**//sticky ads code//**
Tien tips om sinterklaasstress te voorkomen!

Tien tips om sinterklaasstress te voorkomen!

Gezellig de Sint is weer in het land. En hoewel dit voor veel kinderen een fantastische tijd is, gaat het voor een hoop kinderen gepaard met veel spanning. Mannen die in het midden van de nacht je huis binnendringen. Kinderen die zich afvragen of ze wel lief genoeg zijn geweest? Zou er iets in hun schoentje zitten? Het zorgt soms voor een hoop sinterklaasstress.

Een paar tips om deze drukke periode beter door te komen.

  • Voorspelbaarheid
    De meeste kinderen houden van voorspelbaarheid. Hoe voorspelbaarder, hoe veiliger ze zich voelen. Maak samen met je kind een kalender waarop duidelijk te zien is wat er wanneer gaat gebeuren. Wanneer mogen ze hun schoen zetten, op welke dag komt de Sint op school. Een jong kind heeft nog vaak weinig tijdsbesef een (zelfgemaakte) kalender kan hier daarom goed helpen.
  • Beperk het aantal feestjes
    Tegenwoordig zijn er verschillende plekken waar een kind allemaal Sinterklaas mag komen vieren. Op school, de BSO, de sportclub, op papa zijn werk, op mama haar werk, bij opa en oma. Probeer het aantal keren te beperken.
  • Zo min mogelijk spanning
    Probeer de spanning zoveel mogelijk te reduceren. Als je kind het spannend vindt dat Piet op het dak loopt, laat de schoen dan bij de deur zetten die het verst van de kamer van je kind is en vertel dat Piet door de deur komt. Of zet de schoenen buiten onder een afdakje. Vindt je kind het eng om de Piet of Sint een hand te geven, laat hem dat dan gewoon niet doen.
  • Televisie
    Op televisie wordt veel aandacht besteed aan Sinterklaas. Elke zender heeft zijn eigen programma en verhaal. Laat een kind niet naar alle programma’s kijken. Maak een keuze. Bijvoorbeeld het Sinterklaasjournaal, hier wordt ook op de meeste scholen aandacht aan besteed.
  • Samen kijken
    Als een kind veel last heeft van de spanning, maar je komt er niet onderuit om toch het sinterklaasjournaal te kijken, omdat ze op school kijken of omdat je nog andere kinderen hebt die het wel willen zien, kijk dan samen. Benoem regelmatig dat die Pieten er ieder jaar een potje van maken, maar dat het altijd weer goed komt.
  • Wees alert op signalen van spanning
    Kinderen hebben zelf vaak niet in de gaten dat ze last hebben van de spanning. Ze voelen zich niet lekker en weten niet waarom. In plaats van te zeggen ‘ik vind het eng dat er Pieten ´s nachts door het huis lopen`, gooien ze misschien wel hun schoen door de kamer. Word niet gelijk boos, maar probeer er in deze periode achter te komen wat er echt aan de hand is
  • Voldoende rust
    Zorg dat een kind uitgerust is. Zorg voor voldoende nachtrust. Een kind heeft tijd nodig om alle indrukken te verwerken.
  • Geen boeman
    Maak van Sinterklaas geen boeman. Vertel dat hij iemand is die van alle kinderen houdt.
    Verhalen over naar Spanje meenemen of met de roe ervan langs krijgen of niets krijgen als je niet lief bent, helpen niet om er een kinderfeest van te maken. Kinderen kunnen onrustig worden en slechter gaan slapen als Sinterklaas alles ziet.
  • Lees gezellig (prenten)boeken over Sinterklaas.
    Door het samen lezen, praten over Sinterklaas komt een kind te weten wat er gaat gebeuren en hoor je wat hen bezig houdt.
  • Geniet
    Probeer samen zoveel mogelijk te genieten van deze periode, zonder te veel te “moeten”

 

Weg met die ochtendstress!

Weg met die ochtendstress!

Is het bij jullie thuis geregeld ’s ochtends een drukte van jewelste?  Flinke ochtendstress om iedereen op tijd aangekleed, met een gezond ontbijt, netjes de tanden gepoetst op school en werk te krijgen.

Soms heb je er voor je gevoel  al een halve werkdag op zitten, voordat je op je werk komt.  Hoe zorg je ervoor dat de ochtendspits soepeler verloopt, het je minder energie kost en minder frustratie oplevert?

Deze tips kunnen je helpen om meer routine in de ochtend te brengen en deze meer te stroomlijnen.

  1. Niet leuk, maar wel heel effectief: zet de wekker een kwartier eerder.
    Als je iets meer tijd hebt ’s ochtends gaat het hele programma dat afgedraaid moet worden iets meer ontspannen. Ben je zelf rustiger, dan straal je dit op de rest van het gezin af. Als je vaak alles op het nippertje aan redt (of net niet), bedenk dan hoeveel minder stress en ergernis het je ‘s ochtends kost als je iets meer tijd hebt. Is dit echt een kwartier langer slapen waard?
  2. Start de avond van tevoren.

    Krijg een vliegende start in de ochtend. Voor het slapen gaan, leg je zelf of kies je samen met je kind de kleren uit voor de volgende dag.
    Leg alle spullen die mee moeten naar school klaar. Vul alvast de broodtrommel en leg deze in de koelkast. Het voorkomt verrassingen ’s ochtends, zoals een vieze beker die nog uit een tas geplukt moet worden of een tas die kwijt is.
    En heel burgerlijk, maar heel praktisch, dek alvast de tafel.
  3. Reserveer “me” time
    Wil je zelf even rustig wakker worden? Reserveer in de ochtend dan wat tijd voor jezelf. Voordat heel het huis wakker is alvast een kopje koffie drinken, iets lezen, mediteren of andere oefeningen doen.
    Door een beetje tijd te nemen voor jezelf in de ochtend, voel je je rustiger midden in de drukte ´s ochtends bij de soms hectische overgangen naar werk en school.
  4. Volg een schema.
    Maak elke dag zo voorspelbaar als je kunt. Probeer hetzelfde schema elke dag te volgen. Bijvoorbeeld opstaan, tanden poetsen, wassen, aankleden, ontbijten en vertrekken naar school. Kinderen weten op deze manier waar ze aan toe zijn.
    Wie laat de hond uit, of wie geeft de kat te eten? Sommige kinderen hebben moeite om de volgorde van dingen te bepalen. Maak het schema dan visueel m.b.v. pictogrammen. Jij zelf en je kind weten hierdoor waar jullie dingen kunnen vinden.
  5. Vertrouw op de klokken.

    Zorg dat klokken goed zichtbaar zijn in huis. Geef kinderen een horloge als ze oud genoeg zijn. Door tijd zichtbaar te maken, laat je zien dat dit belangrijk is en help je een kind tijd te managen.
  6. Double-check spullen
    Laat een kind voor vertrek controleren of alles is ingepakt. Dit voorkomt dat je weer terug naar huis moet. Daarnaast geeft het een kind een gevoel van rust, dat alle spullen in zijn tas zitten. Bij jonge kinderen kun je een liedje of rijmpje maken om na te gaan of alle spullen in de tas zitten. Stimuleer een ouder kind een lijst te maken van alle items die hij nodig heeft.
  7. Beloon successen
    Als een kind in staat is om ’s ochtends voorspoedig het ochtend ritueel te doorlopen en tijd te besparen, beloon hem dan met een kort spelletje samen of een voorleesverhaal. Hiermee start je dag met familie tijd.Succes. Heb je zelf nog leuke tips deel ze dan met ons.

 

Slim maar…  Talenten en frustratie

Slim maar… Talenten en frustratie

Het is enorm frustrerend wanneer je ziet dat er bij een kind niet uit komt wat er in zit. Dat een slim pienter kind moeite heeft met simpele taken als opruimen, aankleden en op tijd aan huiswerk beginnen. Dit kan uiteraard vele oorzaken hebben. De executieve functies kunnen hierbij een rol spelen. Onderzoek toont aan dat bij deze kinderen hun executieve functies nog niet goed ontwikkeld zijn.

Wat zijn executieve functies?

Executieve functies zijn de functies in de hersenen die het mogelijk maken om rationele beslissingen te nemen, impulsen te beheersen en je te kunt focussen op wat belangrijk is. Er zijn verschillende vaardigheden te onderscheiden:

  1. Respons Inhibitie: het vermogen impulsen te beheersen. Om te denken voor je doet.
  2. Werkgeheugen: regelt de informatiestromen in het geheugen. Het bepaalt wat nu relevant is, wat later en wat onbelangrijk is.
  3. Emotieregulatie: emoties reguleren om doelen te behalen of gedrag te controleren.
  4. Volgehouden aandacht: aandachtig blijven, ondanks prikkels en afleiding.
  5. Taakinitiatie: op tijd en efficiënt aan een taak beginnen.
  6. Planning/prioritering: een plan maken en beslissen wat belangrijk is.
  7. Organisatie: informatie en materialen ordenen.
  8. Timemanagement: tijd inschatten, verdelen en deadlines halen.
  9. Doelgericht gedrag: doelen formuleren en realiseren zonder je te laten afschrikken.
  10. Flexibiliteit: flexibel omgaan met veranderingen en tegenslag.
  11. Metacognitie: een stapje terug doen om jezelf en de situatie te overzien en te evalueren.

Wanneer een kind een taak niet uitvoert, kan het natuurlijk zo zijn dat een taak of opdracht niet past bij een kind. Je kunt dan de taak aanpassen, maar er zijn ook dingen, zoals huiswerk maken, aankleden die moeten wel gebeuren.
Ga in deze situatie na of een kind de taak niet wil of niet kan uitvoeren. Controleer of er omgevingsfactoren zijn die een kind belemmeren en kijk welke functies een kind nodig heeft voor het uitvoeren van een taak. En of een kind deze bezit?

Slim maar…

In het boek Slim maar… geven Peg Dawson en Richard Guare praktische tips hoe je deze vaardigheden bij kinderen kunt ontwikkelen. Voor veel voorkomende problemen hebben ze aangegeven welke executieve functies je daarbij nodig hebt. De komende weken zullen we in een reeks artikelen praktische tips en voorbeelden geven over het trainen van de verschillende executieve functies.

slim maar

Kun je niet wachten lees dan het boek Slim maar.  Het is geschreven voor ouders, maar ook leerkrachten kunnen hier tips uithalen. Het is echt een aanrader voor iedereen die kinderen wil helpen met het versterken van hun executieve functies.

Is jouw kind vaak ongeduldig? Zo help je een kind!

Is jouw kind vaak ongeduldig? Zo help je een kind!

Vandaag de dag gaat alles steeds sneller. Dit maakt dat we allemaal, inclusief onze kinderen steeds ongeduldiger worden. Als je iets wil, kun je het meteen hebben of regelen. Even wachten is voor (jonge) kinderen vaak ontzettend moeilijk! Hoe kun je een kind helpen meer geduld te hebben?

Waarom is geduld hebben belangrijk

Wachten is moeilijk voor jonge kinderen. Maar wel belangrijk. Kinderen moeten om verschillende redenen vaak wachten. Bij het spelen van een spelletje moeten ze wachten op hun beurt om te spelen. Ze worden uitgedaagd om hun plas op te houden terwijl andere kinderen het toilet gebruiken. Wachten om de weg over te steken zodat ze niet overreden worden door een auto. Die laatste is misschien wel de grootste les die ouders moeten geven: wachten om veilig te blijven.

Een kind helpen meer geduld te hebben, zo kan het:

  1. Geef het goede voorbeeld. Laat een kind zien dat jij ook wel eens moet wachten op iets. Door dit te benoemen, maak je het meer zichtbaar en herkenbaar;
  2. Wanneer een kind een gesprek onderbreekt, maak je gesprek af en leg daarna aan een kind uit waarom je niet reageerde op zijn vraag;
  3. Oefen af toe met wachten. Bijvoorbeeld dat een kind even moet wachten op zijn toetje tot iedereen zijn eten op heeft;
  4.  Wees consistent in het uitleggen waarom een kind moet wachten. Leg dit duidelijk uit, zodat een kind begrijpt waarom dit gedrag van hem wordt verwacht.  Vooral als het verband houdt met de veiligheid;
  5. Hang een beloning aan het wachten. Beloon geduldig zijn. Zo kun je meegeven dat een kind eerst zijn taakje moet afmaken, geduld moet hebben, voordat hij aan iets nieuws kan beginnen;
  6. Maak het wachten leuk. Bijvoorbeeld door samen een spelletje te spelen, ‘ik zie, ik zie wat jij niet ziet’;
  7. Als je weet hoelang een kind ergens op moet wachten, maak dit dan voor een kind inzichtelijk. Bijvoorbeeld door een kook wekker, of door aan te geven dat je eerst gaat stofzuigen en dan een spelletje samen wilt spelen.
  8. Heb jij nog meer tips om een kind te helpen meer geduld te hebben, laat het ons weten.
Tips om een kind te helpen wat gepest wordt

Tips om een kind te helpen wat gepest wordt

Je weet of denkt dat je kind wordt gepest. Wat kun je doen?  Welke vragen kun je stellen, hoe reageer je en hoe heb je een opbouwend gesprek waardoor je kind zich begrepen voelt en zijn grens durft aan te geven? Lees onze tips om een kind te helpen wat gepest wordt

Het kan best lastig zijn om een goed gesprek met een kind te hebben dat wordt gepest. Kinderen vinden het vaak moeilijk om er over te praten en als ouder is het lastig om je eigen emoties voor je te houden. Met deze tips kun je een gesprek voeren met een kind over het pesten.

1. Een open houding

En van de belangrijkste tips om een kind te helpen wat gepest wordt is een open houding.  Probeer je eigen mening, oplossingen en emoties achterwege te laten en met een open houding te luisteren naar wat een kind je vertelt. Probeer alleen te luisteren, vragen te stellen en begrip te tonen.

2. Erkenning en begrip

Het is belangrijk om een kind te laten merken dat je hem begrijpt. En dat je hem volledig accepteert, ook als hij het lastig vindt om te gaan met dat hij gepest wordt. Je doet dit onder andere door de erkennen wat een kind voelt en begrip te tonen voor dit gevoel.

3. Bespreek hoe het pesten gaat

Vraag een kind wie hem pest, hoe dat meestal gaat, wanneer en hoe hij hierop reageert. Sta stil bij zijn beleving. Hoe vindt hij dit, hoe voelt hij zich als ze iets lelijks zeggen of doen. Hierin is het belangrijk om niet meteen je eigen mening te geven en een kind erkenning te geven voor wat hij voelt en denkt over het pesten.

4. Verschil tussen pesten en plagen

Vraag een kind naar het verschil tussen plagen (leuk, allebei lachen) en pesten (één gemeen, de ander verdrietig) en laat een kind bedenken of het pesten of plagen is. Vraag of iemand hem expres pijn heeft gedaan/iets lelijks heeft gezegd en of de ander weet dat hij jou heeft pijn gedaan. Soms ervaren kinderen plagen als pesten en door dit te bespreken, is een kind soms opgelucht: “‘O, het was blijkbaar grappig bedoeld”.

5. Vraag een kind wat hij denkt waarom hij wordt gepest

Misschien is je eerste neiging ‘Dat ga ik toch niet vragen, dan denkt hij straks dat het zijn schuld is?!’. Toch houdt deze vraag gepeste kinderen vaak bezig; waarom word ik gepest? Het is dan heel helpend om dit bespreekbaar te maken en te kijken hoe een kind hierover denkt. Voordeel hiervan is dat je een kind kunt helpen te bedenken dat het niet aan hem persoonlijk ligt. En je kunt uitleggen dat de pester zich eigenlijk ook niet fijn voelt en nog moet leren hoe hij op een leuke manier kan omgaan met andere kinderen.

6. Vraag een kind naar zijn oplossing

Kinderen hebben vaak al een manier gevonden om te gaan met het pesten. Je kunt een kind de volgende vragen stellen:

  • Wat zeg of doe jij nu om het pesten op te lossen?
  • Zorgt deze oplossing ervoor dat ze geen vervelende dingen meer zeggen of doen
  • Wat zou je nog meer kunnen doen op het te lossen? Zou … misschien ook kunnen helpen? Hoe doen andere kinderen dat?
  • Wanneer is het je al eens gelukt om het zo aan te pakken? Hoe kunnen anderen jou hierbij helpen?

Door deze vragen te stellen, help je een kind om zelf na te denken hoe het pesten kan worden aangepakt. Dit betekent niet dat jij vindt dat het zijn schuld is en hij het in zijn eentje moet oplossen. Je laat hem zien dat je in hem gelooft, dat hij dit kan (met hulp van anderen) en je zet hem daarmee in zijn eigen kracht. Dit zorgt voor zelfvertrouwen en zelfrespect bij een kind.

7. Bedenk samen hoe je het gaat aanpakken

Maak samen met een kind een plan om het pesten aan te pakken. Hoe gaat hij reageren op het pesten? Wie of wat kan hem daarbij helpen? En wat ga jij als ouder doen om te helpen? Stem hierbij af op wat een kind aangeeft. Als je kind het eerst zelf wil proberen op te lossen, dan kun je hierin ondersteunen met tips hoe hij dit kan doen.

8. Versterk het zelfvertrouwen

Kinderen die meer zelfvertrouwen hebben trekken zich minder van pestkoppen aan en durven meer voor zichzelf op te komen. Geef een kind complimenten over wat hij goed doet.

bron: apetrotsekinderen

Ongewenst gedrag anders bekeken!

Ongewenst gedrag anders bekeken!

We willen allemaal het liefst dat ons kind zich netjes gedraagt, zich aan de regels houdt en goed luistert. Helaas is dit niet altijd het geval. Het ene kind wat meer dan het andere kind, laat op zijn tijd “ongewenst gedrag” zien.

Het gedrag van een kind zegt meer over een kind dan je op het eerste gezicht ziet. Het gedrag van kinderen is soms onbegrijpelijk. Je probeert een kind zo goed mogelijk te sturen en “ongewenst gedrag” te corrigeren maar soms lijkt niets te helpen; negeren, motiveren met een beloning, samen afspraken maken, niks lijkt te werken. En boos worden heeft vaak alleen maar een averechts effect.

Het gedrag van een kind is als een ijsberg

Realiseer je dat het gedrag van kinderen is als een ijsberg:  je ziet slechts een klein deel, maar wat gaat er schuil onder  dat topje? Een ijsberg heeft een klein deel dat boven water zichtbaar is en een deel onder water is onzichtbaar.

Het is zinvol om wanneer een kind moeilijk gedrag laat zien, verder te kijken en door te vragen waarom een kind het doet. Kijken onder de ijsberg, niet meteen oordelen en zelf al invullen, maar observeren en vragen stellen. Zo kun je er achter komen waarom een kind zich gedraagt zoals het doet. Doe dit vanuit een positieve benadering en vooral niet oordelend.

Reactie op gedrag

We reageren op het gedrag dat we waarnemen. Op moeilijk gedrag wordt vaak gereageerd door het kind een straf te geven. Heel begrijpelijk, maar je lost er het probleem niet mee op.

Moeilijk gedrag kan verschillende oorzaken hebben, zoals onderstimulering, overvraging, gebrek aan communicatie, gebrek aan veiligheid, onzekerheid of overprikkeling.

Als er sprake is van onvermogen in plaats van onwil heeft straf geven weinig zin. Als je kunt herleiden waar dit onvermogen vandaan komt, kun je anders reageren. Een kind zal zich hierdoor minder afgewezen voelen. Er ontstaat dan een opening om “moeilijk gedrag” om te buigen naar “gewenst gedrag”

Dus kijk, observeer en luister naar een kind. Staar je niet blind op het deel dat boven water zichtbaar is. Als een kind zich telkens niet aan bepaalde afspraken houdt, dan speelt er doorgaans iets op een dieper niveau.