**//sticky ads code//**

Dorus de beer wordt wakker uit zijn winterslaap en wil een knuffel. Maar waar vindt hij dat? De boom knuffelt niet lekker en een rots ook niet. Wie gaat hem die lekkere knuffel geven? Mama!

Dorus gaat op zoek naar een knuffel. Een knuffel moet groot zijn, denkt hij, maar het rotsblok is te hard en te zwaar. Iets langs dan? Maar de boom zit vol splinters. Iets zachts dan misschien? Hij neemt een heel pak bladeren; daar wriemelt van alles in en het bladerpak gaat er vandoor. Je ziet twaalf oogjes en zestien pootjes, maar wat er in zit, daar heb je het raden naar. Wanhopig loopt Dorus een kudde schapen na. Hij graait er een hoop bijeen maar de schapen vinden dat niet prettig.
Is er dan nergens een knuffel, vraagt Dorus aan de uil. De uil krijgt niet de kans om te antwoorden want Dorus klimt op zijn tak en de uil komt er met ‘kleerscheuren’ van af. Even verder zie je hem vol met pleisters boos naar Dorus kijken. Dorus geeft niet op, het konijn dan maar geprobeerd. Die speelt het slim, het konijn neemt Dorus bij de hand en brengt hem naar een diepe, donkere grot. Daar wordt net nog iemand wakker. Dorus loopt naar binnen: ” ‘Knuffel?’ vroeg hij en hij rende regelrecht in de armen van … zijn moeder!

‘Ik wil een knuffel’ is een lief en humoristisch  prentenboek. Maar ook een warm prentenboek.  Tekst en illustraties sluiten perfect bij elkaar aan. Op de prenten zijn ook veel grappige details te zien. Een echt boek of van te genieten!