat beloofde nog wat. Op een gegeven moment waren we ten einde raad. Bij het naar bed brengen werd zoonlief al zenuwachtig want hij wist: nu beginnen ze weer over school.

We besloten het onderwerp “school” maar even te laten rusten.

Per slot van rekening hadden we nog wel even tijd en we wilden niet dat het kind zich zo druk ging maken. Maar toch, er kwam een moment en dan moest hij er toch echt aan geloven. En waarom was ons kind niet net als andere kinderen? Trots, omdat hij “naar de grote school” mocht. Om te leren, rekenen, schrijven, leren, leuk toch? Op een middag zaten we aan tafel toen zoonlief het druk over auto’s had. Alle merken kende hij feilloos en hij vertelde dat een vriendje van hem automonteur wilde worden.
“En wat wil jij dan worden?” vroeg lief.
Ja waar denk je aan? Alle jongens willen toch politie, brandweerman, piloot etc. worden. Maar nee hoor, onze zoon niet.
“Ik wil ridder worden”, zei hij trots, “of vader. Ridder misschien, maar vader wil ik zeker worden.”
Mijn lief knikte bewonderend.
“Zo”, zei hij, “dat is een goede keus zeg. Maar weet je, voor ridder weet ik het niet zeker maar voor vader moet je toch echt de lagere school hebben gehad. Anders kan je dat niet worden.”
Mijn zoon keek hem ontsteld aan. Hij slikte eens.
“Echt waar, papa?” vroeg hij zachtjes.
En mijn lief knikte. Jazeker, echt waar.
Zoonlief was even diep in gedachten.
“Dan moet ik toch maar naar de lagere school”, meldde hij, “want ik wil echt vader worden.”
En inderdaad, zonder problemen doorliep hij de lagere school. Om zijn hogere doel te bereiken. Vader worden.
Inmiddels is hij vader van een zoon, die graag naar school gaat.