**//sticky ads code//**
Hooggevoelige kinderen beter begrijpen

Hooggevoelige kinderen beter begrijpen

Een hoogsensitief of hooggevoelig kind neemt meer en intenser waar dan andere kinderen. Hooggevoelige kinderen kunnen omschreven worden als kinderen die binnenkomende prikkels “ minder filteren “ dan anderen kinderen.

Het zenuwstelsel van hooggevoelige kinderen werkt bijzonder goed en intensief. Voor niet hooggevoelige personen komt het hooggevoelig kind vaak over als een aansteller of een zeurpiet. Het is belangrijk dat deze kinderen begrepen worden. We willen daarom stil staan bij de relevante kenmerken van een hooggevoelig kind.

Oog voor detail

Hooggevoelige kinderen hebben een oog voor detail. Ze merken meer op van wat er om hen heen gebeurt, dan andere kinderen. Ze voelen dingen sneller aan, ze zijn zich sterk bewust van andermans gevoelens. Ze zijn zorgzaam en empatisch.

Kinderen die hooggevoelig zijn,  denken meer na over wat ze zien en horen. Dit kan ervoor zorgen dat ze veel zitten te piekeren over waarom een kind een ander kind pestte of sociale dilemma’s. Een kind kan dan ‘faalangstig reageren’ doordat hij teveel prikkels ervaart.
Onderstaand filmpje illustreert hoe een kind te veel prikkels kan ervaren.

Fantasie

Aan fantasie ontbreekt het vaak niet bij hooggevoelige kinderen. Ze hebben een sterke fantasie en ze zijn zeer gewetensvol voor hun leeftijd. Ze beginnen met praten en lopen op het normale tijdstip, maar het zindelijk worden of het opgeven van bepaalde gewoontes zoals duimzuigen of een knuffel beer overal mee naartoe nemen gebeurt vaak later. Hoogsensitieve kinderen denken dikwijls in beelden.

Diversiteit

Ondanks de algemene kenmerken kunnen hooggevoelige kinderen onderling sterk verschillen. Het ene kind voelt vooral stemmingen en emoties van anderen aan, terwijl het andere kind zich erg bewust is van het onrecht in de wereld.
Er kan onderscheid worden gemaakt in vier categorieën van hooggevoeligheid.

  • Lichamelijk: het fysieke lichaam, inclusief de zintuigen.
  • Emotioneel: gevoelens en de omgang met anderen
  • Mentaal: denken, leren en informatieverwerking
  • Spiritueel: het besef van een zingevende context, eventueel vallend buiten de grenzen van het direct waarneembare

Op school

Wanneer een hooggevoelig kind zich veilig voelt in de klas en het onderwijssysteem aansluit bij hun leersysteem, is vaak sprake van een goede, vlotte en leergierige kind. Voelt een kind zich echter onveilig of sluit het onderwijs niet aan bij hun vaak visuele leersysteem, dan komt er vaak niet uit wat erin zit, zijn ze onzeker of lijken ze ongeïnteresseerd.

 

Overprikkeld op school!

Overprikkeld op school!

Je kind komt steeds vaker boos, verdrietig of moe uit school. Je vraagt hoe het was op school en krijgt als antwoord: saai of stom. De resultaten van je kind vallen wat tegen en hij vertoont teruggetrokken of juist explosief gedrag. Mogelijk is een kind overprikkeld! 

Je vraagt je af wat er aan de hand kan zijn?  Wat zou kunnen is dat je kind in meer of mindere mate hooggevoelig is.  Hooggevoelige kinderen horen, zien en voelen veel meer dan andere kinderen. Ze denken hier diep en associërend over na, beleven  indrukken zeer intens. Daarnaast hebben ze een voorkeur voor visuele informatieverwerking.  Veel van deze kinderen worden vaak onterecht gediagnosticeerd met gedragsstoornissen als AD(H)D en PDD-Nos.

Hooggevoelige kinderen staan op school vaak onder druk. Het is rumoerig in de klas en er gebeurt van alles. Deze prikkels komen allemaal binnen en ze hebben geen idee hoe ze de vele prikkels kunnen filteren. Met als gevolg dat een kind overprikkeld raakt. Daarnaast worden er van een kind ook bepaalde resultaten verwacht.

Tips om een overprikkeld kinderen te helpen:

  1. Zorg ervoor dat een kind een eigen veilige omgeving heeft waarin het zich kan terugtrekken. Een plek waar hij in alle rust kan bijkomen en alle emoties onbeperkt tot uiting kunnen komen. Onderbreek een kind niet tijdens deze fase, de grote druk gaat hierdoor van de ketel waardoor hij na die tijd beter in staat is om zijn gevoelens te verwoorden.
  2. Wordt niet boos, een kind raakt hierdoor nog meer van streek en loop je de kans dat een kind zich voor je afsluit en je er niet achter komt wat er in hem omgaat.
  3. Wees begripvol. Haal ervaringen van jezelf erbij om op die manier duidelijk te maken dat jij daar ook mee hebt gezeten en dat je die situatie ook heel moeilijk vond. Kinderen reageren vaak verbaasd en moeten er om lachen dat jij ook zoiets hebt meegemaakt. Dit breekt het ijs waardoor een kind open staat voor wat je wil vertellen. De tips die je vervolgens geeft komen nu beter binnen.
  4. Praat met de leerkracht om zo de juiste basisvoorwaarde in de klas te kunnen creëren, bijv juiste plek in de klas, extra ontspanningsmoment. Een (hooggevoelig) kind dat zich veilig en op zijn plekt voelt durft zichzelf te zijn en zijn talent te uiten en zal over het algemeen minder “probleem”gedrag vertonen.
  5. Ga aan het eind van de dag even bij een kind in bed liggen en vraag naar de leuke en minder leuke dingen van die er die dag. Hierdoor kun je uitbarstingen door opgekropte frustraties en emoties een stapje voor zijn.
Een hooggevoelig kind dat prikkels opzoekt: waarom?

Een hooggevoelig kind dat prikkels opzoekt: waarom?

Hooggevoelige kinderen verschillen in de mate waarin ze gevoelig zijn en ook in de mate waarin ze wilskrachtig zijn. Een kind dat in hoge mate wilskrachtig is, wordt ook wel strong-willed genoemd. In de literatuur wordt gesproken over de high sensation seeker (hss) of sensatiezoekers.

Uit onderzoek blijkt dat 30% van de hooggevoelige mensen ook een grote wilskracht heeft,  sensatie zoekers zijn. De overige 70% van de hooggevoelige mensen zijn rustzoekers.

Hoe valt het te rijmen dat een kind wat niet goed tegen prikkels kan, deze zelf op zoekt. Aan de ene kant is een kind gevoelig voor labels in zijn kleding en schrikt van de strenge woorden van de juf. Aan de andere kant wil een kind van alles ondernemen en schreeuwt tegen anderen, alles om zijn zin te krijgen.

Hoe kan dit?

Om deze tegenstrijdigheid te begrijpen moeten we naar de persoonlijke eigenschappen van een kind kijken. Het probleem van een sensatie zoeker is dat hij vaak overprikkeld is, maar ook snel op dingen uitgekeken. Hij kan bruisen van de ideeën en een vol hoofd krijgen. Hij heeft regelmatig behoefte aan uitdaging en prikkels, want anders vindt hij het maar saai. Ook heeft hij behoefte aan rust en soms aan afzondering. Dit kan soms verwarrend voor hemzelf of anderen zijn.

Wanneer iemand strong willed is, heeft hij een sterk ‘innerlijk kompas’. Hij weet wat hij wel en niet wilt en wat hij moreel en ethisch goed vindt. Hij heeft een zeer sterk rechtvaardigheidsgevoel. Mensen die strong willed zijn doen daarom niet zomaar wat een ander zegt. Ze moeten er écht van overtuigd zijn. Veranderingen juichen ze ook niet toe, tenzij ze het zelf willen.

Als iemand extravert is, krijgt hij energie van contact met anderen. Introverte mensen laden zich juist op als ze alleen zijn. Extraverte mensen staan graag in het middelpunt van de belangstelling. Als iemand ook hoogsensitief is, komen alle prikkels uit die sociale contacten wel harder binnen. Daardoor raakt iemand makkelijk overprikkeld.

Opvoeding

Het opvoeden van hoogsensitieve kinderen met een sterke, vraagt soms veel van ouders. Vooral het dwingende karakter, de woedeaanvallen en de aandacht die het kind vraagt kosten veel energie. Extraverte kinderen lijken altijd wat te willen (van ouders). Ze zijn veelal zeer aanwezig en kunnen snel boos worden.

Extraverte hoogsensitieve kinderen hebben minder problemen in het afspreken met vriendjes. Hun zelfvertrouwen is vaak wat groter. Ze kunnen genieten van nieuwe dingen en gaan graag uitdagingen aan.

Je bent niet je gedrag!

Je bent niet je gedrag!

Het gedrag van een kind, zegt niets over wie het kind in werkelijkheid is.
Wel zegt het iets over de manier waarop een kind met prikkels en invloeden van buitenaf om gaat.

Hoe werkt dat precies?

Als een kind bijvoorbeeld (hoog) gevoelig is, dan heeft het een extra grote ‘antenne’ of ‘voelspriet’, waarmee het kind meer kan voelen dan anderen.
Zo kunnen (hoog) gevoelige kinderen sneller geprikkeld raken als ze samen met andere mensen zijn. Of als er dingen om hun heen gebeuren.
Doordat ze meer openstaan, kunnen al deze ‘prikkels’ een kind van binnen ‘raken’ en een bepaalde reactie bij het kind losmaken.
Deze reactie past niet altijd bij ‘wie het kind écht is’.
Een kind kan dus door de prikkels anders gaan reageren en zich ook anders gaan gedragen. Anders dan hoe hij of zij zich normaal zou gedragen.

Je bent niet je gedrag

Het is daarom handig om te weten, dat ‘het gedrag van een kind niets zegt over wie hij of zij werkelijk is’.Het gedrag is dus slechts een reactie op iets.

Wanneer een kind vaker geprikkeld is, dan lijkt het voor de mensen in zijn of haar omgeving, dat dit gedrag wel het normale gedrag van het kind is. En dat het kind ‘zo is’.
Er kan dan verwarring bij het kind ontstaan, omdat het geen passende reactie krijgt op wie hij of zij werkelijk is en wat het van binnen voelt.

Want mensen in de omgeving reageren vaak op het gedrag, dat ze ‘aan de buitenkant’ zien of meemaken. Ze begrijpen een kind niet altijd goed en gaan dan zelf ‘raden’ wat er met een kind zou kunnen zijn. Eigenlijk vaak zonder het ‘gewoon’ zelf aan een kind te vragen.
Ook kan een kind hierdoor een onnodig ‘etiket’ opgeplakt krijgen, als het bijvoorbeeld een situatie op school betreft.

Hoe kan jij hier als ouder of begeleider het beste mee omgaan?

Er is altijd een reden, waarom een kind zich op een bepaalde manier gedraagt.

Probeer eens samen met het kind na te gaan, op welk moment en in bijzijn van wie, zijn of haar gedrag verandert. Vaak kan een kind hier zelf ook een ‘gevoel’ bij benoemen, zoals dat iemand of iets fijn voor het kind voelt, of juist niet.

Het gevoel bij kinderen is vaak feilloos en daar mag je als ouder of begeleider echt op vertrouwen. Net als op je eigen gevoel als ouder.  Jij ‘kent’ je kind vaak het best en voelt hem of haar het beste aan. Welk ‘etiket’ anderen ook op het kind willen plakken!

Samen kunnen jullie wellicht tot meer waardevolle inzichten komen. Zoals bijvoorbeeld: voelt het kind misschien aan, dat iemand niet oprecht is? Of voelt het kind de energie van iemand, die (herhaaldelijk) niet lekker in zijn vel zit? Of dat de energie van een ruimte vaak niet goed voelt?

Afsluiten voor de energieën van anderen en afsluiten in bepaalde ruimtes kan heel waardevol zijn.

Een kind beter ‘zien’

Maar laten we vooral ook de kinderen beter gaan ‘zien’ en hen hierbij helpen.
En ons verdiepen in het waarom een kind zich op een bepaalde manier gedraagt. En wat hij of zij werkelijk nodig heeft in de begeleiding.

Als iets of iemand niet goed voor een kind voelt, dan zijn er vast andere oplossingen te bedenken. Anders dan het kind te (blijven) vertellen, dat het hier maar ‘gewoon mee om moet leren gaan’.

Enkele voorbeelden kunnen zijn: een andere groepje in de klas, een andere leerkracht of school, niet meer mee naar de verjaardag van iemand die niet goed voelt of niet meer naar een bepaald(e) clubgebouw of ruimte etc. Er zijn genoeg creatieve oplossingen samen met het kind te bedenken.

Want hoe minder prikkels, hoe fijner kinderen in hun vel komen te zitten. En kinderen meer hun ‘echte ik’ kunnen laten zien. Wij kunnen hier zelf de randvoorwaarden voor (helpen) scheppen, is dat niet mooi?

Succes : )

Barbara Veer

 

Wat de manieren van prikkelverwerking je vertelt over het gedrag van kinderen

Wat de manieren van prikkelverwerking je vertelt over het gedrag van kinderen

Vandaag de dag krijgen kinderen vaak het label autisme of adhd, als ze iets drukker zijn dan gemiddeld of zich iets anders gedragen dan hun leeftijdsgenoten. Vaak heeft het gedrag van deze kinderen te maken met hun manier van prikkelverwerking. Kinderen zijn overprikkeld of juist onderprikkeld. Wanneer je met dit in je achterhoofd naar het gedrag van kinderen kijkt, brengt je dit veelal tot hele andere inzichten en betere mogelijkheden om een kind te helpen, daar waar nodig.

Het ene kind wat gevoelig is voor prikkels en indrukken, houdt van rust. Terwijl een ander kind juist constant stuitert, friemelt, praat en geen twee seconden kan stil zitten. Een kind wat gevoelig is voor prikkels, wil na een drukke dag op school, graag even alleen zijn om tot rust te komen. Een onderprikkeld kind klimt in bomen, springt op de trampoline om extra prikkels op te doen.

Verschillende manieren om te reageren op prikkels

Er zijn twee manieren waarop kinderen kunnen reageren wanneer ze over of onderprikkeld zijn. Dit kan op een actieve en passieve manier. In het boek “wiebelen en friemelen” wordt onderscheid gemaakt in vier verschillende “prikkeltypes

Onderprikkeld en actief (actief bezig om meer prikkels te krijgen)

Omdat er te weinig prikkels worden doorgegeven aan het bewustzijn, krijgt een kind geen signalen dat er iets aan de hand is of iets gebeuren moet. Een kind blijft daardoor wat slomer of slaperiger.

Een onderprikkeld actief kind gaat zelf op zoek naar extra prikkels. Die prikkels mogen van hem langer duren, harder zijn en vaker herhaald worden dan iemand met een gemiddelde zintuiglijke prikkelverwerking. Hij krijgt dus niet snel genoeg van prikkels; want prikkels ? véél prikkels ? zijn juist fijn!

Kenmerken van overprikkeld en actief zijn:
Druk, spontaan, uitbundig/chaotisch, vraagt veel aandacht, gaat maar door.
Een kind is altijd op zoek naar nieuwe ervaringen, houd niet van routines en regels. Hij is erg enthousiast en impulsief, verveelt zich snel. Een kind zit vaak te wiebelen of loopt van zijn plek.

Onderprikkeld en passief (niet bezig om meer prikkels te krijgen)

Omdat er te weinig prikkels doorgegeven worden aan het bewustzijn, krijgt een kind geen signalen dat er iets aan de hand is of iets gebeuren moet. Een kind wordt daardoor wat loom of dromerig .
Een onderprikkeld passief kind gaat niet zelf op zoek naar de extra prikkels die hij nodig heeft. Daardoor blijft hij slomer en mist hij informatie. Wanneer die prikkels wel op zijn pad komen, kan hij daarvan genieten.

Kenmerken van overprikkeld en passief zijn:
Flexibel en sloom, onverschillig, mist informatie, is moeilijk te bereiken
Een kind is vaak heel rustig en kan zich goed concentreren. Presteert goed onder druk, omdat hij daar niet veel van opmerkt. Lijkt soms ongeïnteresseerd, is geregeld traag en vergeetachtig. Droomt snel met zijn gedachte weg. Mist het overzicht om goed te kunnen plannen.

Overprikkeld en actief (is zichzelf aan het kalmeren)

Omdat er te veel prikkels doorgegeven worden aan het bewustzijn, wordt een kind overspoeld door prikkels. Het is daardoor lastig om de prikkels die op dat moment belangrijk zijn eruit te filteren.
Een overprikkeld actief kind probeert zelf de hoeveelheid prikkels in zijn omgeving te beïnvloeden, zodat hij niet de hele tijd overprikkeld raakt. Hij probeert onprettige prikkels te vermijden en zoekt prikkels op die hem kalmeren.

Kenmerken van een overprikkeld actief kind zijn:
Gestructureerd en besluitvaardig, met oog voor detail, snel gespannen, wil controle hebben
Een kind vindt het prettig om alleen te zijn. Hij vergeet niet snel iets, merkt alles op. Een kind is niet heel flexibel, hij bepaalt graag zelf hoe dingen gaan. Hij verzet zich tegen verandering en kan zeer emotioneel zijn.

Op school gaat een kind achter in de rij staan, als hij te veel prikkels ervaart, omdat het daar rustiger is. Of hij trekt zijn capuchon over zijn hoofd om minder last te hebben van de prikkels

Overprikkeld en passief (is zichzelf niet aan het kalmeren)

Omdat er te veel prikkels doorgegeven worden aan het bewustzijn, worden deze kinderen overspoeld door prikkels. Het is daardoor lastig om de prikkels die op dat moment belangrijk zijn er uit te filteren.
Een overprikkeld passieve kind is niet veel bezig om de hoeveelheid prikkels in zijn omgeving te beïnvloeden, waardoor hij regelmatig overprikkeld raakt.

Kenmerken van overprikkeld passief kind zijn:
Gevoelig, opmerkzaam, vindt rust prettig, nerveus, kan opeens overstuur raken
Een kind is zich heel bewust van zijn omgeving, heeft oog voor detail. Hij is snel afgeleid, is hyper en nerveus, hij schrikt van prikkels niet verwacht. Hij onthoudt wat mensen vertellen.

Bron: 7zintuigen

Een vervelend of hooggevoelig kind?

Een vervelend of hooggevoelig kind?

Iedereen kent in zijn omgeving wel van die kinderen die heftig reageren op dingen. Snel boos zijn of verwend gedrag vertonen. Wanneer je goed naar deze kinderen kijkt, kun je soms tot de ontdekking komen dat het gaat om hoogsensitieve kinderen (HSK).

Een hoogsensitief kind of hooggevoelig kind wordt vaak moeilijk begrepen door hun omgeving, zowel door leerkrachten als familieleden. Mensen die veelal niet van het bestaan van HSK weten.

Hooggevoelige kinderen hebben veel langer de tijd nodig om dingen te verwerken en te accepteren. Ook zijn hooggevoelige kinderen bij te veel verschillende activiteiten in een relatief korte tijd eerder vermoeid.  Hooggevoelige kinderen zijn erg sensitief voor indrukken. Ze ervaren niet alleen indrukken met hun zintuigen intensief, maar ook op sociaal gebied voelen ze veel aan.

Hoe herken je een hooggevoelig kind?

Al van jongs af aan zijn er signalen die kunnen duiden op hooggevoeligheid. Een kind wil bijvoorbeeld alleen maar in zijn eigen vertrouwde bed slapen of is snel van slag door harde geluiden, fel licht of drukke ruimtes? Een kind is tijdens het vieren van zijn of haar eerste verjaardagen zo van slag dat het wel weg wil kruipen.

Als korte omschrijving van hooggevoeligheid hanteert Elaine Aron, de grondlegster van het begrip HSP de volgende definitie: Hoogsensitieve personen zijn mensen die zijn geboren met de neiging veel dingen op te merken in hun omgeving en diep te reflecteren alvorens te handelen, in vergelijking met degenen die minder opmerken en snel en impulsief handelen.

Elaine Aron heeft een lijst gemaakt met 23 kenmerken, om te bepalen of een kind hoogsensitief is.

  1. Schrikt snel.
  2. Heeft last van kriebelende kleding, naden en merkjes.
  3. Houdt over het algemeen niet van grote verrassingen.
  4. Leert meer van vriendelijke correctie dan van strenge straf.
  5. Lijkt gedachten te kunnen lezen.
  6. Gebruikt moeilijke woorden voor zijn/haar leeftijd.
  7. Ruikt elk vreemde geurtje.
  8. Heeft scherpzinnig gevoel voor humor
  9. Lijkt erg intuïtief.
  10. Valt moeilijk in slaap na een opwindende dag.
  11. Heeft moeite met grote veranderingen.
  12. Wil zich verkleden als de kleding nat of zanderig is.
  13. Stelt veel vragen.
  14. Is een perfectionist.
  15. Heeft oog voor het verdriet van een ander.
  16. Houdt meer van rustige spelletjes.
  17. Stelt diepzinnige, beschouwende vragen.
  18. Is erg gevoelig voor pijn.
  19. Kan slecht tegen een luidruchtige omgeving.
  20. Heeft oog voor detail.
  21. Kijkt eerst of het veilig is alvorens ergens in te klimmen.
  22. Presteert het beste zonder vreemden erbij.
  23. Beleeft de dingen intensief.

Als je voor een kind dertien of meer vragen met ja beantwoordt hebt, is een kind hooggevoelig, aldus Aron.

Omgaan met een hooggevoelige kind

Een hooggevoelig kind op de juiste manier begeleiden is best lastig. Een kind kan door andere nog al eens gezien worden als een vervelend kind. Het gedrag wat door andere vaak als vervelend wordt ervaren is veelal een reactie op hetgeen gebeurt is of wat een kind is overkomen.  Een hooggevoelig kind is zelden degene die begint in een ruzie of onenigheid. Al wordt dit vaak anders ervaren, omdat hetgeen vooraf ging aan zijn reactie in de ogen van niet hooggevoelige mensen niet in verhouding staat tot de reactie.

Veel geduld tonen en op een rustige manier een kind proberen te kalmeren is heel belangrijk. Wanneer een kind aangeeft alleen te willen worden gelaten, om in alle rust te kunnen uitrazen, probeer er dan voor te zorgen dat een kind hier een plekje voor krijgt.

Overprikkelde hooggevoelige kinderen willen in eerste instantie vaak niet aangeraakt, dan wel getroost worden. Respecteer dit en wacht tot een kind rustiger is geworden.