**//sticky ads code//**
Belang van creativiteit!

Belang van creativiteit!

Kinderen hebben over het algemeen heel veel fantasie en creativiteit. Vooral jonge kinderen worden nog niet weer houden door het idee dat iets niet kan, of dat iets mooi moet zijn. We worden allemaal geboren met het vermogen om te vragen, te dromen en ons te verwonderen. Alles kan!

Naarmate kinderen ouder worden, worden ze zich meer bewust van zichzelf. Hoe ze overkomen op anderen en wat anderen ervan kunnen vinden. Dat kan de creativiteit belemmeren. Wat ontzettend jammer is, want creatieve activiteiten zijn niet alleen leuk, maar ook goed voor de emotionele expressie.  Bijvoorbeeld het zingen van een vrolijk of verdrietig liedje, de taalontwikkeling, de fantasie, de motoriek, de cognitieve ontwikkeling en sociale vaardigheden.

Het stimuleren van creativiteit is dus erg belangrijk. Crayola heeft onderzoek gedaan onder 500 moeders in Nederland*. Hieruit komt naar voren dat moeders vinden dat zij een belangrijke rol spelen in de stimulans van de creativiteit van hun kinderen. Daarnaast vinden zij dat de juf of meester op school ook een grote rol speelt bij het stimuleren van de creativiteit. Crayola heeft een groot aanbod aan verschillende kleur- en knutsel producten die ouders helpen om de creativiteit van hun kinderen te stimuleren.

Stimuleren van creativiteit bij kinderen

Zeven op de tien moeders is het er over eens dat het aanbieden van creatief materiaal een sterke invloed heeft op de creativiteit van hun kinderen. De top vijf materialen die het meest stimuleren zijn:

  • Kleurpotloden, stiften of krijtjes.
  • Glitter, lijm, tape
  • Stickers of puzzels
  • Tekengereedschappen, als verf en kwast
  • Deeg en klei.

Daarnaast noemen ouders in het onderzoek uitstapjes en het vertellen van verhalen over verschillende onderwerpen als belangrijke bijdrage in het stimuleren van creativiteit.
Ook buitenspelen en interactie met anderen kinderen wordt genoemd als sterke invloed op de creativiteit van kinderen.

Wanneer zijn we het meest creatief?

Uit het onderzoek komt naar voren dat ouders de feestdagen, verjaardagen, vader en moederdag als een extra stimulans zien voor de creativiteit van kinderen.
Creatieve activiteiten worden twee keer meer door kinderen zelf geïnitieerd dan door de ouders. Het aanmoedigen van creativiteit door ouders gebeurt, maar 40% van de ouders vindt dat ze hierin nog meer zouden kunnen doen.

  • Kwantitatief onderzoek door Edelman Berland in opdracht van Crayola onder 500 moeders en kinderen tussen 1 en 12 jaar oud.

Dyslexie signalen en tips

Dyslexie signalen en tips

Als een kind moeite heeft met leren lezen behoeft dit niet gelijk te betekenen dat er sprake is van dyslexie. Wanneer kan er sprake zijn van dyslexie? We hebben de belangrijkste dyslexie signalen voor je op een rijtje gezet.

Dyslexie betekent letterlijk: niet kunnen lezen. De term komt uit het Grieks. Dys = niet goed functioneren, beperkt, en lexis = taal of woorden.
Bij dyslexie gaat lezen, spellen en ook zelf schrijven, gezien de leeftijd en het onderwijsniveau te moeizaam. Dit staat los van iemands intelligentie. Dyslexie kan vastgesteld worden met een diagnostisch onderzoek. Bij dit onderzoek wordt eerst het niveau van lezen en spellen bepaald. Daarna volgt onderzoek naar vaardigheden waarop kinderen met dyslexie uitvallen, de dyslexie-indicatoren. Er wordt getest op nauwkeurigheid en snelheid van woordherkenning. Verder wordt gekeken naar vaardigheden waarop kinderen met andere leesproblemen uitvallen, maar kinderen met dyslexie niet.

Wat zijn dyslexie signalen?

Het belangrijkste kenmerk van dyslexie is dat een kind hardnekkige probleem ondervindt bij het leren lezen en spellen op woordniveau. Kinderen met dyslexie hebben veel extra oefening nodig om het (technisch) lezen aan te leren.

Kinderen met dyslexie kunnen moeite hebben :

  • met het verschil te horen tussen klanken als m en n; p, t en k; s, f en g; eu, u en ui
  • met het verschil tussen de letters b en d
  • om de klanken in volgorde te zetten, zoals bij ‘dorp’ en ‘drop’ of ’12’ en ’21’
  • om de aandacht te houden bij gesproken woord , ‘klankinformatie’
  • met het inprenten van reeksen, bijvoorbeeld tafels of spellingsregels
  • met het onthouden van vaste woordcombinaties, uitdrukkingen of gezegdes
  • met het onthouden van losse gegevens, zoals rijtjes, woordjes en jaartallen

Dyslexie en lezen

lezenDe leesproblemen van kinderen met dyslexie vallen het meest op bij hardop lezen. Het kan zijn dat een kind een traag leestempo heeft of de woorden spellend leest. Andere kinderen hebben een hoog leestempo, maar maken juist veel fouten door te raden. Er kan ook sprake zijn van een combinatie van beide.

Dyslexie en spelling

Kinderen met dyslexie maken langdurig veel spellingfouten en hebben, omdat te voorkomen, veel steun nodig van spellingsregels. Het kan zijn dat ze één bepaald woord op een bladzijde op verschillende manieren spellen. Kinderen met dyslexie proberen vaak de spelling van specifieke woorden te onthouden. Dit is een enorme belasting voor het geheugen. De losse woorden worden gemakkelijk weer vergeten omdat het op een ongestructureerde manier in het geheugen worden opgeslagen.

Dyslexie en schrijven

Kinderen met dyslexie schrijven vaak slordig en onleesbaar. Ze maken veel doorhalingen. Bij kinderen die wel leesbaar schrijven, valt op dat ze langzaam schrijven.

Tips om kinderen te helpen met hun dyslexie

  • Oefen regelmatig met een kind, waarbij het beter is vier keer 15 minuten te lezen, dan één keer een uur.
  • Kies boekjes die aansluiten bij het leesniveau op school. Vraag hiervoor tips aan school.
  • Zorg dat het leuk, gezellig en ontspannen is tijdens het lezen, zodat een kind gemotiveerd blijft.
  • Zorg voor voldoende afwisseling in de oefeningen, bijvoorbeeld door af en toe stripboeken, korte verhalen en informatieve boeken te kiezen.
  • Zet woorden waar een kind moeite mee heeft op kleine papiertjes en ga deze oefenen door ze te flitsen (snel achter elkaar neerleggen terwijl een kind de woorden hardop leest)
  • Ganzenborden met woorden. Schrijf de moeilijke woorden op een klein (gekleurd) papiertje. Legt deze in een cirkel of in de vorm van ganzenbord. Je hebt twee pionnen en een dobbelsteen. Om de beurt gooien, de dobbelsteen geeft aan hoeveel stappen iemand vooruit mag. Bij elke stap zegt je het woord welke op het papiertje staat. Maakt iemand een fout dan mag de ander het ook nog één keer proberen en één plaatsje vooruit. Wie het eerst bij de finish is heeft gewonnen.

beeld: 123RF Stockfoto

Hooggevoeligheid bespreken met de leerkracht.

Hooggevoeligheid bespreken met de leerkracht.

Als jou kind erg gevoelig is. Niet goed tegen lawaai en drukte kan dit heel vervelend zijn op school. Helaas kun je er niet altijd vanuit gaan dat de leerkracht op school weet wat dit inhoudt. Hoe maak je dit bespreekbaar en zorg je ervoor dat een leerkracht begrijpt wat hooggevoeligheid is?

Op school raakt een hooggevoelig kind eerder overprikkeld dan andere kinderen. Een kind krijgt op school veel prikkels binnen. Innerlijk ervaart een kind dit als spanning. Die spanning kan een kind uiten door te gaan huilen, angstig te worden, door zich terug te trekken of druk te worden. Begrip en goede begeleiding van de leerkracht zijn essentieel om een hooggevoelig kind te helpen op school.

Hoe kun je voorkomen dat een kind overprikkeld raakt in de klas?

  1. Inrichting van het klaslokaal:
    Hooggevoelige kinderen nemen vaak veel waar. Een druk ingericht klaslokaal waar iedere centimeter iets te zien is, voelt niet prettig.
  2. Plek in de klas:
    Zet een hooggevoelig kind niet vooraan of midden in de klas, het kind zal veel achterom kijken, om niets te hoeven missen van wat achter hem gebeurt. Een plek aan de rand van de groep biedt de mogelijkheid alles te overzien.
  3. Filter prikkels:
    Geluiden zijn prikkels die je grotendeels buiten kunt sluiten door een kind gehoorbeschermers te geven voor in de klas. Dit gebeurt al regelmatig op scholen. Een kind kan deze opzetten als hij zich moet concentreren of wanneer hij wil ontspannen door zich even af te sluiten.
  4. Aangesproken worden in de klas:
    Veel hooggevoelige kinderen ervaren hun leerkracht als streng. Dit kan komen door het volume van de stem. Vertel de leerkracht dat je kind snel schrikt van een verheven stem en daarom bang kan worden voor de reactie van docent. Vertel dat het goed werkt als je kind wordt aangesproken als er oogcontact wordt gemaakt en er rustig en langzaam wordt gesproken. Eerst glimlachen doet ook vaak wonderen!
  5. Verbonden voelen:
    Een hooggevoelig kind heeft, meer dan andere kinderen, behoefte aan het voelen van verbinding, zeker met een leerkracht die een kind vele uren per week meemaakt. Verbinding stelt een kind gerust en daarmee ontspant een kind. De leerkracht kan op allerlei simpele manieren even verbinding maken met een kind. Een aai over de bol, een glimlach, oogcontact, iets liefs zeggen of even naast het kind gaan zitten.
  6. Structuur bieden:
    Plotselinge of onaangekondigde veranderingen geven een hooggevoelig kind vaak veel stress. Het is een direct gevolg van het feit dat een kind meer zintuiglijk waarneemt dan andere kinderen. Er komt van alles tegelijkertijd binnen, teveel en dan ontstaat er stress. Een hooggevoelig kind is dus gebaat bij een leerkracht die veranderingen in de klas of uitjes van tevoren duidelijk bespreekt. Vertel de leerkracht ook dat je kind deze uitleg nodig heeft om te voorkomen dat hij overprikkeld raakt op het moment zelf.
  7. Zorg voor ontspanning:
    Om prikkels te kunnen verwerken, heeft een kind rust en ontspanning nodig. Als een kind overprikkeld raakt, lukt het ook niet meer goed om informatie op te nemen. Bespreek de mogelijkheden om vaste momenten van ontspanning in te bouwen.
Wanneer een dyslexietest aanvragen?

Wanneer een dyslexietest aanvragen?

Als ouder heb je vaak al in een vroeg stadium in de gaten dat er ‘iets’ aan de hand is met je kind. Vermoedens van eventueel dyslexie zijn vaak gebaseerd op ervaringen met oudere kinderen of herinneringen uit de eigen jeugd. Hoe werkt het als je een dyslexietest wil aanvragen? Wie doet, wanneer kan dit, wat moet je als ouder doen?

Eén derde van de kinderen die een ouder heeft met dyslexie, ontwikkelt zelf ook dyslexie. Neem eigen observaties en zorgen altijd serieus en schroom niet ze te delen met de school. Om te voorkomen dat een kind in de knel komt te zitten, is het essentieel om een kind emotionele steun te geven.

Waarom een dyslexietest bij kinderen laten doen?

Er zijn verschillende situaties waarin het handig is om een dyslexietest bij kinderen te laten doen met als doel een dyslexieverklaring te krijgen:
• Een kind heeft dit nodig om extra begeleiding op school te krijgen voor zijn dyslexie.
• Acceptatie in het feit dat lezen moeilijk gaat.
• Meer begrip vanuit de omgeving van een kind.
• Toegang krijgen tot hulpmiddelen welke worden vergoed door de ziektekostenverzekering,
zoals een Daisy-speler

Wanneer een dyslexietest?

Een school mag een kind doorverwijzen naar een instelling voor een test als een kind drie keer achter elkaar laag scoort op de Cito op de onderdelen lezen of spelling. Het gaat om de zogenoemde DMT toetst, ook wel drie minuten toets, het woordlezen. Behoort een kind op drie achtereenvolgende meetmomenten tot de zwakste 10%, een E-score. Of behoort een kind op spelling drie achtereenvolgende meetmomenten tot de zwakste 10% (E-score Cito spelling) en op lezen tot de zwakste 16% (D-score).
Na het invullen van vragenlijsten door school en ouders dient er bij de gemeente een beschikking worden opgevraagd, waarna een instantie de test mag uitvoeren.

Wat kun je als ouder in deze fase doen?

Bij een vermoeden van dyslexie dient er meer gelezen te worden met een kind. Tevens moet een kind extra instructie worden aangeboden, alvorens er een test kan worden aangevraagd. Dit dient in het schooldossier of groeidocument te worden verwerkt. Tussen een tweede en derde meetmoment ligt hier een belangrijke taak voor ouders om in gesprek te gaan met school over hetgeen “extra” gedaan moet zijn alvorens het traject van een dyslexieonderzoek kan worden opgestart.

Hoe sneller een eventueel dyslexie wordt vastgesteld, hoe sneller een kind geholpen kan worden. En niet onbelangrijk hoe snel een kind zelf zijn of haar leesprobleem een beter plek kan geven.
Er wordt met betrouwbare testen vastgesteld of er sprake is van een achterstand in lezen en spellen. Dit kunnen AVI-toetsen of andere testen zijn die bij de leesmethode horen. Hierbij wordt:
• zowel op nauwkeurigheid als op snelheid van woordherkenning getest
• vastgesteld dat dit niet komt door een algemeen leerprobleem, een taalstoornis of psychische stoornis
• gekeken naar de kenmerken van dyslexie die bij de meeste – maar niet noodzakelijk bij alle – leerlingen met dyslexie voorkomen.

Deze kenmerken kunnen zijn:
1. zwakke prestaties bij lezen en spellen
2. het trage moeizame leerproces doet zich alleen voor bij lezen en spellen en niet bij andere vakken
3. de leesproblemen doen zich voor bij het lezen van woorden en lettercombinaties
4. de verwerking van spraakklanken is verstoord / vertraagd
5. het snel achter elkaar benoemen van letters en cijfers is verstoord / vertraagd
6. visueel-orthografische woordherkenning (spellen) is onnauwkeurig / vertraagd
7. het koppelen van visueel-auditieve letter- / woordverwerking is verstoord / vertraagd
8. problemen met het verbale werkgeheugen.

Voor alle zekerheid: het gaat hier bij de genoemde visuele problemen niet om problemen met het zien, maar om problemen met de verwerking van visuele prikkels in de hersenen. Dus om de herkenning van letter- en woordvormen en om de koppeling tussen letter- en woordvormen met klanken in de hersenen.

Fonologische vaardigheden: Hoe leer je klanken herkennen?

Fonologische vaardigheden: Hoe leer je klanken herkennen?

Fonologisch bewustzijn is nodig om goed te leren praten.  Een goed fonologisch bewustzijn helpt kinderen rijmwoorden te herkennen en woorden te verdelen in klankgroepen (bijvoorbeeld kro-ko-dil).

Woorden kunnen worden opgedeeld in meerdere klankgroepen. Het klankbewustzijn is een belangrijke voorspeller voor het leren lezen.
Een klankgroep is niet hetzelfde als een lettergreep. Dit verschil wordt bij het woord potten duidelijk. Wanneer het woord wordt opgedeeld in lettergrepen, zie je pot-ten. Wanneer je luistert naar de verschillende klankgroepen in het woord, hoor je po-tten. Het opdelen van woorden in klankgroepen, dient als een voorbereiding op het latere lezen.

Een kind gaat herkennen welke klank vooraan of achteraan in een woord staat en leert het woord in klanken (fonemen) te verdelen (koek wordt k-oe-k) of uit fonemen samen te stellen (r-oo-s is roos). Om dit te kunnen moet een kind de afzonderlijke klanken niet alleen kunnen waarnemen en herkennen, maar het moet ze ook in de juiste volgorde kunnen onthouden. Dit noemen we het auditieve geheugen

Een ander woord voor spraakklank is foneem. Fonologisch bewustzijn is ´het vermogen om de betekenis van woorden te negeren en zich te concentreren op de klankenstructuur´ (Magnussen en Naucler, 1990). Als het gaat om het vermogen afzonderlijke klanken (fonemen) binnen gesproken woorden te horen, te herkennen en te manipuleren, spreken we over foneem bewustzijn ofwel klanken herkennen.  Om te kunnen leren lezen en spellen zijn goede fonologische vaardigheden nodig.

Kinderen met dyslexie hebben vaak moeite met fonologische vaardigheden. Maar wat zijn eigenlijk fonologische vaardigheden en hoe kun je helpen deze vaardigheden te ontwikkelen. Fonologische vaardigheden hebben te maken met het vermogen om klanken te herkennen en van elkaar te onderscheiden.
Kinderen met fonologische verwerkingsproblemen hebben moeite met bijv. ‘hakken en plakken’ of met het weglaten van een klank uit een woord. Een voorbeeld van een taak om deze fonologische vaardigheden te meten is een klank-weglatingstaak. Bijvoorbeeld ‘mand’ , laat de laatste letter weg, wat wordt het dan.

Spelletjes die kunnen helpen bij fonologische vaardigheden:

  • Rijmen: Door met rijmen en het manipuleren van klanken bezig te zijn, worden kinderen zich bewust van dat woorden uit klanken bestaan en dat er verschillen en overeenkomsten zijn tussen klanken
  • Identificeren wat de eerste klank is: Wat begint er met de M… muur
  • Hak en plak oefeningen. Jij zegt: “B-oo-m” een kind zegt boom
  • Letter bingo (Een kind schrijft een aantal letters op een blaadje). Nu kun je opdrachten geven zoals de middelste letter van teen. Een kind moet dan de ee aankruisen.
  • Dobbelstenen spel.  
    Op een paar dobbelstenen plak je letters. Gooi met de dobbelstenen en bedenk om de beurt een woord met de letter die je hebt gegooid. Je kunt dit ook met één of twee dobbelstenen doen. De middelste letter of de eerste en laatste letter. Voor kinderen die moeite hebben met het automatiseren en leren van klanken is dit een leuke ontspannende manier om te oefenen.
De Sint zorgt soms voor meer concentratieproblemen

De Sint zorgt soms voor meer concentratieproblemen

De Sint is weer in het land! Voor de meeste kinderen betekend dit extra spanning en meer prikkels. Ieder kind heeft wel eens moeite zich te concentreren en in deze periode zijn dat er vaak nog iets meer.

Een kind kan moeite hebben met zijn concentratie omdat het eigenlijk bezig is met andere dingen, zoals sinterklaas, maar ook een aankomende verjaardag of een ruzie met een vriendje.
Vaak is het gebrek aan concentratie ook het gevolg van een gebrek aan motivatie. Wanneer een kind niet veel zin heeft in een bepaalde opdracht, is het begrijpelijk dat het voor een kind moeilijker is zich om zich te concentreren. Daarnaast kunnen faalangst en onzekerheid ook leiden tot concentratieproblemen.

Prikkels

Het moeilijk kunnen concentreren heeft vaak te maken met de hoeveelheid prikkels die kinderen binnen krijgen. Bij de meeste mens werken de hersenen als een filter. Zo filter je automatisch de (vele) prikkels die op je afkomen en kun je je richten op datgene waar je op dat moment mee bezig bent of wat er op dat moment belangrijk is.
Er kunnen verschillende reden zijn (bijvoorbeeld ADD of Hoogsensitiviteit) waardoor filters niet goed werken. Alle informatie komt dus binnen (gedachten, geluiden, beelden etc.).

Wat kun je doen aan concentratieproblemen?

  • Creëer een rustige omgeving
    Een rustige omgeving zorgt ervoor dat een kind minder snel afgeleid word. Denk hierbij aan een opgeruimde ruimte en weinig geluid radio of televisie.
  • Zorg voor overzichtelijke situaties en zo min mogelijk prikkels
    De situatie moet voor een kind (met concentratieproblemen) overzichtelijk zijn. Kinderen die snel afgeleid zijn, reageren vaak op alles wat er om hen heen gebeurd. Als bijvoorbeeld overal om het kind heen speelgoed voor het grijpen ligt, zal een kind ook van alles gaan pakken.
  • Vraag niet meer van een kind dan hij of zij aan kan.
    Het is goed om je bewust je zijn van de verwachtingen die je van een kind hebt. Vindt jij bijvoorbeeld dat een kind aan tafel moet blijven zitten tot iedereen uitgegeten is, maar merk je dat dit keer op keer mis gaat? Vraag je dan af of deze eis reëel is. Een kind vind het zelf ook niet leuk als er veel strijd is, dus wellicht vindt een kind het te moeilijk om lang stil te zitten? Een oplossing in deze situatie zou bijvoorbeeld kunnen zijn dat het kind wél aan tafel blijft zitten, maar dat als het zijn/haar bord leeg heeft een spelletje aan tafel mag doen.
  • Geef complimenten als een kind zijn best doet
    Ook als je ziet dat een kind zijn/haar best doet en het lukt niet helemaal, kun je toch een compliment geven. Een kind heeft immers wél zijn best gedaan en door dat te benoemen stimuleer je een kind om dat een volgende keer weer te doen!
  • Als een kind een activiteit wél vol houdt, beloon een kind hier dan voor.
    Door belonen versterk je het zelfbeeld van een kind en dat draagt bij aan een goede ontwikkeling.
  • Zorg voor vaste structuur
    Kinderen met concentratieproblemen hebben behoefte aan veel duidelijkheid. Ze zijn over het algemeen snel afgeleid en er niet altijd bij met hun hoofd. Als ze weten waar zij aan toe zijn, zorgt dit voor rust. Structuur bieden is een breed begrip. Het betekent onder andere dat dingen op dezelfde manier gaan en/of op dezelfde volgorde. Bijvoorbeeld douchen, tanden poetsen, voorlezen, slapen. Veel kinderen vinden het prettig als zij een overzicht hebben van hoe hun dag (of week) gaat verlopen.