**//sticky ads code//**
Wat hoogsensitieve kinderen vervelend vinden.

Wat hoogsensitieve kinderen vervelend vinden.

Soms kan een kind ineens boos, geïrriteerd of verdrietig worden om “niets” Of althans dat lijkt zo. Een hoogsensitief kind krijgt veel meer prikkels binnen en verwerkt deze ook diepgaander.  Hoogsensitieve kinderen krijgen dus veel binnen en denken daar diep over na. Ongeveer één op de vijf kinderen is hoogsensitief. Leren omgaan met deze gevoeligheid vermindert woedeaanvallen en huilbuien en versterkt het zelfvertrouwen. Er zijn een paar dingen die vrijwel alle hoogsensitieve kinderen vervelend vinden.

Onrecht

Op nummer één van wat hoogsensitieve kinderen vervelend vinden staat: onrecht. Het rechtvaardigheidsgevoel van een hoogsensitief kind is groot. Als iets oneerlijk gaat, dan onderneemt hij actie. Het maakt niet uit of dit hem zelf of andere aangaat.  Ze gaan in discussie als ze het niet eens zijn met een oneerlijke beslissing van ouder of de leerkracht. Als dit dan weggewuifd wordt, ze zich niet gehoord en begrepen voelt, ontvlamt dit in woede.

Onechte mensen

Gevoelige en empathische kinderen reageren sterk op hun omgeving en ze hebben het feilloos door als mensen niet echt zijn. Ze hebben echte en betekenisvolle relaties nodig met andere mensen en ze voelen zich helemaal niet prettig bij mensen die nep zijn. Kinderen klappen vaak dicht in de omgeving van deze mensen.

Een schoolreisje of sportdag

Alles gaat die dag anders. Geen herkenbare structuur, een ander dagritme. Niet de gebruikelijke lessen in de klas of pauzes waarin gegeten en gedronken wordt.  Iedereen is zo druk, duwen voortdurend, praten hardere dan normaal. Het verwerken van al deze nieuwe prikkels kost veel tijd. Tegen het eind van de dag, zijn kinderen vaak uitgeput en kunnen maar moeilijk van zo’n “leuke dag” genieten.

Spontane uitstapjes

Opeens ‘leuk’ op stap gaan, is iets Wat hoogsensitieve kinderen vervelend vinden. Het bekende dagritme wordt doorbroken.  Er is veel onduidelijk over wat er gaat gebeuren, wie er zijn, hoe de omgeving eruit ziet. Dit voelt voor een kind niet prettig, waardoor hij in de weerstand schiet. Een kind houd liever vast aan het bekende en voorspelbare.

Labeltjes en naden

Door hun gevoelige huid is elk kledinglabeltje of naad in een sok aanwezig en zit dit continu te kriebelen. Ook strakke kleding of ruwe stoffen worden regelmatig als vervelend ervaren.

Zand

De meeste kinderen vinden zand geweldig. Spelen in de zandbak of op het strand. Zand is echter iets wat hoogsensitieve kinderen vervelend vinden. Het zand plakt en kriebelt, komt in schoenen terecht en maakt kleren vies.

Meteen een keuze moeten nemen

“Wat wil je op je brood?”, is één van de meest gevreesde vragen, omdat papa of mama daar graag gelijk een antwoord op verwacht. Een keuze maken is lastig, omdat er zoveel consequenties zijn. Vruchtenhagel knoeit snel, pindakaas plakt in je mond en de jam heeft pitjes. Maar als ik nu iets zoets kies, mag ik dat vanmiddag niet meer. Voordat al deze aspecten zijn afgewogen, herinnert mama alweer aan de vraag, waardoor de irritatie stijgt en een keuze maken nog moeilijker is.

 

 

Hooggevoeligheid bespreken met de leerkracht.

Hooggevoeligheid bespreken met de leerkracht.

Als jou kind erg gevoelig is. Niet goed tegen lawaai en drukte kan dit heel vervelend zijn op school. Helaas kun je er niet altijd vanuit gaan dat de leerkracht op school weet wat dit inhoudt. Hoe maak je dit bespreekbaar en zorg je ervoor dat een leerkracht begrijpt wat hooggevoeligheid is?

Op school raakt een hooggevoelig kind eerder overprikkeld dan andere kinderen. Een kind krijgt op school veel prikkels binnen. Innerlijk ervaart een kind dit als spanning. Die spanning kan een kind uiten door te gaan huilen, angstig te worden, door zich terug te trekken of druk te worden. Begrip en goede begeleiding van de leerkracht zijn essentieel om een hooggevoelig kind te helpen op school.

Hoe kun je voorkomen dat een kind overprikkeld raakt in de klas?

  1. Inrichting van het klaslokaal:
    Hooggevoelige kinderen nemen vaak veel waar. Een druk ingericht klaslokaal waar iedere centimeter iets te zien is, voelt niet prettig.
  2. Plek in de klas:
    Zet een hooggevoelig kind niet vooraan of midden in de klas, het kind zal veel achterom kijken, om niets te hoeven missen van wat achter hem gebeurt. Een plek aan de rand van de groep biedt de mogelijkheid alles te overzien.
  3. Filter prikkels:
    Geluiden zijn prikkels die je grotendeels buiten kunt sluiten door een kind gehoorbeschermers te geven voor in de klas. Dit gebeurt al regelmatig op scholen. Een kind kan deze opzetten als hij zich moet concentreren of wanneer hij wil ontspannen door zich even af te sluiten.
  4. Aangesproken worden in de klas:
    Veel hooggevoelige kinderen ervaren hun leerkracht als streng. Dit kan komen door het volume van de stem. Vertel de leerkracht dat je kind snel schrikt van een verheven stem en daarom bang kan worden voor de reactie van docent. Vertel dat het goed werkt als je kind wordt aangesproken als er oogcontact wordt gemaakt en er rustig en langzaam wordt gesproken. Eerst glimlachen doet ook vaak wonderen!
  5. Verbonden voelen:
    Een hooggevoelig kind heeft, meer dan andere kinderen, behoefte aan het voelen van verbinding, zeker met een leerkracht die een kind vele uren per week meemaakt. Verbinding stelt een kind gerust en daarmee ontspant een kind. De leerkracht kan op allerlei simpele manieren even verbinding maken met een kind. Een aai over de bol, een glimlach, oogcontact, iets liefs zeggen of even naast het kind gaan zitten.
  6. Structuur bieden:
    Plotselinge of onaangekondigde veranderingen geven een hooggevoelig kind vaak veel stress. Het is een direct gevolg van het feit dat een kind meer zintuiglijk waarneemt dan andere kinderen. Er komt van alles tegelijkertijd binnen, teveel en dan ontstaat er stress. Een hooggevoelig kind is dus gebaat bij een leerkracht die veranderingen in de klas of uitjes van tevoren duidelijk bespreekt. Vertel de leerkracht ook dat je kind deze uitleg nodig heeft om te voorkomen dat hij overprikkeld raakt op het moment zelf.
  7. Zorg voor ontspanning:
    Om prikkels te kunnen verwerken, heeft een kind rust en ontspanning nodig. Als een kind overprikkeld raakt, lukt het ook niet meer goed om informatie op te nemen. Bespreek de mogelijkheden om vaste momenten van ontspanning in te bouwen.
Wat heeft prikkelgevoeligheid met een stoornis te maken?

Wat heeft prikkelgevoeligheid met een stoornis te maken?

Als moeder van een hooggevoelig en strong-willed meisje schrok ik me wezenloos, toen ze de diagnose ‘ADHD met autistische kenmerken’ opgelegd kreeg. We kregen het verzoek van de school van mijn dochter (5 jaar) om verder onderzoek te laten doen, omdat ze erg prikkelgevoelig is en moeite heeft met haar spraak..

Dat dit zou resulteren een diagnose: ADHD met autistische kenmerken (en een ernstige TOS) wekte een enorme weerstand in mij op. Hoe kan het zijn dat een kleuter van 5 deze diagnose krijgt, terwijl er mijn inziens helemaal geen sprake is van een stoornis, maar gewoon een simpele ondersteuningsbehoefte.

Tegenwoordig worden steeds meer jonge kinderen gediagnosticeerd met een psychiatrische stoornis. Dat klinkt heel zwaar en dat is het eigenlijk ook, want ADHD en ASS zijn vormen van een psychiatrische stoornis die zijn opgenomen in de DSMV; het diagnostisch manual dat wereldwijd gebruikt wordt door de psychiatrie.

Wanneer is iets een stoornis?

Je zou verwachten dat een kind dat een psychiatrische stoornis gediagnosticeerd krijgt thuis én op school grote problemen heeft. Echter, als je kind afwijkt van een gemiddeld kind op school, maar waar de thuissituatie geen significante problemen geeft, kan het toch deze diagnose kan krijgen. De belangrijkste reden hiervoor is dat het anders niet de juiste hulp op school kan krijgen.
Ik ben me daarom eens gaan verdiepen in de materie en kwam tot een verbazende (niet wetenschappelijk getoetste) conclusie

Wat is nu eigenlijk het ‘probleem’ of de ‘stoornis’?

Als ik me inlees in de ‘stoornissen’ die aan kinderen worden gegeven, valt mij één ding heel erg op en dat is dat bij bijna al deze ‘stoornissen’ de gevoeligheid voor (externe of interne) prikkels heel erg groot is. Iedere dag worden onze kinderen overvoerd met allerlei soorten ‘prikkels’, maar er wordt ze niet geleerd hoe ze hiermee om moeten gaan. In deze prikkelvolle maatschappij zou daar op school meer aandacht aan moeten worden besteed, zoals het geven van ontspanningsles.

Stoornis of spiegel?

Als we de ‘stoornis’ nu eens omdraaien… Houden deze kinderen ons niet een enorme spiegel voor? Zijn er in onze wereld niet veel teveel prikkels? Worden deze kinderen niet gewoon driftig en druk omdat ze continue overvoerd worden door prikkels?
Mijn dochter is een hooggevoelig meisje met een sterke wil, ook wel hooggevoelig en strong-willed genoemd. Ze heeft geen psychische stoornis, maar is gewoon een kleuter. Een kleuter die zichzelf probeert te beschermen door zich af te sluiten als ze teveel prikkels binnenkrijgt. Of daar heel druk door kan worden en soms zelfs een woedeaanval kan krijgen. In plaats van te kijken hoe zij alle prikkels moet verwerken, leert ze ons een hele grote les; de wereld is voor veel kinderen (en volwassenen) té prikkelvol.

Vanwege mijn hoogsensitiviteit is ons leven al heel erg ingericht op rust en structuur. Onze weekenden brengen wij graag met elkaar door en afspraken worden zorgvuldig gepland. Uitjes plannen wij nooit op een zondag want dan moet ze veel teveel prikkels verwerken terwijl de juf verwacht dat ze oplet op maandag. Ze is 5 jaar en moet dus naar school; thuisblijven voor prikkelverwerking mag in principe niet.

Balans

In onze prikkelvolle prestatiemaatschappij kampen veel mensen met een burn-out. De balans tussen draaglast en draagkracht is weg; Alles dient altijd meer te worden. ‘Stilstand is achteruitgang’ zegt men. Maar misschien moeten we juist wat vaker stil zijn. In de stilte verwerk je. Even een pas op je plaats maken en daarna weer rustig doorgaan. Dit zou eigenlijk een vast onderdeel moeten zijn van een schooldag; ontspanning.

Hoe ontspan je eigenlijk? Welke manieren om te ontspannen zijn er? Misschien komen veel prikkelgevoelige kinderen dan niet zo overprikkeld thuis, waar overprikkeling zich vaak uit in woedeaanvallen, driftbuien en slecht slapen en de volgende dag moeten ze gewoon weer door naar nog een prikkelvolle dag.

Maar om leren gaan met prikkels is niet alleen nodig op school, maar wij als ouders hebben hier ook een enorme verantwoordelijkheid in. We grijpen zelf ook te vaak naar de smartphone. Ik betrap mezelf er regelmatig op om nog even een appje te beantwoorden, terwijl mijn dochter al meerdere malen iets aan me heeft gevraagd. Dat is niet goed, want ik ben haar voorbeeld. Wat leer ik haar op deze manier? Daarom gaat mijn smartfoon nu uit als zij thuis is, want ik ben haar voorbeeld en zij is mijn spiegel.

Hooggevoelige kinderen beter begrijpen

Hooggevoelige kinderen beter begrijpen

Een hoogsensitief of hooggevoelig kind neemt meer en intenser waar dan andere kinderen. Hooggevoelige kinderen kunnen omschreven worden als kinderen die binnenkomende prikkels “ minder filteren “ dan anderen kinderen.

Het zenuwstelsel van hooggevoelige kinderen werkt bijzonder goed en intensief. Voor niet hooggevoelige personen komt het hooggevoelig kind vaak over als een aansteller of een zeurpiet. Het is belangrijk dat deze kinderen begrepen worden. We willen daarom stil staan bij de relevante kenmerken van een hooggevoelig kind.

Oog voor detail

Hooggevoelige kinderen hebben een oog voor detail. Ze merken meer op van wat er om hen heen gebeurt, dan andere kinderen. Ze voelen dingen sneller aan, ze zijn zich sterk bewust van andermans gevoelens. Ze zijn zorgzaam en empatisch.

Kinderen die hooggevoelig zijn,  denken meer na over wat ze zien en horen. Dit kan ervoor zorgen dat ze veel zitten te piekeren over waarom een kind een ander kind pestte of sociale dilemma’s. Een kind kan dan ‘faalangstig reageren’ doordat hij teveel prikkels ervaart.
Onderstaand filmpje illustreert hoe een kind te veel prikkels kan ervaren.

Fantasie

Aan fantasie ontbreekt het vaak niet bij hooggevoelige kinderen. Ze hebben een sterke fantasie en ze zijn zeer gewetensvol voor hun leeftijd. Ze beginnen met praten en lopen op het normale tijdstip, maar het zindelijk worden of het opgeven van bepaalde gewoontes zoals duimzuigen of een knuffel beer overal mee naartoe nemen gebeurt vaak later. Hoogsensitieve kinderen denken dikwijls in beelden.

Diversiteit

Ondanks de algemene kenmerken kunnen hooggevoelige kinderen onderling sterk verschillen. Het ene kind voelt vooral stemmingen en emoties van anderen aan, terwijl het andere kind zich erg bewust is van het onrecht in de wereld.
Er kan onderscheid worden gemaakt in vier categorieën van hooggevoeligheid.

  • Lichamelijk: het fysieke lichaam, inclusief de zintuigen.
  • Emotioneel: gevoelens en de omgang met anderen
  • Mentaal: denken, leren en informatieverwerking
  • Spiritueel: het besef van een zingevende context, eventueel vallend buiten de grenzen van het direct waarneembare

Op school

Wanneer een hooggevoelig kind zich veilig voelt in de klas en het onderwijssysteem aansluit bij hun leersysteem, is vaak sprake van een goede, vlotte en leergierige kind. Voelt een kind zich echter onveilig of sluit het onderwijs niet aan bij hun vaak visuele leersysteem, dan komt er vaak niet uit wat erin zit, zijn ze onzeker of lijken ze ongeïnteresseerd.

 

Een hooggevoelig kind dat prikkels opzoekt: waarom?

Een hooggevoelig kind dat prikkels opzoekt: waarom?

Hooggevoelige kinderen verschillen in de mate waarin ze gevoelig zijn en ook in de mate waarin ze wilskrachtig zijn. Een kind dat in hoge mate wilskrachtig is, wordt ook wel strong-willed genoemd. In de literatuur wordt gesproken over de high sensation seeker (hss) of sensatiezoekers.

Uit onderzoek blijkt dat 30% van de hooggevoelige mensen ook een grote wilskracht heeft,  sensatie zoekers zijn. De overige 70% van de hooggevoelige mensen zijn rustzoekers.

Hoe valt het te rijmen dat een kind wat niet goed tegen prikkels kan, deze zelf op zoekt. Aan de ene kant is een kind gevoelig voor labels in zijn kleding en schrikt van de strenge woorden van de juf. Aan de andere kant wil een kind van alles ondernemen en schreeuwt tegen anderen, alles om zijn zin te krijgen.

Hoe kan dit?

Om deze tegenstrijdigheid te begrijpen moeten we naar de persoonlijke eigenschappen van een kind kijken. Het probleem van een sensatie zoeker is dat hij vaak overprikkeld is, maar ook snel op dingen uitgekeken. Hij kan bruisen van de ideeën en een vol hoofd krijgen. Hij heeft regelmatig behoefte aan uitdaging en prikkels, want anders vindt hij het maar saai. Ook heeft hij behoefte aan rust en soms aan afzondering. Dit kan soms verwarrend voor hemzelf of anderen zijn.

Wanneer iemand strong willed is, heeft hij een sterk ‘innerlijk kompas’. Hij weet wat hij wel en niet wilt en wat hij moreel en ethisch goed vindt. Hij heeft een zeer sterk rechtvaardigheidsgevoel. Mensen die strong willed zijn doen daarom niet zomaar wat een ander zegt. Ze moeten er écht van overtuigd zijn. Veranderingen juichen ze ook niet toe, tenzij ze het zelf willen.

Als iemand extravert is, krijgt hij energie van contact met anderen. Introverte mensen laden zich juist op als ze alleen zijn. Extraverte mensen staan graag in het middelpunt van de belangstelling. Als iemand ook hoogsensitief is, komen alle prikkels uit die sociale contacten wel harder binnen. Daardoor raakt iemand makkelijk overprikkeld.

Opvoeding

Het opvoeden van hoogsensitieve kinderen met een sterke, vraagt soms veel van ouders. Vooral het dwingende karakter, de woedeaanvallen en de aandacht die het kind vraagt kosten veel energie. Extraverte kinderen lijken altijd wat te willen (van ouders). Ze zijn veelal zeer aanwezig en kunnen snel boos worden.

Extraverte hoogsensitieve kinderen hebben minder problemen in het afspreken met vriendjes. Hun zelfvertrouwen is vaak wat groter. Ze kunnen genieten van nieuwe dingen en gaan graag uitdagingen aan.

Je bent niet je gedrag!

Je bent niet je gedrag!

Het gedrag van een kind, zegt niets over wie het kind in werkelijkheid is.
Wel zegt het iets over de manier waarop een kind met prikkels en invloeden van buitenaf om gaat.

Hoe werkt dat precies?

Als een kind bijvoorbeeld (hoog) gevoelig is, dan heeft het een extra grote ‘antenne’ of ‘voelspriet’, waarmee het kind meer kan voelen dan anderen.
Zo kunnen (hoog) gevoelige kinderen sneller geprikkeld raken als ze samen met andere mensen zijn. Of als er dingen om hun heen gebeuren.
Doordat ze meer openstaan, kunnen al deze ‘prikkels’ een kind van binnen ‘raken’ en een bepaalde reactie bij het kind losmaken.
Deze reactie past niet altijd bij ‘wie het kind écht is’.
Een kind kan dus door de prikkels anders gaan reageren en zich ook anders gaan gedragen. Anders dan hoe hij of zij zich normaal zou gedragen.

Je bent niet je gedrag

Het is daarom handig om te weten, dat ‘het gedrag van een kind niets zegt over wie hij of zij werkelijk is’.Het gedrag is dus slechts een reactie op iets.

Wanneer een kind vaker geprikkeld is, dan lijkt het voor de mensen in zijn of haar omgeving, dat dit gedrag wel het normale gedrag van het kind is. En dat het kind ‘zo is’.
Er kan dan verwarring bij het kind ontstaan, omdat het geen passende reactie krijgt op wie hij of zij werkelijk is en wat het van binnen voelt.

Want mensen in de omgeving reageren vaak op het gedrag, dat ze ‘aan de buitenkant’ zien of meemaken. Ze begrijpen een kind niet altijd goed en gaan dan zelf ‘raden’ wat er met een kind zou kunnen zijn. Eigenlijk vaak zonder het ‘gewoon’ zelf aan een kind te vragen.
Ook kan een kind hierdoor een onnodig ‘etiket’ opgeplakt krijgen, als het bijvoorbeeld een situatie op school betreft.

Hoe kan jij hier als ouder of begeleider het beste mee omgaan?

Er is altijd een reden, waarom een kind zich op een bepaalde manier gedraagt.

Probeer eens samen met het kind na te gaan, op welk moment en in bijzijn van wie, zijn of haar gedrag verandert. Vaak kan een kind hier zelf ook een ‘gevoel’ bij benoemen, zoals dat iemand of iets fijn voor het kind voelt, of juist niet.

Het gevoel bij kinderen is vaak feilloos en daar mag je als ouder of begeleider echt op vertrouwen. Net als op je eigen gevoel als ouder.  Jij ‘kent’ je kind vaak het best en voelt hem of haar het beste aan. Welk ‘etiket’ anderen ook op het kind willen plakken!

Samen kunnen jullie wellicht tot meer waardevolle inzichten komen. Zoals bijvoorbeeld: voelt het kind misschien aan, dat iemand niet oprecht is? Of voelt het kind de energie van iemand, die (herhaaldelijk) niet lekker in zijn vel zit? Of dat de energie van een ruimte vaak niet goed voelt?

Afsluiten voor de energieën van anderen en afsluiten in bepaalde ruimtes kan heel waardevol zijn.

Een kind beter ‘zien’

Maar laten we vooral ook de kinderen beter gaan ‘zien’ en hen hierbij helpen.
En ons verdiepen in het waarom een kind zich op een bepaalde manier gedraagt. En wat hij of zij werkelijk nodig heeft in de begeleiding.

Als iets of iemand niet goed voor een kind voelt, dan zijn er vast andere oplossingen te bedenken. Anders dan het kind te (blijven) vertellen, dat het hier maar ‘gewoon mee om moet leren gaan’.

Enkele voorbeelden kunnen zijn: een andere groepje in de klas, een andere leerkracht of school, niet meer mee naar de verjaardag van iemand die niet goed voelt of niet meer naar een bepaald(e) clubgebouw of ruimte etc. Er zijn genoeg creatieve oplossingen samen met het kind te bedenken.

Want hoe minder prikkels, hoe fijner kinderen in hun vel komen te zitten. En kinderen meer hun ‘echte ik’ kunnen laten zien. Wij kunnen hier zelf de randvoorwaarden voor (helpen) scheppen, is dat niet mooi?

Succes : )

Barbara Veer