**//sticky ads code//**
8 dingen die ouders soms nodig hebben om te horen

8 dingen die ouders soms nodig hebben om te horen

Kinderen zien opgroeien is genieten. Ze begeleiden en helpen waar nodig een dankbare taak. Samen genieten van de leuke dingen in het leven.  Maar er zijn ook die tijden waarin ouderschap gewoon zwaar is. Dat het voelt als je faalt als ouder!

Er zijn uren, dagen, weken dat het echt even niet leuk is. Dat je het gevoel hebt dat je faalt als ouder, dat je het die dag anders had willen doen of dat je vindt dat je je kind te kort hebt gedaan. Door vermoeidheid zie je dingen soms niet even helder en hoe fijn is het dan dat je juist deze waarheden kunt lezen die je graag zou willen horen. Dus voor elke ouder: onthoud deze punten goed en lees ze na op die dagen dat je het nodig hebt.

1. Eén slechte dag zegt niets over hun hele jeugd

Er zijn zoveel dagen die niet gevuld zijn met de mooiste momenten. Misschien heb je geschreeuwd, misschien bleef je niet rustig op een moment dat je dat wel gewild had of misschien was je gewoon chagrijnig. Bedank op die dagen dat één slechte dag niets zegt over hun hele jeugd. Dit was gewoon één dag. Dat brengt me op een andere belangrijke waarheid …

2. Je kinderen zullen zich dit waarschijnlijk niet zo herinneren

De meeste kinderen herinneren zich niet veel voor de leeftijd van een jaar of vier. Bovendien zijn kinderen vaak erg vaardig om het negatieve te vergeten. Vaak bij het slapen gaan vraag ik aan mijn kinderen wat hun leukste en minst leukste delen van de dag waren. Ze hebben nog nooit dat moment genoemd, waarop ik me even niet zo’n leuke ouder vond. Het is meestal iets over een vriendje of dat ze het eten niet lekker vonden.

3. Vergelijk je niet met andere ouders

Je bent de meest perfecte ouder voor je kinderen. Stop met vergelijken hoe andere ouders het doen! Alleen omdat het lijkt of andere het allemaal zo perfect voor elkaar hebben, betekent niet altijd dat dit ook echt zo is. We hebben allemaal dagen waarop we het gevoel hebben te falen. Dus die andere ook.

4. Niemand is goed in alles

Onthoud dat niemand overal goed in is!  We leven in een sociale media wereld waarin je voortdurend ziet wat andere ouders allemaal doen. Vergeet niet dat je alleen de hoogtepunten uit hun leven ziet. Sommige moeders zijn geweldig in het maken van creatieve lunches, maar zij zijn misschien niet zo goed in het samen spelen met hun kinderen.  Sommige zijn geweldig in het creëren van leukste herinneringen met hun kinderen, maar hun huis is misschien wel een rotzooi. Niemand is goed in alles, dus stop met piekeren over dingen waar je niet goed in bent en richt je op de dingen waar je geweldig in bent.

5. Onderschat nooit de kracht van ‘sorry’zeggen

Misschien was het vandaag een verschrikkelijke dag. Misschien zei je wat dingen waar je niet trots was op en heb je niet aardig gedaan tegen je kinderen. In plaats van te blijven hangen in deze mislukkingen, zeg gewoon sorry. Je bent meteen een geweldig voorbeeld voor je kind.

6. Hoe je je voelt op dat moment is niet wie je werkelijk bent!

Vergeet niet dat gevoelens kunnen liegen. Gevoelens komen en gaan. Ook al heb je het gevoel dat je faalt, je bent geen slechte ouder.

7. Doe iets rustiger aan

Vaak ligt de oorzaak van moeilijke dagen in ons snelle levenstempo Onze agenda’s zitten bomvol afspraken en door al dat gehaast begin je vaak ook sneller te snauwen tegen je kinderen. Als er niet voldoende rust momenten in de dag zitten, worden dingen vaak te veel. Een stapje terug doen, helpt je meestal juist vooruit. Zeg gewoon nee tegen een aantal “verplichtingen” zodat je die tijd met je kinderen kunt doorbrengen.

8. Doe iets voor jezelf

Ouderschap is een vermoeiende, eindeloze baan. Maar in tegenstelling tot een 9-5 job, zijn er geen pauzes. Er zijn geen weekenden om te herstellen … tenzij je ze zelf creëert. Natuurlijk kan het best lastig zijn om zomaar een weekend of zelfs alleen al een dagje weg te gaan, maar een paar uurtjes iets voor jezelf doen kan al een groot verschil maken. Soms heb je gewoon even pauze nodig om weer frist terug te komen.

bron: babble.com

Waarom zowel straffen als belonen zinloos zijn

Waarom zowel straffen als belonen zinloos zijn

Er is al veel gezegd en geschreven over dat straffen niet helpt om kinderen beter te leren luisteren. Het werkt ook bij volwassen niet. Na een bekeuring rijdt menig één nog wel eens te hard. Een alternatief voor straffen is belonen. Het klinkt best logisch en positief, goed gedrag belonen. Toch werkt dit ook niet!  Belonen en straffen zijn allebei een middel om een kind iets te laten doen wat jij wilt. En dat op een manier die niets toevoegt aan jullie relatie behalve een machtsverschil.

Een kind leert weinig van straffen of belonen, behalve angst voor straf of dat je te koop bent als je doet wat een ander wil.  Je leert een kind niet beter kennen en bouwt niet vanuit een gelijkwaardig contact een relatie op.  De amerikaan Alfie Kohn schreef hier veel boeken over. Ouders houden onvoorwaardelijk van hun kind, maar onvoorwaardelijk opvoeden is andere verhaal.

Wat leert een kind van straffen?

Wat leert een kind van bijvoorbeeld een time-out. ‘Ga maar even nadenken op de gang’. Volgens Kohn zit een kind op de gang niet te denken aan het leed dat hij bijvoorbeeld zijn zusje heeft aangedaan. Hij is vooral boos op zijn ouders en zijn zus. Een kind focust op het leed dat hém is aangedaan, terwijl je juist wilt dat een kind leert rekening houden met het leed wat hij een ander aandoet.

Wil je dat een kind zich aan de regels houdt en gewoon doet wat je zegt, zodat hij gezag leert accepteren? Of wil je dat een kind leert nadenken over het effect van zijn gedrag en daarvoor zijn verantwoordelijkheid neemt?

Straffen en beloningen zorgen ervoor dat een kind minder vanuit zichzelf gemotiveerd zal zijn. Straf en beloning worden extrinsieke motivatie genoemd. Motivatie die van buitenaf komt. En daarvan weet men door onderzoek dat het de intrinsieke motivatie – de motivatie die een kind van binnenuit voelt – vermindert. Geef je bijvoorbeeld een compliment aan een kind voor het delen van zijn speelgoed, dan blijkt uit onderzoek dat een kind daarna juist minder geneigd is om nog te delen. Vergelijk het met autorijden. Wil je dat mensen niet te hard rijden omdat ze bang zijn voor een boete? Of wil je dat mensen sociaal en net rijgedrag laten zien, omdat het dan veiliger is op de weg en er minder ongelukken gebeuren?

Hoe dan wel?

‘Maar wat dan wel?’ vragen veel ouders zich af als zij voor het eerst horen over onvoorwaardelijk opvoeden. Jarenlang is ons verteld dat dit soort technieken werken en het voelt een beetje alsof er iets uit onze gereedschapskist wordt weggenomen. Het idee achter onvoorwaardelijk ouderschap is dat je kijkt naar je langetermijndoelen. Hoe wil je dat een kind zich over vijf jaar tot jou verhoudt? Of wat voor mens is hij op zijn achttiende? Wanneer we straffen of belonen zijn we alleen bezig met de korte termijn. Ik wil dat je nu doet wat ik zeg!. Dit kan haaks staan op je wens om een goede relatie met een kind op te bouwen, op basis van vertrouwen, wederzijds respect, openheid, samenwerking.

Probeer zaken vanuit het perspectief van een kind te zien. Dan snap je vaak beter waarom hij doet wat hij doet en kun je hier op inspelen.
Met negatief gedrag vraagt kind vaak om aandacht, om contact en verbinding. Zorg gedurende de dag voor voldoende echt contact. Van daaruit kun je corrigeren of een oplossing zoeken.

Corrigeer op een constructieve manier. Blijf of wordt rustig, maak oogcontact en geeft aan welk gedrag moet stoppen, wat het gewenste gedrag is en leg uit waarom het gedrag niet handig is of ander gedrag minder prettig. Geef een alternatief of een keuze van dingen die wel mogen. Laat indien mogelijk een kind meedenken over een oplossing

Logische consequenties zijn gericht op hoe een kind ervoor kan zorgen dat iets verbetert en hebben een leereffect. Ze staan in verband met wat er gebeurd is. Treuzelen een kind met uitkleden of aankleden. De tijd voor verhaaltjes of om te spelen wordt korter. 

Het mooie van onvoorwaardelijk opvoeden is dat de manier waarop je het doet, minder van belang is dan de gedachte erachter. Voelt iedereen zich veilig, gezien en gehoord? Is de sfeer in huis goed, lossen jullie problemen in overleg en met respect op? Mogen de kinderen zichzelf zijn, binnen redelijke grenzen natuurlijk, in een liefdevolle omgeving? Dan zit je waarschijnlijk op het goede spoor. Wil je toch meer handvatten? Lees dan meer over onvoorwaardelijk opvoeden.

Onze darmen zijn ons brein

Onze darmen zijn ons brein

Eten en kinderen, dat gaat niet altijd even goed samen. Veel ouders worstelen met de vraag wat is goed voor mijn kind, wat heeft hij nodig. En vaak is onbekend hoeveel invloed voeding heeft op de gemoedstoestand en het gedrag van een kind. In het boek de schrijf van Fief van Cecile Scheele geeft Nelleke van Uden antwoord op deze vragen.

Altijd maar presteren

Veel kinderen lopen op hun tenen. Ze moeten zo veel, ze komen steeds meer onder druk te staan op steeds jongere leeftijd. De prestatiedruk op scholen is groot. Kinderen weten vaak heel goed op welk niveau ze cognitief zitten (zwak, gemiddeld of sterk). Ze worden vaak beloont om hun resultaat niet op de inspanning. Volgens Nelleke zijn de verschillen in ontwikkeling op jonge leeftijd groot. De angst om te falen wordt groter. En dat kan weer effect hebben op hun eetgedrag. Ze worden emotie-eters en eten wordt comfortfood. Je kunt je kind al jong ervoor behoeden om een emotie-eter te worden. Geeft bijvoorbeeld geen snoepje of koekje wanneer je kind gevallen is en pijn heeft. Dan leert een kind dat je pijn verzacht met voedsel. En daar is voedsel niet voor bedoelt.

Invloed darmen op hersenen

Kinderen projecten veel op hun buik. Ze kunnen oorpijn hebben en wijzen naar hun buik. De buik is heel gevoelig. De buik is gevoelig en een graadmeter in hoe we ons voelen. Als we ons slecht voelen, gaan we slecht eten, aldus Nelleke. Maar het is ook andersom. De darmen beïnvloeden ook de hersenen. Ongezond eten beïnvloed onze gemoedstoestand. Daarvan zijn ouders zich vaak niet bewust. Onze darmen zijn ons brein. Dit komt doordat darmenbacteriën een enorme hoeveelheid neurotransmitters afscheiden. Deze signaalstoffen komen via de bloedbaan in de hersenen. Een belangrijke neurotransmitter is serotonine. Als deze te laag is kan een kind last krijgen van slapeloosheid, angstgevoelens of zelf depressie. Als je bedenkt dat ongeveer 95% van de totale hoeveelheid serotonine in je darmen wordt aangemaakt, kun je begrijpen dat de darmflora van grote invloed is op de hersenen. 

Tips uit de praktijk 

Wanneer je een moeilijk eten kind hebt, wordt er een machtsstrijd uitgevochten, maar daar wil je als ouder juist van wegblijven. Heb daarom niet te hoge, romantische verwachtingen van de avondmaaltijd. Na een drukke dag werken, gezellig ontladen tijden het avondeten met je gezin. Natuurlijk willen we dat wel en beginnen we met de beste intenties. Deze hoge verwachten maken vaak dat een kind nog minder zin heeft om zijn bord lekker op te eten. Dit leidt tot een emotionele climax. Om dit te voorkomen kun je ervoor zorgen dat je kind gedurende de dag al de belangrijkste voedingsstoffen binnen heeft gekregen. Dan is het avond eten mooi meegenomen. 
Een andere tactiek kan zijn om je kind actiever te betrekken bij het kookproces, dan gaan ze eten leuker vinden.  Het is belangrijk om je kind vanuit een intrinsieke motivatie te leren genieten van eten. Leer je kind dat goed eten belangrijk is voor zijn gezondheid. 

Wil je meer weten over wat gezond eten is, lees dan het boek de Schrijf van Fief, een prachtig en complet handboek over gezonde voeding voor kinderen

 

 

5 Tips om kinderen beter te leren luisteren

5 Tips om kinderen beter te leren luisteren

Even helpen opruimen, een jas ophangen, luisteren als papa of mama iets vraagt, soms lijkt het wel of er niks moeilijkers bestaat voor een kind. Waarom luisteren kinderen soms zo slecht?

Het niet luisteren van een kind is niet altijd onwil.

Soms heeft een kind de boodschap niet gehoord omdat de tv aan staat of was de boodschap voor een kind veel te ingewikkeld en haakt hij al af na de eerste woorden. Veel ouders zullen dan gefrustreerd drie keer de vraag herhalen. Toch is het effectiever de vraag op een andere manier te stellen. Door simpelweg de manier van vragen te veranderen zal een kind al veel beter luisteren en gehoorzamen.

5 Tips om kinderen beter te leren luisteren.

  1. Wees goede luisteraar
    Onderbreek een kind niet wanneer hij jou iets vertelt, geef hem je volledige aandacht. Dus niet ondertussen de krant lezen, met andere volwassenen praten. Het is heel eenvoudig, als jij wil dat hij naar jou luisteren, moet hij ervaren dat jij naar hem luistert.
  2. Corrigeer ongewenst gedrag
    “Jan, kijk me eens aan. Ik vind het goed dat je nu even gaat afkoelen, maar ik vind het vervelend als je met die deur gooit, Ik wil dat je volgende keer de deur open laat staan.”
    Een voorbeeld van wat met een duur woord ‘corrigerende gedragsinstructie’ wordt genoemd. Waar het op neerkomt, is dat een kind duidelijk te horen krijgt wat hij goed heeft gedaan, maar ook wat een volgende keer beter of anders moet. De truc is het gewenste gedrag te benoemen. Zo leren ouders hun kind alternatief gedrag aan in plaats van dat ze hem alleen negatieve feedback geven.
  3. Wees consequent over de consequenties
    Hou je aan je woord. Als je tegen een kind zegt : als je dit nog een keer doet dan… DOE het dan ook. Een kind is meer geneigd naar  je te luisteren als hij weet dat je doet wat je zegt!
  4. Negeer ongewenst gedrag
    Bepaal welke gedragingen je niet meer wilt zien. Ga na hoeveel energie je wilt steken in het afzwakken van dit gedrag. Straffen kost meer energie dan negeren. ‘Choose your battles. Negeer dat gedrag consequent door totaal niet te reageren, u om te draaien of even weg te lopen.
    Consequent geen aandacht geven aan een bepaalde ongewenste gedraging kan een zeer effectieve manier om het af te zwakken. Dit lijkt makkelijk, maar net doen of je niets hoort of ziet terwijl een kind door raast is misschien wel één van de moeilijkste opdrachten. Zelfs non-verbaal moet je niet reageren. Dus ook niet boos kijken. Het gedrag zal in het begin vaak verergeren, omdat er niks van gezegd wordt. Een ingewikkelde taak, te meer omdat het consequent moet worden volgehouden. ‘Als je het de ene keer wel doet en de andere keer niet, leert een kind dat hij zijn zin toch wel krijgt, als hij maar lang genoeg doorgaat.’
    Niet elk gedrag leent zich uiteraard voor deze techniek.
  5. Prijs als er goed geluisterd wordt
    Iedereen houdt van complimentjes, ook kinderen. Vertel een kind dus ook als hij iets goed heeft gedaan. “fijn dat je zo goed geluisterd heb, Dank je wel dat je je bed zo netjes hebt opgemaakt”
Tien tips om sinterklaasstress te voorkomen!

Tien tips om sinterklaasstress te voorkomen!

Gezellig de Sint is weer in het land. En hoewel dit voor veel kinderen een fantastische tijd is, gaat het voor een hoop kinderen gepaard met veel spanningMannen die in het midden van de nacht je huis binnendringen. Kinderen die zich afvragen of ze wel lief genoeg zijn geweest? Zou er iets in hun schoentje zitten? Het zorgt soms voor een hoop sinterklaasstress.

Een paar tips om deze drukke periode beter door te komen.

  • Voorspelbaarheid
    De meeste kinderen houden van voorspelbaarheid. Hoe voorspelbaarder, hoe veiliger ze zich voelen. Maak samen met je kind een kalender waarop duidelijk te zien is wat er wanneer gaat gebeuren. Wanneer mogen ze hun schoen zetten, op welke dag komt de Sint op school. Een jong kind heeft nog vaak weinig tijdsbesef een (zelfgemaakte) kalender kan hier daarom goed helpen.
  • Beperk het aantal feestjes
    Tegenwoordig zijn er verschillende plekken waar een kind allemaal Sinterklaas mag komen vieren. Op school, de BSO, de sportclub, op papa zijn werk, op mama haar werk, bij opa en oma. Probeer het aantal keren te beperken.
  • Zo min mogelijk spanning
    Probeer de spanning zoveel mogelijk te reduceren. Als je kind het spannend vindt dat Piet op het dak loopt, laat de schoen dan bij de deur zetten die het verst van de kamer van je kind is en vertel dat Piet door de deur komt. Of zet de schoenen buiten onder een afdakje. Vindt je kind het eng om de Piet of Sint een hand te geven, laat hem dat dan gewoon niet doen.
  • Televisie
    Op televisie wordt veel aandacht besteed aan Sinterklaas. Elke zender heeft zijn eigen programma en verhaal. Laat een kind niet naar alle programma’s kijken. Maak een keuze. Bijvoorbeeld het Sinterklaasjournaal, hier wordt ook op de meeste scholen aandacht aan besteed.
  • Samen kijken
    Als een kind veel last heeft van de spanning, maar je komt er niet onderuit om toch het sinterklaasjournaal te kijken, omdat ze op school kijken of omdat je nog andere kinderen hebt die het wel willen zien, kijk dan samen. Benoem regelmatig dat die Pieten er ieder jaar een potje van maken, maar dat het altijd weer goed komt.
  • Wees alert op signalen van spanning
    Kinderen hebben zelf vaak niet in de gaten dat ze last hebben van de spanning. Ze voelen zich niet lekker en weten niet waarom. In plaats van te zeggen ‘ik vind het eng dat er Pieten ´s nachts door het huis lopen`, gooien ze misschien wel hun schoen door de kamer. Word niet gelijk boos, maar probeer er in deze periode achter te komen wat er echt aan de hand is
  • Voldoende rust
    Zorg dat een kind uitgerust is. Zorg voor voldoende nachtrust. Een kind heeft tijd nodig om alle indrukken te verwerken.
  • Geen boeman
    Maak van Sinterklaas geen boeman. Vertel dat hij iemand is die van alle kinderen houdt.
    Verhalen over naar Spanje meenemen of met de roe ervan langs krijgen of niets krijgen als je niet lief bent, helpen niet om er een kinderfeest van te maken. Kinderen kunnen onrustig worden en slechter gaan slapen als Sinterklaas alles ziet.
  • Lees gezellig (prenten)boeken over Sinterklaas.
    Door het samen lezen, praten over Sinterklaas komt een kind te weten wat er gaat gebeuren en hoor je wat hen bezig houdt.
  • Geniet
    Probeer samen zoveel mogelijk te genieten van deze periode, zonder te veel te “moeten”

 

Tien tips voor meer zelfvertrouwen bij kinderen

Tien tips voor meer zelfvertrouwen bij kinderen

Zelfvertrouwen is het vertrouwen dat je als mens hebt in je eigen kunnen en zijn. We worden niet geboren met zelfvertrouwen. Het het ene kind lijkt wel meer aanleg te hebben voor het ontwikkelen van zelfvertrouwen dan het andere kind. Het krijgen van zelfvertrouwen is een ontwikkelingsproces dat tijd neemt en vaak nog ver tot in de volwassenheid door kan lopen.

Hoe kun je een kind helpen om meer zelfvertrouwen te krijgen?

Het is een vraag waarmee veel ouders zitten. Vanaf het derde jaar wordt een kind zich bewustzijn van zichzelf als individu. Ouders spelen dan een grote rol als voorbeeld. Hoe zelfbewuster een ouder, hoe zelfverzekerder een kind zich ontwikkeld. En omgekeerd. 10 tips die kunnen helpen bij het stimuleren van het zelfvertrouwen bij kinderen.

  1. Geef op positieve wijze grenzen aan. De identiteit van een kind groeit als er heldere grenzen zijn. Dat vindt een kind niet altijd leuk, maar door alternatieven te bieden voor wat niet mag, voelt een kind zich uiteindelijk zekerder.
  2. Stimuleer de eigen ontdekkingskracht. Leer een kind zelf ontdekken wat mogelijk is en wat nog niet. Zet je angst opzij dat er iets gebeurt door te zorgen voor een veilige omgeving waar jij ondersteunend bent.
  3. Geef kinderen de ruimte om fouten te maken
  4. Beloon en waardeer wat ze doen en wie ze zijn. Waak ervoor uitsluitend prestaties te prijzen. 
  5. Help kinderen diverse kanten in zichzelf te ontdekken. Focus niet alleen op hun cijfers.
  6. Neem ze serieus en luister (echt) naar ze.
  7. Zeg positieve overtuigingen. Bijvoorbeeld voor het slapen gaan een aantal positieve dingen zeggen tegen een kind werkt diep in op het onbewuste. 
  8. Neem gevoelens serieus. Verdriet, boosheid, blijheid, angst: het hoort erbij, ook als jij dat even niet begrijpt of niet ‘ziet’. Vraag je kind wat het nodig heeft om zich weer goed te voelen en neem samen actie om dat te bereiken.
  9. Corrigeer alleen als het echt nodig is. Sommige dingen kunnen niet of zijn minder belangrijk. (pick your fight).