Een kind met  ADHD vindt het moeilijk om zich te concentreren, zijn aandacht vast te houden, zijn gedrag te beheersen en kan hyperactief zijn. Wat leven met ADHD misschien nog moeilijker maakt is de hoeveelheid verkeerde informatie en negatieve stereotypen over de diagnose. Er zijn heel wat misvattingen over ADHD

Zo denkt men dat een kind altijd druk is, wat wel zal komen door te veel suiker of een slechte opvoeding. Beide zijn niet correct, maar wel vervelend als dit beeld leeft in je omgeving. Het lijkt alsof er steeds méér drukke kinderen zijn. In onze huidige tijd word er meer getest (met als doel kinderen beter te kunnen helpen), wat deels verklaart waarom er meer kinderen worden gediagnostiseerd. Maar een kind van tegenwoordig krijgt ook veel meer prikkels op zich af dan een kind 50 jaar geleden.
Over ADHD gaan soms de vreemdste verhalen rond. Soms gaat het om goed bedoeld advies, een andere keer wordt de aandoening niet erkent.  Zes misvattingen over ADHD op een rij:

1
. ADHD staat voor: Alle Dagen Heel Druk

Een kind dat geregeld door de klas rent, niet stil kan zitten en het ontzettend moeilijk vindt om op zijn beurt te wachten. Dit is het typische beeld van een kind met ADHD. Maar dit beeld klopt niet helemaal.
Kinderen met ADHD hebben niet allemaal dezelfde kenmerken. Er zijn verschillende typen ADHD: de één is hyperactief, de ander heeft juist moeite zich te concentreren en is helemaal niet zo druk. Weer een ander is vooral impulsief. Ook kan iemand beide hebben, hyperactief, moeite met concentratie en impulsief

2. Het ligt aan de opvoeding

Een kind wat altijd druk en hyperactief is, vraagt om aandacht omdat hij thuis aandacht tekort komt. Dit is absoluut niet waar. ADHD is geen gevolg van slechte opvoeding. Deze fabel kan erg vervelend zijn voor het kind én ouders. ADHD kent een biologische oorzaak en is daarmee dus geen direct gevolg van verkeerde opvoeding. Wel vraagt de opvoeding van een kind met ADHD meer structuur, ritme en rust.

3. Steeds meer diagnoses

Drie tot vijf procent van de mensen heeft ADHD. In een klas zit dus vaak wel een kind.  Het lijkt alsof er steeds meer kinderen met ADHD bij komen. Maar dit heeft veel te maken met de helderde geformuleerde diagnose. Waardoor het beter herkent wordt. De kenmerken waren vroeger minder duidelijk omschreven. Een kind was vervelend, onhandelbaar of heel druk. Door nieuwe technieken kan nu zelfs bekeken worden wat er anders is aan de hersenen van iemand met ADHD.

4. Het is een fase

Dat ADHD een fase is, is een misverstand. Ja, kinderen kunnen een tijd wat drukker zijn dan anders door bijvoorbeeld stress. Maar bij deze kinderen houden deze kenmerken langere tijd aan. Zo niet hun hele leven. Het blijft voor hen lastig zich te concentreren, hun beurt af te wachten en zaken te plannen. Ze kunnen wel leren er beter mee om te gaan.

5. Een kind met ADHD heeft een gebrek aan wilskracht en doorzettingsvermogen

Een kind met ADHD moet vaak op zijn tenen lopen om binnen de lijntjes te blijven. Over de hele linie kost het een kind meer wilskracht en doorzettingsvermogen om te functioneren en mee te komen met de ‘normale’ mensen. Om dit te kunnen volhouden zijn creatieve en vernuftige trucs nodig, anders is het niet vol te houden. Kinderen zijn daardoor creatief, intelligent en oplossingsgericht.

6. Een van de grootste misvattingen over ADHD: suiker

Van suiker worden kinderen druk. Dat wordt vaak gedacht. Uit divers wetenschappelijk onderzoeken blijkt dat suikerinname niet de oorzaak van hyperactiviteit kan zijn. Kinderen krijgen vaak meer suiker op feestjes, waar ze toch al drukker waren dan normaal. Kinderen met ADHD hoeven dus zeker niet op een suikervrij dieet te worden gezet. Gezonden voeding is uiteraard belangrijk. Net als voor elk kind.

Wees je bewust naast deze misvattingen over ADHD er veel mooie kanten zitten aan ADHD