**//sticky ads code//**
Sinterklaasgedichten voorlezen als je dyslectisch bent

Sinterklaasgedichten voorlezen als je dyslectisch bent

Op veel scholen is het traditie om vanaf groep 5 surprises te maken. Ontzettend leuk natuurlijk, maar daar hoort ook vaak een gedicht bij. En dit laatste is niet altijd leuk voor kinderen met dyslexie. Niet het maken van het gedicht, maar het voordragen ervan

Het voorlezen van een sinterklaas gedicht is voor veel kinderen met dyslexie lastig.  Alle ogen zijn op jou gericht en je wilt een gedicht zo mooi mogelijk voordragen. Geen fouten maken en op een juiste toon en met een correcte intonatie voorlezen. Zodat het gedicht er vloeiend en op rijm uitkomt.

Heeft jouw kind iemand getrokken met dyslexie of heeft jouw kind dyslexie, dan kunnen onderstaande tips helpen.

Tip 1: Maak het gedicht niet te lang

Wanneer je een gedicht moet maken voor iemand die niet graag lees houd, maak hem dan niet te lang. Houdt het gedicht overzichtelijk door het in coupletten op te delen. Stel je voor, je ziet tegen het lezen van een gedicht op. Je vouwt het blaadje open en je ziet dat het maar om drie coupletten van vier regels gaat. Pfoei, valt dat even mee! De drempel om het gedicht nu voor te lezen wordt zo een stuk lager.

Tip 2: Gebruik een overzichtelijk en een groter lettertype

Het is verleidelijk om een ‘gezellig’ lettertype te kiezen, waardoor het gedicht net wat meer lijkt op het handschrift van Sinterklaas. BlackadderICT en Lucida Handwriting zijn de favoriet van veel gedichtenschrijvers. Echter niet van kinderen die moeite hebben met lezen. Het ontcijferen van die lettertypes is veel vermoeiender dan het lezen van lettertypes als Verdana, of Arial. Kies ook voor een grote lettertype 14 bijvoorbeeld een ruime regelafstand.

Tip 3: Maak gebruik van ritme, rijm en korte zinnen

Net zoals kinderen makkelijker gedichtjes onthouden die rijmen en een eenvoudig ritme hebben, zo leest dat ook veel makkelijker. Je maakt het gedicht voorspelbaar, wat het lezen eenvoudiger maakt. Denk dan bijvoorbeeld aan het rijmschema AABB CCDD.

De sint zat te denken,
wat hij Fleur zou schenken.
Hij heeft gezocht in alle gaten en hoeken
om voor hem wat leuks uit te zoeken.

Tip 4: Kies voor een samenleesgedicht

Wil je toch wat meer vertellen of lastige woorden gebruiken om een punt te maken? Probeer dan eens een samenleesgedicht. Dit werkt hetzelfde als het principe van samenleesboeken. Je gebruikt grote letters voor de eenvoudige regels die het kind leest en kleine letters voor de lastige regels voor de volwassene of een ander kind. Zo maak je er een gezellig leesmoment van, waarbij het kind maar de helft voorleest en waarin je toch veel kwijt kunt!

Tip 5: Voorbereid

Laat een kind, die het moeilijk vindt om iets goed voor te dragen, het gedicht van te voren even rustig doorlezen. Of lees het samen even door. Vraag aan de ouder van het dyslectisch kind of hij dat fijn vindt. Ook kan de leerkracht een moment creëren door iedereen even wat rommel te laten opruimen van andere surprises. Dit geeft een kind de gelegenheid om het gedicht alvast even door te lezen. Voorlezen is veel minder eng als je weet wat er staat.

bron: marant

Zo haal je een dikke voldoende voor topografie | automatiseren

Zo haal je een dikke voldoende voor topografie | automatiseren

Vanaf groep 6 krijgen de meeste kinderen topografie. Ze krijgen veelal een niets zeggend kaartje mee naar huis met daarop wat stippen. Bijzonder hoe zo’n kaartje er naar al die jaren nog steeds zwart wit ziet en vaak onherkenbaar is. Maar daar gaat deze blog niet over. Hoe help je je kind om alle plaatsen te leren.

Veel kinderen hebben moeite om de plaatsnamen en provincies uit hun hoofd te leren. Als ouder heb je dan vaak een belangrijke rol om je kind aan een voldoende te helpen. Maar hoe doe je dat?

Met name kinderen met dyslexie hebben moeite om topografie te leren. Kinderen met dyslexie hebben moeite met automatiseren. Hierdoor is het lastig om feitenkennis te onthouden. De verschillende plaatsnamen zegt hen niets en ze hebben geen beeld bij woorden zoals ‘De Rijn’ of ‘Emmen’. Vaak lukt het wel om plaatsen in de buurt wel te onthouden. Deze namen hebben namelijk betekenis. Wanneer we na gaan denken over plaatsen en landen buiten Nederland wordt het lastig.

5 tips om je kind te helpen bij het leren van topografie

1. Maak plattegronden levendig

Maak de plattegrond levendig door gebruik te maken van kleuren. Geef bijvoorbeeld de rivieren een blauwe kleur en de provincies elk een eigen kleur. Dit maakt de plattegrond al duidelijker voor een kind.

2. Associaties

Kinderen hebben over het algemeen geen beeld bij plaatsen waar ze nog nooit zijn geweest. Zo kan je als ouder vertellen over de kaasmarkt in Alkmaar of er een filmpje over laten zien. Op deze manier krijgen deze steden meer betekenis en kunnen ze deze plaatsen beter onthouden. . Associaties kunnen ook worden gemaakt door te gaan rijmen op het woord of na te gaan waar je kind aan denkt bij deze plaatsnaam. Zoek daarbij naar verbanden. Bijvoorbeeld de stad Den Helder. Helder is lucht, lucht is boven en Den Helder ligt in het puntje van de provincie Noord-Holland. Let daarbij wel op dat de associaties gemaakt moeten worden door je kind. Als het voor je kind niet logisch blijft de naam minder goed hangen.

3. Reis maken

Maak een reis. Dit heeft deels te maken met tip 2, maar als ouder kan je goed ondersteunen door aan de hand van de te leren plaatsnamen of landen een verhaal te verzinnen. In het verhaal staat je reis door alle plaatsen centraal. Je gaat een verhaal verbinden aan de verschillende locaties. Op deze manier krijgen niet alleen de verschillende namen betekenis maar wordt de volgorde ook benadrukt.

4. Verdeel

Om alle plaatsen of gebieden goed te onthouden is het belangrijk het leerwerk te verdelen. Het werkt niet alles op een avond te willen leren. Verdeel de te leren plaatsen over verschillende dagen. Daarbij is een houvast om altijd te starten met wat je de vorige dag hebt geleerd als herhaling. Vervolgens voeg je er een paar plaatsen aan toe zodat je op de laatste dag alleen nog maar hoeft te herhalen.

5. Overhoren

De dag voor de toets neem je samen met je kind nog een keer alles door. Goed om te weten is dat bij kinderen met dyslexie eigenlijk nooit schrijffouten worden mee gerekend bij een topografietoets. Dat neemt in ieder geval de druk weg om alle plaatsen juist te leren schrijven. Het is toch ook geen spellingsles!

Hebben jullie zelf nog tips, deels ze dan in de comments.

bron studieus.nl

Vijf stappen om het zelfvertrouwen van jonge dyslectici te vergroten

Vijf stappen om het zelfvertrouwen van jonge dyslectici te vergroten

Kinderen met dyslexie hebben moeite met het leren lezen en schrijven. Dyslexie ontzegt veel kinderen de mogelijkheid om het plezier van lezen te ontdekken. Naarmate het leesvermogen van hun klasgenoten groeit, eindigen hun inspanningen vaak in frustratie en verdriet. Je kunt je veelal niet voorstellen dat deze kinderen ooit voor de lol zouden kunnen lezen. Hoewel veel dyslectici hun leesproblemen tijdens hun school carrière redelijk overwinnen, kan dit hun zelfvertrouwen levenslang beïnvloeden. Weinig zelfvertrouwen en dyslexie gaan vaak samen.

Hier zijn vijf stappen voor ouders om proactief te helpen het zelfvertrouwen van deze kinderen op jonge leeftijd te versterken:

Vroege diagnose

Zoals zoveel dingen in het leven, zijn uitdagingen gemakkelijker op te lossen terwijl ze klein en ingeperkt zijn. Let op voor de vroege tekenen van dyslexie en laat kinderen zo nodig testen. Op jonge leeftijd de juiste hulp krijgen helpt kinderen in hun ontwikkeling

Bouw op sterke punten

Begrijp en probeer kinderen dit te laten zien dat ze sterke en zwakke punten hebben. Richt je niet alleen op het verbeteren van de zwakke punten, zoals lezen, schrijven en spellen. Richt je vooral op hun sterke kanten. Kernkrachten zijn de sterkste weg naar zelfvertrouwen. Ze komen van nature en bloeien gemakkelijker.

Juiste stimulans

Prijs de inspanningen van kinderen, niet het resultaat. Het opbouwen van lees-, schrijf- en spellingsvaardigheden kan een lange reis zijn en een te grote focus op de resultaten kan een kind ontmoedigen.

Bevorder ontdekking

Moedig kinderen aan om hun passies te verkennen. Kunst, sport, ontwerpen zijn allemaal creatieve manieren om hun natuurlijke potentieel te benutten. Leren gebeurt gemakkelijker wanneer de hersenen bezig zijn en ze zich kundig voelen.

De juiste hulpmiddelen 

Zoals Albert Einstein, een beroemde dyslecticus, zegt: “Iedereen is geniaal. Maar als je een vis beoordeelt op zijn vermogen om in een boom te klimmen, zal hij zijn hele leven, leven in de overtuiging dat hij stom is. ”

Geef kinderen de juiste boeken om te lezen. Boeken op gemakkelijke leesniveau maar wel passend bij het niveau van hun ontwikkeling. Dergelijke boeken zullen de hele leeservaring positief beïnvloeden.  Maar ook voorlees programma’s en app’s kunnen helpen. Laat kinderen informatieve filmpjes kijken over onderwerpen die ze interessant vinden.

Hoe werkt een dyslectisch brein?

Hoe werkt een dyslectisch brein?

Wanneer je geen dyslexie hebt is het moeilijk om je voor te stellen wat het is om dyslexie te hebben. Om te begrijpen op welke manier je er last van kan hebben en op hoeveel verschillende vlakken dit doorwerkt. Door beter te begrijpen wat het is, kun je kinderen met dyslexie beter in hun kracht zetten.

Wat is dyslexie op het eerste gezicht

Bij dyslexie denken we vaak aan kinderen die moeite hebben met lezen en schrijven, die de b en d omdraaien of de p en q. Daar hebben veel dyslectici inderdaad moeite mee, maar dyslexie is meer dan dat.
Kinderen met dyslexie verwerken informatie in hun hersenen anders dan de meeste mensen.

kinderen met dyslexie denken anders. De meerderheid van de mensen denkt vooral met de linker hersenhelft, dyslectici denken vooral met hun rechter hersenhelft. Dat levert een andere denkwijze en leerstijl op, die vaak het conceptuele denken word genoemd.

Denken via vooral de rechterhersenhelft

Bij dyslectici is de rechterhersenhelft in het denken, in het verwerken van informatie, dominant. Dat betekent dat er een sterke voorkeur bestaat voor het denken via deze rechter-hersenhelft. Een kind met dyslexie, heeft vervolgens een zwakte voor het verwerken van taal. Net zoals andere kinderen bijvoorbeeld moeite hebben met tekenen, muziek of rekenen. Alleen valt dat vaak minder op in onze talige maatschappij.

Lees meer over de linker een rechterhersenhelft

Conceptueel denken

Wanneer iemand voor één van beide hersenhelften dominant is in het denken, ‘bepalen’ de eigenschappen van die hersenhelft de manier van informatie verwerken en de manier van leren.

Dominantie van de linkerhersenhelft in het denken, noemen wij lijndenken of lineair denken. Dominantie van de rechterhersenhelft in het denken, noemen wij conceptueel denken. Dit wordt ook wel beelddenken genoemd. Niet alle conceptueel denkers zijn dyslectisch, andersom geldt dat wel. Alle dyslectici zijn conceptueel denkers.  Veel conceptuele denkers zijn eveneens hooggevoelig.

Dit betekent overigens niet dat conceptueel denkers niet logisch kunnen denken, maar hun logica is wel anders.

Dyslectici vaker linkshandig!

Dyslectici zijn rechts dominant in het denken, net zoals velen ook met hun hand, voet, oog en oor rechts dominant zijn.
Linkshandigheid komt onder dyslectici echter vaker voor dan bij niet-dyslectici.

Een andere organisatie van de hersenen

Wanneer de hersenen van dyslectici worden onderzocht, wordt vaak gefocust op wat er in de linker hersenhelft anders gaat. En specifiek waarom drie gebiedjes niet in dezelfde mate geactiveerd worden zoals bij niet-dyslecticus

Dyslectische hersenen bevatten allemaal ver uit elkaar liggende neuronen en veroorzaken zo fysiek grotere hersencircuits. Zij zien daardoor het grotere geheel, zien sneller ongebruikelijke of verre verbanden, plaatsen dingen in de context van situaties. Ze herkennen sneller de essentie van dingen, maar zijn dus veel zwakker in de verwerking van fijne details en minder efficiënt in routinetaken.

bron: werkendyslexie.nl

 

Dyslexie als kans | benut de sterke kant van dyslexie!

Dyslexie als kans | benut de sterke kant van dyslexie!

Dyslexie wordt nog vaak geassocieerd met een gebrek. Je bent niet goed in lezen en schrijven. En degene die er iets bekender mee zijn weten ook dat automatiseren lastig gaat. Maar dyslexie is veel meer dan dat.

In het boek Dyslexie als een kans wordt uitgelegd hoe de hersenen van iemand met dyslexie werkt  en hoe je dit kan inzetten op een constructieve manier. Het boek laat zien hoe dyslectici cognitieve eigenschappen hebben die juist vele kansen bieden.

Dyslexie 2.0

Waar kinderen met dyslexie vroeger gewoon lui waren, wordt het tegenwoordig wel als een stoornis gezien. Wat op zich fijn is volgens Tamara Vreeken van de HOI Foundation. Want kinderen krijgen hierdoor hulp. Maar dyslexie wordt nog steeds vrij negatief gelabeld. Het wordt uitgelegd alsof het kind een probleem heeft.
Dyslexie is meer dan alleen een stoornis en dyslectische mensen hebben bepaalde vaardigheden die we juist heel goed kunnen gebruiken, met name in deze tijd.

Zelfvertrouwen

Vanuit de HOI foundation wil Tamara met haar collega Stephanie Raber kennis brengen over de dyslexie 2.0. Het is volgens haar belangrijk dat er instituten zijn die helpen met lezen en schrijven, maar je hebt met een grote groep kinderen te maken die problemen hebben met hun zelfvertrouwen. Zonder dat vertrouwen in jezelf is het lastig leren. En zo gaat er veel talent verloren.

Ze hebben een lesprogramma uit Amerika naar Nederland gehaald. Het programma richt zich op het verbeteren van het zelfvertrouwen bij dyslectische kinderen door te focussen op waar ze goed in zijn. De boodschap van het programma is om dyslexie als kans te zien.

Het programma richt zich op vier krachten, ook wel talenten, waarin dyslectische mensen in een of meerdere bovengemiddeld goed zijn. De STER krachten:

  • S | samenhangende denkvaardigheid: het vermogen om belangrijke, nieuwe verbanden te ontdekken tussen verschillende vormen van informatie.
  • T | tijdgerichte denkvaardigheid: is het vermogen om patronen in de wereld te lezen en op basis daarvan reconstructies te maken of toekomstige scenario’s te schetsen
  • E | episodisch denken: In plaats van het onthouden van abstracte feiten zoals jaartallen, namen, worden gebeurtenissen onthouden en persoonlijke ervaringen, meer beelddenken
  • R | driedimensionaal denkvermogen, het vermogen om tweedimensionale vormen en patronen mentaal te vertalen naar driedimensionale vormen en patronen

Niet elke dyslect heeft alle vier de krachten even sterk, maar er komt altijd wel één, en vaak twee of drie van deze krachten terug. 

Kansen zien

Mensen met dyslexie zien kansen en kijken ver vooruit. Ze denken snel en hebben niet veel tussenstappen nodig om het eindresultaat te zien. Ze zijn vaak gevoelig, zijn goede vrienden hebben een sterk empathisch vermogen. Veel ondernemers en veertig procent van de selfmade miljonairs zijn dyslectisch. 

De missie van de auteurs van Dyslexie als kans is dyslexie goed op de kaart zetten. De positieve kanten zijn lang onderbelicht gebleven. In het boek worden niet alleen de voordelen besproken, maar ook de bijbehorende valkuilen. 

 

5 misvattingen over kinderen met dyslexie!

5 misvattingen over kinderen met dyslexie!

Wat mensen vaak niet weten is dat kinderen met dyslexie vaak creatiever dan hun leeftijdgenootjes. Ze kunnen ook een enorm goed taalgeheugen hebben.

Dyslectische kinderen bedenken manieren om de voor hen moeilijke woorden te omzeilen en spelen zodoende met hun woordgebruik. Toch hebben kinderen met dyslexie nog altijd te maken met een hoop vooroordelen. We hebben er een aantal op een rijtje gezet en proberen er een stukje duidelijkheid over te geven.

1. Kinderen met dyslexie willen niet lezen

Ze willen wel lezen, maar lezen kost dyslectici enorm veel moeite. Als het keer op keer niet lukt, raken dyslectische kinderen vaak ontmoedigd. Met de juiste boeken op het juiste moment lukt het vaak wel. Dat wil zeggen met boeken met een lager AVI-niveau, met een onderwerp dat aansluit op de belevingswereld en leeftijd van het kind.

2. Wie dyslexie heeft is dom

Als je zelf goed kunt lezen is het soms moeilijk je voor te stellen hoe het is om minder goed te kunnen lezen. Taal is vaak een extra belemmering zijn voor kinderen met dyslexie, ook bij andere vakken zoals aardrijkskunde of rekenen, daar moet soms veel gelezen worden. Uit onderzoek blijkt echter dat dyslexie voorkomt in alle lagen van de bevolking en los staat van intelligentie.

3. Dyslexie is een modeverschijnsel

Dyslexie is al jarenlang erkend. Uit onderzoek blijkt dat kinderen met dyslexie door een kleine stoornis de koppeling tussen letters en klanken niet goed kunnen maken.

4. Dyslexie is een excuus om de regels niet te hoeven leren

Kinderen met dyslexie zijn vaak zo met taal bezig, dat ze het tegenovergesteld van lui zijn. Tijdens het leren lezen moeten dyslectische kinderen meer moeite doen om de klanken die ze horen in een gesproken woord te koppelen aan letters. Het probleem is dus vooral het leren te automatiseren van de regels.

5. Dyslexie gaat over

Veel oefening en leeservaring is een noodzakelijke voorwaarde om de lees- en spellingvaardigheid op een beter, functioneel niveau te krijgen. Dat geldt voor normale lezers en ook voor dyslectici. Kinderen kunnen al op jonge leeftijd heel goed om leren gaan met dyslexie, het gaat echter nooit helemaal over.