**//sticky ads code//**
Zelf problemen oplossen is goed voor het zelfvertrouwen

Zelf problemen oplossen is goed voor het zelfvertrouwen

Als volwassenen zijn we vaak geneigd om het voor kinderen op te lossen als ze naar je toe komen met een probleem. Toch krijgt je kind meer zelfvertrouwen als hij zelf moet nadenken over de oplossing.

Uit onderzoek is gebleken dat veel  jonge kinderen onhandig reageren op problemen omdat zij geen andere manier kennen. Het is beter om kinderen te leren hoe zij zelfstandiger en op een goede manier (sociale) problemen kunnen oplossen.

Zelf problemen oplossen

Kinderen zijn over het algemeen goed in staat om zelf hun problemen op te lossen. Ze krijgen hier echter niet altijd voldoende ruimte voor. Wij (ouders) komen al snel met een idee voordat ze zelf hebben kunnen nadenken. Onbedoeld sta je daarmee hun ontwikkeling in de weg.

Wanneer een kind naar ons toe komt met een probleem  is het verleidelijk om hem te vertellen wat hij  het beste kan doen. Het is echter veel effectiever om hem zelf te laten nadenken over de oplossingen. Maar door alleen te zeggen ‘los het samen maar op’ bereik je ook niet het gewenste effect. Leer een kind hoe hij op een goede manier met problemen of conflicten kan omgaan.

Als een kind tijdens een conflictsituatie overstuur is,  heeft hij meer moeite met nadenken. Probeer een kind te kalmeren, bijvoorbeeld door hem over de situatie te laten praten.  Wanneer hij rustig is kun je hem middels de volgende stappen begeleiden.

Stappen plan

  1. Wat is het probleem. 
    Laat een kind vertellen waarom hij boos of verdrietig is. Vul in het gesprek niet te veel zelf in, maar laat een kind praten. Stel vragen en probeer je in te leven in het probleem. Naast  zijn eigen gevoelens is het belangrijk dat een kind leert denken aan de gevoelens van anderen. Ook hier kun je naar vragen en een kind bij helpen door te vergelijken met hun eigen gevoelens en andere situaties.
  2. Oplossingen bedenken
    Vraag een kind zo veel mogelijk oplossingen te bedenken. Het helpt om je kind complimenten te geven voor het bedenken van verschillende oplossingen. Als een kind er zelf helemaal geen kan bedenken kun je eerst zelf een aantal voorbeelden geven.
  3. De gevolgen
    G
    a samen na welke gevolgen er bij de verschillende oplossingen horen.
  4. Kies een oplossing
    Help een kind na het bespreken van de gevolgen bij het kiezen van de beste oplossing.  Vraag bijvoorbeeld waar hij zich het prettigst bij voelt. Door het als een keuze te brengen is een kind zelf verantwoordelijk voor het oplossen van het probleem.
  5. Oefenen
    Je kunt een kind eventueel helpen door de oplossing thuis te oefenen in de vorm van een toneelstukje.
  6. Resultaat beoordelen
    Als een oplossing het gewenste effect heeft gehad is het belangrijk een kind te complimenteren voor het zelfstandig maken van een keuze en het oplossen van een probleem. Als de oplossing niet het gewenste effect heeft, kun je een kind aanmoedigen om over andere oplossingen na te denken. Laat blijken dat je trots bent ongeacht het effect.

 

De beste tips om van een slechte eter, een betere eter te maken!

De beste tips om van een slechte eter, een betere eter te maken!

Heb je een moeilijke eter thuis? Een kind dat niet veel lust? Niks eet wat hij niet eerder heeft gezien? Houd vol en houd moed. Het is mogelijk om van moeilijke eters,  betere eters te maken. Je hebt hiervoor wel geduld nodig, wat simpele trucs. En heel belangrijk, geeft zelf het goede voorbeeld. 

Een goede eter is niet een kind dat zijn bord leeg eet, maar een kind dat gezellig is aan tafel, van alles wat probeert en niet bij voorbaat al aangeeft dat hij iets niet lekker vindt!

1. Mogelijke oorzaken van het ‘niet lusten’

Soms heeft een kind tussen de maaltijden door al teveel gegeten. Een kindermaag kan snel vol zitten. Eet een kind niet goed, ga dan na wanneer hij voor het eten, voor het laatst iets heeft gehad? En hoeveel? Geef bij trek aan het eind van de middag iets kleins, zoals een cracker of stuk fruit. En geef thee in plaats van frisdrank of sap. Sap kan ook behoorlijk vullen.

Eten jullie laat? Misschien is een kind moe en eet hij daarom minder goed. Of vindt een kind het niet leuk om opeens te moeten stoppen met spelen? Kondig dan van tevoren aan dat het eten bijna klaar is.

2. Maak het aantrekkelijk!

Presenteer het eten op een leuke manier. Gebruik ingrediënten in verschillende kleuren. Neem de tijd om samen te eten aan een mooi gedekte tafel.

3. Alles of in ieder geval veel went!

Soms moet een kind wel 10 tot 15 keer proeven voordat hij aan een smaak gewend is. Blijf het dus gewoon steeds aanbieden. Dat hoeft trouwens niet te betekenen dat hij alles superlekker gaat vinden. Kinderen ontwikkelen namelijk ook persoonlijke smaakvoorkeuren.

4. Geef het goede voorbeeld!

Laat kinderen zien dat je van het eten geniet. Een goed voorbeeld doet goed volgen.

5. Schep kleine porties op

Met kleine porties hoeft een kind niet tegen een berg op te kijken, meer opscheppen kan altijd nog.

6. Samen koken

De meeste kinderen vinden het erg leuk om samen te koken. Zoek samen een recept uit en ga aan de slag. Als je samen iets hebt klaargemaakt, vinden ze het vaak leuk om het ook te proeven en op te eten. .

7. Eet alleen aan tafel!

Spreek af dat er aan tafel wordt gegeten en daarna niet meer. Heeft een kind niks of weinig gegeten? Ruim dan toch gewoon af. Straf een kind niet. Volgende keer beter! Geef niet iets extra’s na de maaltijd. Zou houdt je namelijk het slechte eten in stand. Een kind verwacht dan dat hij nog iets anders krijgt. Het is niet erg als je kind een keer met trek naar bed gaat of een paar dagen wat minder eet. Dit klinkt misschien naar, maar een gezond kind hongert zichzelf echt niet uit. Hij gaat vanzelf wel eten.

8. Geef geen aandacht aan vervelend gedrag van slechte eters 

Alles wat aandacht krijgt groeit, wordt vaak gezegd. Dat gaat in deze ook op!  Wil je kind iets niet eten? Eet zelf rustig verder. De kans is groot dat een kind zelf zijn vork weer pakt. Gebeurt dit niet? Vraag dan af en toe of hij een hap neemt. En prijs een kind als hij die hap ook inderdaad neemt.

Brutaal gedrag

Brutaal gedrag

Elke ouder heeft waarschijnlijk wel eens een grote mond gehad van zijn kind. Als brutaal gedrag een keer gebeurt is dat niet zo erg en mondigheid kan ook gezien worden als een positief iets.

Een kind ontwikkelt een eigen mening en een eigen visie en durft dit kenbaar te maken. Het ontwikkelen van een eigen ‘ik’ is erg belangrijk voor kinderen. Een kind moet echter wel leren dat je boosheid mag voelen, maar dat het niet de bedoeling is om brutaal of opstandig te worden.

Omgaan met emoties

Naarmate kinderen ouder worden, moeten ze leren met hun emoties om te gaan. Boosheid is één van de emoties, waar kinderen soms moeilijk mee om kunnen gaan. Elk kind uit zijn boosheid daarom wel eens door brutaal of opstandig gedrag. Bijvoorbeeld door te schreeuwen, schelden of iets respectloos of onbeschofts te zeggen als iets niet mag of lukt

Omgaan met brutaal gedrag!

Het is goed om de reden achter brutaal gedrag proberen te achterhalen. Het kan zijn dat een kind niet lekker in zijn vel zit, aandacht probeert te vragen of misschien erg boos is om iets.
Brutaal gedrag kan er soms insluipen en een gewoonte worden. Het wil niet zeggen dat er altijd direct iets met een kind aan de hand is, en ook zeker niet dat je dit gedrag hoeft te accepteren.
Als een kind niet begrenst wordt in zijn gedrag, dan kan dat vervelende gevolgen hebben voor de leefomgeving van het kind én voor het kind zelf. Een kind heeft deze begrenzing nodig om goed te kunnen functioneren!

Tips hoe om te gaan met brutaal gedrag:

  • Spreek je verwachtingen uit! Bijvoorbeeld: ‘Over 5 minuten gaan we eten. Ik verwacht dat als ik je dan weer roep, je binnenkomt.’
  • Geef van te voren aan wat er gaat gebeuren. Als brutaal gedrag voortkomt uit opstandigheid of onzekerheid over wat er gaat gebeuren dan is dit een gouden tip! Kinderen die weten waar ze aan toe zijn, zijn meer ontspannen en vertonen minder ongewenst gedrag!
  • Als een kind brutaal is of opstandig doet, blijf dan rustig. Je stem verheffen of schreeuwen helpt niet.
  • Als een kind is afgekoeld, is het belangrijk dat je met je kind over het gedrag praat. Vertel een kind op een rustige duidelijke toon, welk gedrag je niet accepteert en ook waarom niet.
  • Laat merken dat je begrijpt wat een kind wil. Bijvoorbeeld: ‘Ik weet dat je graag wilt…” Daar wordt een kind meestal rustiger van.
  • Zeg ook dat je begrijpt dat een kind zich boos voelt, maar dat schreeuwen, schelden of brutale dingen zeggen geen oplossing is. Dit kwetst anderen en levert niets op.

 

Waarom een kind straf geven is niet de oplossing!

Waarom een kind straf geven is niet de oplossing!

Als je al tig keer hebt gewaarschuwd…  al drie keer uitgelegd hebt dat….  heb je soms gewoon geen beter idee dan een kind straf geven.. Je wilt dat je kind leert dat afspraken niet nakomen of gevaarlijk doen consequenties heeft…. Want als ze later groot zijn dan moeten ze toch zelfstandig kunnen functioneren….

Heb je weleens gecheckt voor jezelf of een kind straf geven heeft geholpen? Echt opgelost… zodat je kind het écht nooit meer deed…?

Meestal werkt het niet. Bovendien krijg je zelf bij straffen, ik in ieder geval wel, geen prettig gevoel. Het is toch een beetje machtsvertoon in de sfeer van: ‘Jij moet gewoon doen wat ik zeg, want ik ben hier de baas’. Het is vaak impulsief uit boosheid of machteloosheid.

Een kind even apart zetten is een veel gebruikte maatregel; even op de gang, even naar je kamer. Je hebt dan in elk geval de garantie dat het ‘foute gedrag’ (even) ophoudt, omdat je het kind buiten beeld zet. Je zegt tegen je kind; ‘Ga maar even afkoelen’, maar stiekem heb je zelf die time-out hard nodig; even tijd om kalm te worden of het gesprek, dat hierna zal volgen, voor te bereiden. Maar toch… een kind wegsturen… ik hou er niet van… je stuurt jouw hele kind weg en niet alleen dat ene stukje gedrag wat niet door de beugel kan. Bovendien is de oorzaak niet opgelost… dus volgende week gebeurt dit weer…

Kijk eens naar jezelf: Je wéét dat als je te hard rijdt dat je een bekeuring kan krijgen; toch dagen we het uit en remmen we alleen af als er een camera staat… Herkenbaar? En als je dan die prent hebt gekregen ben je toch een beetje geïrriteerd of boos op de politieagent… Huh?

En… ná die bekeuring; rij jij dan nooit meer te hard? 

Mmm, ook volwassenen corrigeren hun gedrag dus niet als ze straf krijgen. Misschien dat je een paar dagen, nou vooruit, een wéék rustig rijdt… daarna ben je de boete vergeten.

Het is dus belangrijk je af te vragen als je naar zo’n ultiem middel als een kind straf geven effect heeft. Straf levert vaak een verstoring in de verhouding op; zoals jij boos bent op de agent, zal jouw kind vooral boos zijn op jou en is de aanleiding al gauw vergeten. De discussie die volgt gaat dan vaker over de straf dan over het ‘delict’…

Wraak  is een natuurlijkere reactie (ik span een rechtszaak aan!) dan bezinning (wat kan ik anders doen om dit niet meer mee te hoeven maken?). Hoe voelt jouw kind zich als hij straf krijgt? Hoe voelde jij je toen je als kind straf kreeg?

Bovendien is de ‘straf’ vaak zwaarder dan het ongewenst gedrag anders is het namelijk voor het kind niet aantrekkelijk om te stoppen met  ‘stout doen’. Vaak straf uitdelen maakt het er in huis niet gezelliger op en het helpt ook niet eens…  Je hoort jezelf schreeuwen; ‘Omdat ik het zeg!!!’ en je voelt dat je geen zinnig argument meer over hebt…

Hoe dan wel?

Als we even de vergelijking met de bekeuring er bij houden; een boete helpt dus niet. Wat zou wel helpen? Een snelheidsbegrenzer lijkt mij een veel logischer straf. Ik zou me wel tien keer bedenken om te hard te rijden als ik het risico loop daarna voor enige tijd bijvoorbeeld niet harder te kunnen dan tachtig per uur. Dat betekent dus als je een straf geeft die in het verlengde ligt van de overtreding dat dat wél motiveert tot gedragsverandering.

Als je bepaald gedrag van je kind niet acceptabel vindt is het belangrijk dat je duidelijk vertelt welk gedrag je afkeurt en waarom: ‘Ik vind het heel vervelend als je mijn schaar leent en niet terug legt waar hij hoort, want als ik hem dan nodig heb grijp ik mis. Als ik hem volgende keer wéér moet zoeken, dan mag je hem niet meer lenen’. Hiermee verbind je een logische consequentie aan ongewenst gedrag en je legt uit welk gedrag je wel verwacht. Je geeft je kind een stuk verantwoordelijkheid om correct om te gaan met geleende spullen.

Waarom luisteren kinderen niet

En vergeet niet; kinderen zijn niet ongehoorzaam of stout om jou ongelukkig te maken, vaak is er iets anders aan de hand. Als je in contact blijft zul je de ware reden eerder vinden dan wanneer je de strijd aan bindt…

Jonge kinderen zijn vaak ‘stout’ als gevolg van hun nieuwsgierigheid. Als jij zegt; ‘je mag niet op de bank gaan springen’ roept dat onmiddellijk bij een peuter de vraag op; ‘hoe zou het zijn om op de bank te springen?’. Zoek liever samen een alternatief; leg uit; ‘een bank is om op te zitten, niet om op te springen’ en zoek samen iets waar je wel op kunt springen, zodat jouw kind wel zijn energie kwijt kan.

Bij oudere kinderen kun je samen een lijstje maken van mogelijke oplossingen of consequenties bedenken. Kinderen kunnen vanuit een hele andere invalshoek met creatieve en bruikbare ideeën komen. Als je alle oplossingen die jullie allebei bedacht hebben opschrijft (zonder erover in discussie te gaan) kun je daarna kijken of er iets bij staat wat jullie allebei een geschikte oplossing vinden. Kans van slagen veel groter omdat jouw kind heeft mee mogen denken.

 

 

 

 

Zeven manieren om minder te schreeuwen naar je kind!

Zeven manieren om minder te schreeuwen naar je kind!

Het overkomt iedere ouder wel eens. De kinderen halen het bloed onder je nagels vandaan en voor je het weet sta je tegen je kind te schreeuwen.

Hoe meer je als ouder van streek bent, hoe meer een kind dit ook wordt.
Kinderen leren het meest van grenzen die op sympathieke wijze worden aangegeven, waarna er rustig en probleemoplossend kan worden gepraat.

Maar hoe doe je dat?

Je bent moe van een lange dag. De kinderen rennen druk heen en weer door de kamer, luisteren niet naar wat jij zegt.
Zeven manieren waarop je kunt proberen te reageren in plaats van schreeuwen, als je voelt dat je wilt gaan schreeuwen.

  1. Maak gebruik van je stem. Doet een kind iets verkeerd? Probeer dan met een lage, duidelijke en overtuigende stem te praten.
  2. Zeg bewust tegen jezelf dat je kalm moet worden – en ga bijvoorbeeld even weg bij het (zich eventueel misdragende) kind. Zeg dan wel dat je zo terug bent en gebruik te tijd om ook echt te kalmeren
  3. Loop naar een kind toe als er iets gebeurt dat niet mag. Kom op ooghoogte met hem. Ga niet van een afstand roepen!
  4. Bijt op je tong,hoe moeilijk dit ook kan zijn. Zeg tegen je zelf: ‘Dit is géén noodgeval’. Je bent namelijk zo boos dat je lichaam dénkt van wel.
  5. Doe dingen die je boosheid verminderen, zoals diep in en uit ademen, schud de spanning van je af of kijk in de spiegel
  6. Verander je gedachten, denk aan iets anders, daarmee veranderen namelijk ook je gevoelens. Denk bijvoorbeeld aan iets leuks wat eerder is gebeurt met een kind.
  7. Leer een kind hoe de situatie de volgende keer beter aangepakt kan worden. Zeg niet enkel wat je niet goed vond aan zijn gedrag, maar biedt een alternatief. Vraag een kind ook zelf een alternatieve reactie te bedenken.
Wie nodig je uit op een kinderfeestje?

Wie nodig je uit op een kinderfeestje?

Het kinderfeestje van je kind is één van de hoogtepunten van het jaar. Voor een kind althans, als ouder kun je er ook behoorlijk gestrest van worden. Nog voordat het feestje begint, kun je druk zijn met de organisatie ervan. Maar daarvoor sta je soms voor het dilemma, wie nodig je uit op het feestje. Hoeveel kinderen nodig je uit. Mag je kind zelf kiezen of stuur je daar een beetje in.

Hoeveel kindjes

Een heel belangrijke keuze, hoeveel kinderen mag je kind uitnodigen op zijn feestje. Enerzijds is het aantal afhankelijk van wat je gaat doen. Daarnaast speelt de leeftijd van een kind een belangrijke rol. Volgens de boekjes geldt de regel ‘één kind per leeftijd’. Dit betekent dat een zevenjarige, zeven kinderen zou moeten kunnen uitnodigen en een tienjarige tien kinderen. Maar in de praktijk werkt het niet altijd zo. Geen kind is gelijk en ieder kind heeft zijn eigen ideeën hierover.

De gastenlijst

De volgende vaak moeilijke, vraag wie nodig je uit? Kinderen spelen soms wisselend met vriendjes. Het ene moment is het ene kind de beste vriend, een maand later is dit soms weer een ander kind. Hoe ga je hiermee om rondom verjaardagen. Laat je een kind zelf wat namen opnoemen. Of voeg je zelf ook wat namen toe aan het lijstje. En kijk je ook naar de combinatie van kinderen.  Is dit een prettige groep. Soms weet je vooraf al dat bepaalde kinderen samen een garantie zijn voor veel drukte of ruzie.

Terug uitnodigen

En dan het dilemma van het terug vragen. Nodig je alle kinderen bij wie je kind op een feestje is geweest uit op het feestje. Als een kind geregeld wordt gevraagd voor een feestje, voel je je dan verplicht om al deze kinderen terug te vragen? Dit dilemma wordt soms ondervangen door de hele klas uit te nodigen. Maar dat moet je als ouder ook wel trekken.

Niet vriendjes uitnodigen

Steeds vaker laten ouders hun kind bewust een niet-vriendje uitnodigen voor het feestje. Om zo een kind te leren dat je ook met andere kinderen kunt spelen en dat het leuk is voor een kind dat nooit uitgenodigd wordt om ook eens op een feestje te komen.  Maar ja, het blijft wel het feestje van je kind.

Kortom wat een keuzes, we zijn benieuwd naar jullie overwegingen over hoeveel en wie er op een feestje mogen komen.