**//sticky ads code//**

We lopen samen door het gras, mijn jongste kleindochter en ik, achter ons hondenkind aan. Sinds een paar maanden tilt hij zijn poot op bij het plassen en zien we veranderingen in zijn gedrag. Hij groeit op, is aan het puberen en maakt veel nieuwe dingen mee. Net als mensenkinderen. Die overeenkomsten merken mijn kleindochters ook op en die bespreken we met regelmaat.

Ze hadden zich heel erg verheugd op de komst van het nieuwe hondje, maar het valt wat tegen. Het opvoeden van een jonge hond is veel werk en vergt consequent gedrag en veel inzicht in wat hij meemaakt en wat hij nodig heeft om evenwichtig en veilig op te groeien. Vol vertrouwen in zijn baas en zijn omgeving en dus een fijne gezinshond. Het is zeker het eerste jaar hard werken, voor ons, zijn mensenouders. De kids hadden zich een buitelende en uitbundig spelende hondenjeugd voorgesteld, en die is er ook wel, maar er is ook veel slapen en met rust laten, veel plassen, poepen, corrigeren, leren, voor doen en geduld hebben. Dat laatste is nog weleens een dingetje. Toen de pup nog klein was mochten ze oefenen met het lopen aan de lijn en de basiscommando’s. Nu hij een stuk groter is gaat dat niet meer. Door de pubertijd is hij wat minder betrouwbaar in zijn gedrag als het gaat om plotseling ergens naar toe willen en dan heel hard trekken aan de riem. En met zijn 27 kilo haalt hij hen (en soms ook bijna mij!) moeiteloos onderuit. Dus wandelen gaat wel maar oma houdt de lijn vast. In huis oefent de jongste onder ons toezicht de commando’s en dat gaat haar heel goed af. Ze kan hem vriendelijk maar resoluut corrigeren als hij te wild wil spelen, altijd begeleid door mij, en dat geeft haar veel zelfvertrouwen. Ze krijgt steeds meer plezier in de nieuwe hond en verdiept zich in zijn ontwikkeling. ’Oma, waarom lopen wij op twee benen en honden op vier?’ vraagt ze mij tijdens onze wandeling. ‘En waarom hebben wij handen en voeten en een hond niet?’ Oeps, die zag ik niet aankomen, hoe ga ik dat beantwoorden? Op school houden ze de bijbel aan als het gaat om het begin der tijden. Ze bedanken de heer als ze naar huis gaan voor de dag, het spelen en leren en het lekkere eten, we vieren het kerstfeest en kijken ieder jaar enthousiast naar de moderne versie van het lijdensverhaal, the passion, waarbij ik dan van alles uitleg en in context plaats. Maar wat kan ik bedenken om te rechtvaardigen dat jezus de hond op vier poten laat lopen en ons mensen op twee (ook nog met schoenen aan…) zonder op een onzinverhaal uit te komen? Ikzelf vind de gedachte van de evolutie, zeker in dit geval, ook heel aannemelijk. ‘Eh, dat is een moeilijke vraag schat, die kan ik niet zo gemakkelijk beantwoorden. Daar moet ik even over nadenken.’ Oké, zegt ze en we lopen door. Ik waag een poging en ga een beetje om de Heer heen. ‘Het heeft te maken met hoe je leeft en hoe je je lichaam gebruikt. Mensen begonnen ooit ook op handen en voeten, maar ze vonden het handiger om wat meer overeind te komen. Toen ze op hun achterpoten gingen lopen en met hun voorpoten dingen gingen vasthouden ontwikkelde de voorpoten zich tot handen en de achterpoten werden de voeten.’ Mijn hemel, denk ik direct nadat ik dat gezegd heb, daar komen honderd extra vragen uit, daar kom ik nooit mee weg. Het is even stil, dan zegt ze: ‘oké……dat viel best mee oma, zo moeilijk was dat niet.’