Ik hoor je wel, maar luister niet! Auditieve verwerkingsproblemen

Ik hoor je wel, maar luister niet! Auditieve verwerkingsproblemen

Auditieve functies worden vaak uitgelegd als “wat we doen met wat we horen”. Oftewel het verwerken van geluiden, klanken en spraak. Kinderen met auditieve verwerkingsproblemen hebben moeite met verschillende vaardigheden, benodigd voor het verstaan van mondelinge informatie, terwijl hun gehoor goed is.

Waar aan herken je problemen met auditieve verwerking

Voor veel ouders is het herkenbaar dat een kind niet luistert. Lekker doet waar hij zelf zin in heeft. Maar er kan soms sprake zijn van problemen met het verwerken van de informatie die een kind hoort. Er zijn verschillende kenmerken die kunnen duiden op auditieve verwerkingsproblemen:

  • vaak ‘huh’ of ‘wat zeg je?’ zeggen
  • slechthorend is en begeleiding wil voor spraak afzien
  • een achterstand in de spraak en/of taal heeft opgelopen door gehoorproblemen
    gedurende een langere tijd (bv. veel oorontstekingen)
  • mondelinge opdrachten moeizaam begrijpt
  • moeite om mondelinge informatie te onthouden
  • inadequate antwoorden geeft op vragen 
  • moeite heeft om de leerkracht te volgen in een rumoerige klas
  • meerdere mondelinge instructies moeilijk begrijpen
  • moeite heeft met het herhalen van mondelinge informatie in de juiste volgorde

Indien kinderen problemen ondervinden met de auditieve verwerking kunnen er op korte en lange termijn problemen in de ontwikkeling optreden. Wanneer dit probleem niet vroegtijdig wordt herkent kunnen er meer problemen ontstaan. Denk hierbij aan aan spraak- en/of taalproblemen of andere leerproblemen. Deze problemen komen vaak voor in combinatie met andere problemen, zoals slecht presteren op school (ondanks normale intelligentie). Problemen bij het vervullen van klassikale opdrachten, een korte aandachtsboog, snel afgeleid door geluiden of gebeurtenissen in de omgeving. En een slecht ontwikkeld besef van tijd.

Wat te doen bij auditieve verwerkingsproblemen

Een logopedist kan kinderen helpen die auditieve problemen ervaren. Er zijn daarnaast ook dingen die je zelf kunt doen.

  • Spreek duidelijk naar een kind en niet te snel;
  • Maak gebruik van een krachtige intonatie;
  • Benadruk de hoofdpunten, zo is de kans groter dat een kind het belangrijkste onthoud;
  • Breng structuur aan in activiteiten: als een kind weet wat er van hem verwacht wordt, kan hij in die situaties gemakkelijker anticiperen op mondelinge informatie;
  • Controleer of je boodschap is aangekomen, laat een kind in zijn eigen woorden herhalen wat je hebt gezegd;
  • Bespreek samen met een kind en de leerkracht wat de beste plek in de klas is.

Hoe leer je klanken herkennen

Wil je een kind stimuleren en motiveren? Werk aan een groei mindset!

Wil je een kind stimuleren en motiveren? Werk aan een groei mindset!

De term mindset (denkstijl) verwijst naar de overtuiging die kinderen hebben over hun intelligentie, kwaliteiten en talenten. Een fixed of vaste mindset belemmert ontwikkeling, terwijl een growth, of groeimindset zorgt voor motivatie, doorzettingsvermogen en zin om te leren. Daardoor geven ‘Fixers’ eerder op, vermijden ze uitdagingen en ervaren ze stress bij moeilijkheden. ‘Growers’ daarentegen staan meer open voor kritiek, zien het succes van anderen als inspiratie en proberen het vaker opnieuw.

De mindset van een kind veranderen is niet eenvoudig. Kinderen kunnen er erg mee zitten als ze fouten maken. ‘Ik kan het niet’ veranderen in ‘ik kan het nog niet’ is niet zo gemakkelijk voor sommige kinderen. Onze mindset is deels aangeboren, maar toch kun je deze als ouder beïnvloeden. Kinderen met een growth mindset – en volwassenen trouwens ook – zijn een stuk gelukkiger, effectiever en meer ontspannen.

Intrinsieke motivatie is belangrijk omdat het kind zelf verantwoordelijkheid neemt, een groei mindset

Hoe ontwikkel je een groei mindset bij je kind?

Het ontwikkelen van een groei mindset gaat niet van de een op andere dag. Neem er de tijd voor. Deze oefening komt uit het boek ‘De glimlach van een kind.

Praat in groeitermen over jezelf

Vertel kinderen verhalen over wat je zelf hebt geleerd. Wat kon je eerst niet, maar nu wel. Laat kinderen ook zien dat bij jouw ook niet alles in een keer lukt. Probeer dingen uit en laat je kinderen helpen.  Praat hardop tegen jezelf: ‘Volgende keer beter!’ ‘We hebben goed ons best gedaan, het geeft niet dat het niet is gelukt!’

Richt je op het proces in plaats van het resultaat

Help je kind te kijken naar het proces in plaats van het resultaat. Focus op de inspanning, het hard werken en oefenen
Om van een vaste naar een groei mindsite te komen, helpt het om de dag te evalueren. Stel een kind vragen over wat hij heeft gedaan en hoe hij zich voelt.
Heb je hard gewerkt, heb je jezelf uitgedaagd, ging je door toen het moeilijk werd en heb je iets nieuws geleerd vandaag.

Formuleer samen een compliment van de dag.  Vandaag ben ik er trots op dat ik…

Van moeilijke dingen groeien je hersenen! 

growth mindset

 

Hoe krijg je je puber in actie?

Hoe krijg je je puber in actie?

Hun kamer opruimen, huiswerk maken of de tafel dekken, het zijn van die dingen waar de meeste pubers niet echt warm voor lopen. Het kan soms veel strijd opleveren om ze elke dag weer in beweging te krijgen. Het is behoorlijk irritant als je een kind elke dag weer opnieuw moet herinneren aan het feit dat de vuile was echt in de wasmand thuishoort en niet ervoor of nog erger, in een hoek van de slaapkamer!  Wanneer je elke dag vraagt wanneer ze hun huiswerk gaan doen en als reactie een nors ‘Jaahaah, doe ik straks!’ terug krijgt. Hoe krijg je je luie puber nou wel achter Netflix of zijn telefoon vandaan. Hoe kun je pubers motiveren om in actie te komen?

Waarom zijn pubers lui?

Pubers lijken vaak lui, maar de waarheid is dat ze er niets aan kunnen doen. Het is de schuld van de hersenen. In de puberteit vinden namelijk de grootste veranderingen in de hersenen plaats. Met name in het gebied waar de plannings- en controlefuncties zitten. De ontwikkeling van de hersenen is een intensief proces wat al voor de geboorte van een kind begint en doorloopt tot ongeveer het 25ste levensjaar. Pas dan zijn de hersenen van een kind voldoende ontwikkeld om goed te kunnen plannen, anticiperen en de gevolgen voor de lange termijn te overzien. Met andere woorden,  je kind ziet de troep in zijn kamer niet en heeft weinig overzicht als het gaat om de planning van zijn huiswerk 

Dat wil niet zeggen dat je het allemaal moet laten en accepteren, er zijn wel degelijk dingen die je ze kunt bij brengen. 

Kamer opruimen, hoe kun je pubers motiveren?

De kamer van menig tiener is een grote puinhoop. Maak hier niet jouw probleem van, laat het bij je kind. Het is heel belangrijk dat hij zelf de voordelen gaat zien van het opruimen en deze ontdekt hij alleen door de nadelen te ervaren. Probeer ze daarom niet kun kamer op te laten ruimen en ga ook zelf niet aan de slag. Zijn hun schone keren op, dat is dan jammer. Zo leert je kind ze voortaan in de wasmand te stoppen. Het is makkelijker gezegd dan gedaan, maar het zal helpen. 

Je hoeft het natuurlijk niet zover te laten komen. Je kunt ook samen aan de slag gaan om eens in de zoveel tijd hun kamer op te ruimen. Dit kan ook nog best gezellig zijn.

Lees ook: 8 tips hoe je je puber het beste kunt motiveren

Persoonlijke hygiëne

Veel jongens ‘douchen’ in de puberteit het liefst alleen met deodorant.  Onder de douche gaan kost tijd en is maar gedoe.  Je kunt het erop aan laten komen en wachten tot een vriendjes er iets van zegt.  Maar in dit geval is het misschien beter om het gesprek aan te gaan. Vraag waarom hij niet wil douchen, en geef aan waarom jij het wel belangrijk vind. Mogelijk wil hij in de ochtend langer in bed liggen en is ’s avonds douchen een betere optie?
Door er een gesprek over te hebben en samen naar een oplossing te zoeken blijf je uit een machtsstrijd. Je laat hierdoor zien dat je je kind serieus neemt. 

Huiswerk (niet) maken

Aangezien het puberbrein niet in staat is om te plannen en het overzicht te bewaren, is een berg huiswerk vaak onoverkomelijk voor een puber. Ze zien vaak door de bomen het bos niet. Omdat ze niet weten waar te beginnen of hoe, doen sommige tieners helemaal niks. Je kind zal dan ook best blij zijn met jouw hulp, al zal hij dit misschien niet laten merken. Vraag gedurende de week hoe bepaalde dingen gaan, informeer of welke onderwerpen hij het leuks vind om te doen. 
Lukt het kind echt niet om zich tot zijn huiswerk te zetten, dan kun je ook een huiswerk instituut overwegen. Zo voorkom je strijd thuis en wordt er toch meer tijd besteed aan huiswerk.

Lees ook: 8 tips om pubers te motiveren hun best te doen op school

Schermtijd

Als er iets is waar pubers geen moeite mee hebben is het uren op hun telefoon zitten of gamen. Grote kans dat je er soms gek van wordt. In plaats van je er druk over te maken, kun je beter interesse tonen, om je zo beter te kunnen verplaatsen in de belevingswereld van je kind. Maak heldere afspraken over schermtijd.  Houdt je puber zich daar niet aan, dan is dit een teken dat hij de verantwoordelijkheid nog niet helemaal zelf kan dragen. Dit is heel normaal op deze leeftijd, maar het betekent dat je het dus wat meer moet controleren. Ga hierover het gesprek aan met je kind. Hoe duidelijker je bent hoe beter een tiener begrijpt wat er van hem verwacht wordt. 

 

Van moeilijke dingen doen groeien je hersenen

Van moeilijke dingen doen groeien je hersenen

Wie niet waagt, die niet wint. Van proberen kun je leren. Falen is een onderdeel van succes. Er zijn spreuken genoeg die ons erop wijzen: leren zonder fouten te maken bestaat niet. Waarom wordt fouten maken dan toch vaak gezien als iets negatiefs en niet iets om trots op te zijn.
Carol Dweck ontwikkelde de theorie van de growth mindset en de fixed mindset. Mensen met een growth mindset geloven echt in bovenstaande spreuken, mensen met de fixed mindset juist niet. Daar komt bij dat mensen met een growth mindset niet alleen fouten durven maken en daar van leren. Ze ontwikkelen ook meer zelfvertrouwen om aan nieuwe dingen te beginnen. Ze presteren beter dan mensen met een fixed mindset. Tevens kunnen ze beter omgaan met kritiek. Ze zien dit als een kans om te groeien.

Welke mindset iemand heeft wordt al in de kindertijd bepaald. Dit wordt vooral bepaald door de manier waarop volwassenen feedback en complimenten geven. Als je hoort: ‘je bent nou eenmaal niet zo goed in rekenen, maar jij kunt wel heel goed tekenen!’ is het niet vreemd dat je als kind gaat geloven dat je met vaststaande feiten te maken hebt. Niets in die uitspraak motiveert om ergens je best voor te gaan doen. Tekenen kun je al, en rekenen zal toch nooit iets worden.

Een growth mindset

Wij als volwassenen moeten ons ten eerste afvragen: welke mindset hebben wijzelf? Een mindset is niet in ons brein gegraveerd; die kan veranderen. Maar hoe langer je al met bepaalde overtuigingen rondloopt, hoe dieper ze zitten. Onze feedback zal passen bij onze eigen overtuigingen, dus als onszelf een fixed mindset is aangeleerd, zullen we heel bewust onze feedback op de growth mindset moeten aanpassen. Geloof je er zelf al wel in, dan zal het waarschijnlijk gemakkelijker zijn om op een goede manier feedback te geven.

Goede feedback is altijd gericht op het proces van groei, en nooit op de prestatie. ‘Wat een mooie tekening’ is al beter dan ‘Jij bent goed in tekenen’, maar het is nog beter als je eraan toevoegt ‘hoe heb jij die wolken zo mooi gekregen?’. Je legt dan de nadruk op het proces en de geleverde inspanning, in plaats van alleen op het resultaat. Maar nog mooier is het, om juist complimenten geven over iets waar een kind nog niet zo goed in is.

‘Wat heb jij goed je best gedaan bij de rekenles vandaag!’ is een compliment dat bij uitstek past bij de growth mindset. En als het kind vandaag 4 van de 10 sommen goed heeft terwijl dat er gister nog maar 2 waren, is dat ook een uitgelezen kans om te benadrukken dat je dingen kunt leren als je er je best voor doet. Vier die successen veel uitbundiger dan de successen die het kind aan kwamen waaien, want dat motiveert het kind om nieuwe uitdagingen aan te gaan. Ik heb een kind wel eens horen zeggen: ‘van moeilijke dingen doen groeien je hersenen!’. Mooier kan ik het niet verwoorden. Die komt er wel.

Rosanne Bos is leerkracht, gedragsspecialist en orthopedagoog. Met haar bedrijf Kind & Gedrag biedt zij bijscholing aan basisschoolteams en biedt zij (e-) consultancy aan ouders, scholen en onderwijsinstellingen. www.kindengedrag.nl

Lees meer over hoe je een growth mindset ontwikkelt bij je kind

Bewaar dit bericht op pinterest

Van Moeilijke Dingen

 

Krijg meer inzicht in de impulsiviteit van kinderen

Krijg meer inzicht in de impulsiviteit van kinderen

De meeste kinderen hebben momenten waarop ze handelen zonder na te denken.  Wanneer kinderen impulsief handelen, kunnen ze ten onrechte als onzorgvuldig, gemeen of onbeleefd worden bestempeld. Er zijn manieren om impulsiviteit van kinderen te beperken waar nodig! 

Hoe vaak heb je kinderen zien handelen zonder na te denken? Waarschijnlijk veel. De meeste kinderen hebben momenten waarop ze impulsief zijn en dingen zeggen of doen voordat ze zichzelf kunnen stoppen. Ze kunnen iets ongepast zeggen of na een bal op straat rennen zonder te kijken. Maar hoe zit het met kinderen die niet in staat lijken om de ‘mentale remmen’ op te zetten? Als je kind vaak mensen onderbreekt, dingen pakt en fysieke risico’s neemt, kun je je afvragen waarom dat gebeurt. Is het onvolwassenheid? Een verkeerde inschatting?  Of is je kind (te) impulsief?

Wat is impulsief gedrag?

Wanneer een kind af en toe impulsief is, is dat heel normaal, dit hoort bij alledaags kindergedrag. Maar als het vaak gebeurt, lijkt het wat het eigenlijk is: problemen met zelfbeheersing. 
Impulsiviteit uit zicht niet bij alle kinderen op dezelfde manier. En het gedrag kan veranderen naarmate kinderen ouder worden. Als kinderen impulsief zijn, kunnen ze:

  • Gek of ongepaste dingen doen om aandacht te vragen
  • Hebben ze problemen met het consequent volgen van regels
  • Zijn ze agressief tegenover andere kinderen (slaan, schoppen of bijten komt vaak voor bij jonge kinderen)
  • Hebben moeite om op hun beurt te wachten in gesprekken en games
  • Pakken dingen af van andere mensen of duw in de rij
  • Reageren heftig op frustratie, teleurstelling, fouten en kritiek
  • Willen het laatste woord en de eerste beurt hebben
  • Begrijpen niet hoe hun woorden of gedrag andere mensen beïnvloeden
  • Begrijpen de gevolgen van hun acties niet

Wat kan impulsiviteit van kinderen veroorzaken?

Kinderen kunnen om veel redenen impulsief zijn. Soms is het echt een kwestie van volwassenheid. Niet alle kinderen ontwikkelen zich in hetzelfde tempo, bij sommige kinderen duurt dit gewoon langer dan bij anderen, voordat ze kunnen stoppen en na denken voordat ze handelen.

Slaapgebrek kan ook reden zijn voor impulsief gedrag, net als stress en frustratie. Wanneer kinderen op school of in het dagelijks leven met iets worstelen, kan zich dit op verschillende manieren uiten. Jonge kinderen hebben niet altijd de woorden om te zeggen wat ze voelen. Ze weten soms niet eens exact waarom ze gestrest of gefrustreerd zijn.

Voor sommige kinderen kan er iets anders zijn dat de impulsiviteit veroorzaakt. Een van de meest voorkomende oorzaken van frequent impulsief gedrag is ADHD . 
ADHD maakt het moeilijk om intense gevoelens te bevatten, zoals woede en verdriet. Als kinderen met ADHD bijvoorbeeld boos worden, schoppen ze misschien tegen het meubilair of zeggen ze iets gemeens, in plaats van rustig te roken.

De geheimen van een ADHD brein

Er zijn ook psychische problemen, zoals fobieën en stemmingsstoornissen , die kunnen leiden tot impulsief gedrag bij kinderen.

Mensen oordelen vaak snel impulsieve gedrag van een kind.  Als een kind bijvoorbeeld een grove opmerking maakt, denken mensen snel dat dit onvriendelijk bedoelt is. Maar in veel gevallen, zoals bij ADHD, willen kinderen niet onbeleefd of agressief zijn. Ze hebben echter meer hulp en oefening nodig om na te denken voordat ze iets zeggen of doen. 

Hoe je kinderen kunt helpen impulsiviteit te beheren

Er zijn veel manieren om je kind te helpen. Een goede plek om te beginnen is om aantekeningen te maken over wat je thuis ziet. Het kan je een beter idee geven waarom je kind het misschien moeilijk heeft.
Impulsiviteit kan ook verband houden met frustratie.

Worstelen met impulsiviteit kan invloed hebben op hoe kinderen zich over zichzelf voelen. Leg je kind uit dat veel mensen deze uitdagingen hebben en dat zelfbeheersing kan verbeteren als je daar aan werkt. Praat over de sterke punten van een kind en vergeet niet om zelfs kleine overwinningen te vieren terwijl een kind aan zelfcontrole werkt.

Het verbeteren van zelfbeheersing kan ervoor zorgen dat kinderen zich beter over zichzelf voelen. 
Sommige kinderen kunnen het niet helpen impulsief te zijn, maar ze kunnen manieren leren om het te beheersen.

De stoplicht methode kan helpen om gedrag te veranderen

bron: understood.org

Wat als zelfbeheersing een probleem is voor kinderen

Wat als zelfbeheersing een probleem is voor kinderen

Het is belangrijk dat kinderen hun gedachten, acties en gevoelens kunnen beheersen. Om dat te doen, hebben ze zelfbeheersing nodig, een vaardigheid waarmee ze kunnen remmen en nadenken voordat ze handelen.  Zelfbeheersing maakt deel uit van een groep vaardigheden die de uitvoerende functie wordt genoemd. Kinderen ontwikkelen deze vaardigheden in de loop van de tijd. Er kan onderscheidt gemaakt worden in drie soorten zelfcontrole: impulscontrole, emotionele controle en bewegingscontrole.

Alle kinderen hebben momenten waarop ze impulsief handelen of overdreven emotioneel worden. Maar voor sommige kinderen is het een veel voorkomend probleem, ze kunnen worstelen met een of alle vormen van zelfbeheersing.
Lees meer over de drie soorten zelfbeheersing.

Impuls controle

Impulsbeheersing is het in staat zijn om te stoppen en na te denken alvorens te handelen. Met impulscontrole kunnen kinderen nadenken over de gevolgen voordat ze vooraan in de rij gaan staan of zonder te kijken de straat op rennen. Een kind met zelfbeheersing kan pauzeren, zich voorstellen wat er zou kunnen gebeuren – ik kan in de problemen komen of ik kan gewond raken- en een andere keuze maken.

Maar kinderen die niet zoveel zelfbeheersing hebben, denken vaak niet eerst na. Ze komen vaak in de problemen op school of thuis Het kan ook moeilijk voor ze zijn om vrienden te maken, omdat sommige andere kinderen hun onvoorspelbare gedrag misschien niet leuk vinden.

Zonder impulscontrole kunnen kinderen:

  • Dingen eruit flappen zonder na te denken
  • Snel handelen en zonder na te denken
  • Agressief handelen tegenover andere kinderen
  • Overdreven reageren als ze van streek zijn
  • Onderbreken veel, praat te veel of spreken voor hun beurt
  • Zijn vaak gehaast bezig

Emotionele controle

Emotionele controle is het vermogen om gevoelens te beheersen. Naarmate kinderen ouder worden, kunnen de meesten een kleine teleurstelling of kritiek aan en gaan ze verder. Ze worden niet afgeleid of overweldigd door hun gevoelens.
Maar kinderen die worstelen met emotionele controle, vinden het soms moeilijk om voorbij iets schokkends te komen. Dat kan al bij iets heel kleins zijn, zoals het verliezen van een spelletje of slecht het maken van een toets. Ze reageren overdreven en hun slechte humeur kan lang aanhouden.

Positieve emoties zijn voor sommige kinderen ook moeilijk te beheersen. Ze kunnen overenthousiast worden en moeite hebben om te kalmeren uit een gelukkige stemming.

Zonder emotionele controle kunnen kinderen:

  • Snel gefrustreerd raken en opgeven als dingen niet gaan zoals ze willen
  • Niet goed omgaan met kritiek
  • Het moeilijk hebben om te kalmeren om dingen gedaan te krijgen (zoals huiswerk)
  • Moeite hebben om het hoofd koel te houden wanneer iemand hen van streek maakt of irriteert
  • Overreageren op kleine teleurstellingen of uitdagingen
  • Hele grote of luide reacties hebben als je van streek of blij zijn

Bewegingscontrole

Bewegingscontrole is het vermogen om te bepalen hoe ons lichaam beweegt en wanneer. Dit soort zelfbeheersing helpt kinderen stil te zitten wanneer dat nodig is. Het helpt hen om uit de persoonlijke ruimte van andere mensen te blijven. Bewegingscontrole maakt het veel gemakkelijker om te doen wat er van hen wordt gevraagd, zoals een aan tafel zitten te eten of in de rij wachten.

Alle kinderen hebben op een gegeven moment moeite met bewegingscontrole. Het is moeilijk om stil te blijven zitten als je zo vol energie en opwinding bent. Maar de meeste kinderen ontgroeien die rusteloosheid na verloop van tijd. Als een kind blijft worstelen met bewegingsbeheersing, kan dit een teken zijn van hyperactiviteit

Zonder bewegingscontrole kunnen kinderen:

  • Overactief of rusteloos zijn
  • Spelen met hun handen of een figet
  • Moeite hebben om stil te zitten of in de rij te blijven
  • Spelletjes en gesprekken verstoren met hun bewegingen
  • Rennen en schreeuwen, zelfs als ze wordt gevraagd om te stoppen
  • Gaan staan en rond lopen terwijl de leraar praat
  • Zo snel bewegen dat ze tegen mensen of dingen aanbotsen.

Hoe kun je kinderen helpen meer zelfbeheersing te krijgen

  1. Geef van te voren aan wat je verwacht
    Laat kinderen weten wat ze in een situatie kunnen verwachten – en wat er van hen wordt verwacht.

  2. Help gevoelens te identificeren
    Wanneer kinderen gevoelens kunnen herkennen voordat ze uit de hand lopen, kan dit uitbarstingen helpen voorkomen. “Je was echt boos toen ik zei dat je het spel nu niet kon spelen.”

  3. Leer zinnen die zelfbeheersing opbouwen
    Geef kinderen taal om zelfbeheersing te tonen. Leer zinnen als ‘Ik wacht op mijn beurt’, ‘Ik kan het met je delen’ en ‘Ik zou het nu leuk vinden, maar ik wacht tot later’. Soms kan alleen al het zeggen van de woorden helpen om impulsief gedrag af te remmen.