**//sticky ads code//**
Heel slim, maar toch moeite met het automatiseren van tafels

Heel slim, maar toch moeite met het automatiseren van tafels

Veel kinderen hebben moeite met automatiseren. Dit zegt niks over de intelligentie van kinderen. Ook veel hoogbegaafde kinderen hebben een probleem met automatiseren. Bijvoorbeeld bij het leren van de tafels of de spelling van woorden. Bij hoogbegaafde kinderen komt dit doordat de hersenen (cortex) van hoogbegaafden een andere ontwikkeling doormaken dan die van niet-hoogbegaafden. Het curriculum op scholen is echter afgestemd op de normale hersenontwikkeling.

Vanaf groep 3 is de wijze van functioneren van de cortex van belang voor het automatiseren van aangeboden informatie. Gemiddeld begaafden kunnen op deze leeftijd prima informatie automatiseren. Hoogbegaafde kinderen hebben hier moeite mee. Hun cortex ontwikkelt zich anders waardoor op jonge leeftijd automatiseren lastig is. Een hoogbegaafd kind zal de tafels en spellingsregels wel toepassen maar niet automatiseren. Alles wat afwijkt van de regel, bijvoorbeeld bij spelling, kan dan tot grote frustratie en irritatie leiden.

Wijze van leren

Hoogbegaafde kinderen hebben al vanaf zeer jong een bewust denkniveau. Als baby is dit al zichtbaar. Wanner een baby een speeltje wil pakken, blijft jij dit vaak eindeloos proberen, door met zijn armpjes in die richting maaien tot hij het toevallig een keer te pakken heeft. Ook andere vaardigheden gaan bij deze kinderen via een proces van ‘trial and error’. Een hoogbegaafde baby heeft al na een paar pogingen door dat het zo niet lukt om het speeltje te pakken en gaat daar over nadenken en gaat het speeltje pas pakken als het probleem is opgelost.

Hoogbegaafde kinderen analyseren eerst en doen het  daarna in één of twee keer goed. Bij de meeste taken werkt dit heel goed en is deze strategie succesvol. Dit ligt lastiger bij het aanleren van motorische vaardigheden en bij het automatiseren van kennis. De essentie ligt hier namelijk in het voortdurend herhalen van de acties, waardoor de vaardigheid eigen worden gemaakt. 
Bewust nadenkwerk geeft hier niet dezelfde resultaten. Daarom zijn deze kinderen soms bang om te fietsen, willen ze niet naar zwemles, een muziekinstrument bespelen of hun veters strikken. De faalervaringen die ze bewust meekrijgen tijdens het oefenen geven hen enorm veel stress én de overtuiging dat het ze nooit zal lukken. Ze kunnen immers geen strategie bedenken waardoor het in één keer goed gaat, zoals ze bij andere vaardigheden gewend zijn.

Bij het automatiseren van tafels komt hier nog bij dat deze kinderen vaak snel genoeg kunnen rekenen om het gebrek aan automatisering te kunnen verbloemen. Ze kunnen snel genoeg rekenen om het antwoord op tijd te geven. Het valt dus vaak niet op dat ze de tafels niet kennen. Ze kunnen dit best lang volhouden tot de de sommen zo ingewikkeld worden of er zoveel vaardigheden gecombineerd moeten worden dat ze alsnog vastlopen. Alleen wordt er dan op school al lang en breed verwacht dat ze de tafels kennen en wordt er geen aandacht meer besteed aan het aanleren van deze vaardigheid.

Tips

Om hoogbegaafde kinderen te leren automatiseren is het belangrijk om het bewuste denkproces te belemmeren, bijvoorbeeld door tijdens het automatiseren bewegingsoefeningen te doen, zoals een balletje omhoog gooien, touwtje springen of tekenen. Zo komt er ruimte voor het automatische proces. Probeer te voorkomen dat ze de sommen uitrekenen. 

Wat is een intelligentiekloof?

Wat is een intelligentiekloof?

Vergeetachtigheid, verstrooidheid, moeite met routinetaken, vaak boos of verdrietig, herken je dit in je kind? Chaotisch, moeite met nieuwe dingen en problemen met de groep. Gedrag dat er soms toe kan leiden dat een kind de “stempel” ADHD, Asperger of dyslexie krijgt, terwijl er ook sprake kan zijn van een verbaal performale kloof ook wel intelligentiekloof

Een intelligentie kloof betekent dat de verbale of non verbale intelligentie meer ontwikkeld is. Als de verbale intelligentie van een kind hoger is dan de performale raakt een kind vaak gefrustreerd.

Wat is verbale en performale intelligentie

Het verbale IQ zegt iets over het denken in woorden en het verbale geheugen. Onderdelen van verbale intelligentie zijn onder andere: abstract redeneren, algemene kennis, rekenkundig inzicht en geheugen. Veel begaafden hebben een hoog verbaal IQ: ze zijn taalgevoelig, denken snel, hebben een ruime woordenschat. De verbale intelligentie is een aardige voorspeller voor schoolresultaten.

Het performale IQ geeft aan hoe groot het handelend vermogen van een kind is. Hieronder valt bijvoorbeeld ook ruimtelijk inzicht, het plannen en de fijne motoriek.

Welke problemen ondervindt een kind door een intelligentiekloof?

Het niveau van denken en redeneren in taal ligt hoger dan het praktisch handelen. Dit verschil kan soms een hoop frustratie en teleurstelling geven. Een kind is namelijk in staat de plannen die hij maakt op zeer hoog niveau uit te denken en te verwoorden. Wanneer hij deze plannen tot uitvoering wil brengen, is hij teleurgesteld in het resultaat omdat het er anders uit komt te zien dan hij in gedachten had of omdat het hem veel tijd kost om tot een oplossing te komen. Dit geeft een kind het gevoel dat hij faalt. Ook bij instructie kunnen er problemen ontstaan, omdat een kind in zijn hoofd minder snel een koppeling kan leggen met handelen. Een kind heeft vaak de neiging om nieuwe situaties uit de weg te gaan en deze pas aan te gaan als hij zeker weet dat hij het beheerst en hij kan beredeneren hoe het in elkaar zit.

Tips om kinderen met een intelligentiekloof te helpen

  • Maak gebruik van pictogrammen voor dagelijkse taken. Doordat een kind ziet wat hij moet doen, kan hij taken makkelijker uitvoeren. Bekijk ons review van de checkpad
  • Geef structuur door bijvoorbeeld gebruik te maken van een planbord. Een kind weet dan wat hij wanneer moet doen of wat er gaat gebeuren.
  • Begeleiding bij uitvoeren van taken.
    Wanneer een kind verbaal sterk is, zorg dan voor voldoende uitdaging op verbaal vlak (rekenen, taal, geheugen), maar bied hulp bij het aanbrengen van structuur en plannen van hun werk.
  • Aanmoediging
    Hoog intelligente kinderen kunnen gefrustreerd raken doordat dingen niet lukken. Een kind is dan gebaat bij aanmoediging en positieve feedback, waarbij de nadruk ligt op het leerproces in plaats van op het eindresultaat.

 

Onderpresteren, wat is dat eigenlijk?

Onderpresteren, wat is dat eigenlijk?

Als een kind minder goede resultaten haalt op school, is dit op zich helemaal niet erg. Er kunnen echter verschillende oorzaken zijn waarom een kind minder presteert.  Het kan natuurlijk zo zijn dat je een kind toch wat overschat. Of dat een leerprobleem er voor zorgt dat hij meer moeite heeft met de te leren stof. Een andere mogelijkheid is onderpresteren!

Nu wil elke ouder natuurlijk graag geloven dat als zijn kind minder goede resultaten haalt dat er sprake is van onderpresteren. Onze eigen kinderen vinden we over het algemeen toch vaak heel pienter en creatief. Wanneer is er sprake van onderpresteren en wat kun je hier aandoen?

Soorten onderpresteerders

Er kan onderscheid worden gemaakt in twee soorten van onderpresteren:

  • Relatief onderpresteren
    Een kind doet het minder goed dan van hem zou mogen worden verwacht, gezien zijn capaciteit. Hij valt niet zo erg op, omdat hij gemiddeld presteert ten opzicht van klasgenoten.
  • Absoluut onderpresteren
    Een kind doet het minder dan “normaal” is voor zijn leeftijd. Dit zie je vaak bij kinderen die het om de één of andere reden opgeven of de motivatie niet (meer) hebben om te laten zien wat ze kunnen.

Het is goed om je te realiseren dat onderpresteren géén privilege is van hoogbegaafden, elk kind kan onderpresteren.

Oorzaken van onderpresteren

Onderpresteren is een probleem dat je niet even makkelijk en snel kunt oplossen. Onderpresteren begint vaak al op jonge leeftijd. Zo zijn hoogbegaafden vaak gewend om zich aan te passen aan hun omgeving. Dit kan een patroon worden wat je niet gemakkelijk doorbreekt.

Verschillende oorzaken waarom kinderen gaan onderpresteren zijn:

  • Aanpassingsgedrag, als een kind niet wil opvallen tussen zijn klasgenoten, dan kan onderpresteren als verdedigingsmechanisme ingezet worden. Dit doet hij om geen uitzondering te zijn en geaccepteerd te worden door de groep.
  • Gebrek aan faalervaringen, hierdoor ontwikkelt een kind geen doorzettingsvermogen of raakt in paniek als iets niet in één keer goed gaat.
  • Gebrek aan uitdaging, bijvoorbeeld als een kind lange tijd onder zijn niveau werkt. Hij raakt hierdoor verveeld.
  • Gebrek aan motivatie, bijvoorbeeld als gevolg van te weinig uitdaging in de opdrachten

Gevolgen van onderpresteren

Vaak krijgen onderpresteerders een verkeerd of negatief zelfbeeld. Een kind ervaart dat het niet aan de verwachtingen voldoet. Hij voelt zich een kneus of mislukkeling, omdat hij anderen teleurstelt. Als het zelfbeeld niet verbetert kan een kind depressief, angstig of faalangstig worden.

Wat te doen bij een vermoeden van onderpresteren.

De basis voor de oplossing is een goede relatie tussen ouder, kind en leerkracht. Zorg ervoor dat een kind zich gewaardeerd voelt, voelt dat hij er mag zijn en dat hij er toe doet. Zowel thuis als op school.

  • Leg uit waarom hij iets moeten leren.
  • Bied een kind verrijkingsstof aan. Dit kan een vreemde taal zijn. Een kind moet (weer) leren leren.
  • Leer een kind denken, bijvoorbeeld door iets van denksport of programmeer les
  • Leer een kind fouten te durven maken.
  • Geef positieve feedback

 

ADHD en hoogbegaafdheid

ADHD en hoogbegaafdheid

ADHD en hoogbegaafdheid gaan vaak samen, al is het niet het niet zo dat iedereen met ADHD ook hoogbegaafd is, of dat alle hoogbegaafden ook ADHD hebben. Het komt echter wel veel voor dat kinderen  zowel hoogbegaafd zijn als ADHD hebben. Dit vraagt om een goede begeleiding omdat het leven niet altijd even makkelijk is.

Hoogbegaafdheid en ADHD in hokjes

We denken in onze maatschappij vaak in hokjes, we vinden het prettig om overal een naam aan te geven. Of dit wenselijk is of niet, daar gaan we nu niet op in, maar het maakt het soms lastig om om ‘out of the box’ te denken. Wanneer een kind hoogbegaafd is en ADHD heeft is er sprake van twee aparte hokjes.

Deskundige of hulpverleners vinden het lastig om een hoogbegaafd kind met ADHD in een hokje te plaatsen, en hier ligt ook vaak het probleem. Het is namelijk zo dat veel symptomen van ADHD ook symptomen van hoogbegaafdheid zijn, en andersom uiteraard. Dit betekent dat, wanneer een kind beide heeft, het niet mogelijk is om de twee zaken te ontrafelen. Het is onmogelijk om te bepalen welke symptomen afkomstig zijn van de hoogbegaafdheid en welke symptomen toegeschreven kunnen worden aan ADHD.

Het is dan ook belangrijk dat de combinatie van hoogbegaafdheid met ADHD wordt gezien als één. Voor een goede begeleiding is het belangrijk dat de begeleider in beide is gespecialiseerd. Hoogbegaafdheid uit zich niet altijd zoals we dat zouden willen. De hoge creativiteit die gepaard gaat met hoogbegaafdheid kan zich soms uiten in chaotisch en druk gedrag.

Hoogbegaafdheid en ADHD kenmerken

Onderstaand een overzicht van een aantal specifieke kenmerken van een kind met ADHD en hoogbegaafdheid:

  • Heeft weinig geduld en is snel gefrustreerd  (een kort lontje).
  • Heeft concentratie problemen, is erg gemakkelijk afgeleid. Droomt bijvoorbeeld weg tijdens een gesprek.
  • Kan niet goed plannen of organiseren. Wil veel taken tegelijkertijd starten, maar maakt dit vervolgens vaak niet af of stelt dit uit.
  • Heeft moeite met veranderingen.
  • Hoog activiteitsniveau.
  • Heeft moeite met gezag.
  • Is (erg) impulsief

 

bron: zobegaafd

Tine’s nieuwe school

Tine’s nieuwe school

Kijk, daar loopt Tine. Tine is 8 en gaat sinds kort naar een nieuwe school. Niet dat ze verhuisd is of zo, maar haar ouders vonden dat haar oude school haar onvoldoende kon stimuleren. Tine is namelijk hoogbegaafd. Althans, dat heeft een test uitgewezen, want zelf heeft ze helemaal niet het idee dat ze slim is.

Integendeel, Tine vindt heel erg veel heel erg lastig. Zoals begrijpen wat de kinderen in haar klas bedoelen. Of direct antwoord geven als er iets gevraagd wordt. Tine vindt namelijk, dat er op heel veel vragen meer goede antwoorden zijn. En hoe weet ze dan, of ze het juiste goede antwoord kiest? Het kost toch even tijd om dat te bedenken. Maar anderen denken op zo’n moment, dat ze het antwoord niet weet. Of dat ze gewoon geen zin heeft om antwoord te geven. Zoals laatst, toen ze voor het eerst met haar nieuwe groep naar de gymles liep. “Vind jij gymles leuk?”, vroeg een meisje aan haar. Tine wist werkelijk niet wat ze moest zeggen. Want ze liep nu toch voor het eerst mee naar gym? Hoe kon ze dan weten of ze de gymles leuk zou vinden? Dan moest ze toch minstens één les gehad hebben! Dus had ze maar niets geantwoord. Het meisje had heel vreemd gekeken, misschien vond ze haar nu al niet leuk. De tranen sprongen Tine in de ogen. Daar had ze vaker last van, die rottranen…

Overstappen

Kijk, daar is juf Elze. Elze heeft goed nagedacht hoe ze Tine kan helpen wat makkelijker over te stappen. Geen grootse entree, want dan durft Tine vast helemaal niets te zeggen. Wel de klas alvast een beetje inlichten. Toen ze vertelde dat er een nieuw meisje zou komen, hebben ze het ook gehad over hoe je je kunt voelen als je ergens naar toe moet waar je niemand kent. De kinderen waren heel open. Sommigen vertelden dat ze dan een tijdje vooral rondkijken, anderen dat ze juist heel stoer gaan doen zodat iedereen denkt dat ze dat ook echt zijn. Iedereen wist weer, dat ze het superspannend vonden als ze in zo’n situatie kwamen. En ze hoorden van elkaar, dat niet iedereen daar hetzelfde op reageert.

Elze ziet Tine in de klas zitten, een tenger meisje met halflang haar, dat meestal voor het gezicht hangt. Alsof ze er eigenlijk niet wil zijn. Tine huilt vaak in de klas. Elze gaat dan naar Tine toe en benadrukt, dat ze altijd iets mag vragen als ze iets niet weet of kan. Elze heeft Tine in een groepje gezet met meisjes die veel oog hebben voor hun omgeving, en ze kiest werkvormen waarbij Tine voorlopig alleen maar in haar eigen groepje hoeft te praten. Ze vertelt Tine, dat vakken misschien anders gaan dan op haar vorige school. Ook vertelt ze, dat de resultaten helemaal niet zo belangrijk zijn nu, dat ze het veel belangrijker vindt dat Tine het fijn gaat vinden op school.

Niemand weet direct alles, je mag altijd vragen of dingen niet kunnen!

Tine voelt zich de eerste dagen helemaal niet fijn op school. Alles is nieuw en ze wordt doodmoe van steeds bedenken wat er van haar verwacht wordt. Gelukkig is de juf er. Steeds als de spannende gedachten als tranen naar buiten komen, komt de juf even naar haar toe. Maar de juf vindt haar niet zielig, ze zegt gewoon “niemand weet direct alles, je mag altijd vragen of dingen niet kunnen”. Ze heeft het nu al zo vaak gezegd, dat Tine het soms zelfs in haar hoofd hoort als de juf er niet bij is. Dat is best handig, want daardoor wordt het huilen ook minder.

En ook de meisjes in haar groepje zijn eigenlijk heel aardig, ze geven haar tenminste tijd om even na te denken als ze een vraag stellen. Niet altijd natuurlijk, maar ze kijken niet meer zo raar als ze even niks zegt. En Linne had haar zelfs gevraagd of ze samen met haar op juffendag iets wilde organiseren! Dat vond ze doodeng, maar toch had ze ja gezegd. Ze ging het proberen, want op deze school mag je tenslotte altijd iets niet kunnen…

Hoogbegaafd of  hoog intelligent?  Weet jij het verschil?

Hoogbegaafd of hoog intelligent? Weet jij het verschil?

Er wordt al snel gedacht dat iemand die intelligent is, hoogbegaafd is. Maar iemand die intelligent is, is eigenlijk hoogintelligent. Hoogbegaafden zijn ook intelligent, maar dat is niet het enige.

Hoogbegaafdheid is de aanleg om tot uitzonderlijke prestaties te komen. Hoogbegaafdheid is dus meer dan intelligentie, want dat is slechts de score uit een intelligentieonderzoek. Bij hoogbegaafden is sprake van een IQ boven de 130. Naast deze hoge intelligentie spelen ook persoonlijkheidsfactoren een rol, zoals creativiteit en doorzettingsvermogen.

Het verschil tussen hoogbegaafd en hoog intelligent

Een hoogintelligent kind snapt de aangeboden lesstof eerder, maar het blijft vaak wel rechtlijnig denken. Een hoogbegaafde blijft ‘verkeerde’ conclusies trekken, tenminste, zo lijkt het voor de rest, hij houdt er ‘vreemde’ denkbeelden op na.

Een hoogbegaafd kind wil ontdekken wat nog niet bekend is, en dan vooral onderwerpen die niet per se een vastgesteld begin of einde hebben. Hoogbegaafden gaan anders om met leeftijdsgenoten, dan hoog intelligente.

Zowel hoogbegaafde als hoog intelligente kinderen hebben een hoog IQ, de belangrijkste verschillen hebben we voor je opgesomd.

Hoog-intelligent Hoogbegaafd
Kent de antwoorden

Is ervaren in het van buiten leren

Heeft altijd vragen Is een groot gisser (probeert uit de context af te leiden)
Is geïnteresseerd in objectenIs een zeer nieuwsgierig onderzoeker
Is gefocust en oplettend in de lesIs zeer mentaal en fysiek betrokken, soms afwezig, wegdromend
Houdt van simpele logicaDrijft op complexiteit
Houdt van woordenHeeft vaak een ongewone, complexe woordenschat
Heeft goede ideeënHeeft flitsende, gekke en vreemde ideeën
Werkt hardProbeert en test uit
Beantwoordt de vragenDiscussieert in detail, is kritisch, bewerkt stellingen
Presteert bovengemiddeld in de klasKan bovengemiddeld, maar ook gemiddeld of beneden gemiddeld presteren
Luistert met interesseLaat sterke gevoelens en opinies zien
Leert gemakkelijkWeet het vaak al
6 tot 8 herhalingen nodig voor meesterschapMeesterschap na 1 tot 2 keer oefenen
Begrijpt ideeënOntwikkelt en bewerkt ideeën
Geniet van leeftijdgenotenPrefereert vaak ouder gezelschap
Begrijpt de bedoeling of betekenisOnderzoekt de toepassingen
Maakt zijn werk afStart projecten
Kopieert nauwkeurigCreëert nieuwe ontwerpen
Houdt van schoolGeniet van leren
TechnicusUitvinden
Is aandachtigIs een scherpe observator
Is tevreden over eigen leren/kunnenIs hoogst zelfkritisch

Bron: HIQ/John Irvine

Het verschil tussen hoogbegaafden en hoogintelligentie is duidelijk te merken op school. Maar ook in relaties met mensen onderling en thuis. Een hoog intelligent iemand wordt gezien als een slim, iemand die goede cijfers haalt. Terwijl een hoogbegaafd kind ook gezien kan worden als een ‘vreemd’ iemand, die zich wat afzondert van de groep.