Pubers opvoeden! wat je wel en juist niet moet doen?

Pubers opvoeden! wat je wel en juist niet moet doen?

De puberteit van je kind is voor jou als ouders soms best een pittige periode. Stemmingswisselingen, moeite met autoriteit en gezag. Kinderen die zich meer los willen maken van ouders, nieuwe dingen proberen en daarbij soms bewust risico’s en grenzen opzoeken.  Je vind het misschien niet leuk, maar het hoort helaas bij pubers opvoeden. 

Hoe kun je ervoor zorgen dat het toch gezellig blijft in huis en je een goede band houd met je puber. Wat moet je dan vooral laten en wat kun je doen?

Wat kun je beter laten 

  • Preken
    Hoe vaak praat je ‘tegen je puber’ in plaats van ‘met je puber’.  Met de beste bedoelingen uiteraard. Je wil je kind ergens behoeden of duidelijk maken dat iets heel belangrijk is. Je overlaadt je je puber met informatie. ‘Je moet echt meer bewegen en minder gamen, want  uit onderzoek blijkt dat …’. Pubers zijn allergisch voor dit soort ‘gepreek’ van hun ouders en haken veelal direct af. Mogelijk krijg je nog een reactie als  ‘Jaahaa mam, ik weet het, dat heb je nu al 100 keer gezegd’. Je boodschap komt niet aan, dus zonde van je energie
  • Verwijten maken
    Zeg je ook geregeld tegen je kind: Moet je geen huiswerk maken of zit je weer te gamen. Wat je eigenlijk zegt is, ik vind het maar niks dat je zit te gamen. Deze opmerkingen helpen echter niet. Je puber wordt niet gemotiveerd om minder te gamen of zijn huiswerk te maken. Een andere aanpak kan zijn om interesse te tonen in wat je kind doet of leg hem zonder verwijten uit waarom je zijn gedrag niet oké vindt.
  • Invullen
    Pubers hebben vaak iets meer tijd nodig om hun gedachten en gevoelens onder woorden te brengen. Als ouder heb je vaak snel de neiging om dingen in te vullen om het gesprek op gang te brengen. Dit kan behoorlijk averechts effect werken. Want als je er naast zit, zal je kind zich onbegrepen voelen en vaak ook geïrriteerd reageren (‘je snapt er niks van!’). Probeer daarom zoveel mogelijk open vragen te stellen en je kind op die manier te helpen om zijn gedachten te uiten en gevoelens te ordenen.

Pubers opvoeden motiveren hun best te doen op school! Zo doe je dat

Pubers opvoeden: wat wel doen als het gaat om 

  • Creëer qualitytime
    Pubers zijn vaak vooral bezig met hun vrienden of gamen en zijn niet altijd even gezellig thuis. Wil je de band met je kind goed houden of versterken, onderneem dan samen dingen. Dit is een belangrijk onderdeel voor het versterken van jullie band. Onderneem samen af en toe iets leuks. Zorg ervoor dat dit iets wat jullie allebei leuk en interessant vinden. Ga samen naar de film, wandelen of sporten. 
  • Blijf communiceren
    Een machtsstrijd levert alleen maar frustratie op van beide kanten. Probeer in gesprek te blijven, zonder te oordelen. Toon interesse in zijn belevingswereld en neem ideeën serieus. Zo voelt je kind zich veilig en geliefd. Al merk je hier soms weinig van. 
  • Geef complimenten
    Heeft je kind, dan eindelijk zijn kamer opgeruimd of is hij gezellig aan tafel benoemd dit dan. Richt je hierbij vooral op de inzet, niet op het resultaat.
  • Help met een plan van aanpak
    Wil je kind overgaan gaan dit jaar, vraag hem dan hoe hij dat wil gaan doen. En uitsluitend zijn best doen, is dan niet concreet genoeg. Vraag wat hij gaat doen en wanneer of op welke momenten. Vraag of je hem moet helpen bij dingen. Je zorgt er zo voor dat je puber gaat nadenken en je laat zien dat je vertrouwen hebt in zijn aanpak. 
  • Het is soms makkelijker gezegd dan gedaan, maar probeer je niet al te druk te maken over het gedrag van je kind. De puberteit is een (vaak lastige) fase die vanzelf weer overgaat. 
  • Verantwoordelijkheid
    Vaak heb je als ouder best wat regels, veelal om je kind te beschermen en te voorkomen dat hij in de problemen komt. Door een kind te leren dat als hij zich verantwoordelijk gedraagt, hij ook meer vrijheid krijgt omdat je ziet dat hij het aankan. Doe wat je moet doen, zodat je kan doen wat je wil. 

Tip: Zo leer je je kind verantwoordelijkheid nemen

Hoe ga je om met sinterklaas spanningen?

Hoe ga je om met sinterklaas spanningen?

De Sint is weer in het land! Voor de veel kinderen betekent dit extra spanning en meer prikkels. Ze hebben last van Sinterklaas spanningen. Dit kan tot verschillende problemen leiden, zoals moeite met het concentreren

Een kind kan moeite hebben met zijn concentratie omdat het eigenlijk bezig is met andere dingen, zoals sinterklaas. Maar dit kan ook een aankomende verjaardag of een ruzie met een vriendje zijn.

Prikkels

Het moeilijk kunnen concentreren heeft vaak te maken met de hoeveelheid prikkels die een kind binnen krijgt In de Sinterklaas periode zijn dit er vaak nog meer dan normaal. Voeg daar de spanning rondom het feest bij, dan is dit best veel. Bij de meeste mensen werken de hersenen als een filter. Zo filter je automatisch de (vele) prikkels die op je afkomen en kun je je richten op datgene waar je op dat moment mee bezig bent.
Er kunnen verschillende reden zijn (bijvoorbeeld ADD of Hoogsensitiviteit) waardoor filters niet goed werken. Alle informatie komt dus binnen (gedachten, geluiden, beelden etc.). Wat kan leiden tot sinterklaas spanningen.

Wat kun je doen aan sinterklaas spanningen?

  • Creëer een rustige omgeving
    Een rustige omgeving zorgt ervoor dat een kind minder snel afgeleid word. Denk hierbij aan een opgeruimde ruimte en weinig geluid radio of televisie.
  • Zorg voor overzichtelijke situaties en zo min mogelijk prikkels
    De situatie moet voor een kind (met concentratieproblemen) overzichtelijk zijn. Kinderen die snel afgeleid zijn, reageren vaak op alles wat er om hen heen gebeurd. Als bijvoorbeeld overal om het kind heen speelgoed voor het grijpen ligt, zal een kind ook van alles gaan pakken.
  • Vraag niet meer van een kind dan hij of zij aan kan.
    Het is goed om je bewust je zijn van de verwachtingen die je van een kind hebt. Vindt jij bijvoorbeeld dat een kind aan tafel moet blijven zitten tot iedereen uitgegeten is, maar merk je dat dit keer op keer mis gaat? Vraag je dan af of deze eis reëel is. Een kind vind het zelf ook niet leuk als er veel strijd is, dus wellicht vindt een kind het te moeilijk om lang stil te zitten? Een oplossing in deze situatie zou bijvoorbeeld kunnen zijn dat het kind wél aan tafel blijft zitten, maar dat als het zijn/haar bord leeg heeft een spelletje aan tafel mag doen.
  • Geef complimenten als een kind zijn best doet
    Ook als je ziet dat een kind zijn/haar best doet en het lukt niet helemaal, kun je toch een compliment geven. Een kind heeft immers wél zijn best gedaan en door dat te benoemen stimuleer je een kind om dat een volgende keer weer te doen!
  • Als een kind een activiteit wél vol houdt, beloon een kind hier dan voor.
    Door belonen versterk je het zelfbeeld van een kind en dat draagt bij aan een goede ontwikkeling.
  • Zorg voor vaste structuur
    Kinderen met concentratieproblemen hebben behoefte aan veel duidelijkheid. Ze zijn over het algemeen snel afgeleid en er niet altijd bij met hun hoofd. Als ze weten waar zij aan toe zijn, zorgt dit voor rust. Structuur bieden is een breed begrip. Het betekent onder andere dat dingen op dezelfde manier gaan en/of op dezelfde volgorde. Bijvoorbeeld douchen, tanden poetsen, voorlezen, slapen. Veel kinderen vinden het prettig als zij een overzicht hebben van hoe hun dag (of week) gaat verlopen.

10 tips om sinterklaas te voorkomen bij je kind of in ieder geval te beperken

Waarom is het goed dat kinderen leren omgaan met verliezen?

Waarom is het goed dat kinderen leren omgaan met verliezen?

Niemand vindt het leuk om te verliezen. Of je nu groot of klein bent. Maar als je je kind ziet verliezen, vind je dit niet altijd leuk als ouders. Maar het hoort bij het leven en is ook belangrijk voor de ontwikkeling van een kind. Waarom is verliezen belangrijk? Wat leert een kind hiervan en hoe kun je als ouder een kind leren omgaan met verliezen?

Leren omgaan met verliezen

Teleurstelling en verlies horen bij het leven. Tijdens het sporten leren kinderen veelal het meest omgaan met teleurstellingen. Denk maar aan het verliezen van een hockey of voetbal wedstrijd.  Kinderen die al heel jong geleerd hebben met tegenslag om te gaan, stappen mogelijk makkelijker door het leven dan kinderen die bang zijn om fouten te maken.
Nergens moet je zo vaak verlies nemen dan tijdens het sporten. Wil je beter worden dan moet je oefenen, oefenen en nog eens oefenen.  Doorzetten, geduld hebben, durven vallen, pijn doorstaan, weer opnieuw beginnen en doelen stellen leer je nergens zo goed als met je lichaam prestaties halen.

Wat kunnen ouders doen als het gaat om omgaan met verliezen?

Leren omgaan met teleurstellingen en tegenslagen begint al met leren lopen en fietsen en het zwemdiploma. Van nature zijn vrouwen nogal eens geneigd hun kind te beschermen. Dan zie je dat als een kind dreigt te vallen de moeder opspringt en mogelijk ook nog een gil uitslaat. Wanneer de kleine dreumes hiervan schrikt, kan het zomaar besluiten om maar niet meer van die rare stunten uit te halen.
Kinderen zijn dus gebaat bij uitdaging en dat begint al heel vroeg.
Ben je gevallen? Jammer, kusje en weer opstaan.

Zelfvertrouwen ontwikkelen door een kind zelf problemen te laten oplossen!

Vallen en weer opstaan

Wanneer kinderen letterlijk vele malen zijn gevallen en weer zijn opgestaan en ze hebben spelletjes en wedstrijden verloren, dan is de beloning uiteindelijk een heel gezond zelfbeeld en veel zelfvertrouwen. Als je weet wat je kunt hoef je niet te twijfelen, hooguit heb je last van gezonde spanning. Kinderen die goed kunnen omgaan met verlies en teleurstelling kunnen goede vrienden worden met mooie sociale vaardigheden. Als ze weten hoe moeilijk en vervelend het is om te verliezen, gunnen ze een ander de winst en steunen ze elkaar als het moeilijk is. Ze kunnen een onderscheid maken tussen balen van en over zichzelf en blij zijn voor de ander.

Een ander voordeel wat goede verliezers hebben, is dat ze op school ook goed kunnen presteren. Ze hebben wellicht minder de neiging zich te verstoppen achter smoesjes en anderen zoals leraren of lawaai tijdens een toets de schuld geven van minder goed presteren. Deze kinderen nemen hun verantwoordelijkheid en durven ervoor uit te komen dat ze zelf mogelijk te weinig hebben geleerd voor een toets. Omdat ze gewend zijn zichzelf doelen te stellen over prestaties, doen ze dat ook met hun school- en huiswerk. Ze weten zichzelf te motiveren om hun doelen te halen en weten dat ze het meeste en beste leren door het maken van fouten. Juist het maken van fouten en een weg van hobbels  levert uiteindelijk een hoge kwaliteit op.

Bron: kindercoachingfriesland

Zes manieren om je kind te motiveren

Zes manieren om je kind te motiveren

Het kan soms ontzettend lastig zijn om een kind te motiveren. Bijvoorbeeld voor het opruimen van zijn kamer, het maken van huiswerk of het uitruimen van de afwasmachine. Taken die niet leuk of juist lastig zijn om te doen, worden nou eenmaal liever niet gedaan.  Er zijn een aantal manieren of dingen die kunnen helpen je kind te motiveren om taken wél gedaan te krijgen!

1. Denk kritisch na over beloningen

Wanneer je je kind vaak beloningen geeft ter motivatie, kan dat snel in jouw nadeel gaan werken. Je kind wil op een gegeven moment alleen maar iets doen als er iets tegenover staat, want alleen dan raakt hij enthousiast. Kinderen motiveert je maar kort met een beloning, omdat ze er na een tijd gewend aan raken. Je kunt ze beter motiveren door te vertellen dat ze tevreden moeten zijn met de dingen die ze kunnen bereiken. Zo blijven ze op langere termijn geprikkeld en zijn ze trots op datgene wat ze hebben bereikt. Zo is een kind die leert om te fietsen gemotiveerd om door te blijven gaan, omdat hij hoe dan ook zelfstandig wil fietsen.   

2. Voer zinvolle gesprekken

Een-op-een gesprekken zijn enorm belangrijk om je kind op een intrinsieke manier te motiveren. Kinderen zijn van nature nieuwsgierig en doen iets sneller wanneer je uitlegt waarom ze iets moeten doen. Geef levenslessen mee om hen te motiveren. Wanneer je kind bijvoorbeeld zijn kamer heeft opgeruimd, vertel hem dan hoe netjes de kamer is en hoe belangrijk het voor volwassen mensen is om netjes en opgeruimd te zijn. Wanneer je kind al meteen ongemotiveerd is, kijk dan eens door zijn ogen. Vermijd ‘moeten’ en ‘zullen’ en vraag of je hem kan helpen met iets. Zo sta je niet tegenover je kind, maar denk je met hem mee en dat alleen al motiveert een kind om iets toch te doen. Vraag in het een-op-een gesprek ook hoe je kind iets zou aanpakken. Misschien kom je dan wel op een betere oplossing dan jezelf had bedacht. 

3. Omhels hun imperfecties

Wees niet te kritisch op je kinderen als ze iets voor je moeten doen. Ze zijn tenslotte nog jong en doen alles op hun eigen manier. Verwacht niet iets van een kind wat eigenlijk te hoog gegrepen is voor hem. Wanneer je kind binnen tien minuten zijn kamer opgeruimd moet hebben, maar je weet dat hij niet al te snel is. Geef hem dan de tijd die hij nodig heeft. Zo blijft hij gemotiveerd, omdat hij weet dat hij de tijd krijgt. Hij verliest anders een deel van zijn motivatie. Geef je kind daarnaast ook taken die hij leuk vindt. Vindt je kind het leuk om te doen alsof hij in een keuken werkt? Laat hem dan de vaat in- of uitruimen. Dat is een win-win situatie voor jullie allebei. Als je kind een taak absoluut niet leuk vindt om te doen, kun je best een beetje creativiteit gebruiken. Zo kun je een wedstrijdelement toevoegen of je kind laten kiezen wat hij eerst wil doen. Zo heeft hij het heft in eigen hand.

4. Kijk naar hun capaciteiten om kind te motiveren

Bedenk goed waarom je kind niet gemotiveerd is. Is het omdat hij het niet leuk vindt, of omdat hij iets niet goed kan? Bij het laatste geval is het heel moeilijk om een kind te motiveren. Het is heel moeilijk om gemotiveerd te raken als het steeds niet lukt. Bedenk daarom samen met hem hoe hij de taak op zijn eigen manier kan uitvoeren en zo een stuk gemotiveerder raakt.

Lees meer over een growth mindset

5. Uit je waardering

Uit je waardering wanneer je kind een taak heeft volbracht of iets goeds uit zichzelf heeft gedaan. Maak duidelijk dat je enorm trots bent op de dingen die hij doet. Kinderen willen graag dat hun ouders trots op hen kunnen zijn, dat geeft hen juist de motivatie om iets te doen. Maar geef je kind niet constant complimenten en zeg het alleen als je het echt meent.

6. Geef het goede voorbeeld

Het is heel simpel, maar wordt vaak snel vergeten: zien doet volgen. Om kinderen te laten herinneren aan hun manieren, moet je het zelf ook laten zien. Zeg daarom zelf ook een welgemeend ‘dankjewel’ of ‘alsjeblieft’ tegen je kinderen. Wanneer je aan de telefoon zit en je kind wilt aandacht, zeg dan niet dat je zo klaar bent met bellen als dit nog niet het geval is. Houd je aan je woord, dan doet je kind dit in de meeste gevallen ook. Zeg wat je meent, dat motiveert je kind het beste. 

Bron: Parents.com

 
5 manieren om kinderen te helpen die uitstelgedrag vertonen

5 manieren om kinderen te helpen die uitstelgedrag vertonen

Huiswerk, dat maak ik straks, doe ik morgen wel!  Het is heel normaal dat kinderen hun huiswerk of een andere vervelende taak uitstellen. Uitstellen tot morgen wat niet vandaag hoeft. Er is echter een verschil tussen af ​​en toe een uitstel en iemand met structureel uitstelgedrag. Dit laatste wordt vaak gevoed door een onderliggend probleem.  Voor ouders kan het omgaan met beide een frustrerende uitdaging zijn. Het onderscheid tussen de twee kan nog moeilijker zijn.

Uitstelgedrag definiëren

Wanneer we spreken over uitstelgedrag zijn er drie verschillen te identificeren:

  • Pas op het laatste moment aan een taak beginnen.
  • Het niet afronden van een taak of activiteit, binnen de gestelde tijd.
  • Een taak uitstellen om een ​​taak met een lagere prioriteit te voltooien.

Voor kinderen resulteert uitstelgedrag meestal in een negatief gevolg, zoals slechte cijfers.  Om een ​​kind met uitstelgedrag effectief op te helpen, is het eerst belangrijk om te begrijpen waarom een  kind taken uitstelt.

Uitstelgedrag begrijpen

Er is een algemene misvatting dat kinderen uitstellen omdat ze lui zijn of weinig gemotiveerd zijn. Hoewel een lage motivatie een bijdragende factor kan zijn, zijn er nog meer andere, waaronder:

  • Gebrek aan relevantie: een kind ziet de taak misschien niet als relevant voor zijn huidige of toekomstige doelen;
  • Verveling: sommige taken zijn gewoon niet boeiend. De meeste kinderen vinden het opruimen van hun kamer geen leuke of boeiende activiteit;
  • Gebrek aan zelfdiscipline: Weten dat je iets moet doen, is niet hetzelfde als kunnen beginnen. Kinderen worden geconfronteerd met een toenemend aantal afleidingen, waardoor het moeilijk kan zijn om prioriteiten te stellen en zich aan plannen te houden;
  • Slecht tijdbeheer: sommige kinderen onderschatten hoe lang het duurt om iets te doen. Ze stellen de start uit, ervan uitgaande dat er genoeg tijd is om de taak te voltooien;
  • Angst en/of faalangst: In dit geval is een kind niet in staat om met taken te beginnen omdat hij bang is dat zijn prestatie niet zal voldoen aan zijn verwachtingen of de verwachtingen van anderen. Tot het uiterste doorgevoerd, wordt deze angst perfectionisme – de verlammende overtuiging dat alles wat minder dan perfect is, onaanvaardbaar is.

Om het uitstelgedrag van een kind te begrijpen, is het belangrijk open te praten over zijn om zijn perspectief te horen.  Als een kind zich gehoord en gesteund voelt deelt hij sneller wat maakt dat hij niet tijdig aan dingen begint. Het is belangrijk dat ze geloven dat je hun angst echt wilt begrijpen, zodat je ze kunt helpen. En niet met een reeks consequenties komt die gevoelens van teleurstelling kunnen verergeren.  Probeer tijdens het luisteren vast te stellen welke van de onderliggende oorzaken een rol kunnen spelen.

Net zoals een arts hoofdpijn niet effectief kan behandelen zonder de onderliggende oorzaak te kennen – uitdroging, allergieën of een hersenschudding – kun je een kind niet effectief helpen om te stoppen met uitstellen, tenzij je begrijpt wat de oorzaak van het gedrag is. Het aanbieden of onthouden van een beloning voor het voltooien van een taak zal een kind dat uitstelt niet helpen omdat ze niet zien waarom de taak relevant is.

Wat je als ouder moet weten over uitstelgedrag

Wat kan je als ouder doen?

Bij uitstelgedrag door gebrek aan relevantie en verveling kan een goed gesprek uitkomst bieden. Door een beter inzicht te geven in het waarom, gaat een kind vaak sneller aan de slag. Wanneer de angst van een kind hem verhindert om noodzakelijke taken uit te voeren, kunnen deze vijf stappen helpen:

  1. Stel een kind vragen, om zo inzicht te krijgen in hoe een kind zichzelf ziet, welke verwachtingen heeft hij en worden aan hem gesteld.  Zijn deze verwachtingen reëel.  Stel vragen als: “Welke normen of eisen stel je voor jezelf?” “Wat denk je dat we van je verwachten?” ‘Wat zal er werkelijk gebeuren als je de taak niet voltooit op basis van de normen die je voor jezelf hebt gesteld?’ Als je begrijpt hoe een kind de situatie interpreteert, kun je hem beter ondersteunen.
  2. Verduidelijk je verwachtingen: Kinderen hebben de neiging de verwachtingen van ouders te overschatten, dus zorg ervoor dat je duidelijk en realistisch bent in wat je van een kind verwacht. Veel ouders concentreren zich bijvoorbeeld op de moeite die ze doen voor een schoolproject of -toets, niet op het cijfer, maar een kind denkt misschien dat je verwacht dat ze in elk vak goede cijfers moeten halen. Dit kan realistisch zijn voor kinderen die altijd goed presteren, maar voor kinderen die moeite hebben met het inleveren van hun huiswerk, kunnen dergelijke verwachtingen te hoog zijn. Leun in dit geval in de richting van het stellen van specifieke, haalbare verwachtingen, zoals gestructureerde tijd om huiswerk te maken of klusjes te doen.
  3. Leer een kind probleemoplossende vaardigheden. Een kind kan soms hele onrealistisch scenario’s in zijn hoofd hebben. Probeer hier inzicht in te krijgen en schets hoe waarschijnlijk een dergelijk scenario is. Je kunt een kind helpen door effectieve probleemoplossende technieken aan te leren. Probeer taken op te splitsen in beter beheersbare brokken of kleinere, meer haalbare doelen te stellen. Door een kind te helpen begrijpen hoe een plan moet worden ontwikkeld om een ​​probleem aan te pakken, kunnen ze zich minder overweldigd voelen door de hoeveelheid werk die bij de taak komt kijken.
  4. Wijs op positieve eigenschappen. Vraag een kind de eigenschappen te identificeren waarvan zij denken dat ze leiden tot geluk en succes. Bijvoorbeeld integriteit, creativiteit, sociale vaardigheden en passie. Door een kind te laten focussen op persoonlijkheidskenmerken die ze al bezitten, of waarschijnlijk zullen ontwikkelen, zal hun zelfrespect toenemen.
  5. Gebruik je eigen ervaring om te relativeren. Deel je eigen angsten en uitdagingen met een kind en beschrijf hoe je ermee om bent gegaan. Door je eigen onvolkomenheden en worstelingen te delen , kun je voorkomen dat een kind zich gebrekkig voelt.

Uiteindelijk is het het doel om een kind te helpen redelijke verwachtingen te stellen. Angst kan beter worden beheerst door te proberen de taak uit te voeren in plaats van deze te vermijden . Anders gezegd, angst verdwijnt niet zomaar met het verstrijken van de tijd – het wordt alleen verminderd door voortdurende inspanning, wat tot succes leidt. Met ouderlijke steun, een plan om problemen aan te pakken en de bereidheid om het te proberen, zal een kind gewapend zijn met hulpmiddelen om taken effectief te beheren.

bron: empoweringparents.com

Ik hoor je wel, maar luister niet! Auditieve verwerkingsproblemen

Ik hoor je wel, maar luister niet! Auditieve verwerkingsproblemen

Auditieve functies worden vaak uitgelegd als “wat we doen met wat we horen”. Oftewel het verwerken van geluiden, klanken en spraak. Kinderen met auditieve verwerkingsproblemen hebben moeite met verschillende vaardigheden, benodigd voor het verstaan van mondelinge informatie, terwijl hun gehoor goed is.

Waar aan herken je auditieve verwerkingsproblemen

Voor veel ouders is het herkenbaar dat een kind niet luistert. Lekker doet waar hij zelf zin in heeft. Maar er kan soms sprake zijn met het verwerken van de informatie die een kind hoort. Er zijn verschillende kenmerken die kunnen duiden op auditieve verwerkingsproblemen:

  • vaak ‘huh’ of ‘wat zeg je?’ zeggen
  • slechthorend is en begeleiding wil voor spraak afzien
  • een achterstand in de spraak en/of taal heeft opgelopen door gehoorproblemen
    gedurende een langere tijd (bv. veel oorontstekingen)
  • mondelinge opdrachten moeizaam begrijpt
  • moeite om mondelinge informatie te onthouden
  • inadequate antwoorden geeft op vragen 
  • moeite heeft om de leerkracht te volgen in een rumoerige klas
  • meerdere mondelinge instructies moeilijk begrijpen
  • moeite heeft met het herhalen van mondelinge informatie in de juiste volgorde

Indien kinderen problemen ondervinden met de auditieve verwerking kunnen er op korte en lange termijn problemen in de ontwikkeling optreden. Wanneer dit probleem niet vroegtijdig wordt herkent kunnen er meer problemen ontstaan. Denk hierbij aan aan spraak- en/of taalproblemen of andere leerproblemen. Deze problemen komen vaak voor in combinatie met andere problemen, zoals slecht presteren op school (ondanks normale intelligentie). Problemen bij het vervullen van klassikale opdrachten, een korte aandachtsboog, snel afgeleid door geluiden of gebeurtenissen in de omgeving. En een slecht ontwikkeld besef van tijd.

Wat te doen bij auditieve verwerkingsproblemen

Een logopedist kan kinderen helpen die auditieve problemen ervaren. Er zijn daarnaast ook dingen die je zelf kunt doen.

  • Spreek duidelijk naar een kind en niet te snel;
  • Maak gebruik van een krachtige intonatie;
  • Benadruk de hoofdpunten, zo is de kans groter dat een kind het belangrijkste onthoud;
  • Breng structuur aan in activiteiten: als een kind weet wat er van hem verwacht wordt, kan hij in die situaties gemakkelijker anticiperen op mondelinge informatie;
  • Controleer of je boodschap is aangekomen, laat een kind in zijn eigen woorden herhalen wat je hebt gezegd;
  • Bespreek samen met een kind en de leerkracht wat de beste plek in de klas is.

Hoe leer je klanken herkennen