**//sticky ads code//**
Brutaal gedrag

Brutaal gedrag

Elke ouder heeft waarschijnlijk wel eens een grote mond gehad van zijn kind. Als brutaal gedrag een keer gebeurt is dat niet zo erg en mondigheid kan ook gezien worden als een positief iets.

Een kind ontwikkelt een eigen mening en een eigen visie en durft dit kenbaar te maken. Het ontwikkelen van een eigen ‘ik’ is erg belangrijk voor kinderen. Een kind moet echter wel leren dat je boosheid mag voelen, maar dat het niet de bedoeling is om brutaal of opstandig te worden.

Omgaan met emoties

Naarmate kinderen ouder worden, moeten ze leren met hun emoties om te gaan. Boosheid is één van de emoties, waar kinderen soms moeilijk mee om kunnen gaan. Elk kind uit zijn boosheid daarom wel eens door brutaal of opstandig gedrag. Bijvoorbeeld door te schreeuwen, schelden of iets respectloos of onbeschofts te zeggen als iets niet mag of lukt

Omgaan met brutaal gedrag!

Het is goed om de reden achter brutaal gedrag proberen te achterhalen. Het kan zijn dat een kind niet lekker in zijn vel zit, aandacht probeert te vragen of misschien erg boos is om iets.
Brutaal gedrag kan er soms insluipen en een gewoonte worden. Het wil niet zeggen dat er altijd direct iets met een kind aan de hand is, en ook zeker niet dat je dit gedrag hoeft te accepteren.
Als een kind niet begrenst wordt in zijn gedrag, dan kan dat vervelende gevolgen hebben voor de leefomgeving van het kind én voor het kind zelf. Een kind heeft deze begrenzing nodig om goed te kunnen functioneren!

Tips hoe om te gaan met brutaal gedrag:

  • Spreek je verwachtingen uit! Bijvoorbeeld: ‘Over 5 minuten gaan we eten. Ik verwacht dat als ik je dan weer roep, je binnenkomt.’
  • Geef van te voren aan wat er gaat gebeuren. Als brutaal gedrag voortkomt uit opstandigheid of onzekerheid over wat er gaat gebeuren dan is dit een gouden tip! Kinderen die weten waar ze aan toe zijn, zijn meer ontspannen en vertonen minder ongewenst gedrag!
  • Als een kind brutaal is of opstandig doet, blijf dan rustig. Je stem verheffen of schreeuwen helpt niet.
  • Als een kind is afgekoeld, is het belangrijk dat je met je kind over het gedrag praat. Vertel een kind op een rustige duidelijke toon, welk gedrag je niet accepteert en ook waarom niet.
  • Laat merken dat je begrijpt wat een kind wil. Bijvoorbeeld: ‘Ik weet dat je graag wilt…” Daar wordt een kind meestal rustiger van.
  • Zeg ook dat je begrijpt dat een kind zich boos voelt, maar dat schreeuwen, schelden of brutale dingen zeggen geen oplossing is. Dit kwetst anderen en levert niets op.

 

Wat helpt bij concentratie problemen?

Wat helpt bij concentratie problemen?

Ieder kind heeft wel eens moeite met concentreren. Maar voor sommige kinderen spelen concentratie problemen voortdurend.

Beelddenkers hebben van nature een zwakke concentratie. Ze zijn snel afgeleid en kunnen hun aandacht slecht richten op één ding.

De woorden die ze horen roepen beelden op. Die beelden associëren ze weer met andere beelden, hun aandacht dwaalt af ze vergeten op te letten.
De linker hersenhelft valt bij beelddenkende kinderen makkelijk stil. Daarom zie je dat kinderen vaak gaan wiebelen om de aandacht erbij te kunnen houden. Onbewust stimuleren ze op deze manier hun linker hersenhelft.

Afleiding

Afleiding is er in verschillende  soorten en maten. Misschien is een kind bezig met dingen die hij nog graag wil doen, of vindt hij hetgeen mij moet leren niet interessant.  Er zijn twee soorten afleiding. Kinderen kunnen worden afgeleid door dingen in zichzelf of van buiten (pratende mensen, mobieltjes, televisie).
De meeste afleiding zit vaak in het hoofd van kinderen en is moeilijk te achterhalen. Door aan een kind te vragen waar hij aan denkt, kun je er achter komen wat hem bezig houd.

Geluiden van buiten kun je niet altijd afzetten. Geluid wat andere kinderen maken, de televisie of radio. Het kan een kind op school helpen om een gehoorbescherming te dragen, deze dempt een deel van het geluid.

Bewegen helpt

Wat kan helpen de aandacht vast te houden is beweging. Gebruik tijdens het leren een tangle of stressballetje of iets dergelijks.

De Tangle is een draaiend therapeutisch hulpmiddel dat spanning en stress vermindert en je concentratie verhoogt. Het gaat bij de Tangle om de beweging. Er is geen goed of fout. Met een tangle kun je eindeloos vloeiende bewegingen maken. Elke Tangle is opgebouwd uit een serie ronde hoeken die met elkaar zijn verbonden. Hierdoor kunnen draaiende bewegingen worden gemaakt.

Visolie

Visolie bestaat uit de essentiële vetzuren EPA en DHA. Deze vetzuren behoren tot de omega 3 vetzuren.  Als een kind  goed eet en zeer gevarieerd zou hij in principe via de voeding genoeg omega 3 vetzuren binnen moeten krijgen. EPA en DHA zitten vooral in:  zalm, ansjovis, haring, makreel, sardines , de  vette vissoorten.

Wat kunt je verwachten van een kleuter?

Wat kunt je verwachten van een kleuter?

Een kind leert spelenderwijs woorden zeggen en taal gebruiken, doordat er met hem wordt gesproken. Door middel van taal kan een kind communiceren, ze gaan begrijpen wat er wordt gezegd en leren zichzelf te uiten. Een kind dat kan praten kan zeggen wat hij wil en voelt, maar ook wat hij heeft beleeft.

Onder ontwikkeling van de spraak wordt het leren maken van klanken verstaan. Met de ontwikkeling van taal wordt het gebruiken van woorden en zinnen bedoeld.
De spraak en taal ontwikkeling van een kind gaat niet vanzelf maar moet worden geleerd. Dit gebeurt vooral in de eerste vier, vijf levensjaren van een kind. Wat kunnen kinderen op verschillende leeftijden. Hoeveel woorden zeggen kinderen gemiddeld als ze vier jaar zijn en wanneer kan een kind vertellen wat hem bezig houdt.

Een vierjarig kind

  • Kan de kleuren, rood, blauw, geel en groen aanwijzen
  • Onderscheidt maken tussen een cirkel, driehoek en vierkant
  • Kan een activiteit ongeveer 12 minuten volhouden
  • Heeft een woordenschat van ongeveer 1500 woorden
  • Maakt zinnen van 4 a 5 woorden
  • Kan de verleden tijd correct gebruiken
  • Vraag wie? en waarom?
  • Kan alle klinkers goed uitspreken
  • Kan soms nog wat moeite hebben met t/s/w/l en r en het uitspreken van sommige klankcombinaties, zoals brood=blood
  • Is verstaanbaar voor vreemde

Een vijfjarig kind

  • Kan kleuren en figuren benoemen kan een activiteit ongeveer 15 minuten volhouden
  • Kan woorden als: want, omdat als gebruiken om zinnen samen te stellen
  • Spreekt woorden met meerdere lettergrepen goed uit bijv locomotief
  • Kan alle klanken en klankcombinaties correct uitspreken
  • Heeft soms nog moeite met de r/sch en ng
  • Is goed verstaanbaar voor vreemden.

Bij het ene kind ontwikkelt de spraak en taal zich sneller dan bij een ander kind.Leren praten lijkt op leren lopen, het gaat met vallen en opstaan. Het is heel normaal dat een kind nog fouten maakt

Bijvoorbeeld in de spraak: “Ik heb vesikkelukke dost” of wat betreft taal “ik heb vandaag onder water gezwemd”

Tips om taal en spraakontwikkeling te stimuleren

  • Zorg voor spreeksituaties
    Verwoord waarmee een kind bezig is, praat over wat je zelf aan het doen bent. Bespreek met een kind wat je samen ziet en beleeft.
  • Pas je manier van spreken aan
    Maak eenvoudige en duidelijke zinnen in een rustig spreektempo. Spreek niet in kindertaal maar pas de lengte van een zin en woordkeuze aan. Volg het niveau van een kind
  • Geeft het goede voorbeeld
    Verbeter een kind niet maar geef het goede voorbeeld. Wanneer een kind zegt: “ik heb vandaag onder water gezwemd”. “Wat knap, hoe ver heb je onder water gezwommen?” Vraag een kind niet om het na te zeggen.
  • Iets langere zinnen
    Maak je zinnen iets langer dan die van een kind. Dit stimuleert een kind tot het uitbreiden van zijn eigen zinnen. Een kind zegt: “Hij valt!” Jij zegt: “Ja, hij valt op de grond”.
Zo leer je een kind veters strikken!

Zo leer je een kind veters strikken!

Je schoenveters leren strikken kan verdraaid lastig zijn als kind. Hoe maak je nou een goede knoop, zonder dat de veters verstrikt raken of meteen weer losgaan? 

Vaak leren kinderen in groep 2 hun veters strikken. Maar soms is een kind hier al eerder aan toe of heeft hij juist extra hulp nodig?
Voordat je hieraan begint is het belangrijk om te checken of een kind er wel klaar voor is. Hoe is zijn fijne motoriek? Kan een kind bijvoorbeeld kralen rijgen of knippen? Sommige kinderen zijn met drie jaar al “veter strik kampioen”, terwijl andere kinderen het pas rond hun achtste jaar onder de knie hebben.

Dyslectische kinderen hebben ook vaak problemen met hun motoriek. Dit heeft te maken met het probleem in het automatiseren van vaardigheden. Veters strikken is om die reden ook vaak lastig.

Oefentips veters strikken

  1. Grote schoenen
    Je kunt het iets makkelijker maken voor een kind door hem te laten oefenen met jouw eigen schoenveters. Deze zijn wat langer dan de veters die in zijn eigen schoenen zitten.
  2. Gekleurde veters
    Rijg twee gekleurde veters in de veterschoen, dan ziet een kind beter het verschil tussen de veters.
  3. Voordoen
    Doe aan een kind voor hoe je je veters strikt.  Ga daarbij achter hem zitten. Het is beter is om niet tegenover hem te zitten, omdat hij het dan in spiegelbeeld te zien krijgt.
  4. Zing er een versje bij
    Je kunt er een versje bij zingen, wat het voor een kind natuurlijk een stuk leuker maakt!
    Maak een kruis, net een tent
    Daar doorheen het losse end
    En trek aan!
    En dan de strik:
    Maak een rondje, net een hoofdje
    Geef dat hoofd een warme das
    Stop de das in de jas
    Duw er nog een hoofdje bij
    En trek aan! 
  5. Leuke filmpjes
    Ook zijn er op internet diverse instructiefilmpjes te vinden. Loet laat het op een hele leuke en vrolijke manier zien.
  6. Prijs de poging
    Het gaat niet om het resultaat. Dat een kind het geprobeerd heeft, is al super knap. En als jij enthousiast bent over elke poging, dan komt het uiteindelijk wel goed met dat veters strikken.

 

 

Wanneer naar groep drie?

Wanneer naar groep drie?

Kinderen die voor 1 oktober zes jaar werden, mochten tot 1986 standaard door naar de basisschool en de rest bleef op de kleuterschool. Tegenwoordig is dat anders, ouders en leerkracht bepalen samen of een kind toe is aan groep drie.

Bij sommige kinderen is het heel duidelijk. Ze kunnen al een beetje lezen, hun naam schrijven en simpele sommetjes maken. Een andere groep kinderen kan nog niet lezen en schrijven maar gaat toch ook mee naar groep drie.
Het blijkt dat  uit beide groepen kinderen zijn, die zich prima redden in groep drie, maar er zijn ook in beide groepen kinderen die het niet zo gemakkelijk hebben eenmaal in groep drie

Hoe wordt bepaald of een kind toe is aan groep drie?

Hoe een kind zich ontwikkelt wordt bepaald door de rijping van het centraal zenuwstelsel en door de stimulans van de omgeving. De ontwikkeling en groei van het centrale zenuwstelsel omvat onder andere de ontwikkeling en groei van de hersenen en het ruggenmerg.
Het moment waarop een kind over voldoende basisvaardigheden beschikt in motoriek, taal en waarneming kan per kind wel twee jaar verschillen. Het ene kind verwerft ze al rond zijn vijfde, een ander kind pas veel later op zeven jarige leeftijd.
Ieder kind volgt zijn eigen ontwikkeling en groeiproces, ouders moeten hierin een balans zien te vinden tussen stimuleren en laten groeien.

Sociaal emotionele aspecten.

Goed mee kunnen komen in groep drie, vraagt meer dan leren lezen, schrijven en rekenen. Ook sociaal-emotioneel moet een kind toe zijn aan groep drie. Maar wat houdt dit in?

Concentreren

Het is belangrijk voor een kind om zich te kunnen concentreren. Van een kind wordt verwacht dat hij zich tien minuten achter elkaar kan concentreren op een taak, ook als hij deze niet leuk vindt.
Ongedwongen kunnen kinderen zich meestal wel concentreren, bijvoorbeeld als ze spelen met hun favoriete speelgoed, dit betekent echter nog niet dat een kind zich ook kan concentreren op een moeilijke en niet zo leuke opdracht. Een kind moet enige taakgerichtheid laten zien en moet enige tijd stil kunnen zitten.

Zelfstandig en zelfvertrouwen

Kinderen in groep groep drie moeten zelfstandig kunnen werken. Na een gegeven instructie moet een kind zelfstandig aan de slag kunnen gaan met een opdracht. Een kind moet dus enig (zelf)vertrouwen hebben in het eigen kunnen.

Verbaal

Eenmaal in groep drie moeten kinderen een logisch en verstaanbaar verhaal kunnen vertellen. Daarnaast moet een kind aandachtig kunnen luisteren naar instructies en deze kunnen begrijpen en onthouden.

Weerbaar

Voor het goed kunnen functioneren in een groep is het van belang dat een kind weerbaar is. Er komen veel nieuwe dingen op een kind af, veel nieuwe leerstof. Er worden  nieuwe eisen aan een kind gesteld en een hij belandt vaak in een nieuwe groep, vanuit de combinatie groep 1/2 wordt één groep drie samengesteld
Een kind moet goed kunnen functioneren in een groep om zich prettig te voelen in groep drie.

Testje: is mijn kind eraan toe om te leren lezen?

Volgens Ewald Vervaet (Ontwikkelingspsycholoog en docent) kun je op een redelijk simpele manier bepalen of een kind klaar is voor groep 3.
Neem twee dezelfde doorzichtige flessen en vul deze met gekleurde limonade. Een van de flesjes houd je scheef onder een hoek van 45 graden. Vervolgens teken je de lege flesjes op een papier en vraagt een kind de limonade erin te tekenen. Een kind dat nog niet toe is aan lezen, zal de streep in het schuine flesje niet horizontaal maar schuin of verticaal tekenen. Een kind dat wel toe is aan lezen – de gemiddelde leeftijd is 6,5 jaar – zal de beide lijnen horizontaal tekenen.

toe aan groep 3

 

8 tips om een kind beter te leren luisteren

8 tips om een kind beter te leren luisteren

Slecht luisteren, niet luisteren, Oost-Indisch doof. Bijna alle ouders kunnen erover meepraten.

Je hebt al heel vaak gezegd dat een kind NU aan tafel moet gaan zitten, maar ze komen niet. Of een kind dat in de supermarkt luidkeels blijft doordrammen over snoep. Iedereen maakt deze situatie in meer of mindere mate mee.  Acht tips om een kind beter te leren luisteren

  1. Heldere regels

    Om te zorgen dat een kind naar je luistert is het belangrijk om bij het begin te beginnen. Spreek duidelijke regels af in huis. Een kind heeft duidelijke grenzen nodig, zodat hij weet tot hoever hij precies kan gaan.

  2. Maak duidelijke afspraken

    Bij duidelijke grenzen horen ook afspraken. Zo kun je bijvoorbeeld afspreken dat je kind per dag maximaal een half uurtje televisie mag kijken of op de tablet mag.

  3. Blijf bij je besluit

    Wanneer je duidelijke grenzen en afspraken hebt gemaakt, houd je hier dan ook aan! Door vaak uitzonderingen te maken komen de regels niet meer betrouwbaar over en krijgt een kind sneller de neiging om over de grenzen heen te gaan, oftewel niet naar jou te luisteren. Als je tegen een kind zegt : als je dit nog een keer doet dan… doe het dan ook! Als je doet wat je zegt, luistert een kind beter naar je.

  4. gillende moeder

    Zorg dat je rustig blijft

    Heel cliché, maar belangrijk. Blijf zelf rustig als een kind niet luistert. Als jij schreeuwt, werkt dit averechts en zal een kind op den duur zelfs slechter luisteren.

  5. Geef het goede voorbeeld

    Geeft een kind echte aandacht als hij jou iets vertelt. Onderbreek een kind niet en doe niet intussen ook iets anders (je telefoon checken of koffie inschenken).  Focus compleet op een kind als hij je iets wil vertellen. Als jij wil dat hij naar jou luisteren, moet hij ervaren dat jij naar hem luistert.

  6. Geef korte en heldere instructies

    Geef een kind eenvoudige instructies voor dagelijkse taakjes. Zorg voor oogcontact en zeg: “Ruim je  tekenspullen op in de kast”. Als een kind een betere luisteraar wordt, kun je steeds gecompliceerdere opdrachten geven.

  7. Complimenten voor luisteren

    Geeft je kind complimentjes als hij goed heeft geluisterd. Heeft een kind iets gedaan wat je hebt gevraagd, bijvoorbeeld zijn speelgoed opgeruimd benoemd dit dan ook.

  8. Speel luister spelletjes

    Op verschillende leeftijden zijn er luisterspelletjes te bedenken. Bijvoorbeeld:  pak het blauwe legoblokje, leg dat op de vensterbank en ga zitten op je stoel.

beeld: dave blu