**//sticky ads code//**
Het verschil tussen ADD en ADHD is niet enkel de hyperactiviteit

Het verschil tussen ADD en ADHD is niet enkel de hyperactiviteit

Vaak wordt gedacht dat het verschil tussen ADD en ADHD, hem vooral zit in de hyperactiviteit van kinderen.  Er zijn echter meer verschillen tussen ADD en ADHD, waardoor ook de aanpak van de problemen anders zou moeten zijn

Drie soorten ADHD

ADHD (Attention deficit hyperactivity disorder) wordt vaak gezien als een homogene aandoening, waarbij iedereen dezelfde symptomen laat zien. Dat zou betekenen dat elke ADHD’er last heeft van onrust, impulsiviteit en aandachtsproblemen. Dit is niet het geval. Er zijn verschillende soorten ADHD te onderscheiden. De symptomen verschillen per type en zijn een combinatie van een slechte aandacht, een slechte impulscontrole en hyperactiviteit. De volgende drie soorten ADHD worden onderscheiden:

  • Overwegend onoplettende ADHD (ook wel aangeduid als ADD): alleen onoplettend;
  • Hyperactieve/impulsieve ADHD: alleen hyperactief en impulsief;
  • Gecombineerde ADHD: overwegend onoplettend, hyperactief en impulsief.

ADD en ADHD een twee-eiige tweeling

Volgens deskundige (Tirtsa Ehrlich, GZ psycholoog,) zijn ADD en ADHD een twee-eiige tweeling. Ze delen de A van aandachtstekort, maar verschillen in de mate van H (hyperactief en impulsief gedrag). ADD en ADHD hebben veel overeenkomsten,  in beide gevallen hebben kinderen met deze diagnoses veel last van aandachts – en concentratieproblemen. Maar er zijn belangrijke verschillen, want het is een twee-eiige tweeling, geen eeneiige.

Een van de verschillen zit hem in de gevolgen. Kinderen met ADHD hebben aandachtsproblemen, maar zijn ook overbeweeglijk en impulsief. Hierdoor komen ze sneller in conflict met de buitenwereld, of de buitenwereld met hen (die vindt hen storend). Kinderen met ADD komen juist sneller in conflict met hun binnenwereld. Ze hebben vooral zelf last van hun klachten en de omgeving erkent hun moeilijkheden juist niet of veel te laat. Wat zorgt voor meer onzekerheid en naar binnen gerichte problemen. Wat niet wil zeggen dat kinderen met ADHD niet ook onzeker kunnen zijn, maar de botsingen met de omgeving trekken vaak meer aandacht.

Verschil tussen ADD en ADHD

Niet alle kinderen met ADHD en ADD hebben last van dezelfde problemen. Er zijn verschillende punten waarop ADHD en ADD van elkaar verschillen.

ADD
ADHD
Kan moeilijk op gang komen bij een opdracht
Heeft moeite met rustig aan doen wanneer het ergens mee bezig is.
Kan vaak maar met één ding tegelijk bezig zijn
en heeft moeite om de aandacht te verdelen
Doet meerdere dingen tegelijk, waardoor veel ‘half’
Raakt snel door anderen overspoeldOverspoelt anderen
Heeft vrij veel wisselende en verschillende activiteiten.
Doet dingen zonder daarbij over de gevolgen na te denken
Wacht tot het laatste momentReageert direct
Dagdroomt veel, zit veel in zijn eigen gedachten en fantasie.
Is snel afgeleid door prikkels van buitenaf
Werkt en denkt langzaam.
Gaat met een rap tempo door verschillende werkzaamheden heen.
Executieve functies en AD(H)D

Executieve functies en AD(H)D

Waarom is het voor sommige kinderen lastig om dingen te plannen, huiswerk te maken. Om geduld te hebben, hun emoties te beheersen, prioriteiten te stellen, taken te starten en af te maken. Voor kinderen met AD(H)D is vaak geen kwestie van niet willen, maar van niet kunnen! 

Het brein van kinderen met ADHD of ADD werkt anders. In meer medische termen: de prefrontale cortex is kleiner en er is minder activiteit. In dit hersengedeelte worden de executieve functies geregeld. De executieve functies helpen bij het richten van de aandacht, het beheersen van emoties, het vaststellen van prioriteiten, het plannen van activiteiten, organiseren en het verbeteren van het geheugen. Hierdoor ontstaan dus de problemen waar veel kinderen met AD(H)D mee worstelen.

In dit deel van de hersenen is een sterkere doorbloeding op bij moeilijkere taken. Bij iemand met AD(H)D is die doorbloeding minder. Dit verklaart waarom iemand met AD(H)D meer gestimuleerd moet worden (extra prikkels nodig heeft) om taken uit te voeren. Daarom werken deadlines  goed of even bewegen.

AD(H)D is meer dan alleen gebrek aan concentratie of te veel hyperactiviteit.  AD(H)D beïnvloedt ook de manier waarop informatie wordt verwerkt, waardoor het voor een kind soms lastig is te voldoen aan de verwachten die worden gesteld. Zoals stil zitten en luisteren in de klas.

Wat doen executieve functies?

De executieve functies zijn aansturend en controlerend voor het hele doen en laten. Ze beïnvloeden het gedrag van een kind, hoe een kind leert. Die aansturing gebeurt grotendeels onbewust.  Je gebruikt  executieve functies vooral in nieuwe situaties en minder in situaties die je vaak meemaakt.

De belangrijkste executieve functies zijn cognitieve flexibiliteit, zelfbeheersing, planning, werkgeheugen en zelfbewustzijn.

Cognitieve flexibiliteit

Dit is een verzamelterm voor meerdere activiteiten. Het gaat om zowel de vaardigheid om anders te denken, en om het veranderen van perspectief, als ook om het aanpassen aan een omgeving die continu verandert.

Cognitieve flexibiliteit is belangrijk voor het functioneren in het dagelijks leven. Het zorgt ervoor dat kinderen zich kunnen aanpassen als de routines ineens even anders is. Bijvoorbeeld wanneer een kind met de auto naar school gebracht wordt in plaats van op de fiets omdat het regent.

Zelfbeheersing

Zelfbeheersing geeft ons de mogelijkheid om eerst na te denken en vervolgens te doen wat nodig of passend is, in plaats van impulsief te handelen. Het zorgt ervoor dat kinderen aandachtig en gedisciplineerd met een opdracht bezig kunnen zijn. Ook als de verleiding er is om iets anders te doen. Je niet laten afleiden door emoties en externe prikkels.

Planning

Het vermogen taakgericht te werken en om verleidingen te weerstaan. De basis van het maken van een planning en de uitvoering ervan. Plannen houdt ook in dat we anticiperen op toekomstige ontwikkelingen, doelen stellen en door logisch te redeneren een strategie uitstippelen.

Werkgeheugen

Werkgeheugen helpt ons om aanwijzingen op te volgen en ze in de juiste volgorde uit te voeren. Het zorgt ervoor dat we verschillende dingen onthouden terwijl we ze aan elkaar relateren. Hierdoor kunnen we gesprekken volgen en tegelijkertijd onthouden wat we willen zeggen.

Zelfbewustzijn

Zelfbewustzijn behelst het vermogen om onze eigen prestaties te monitoren, zodat we indien nodig onze gedragingen kunnen aanpassen. Het vormt de basis voor het reguleren van emoties en gedrag. Ons zelfbewustzijn houdt ons een spiegel voor, zodat we realistische verwachtingen van onszelf hebben en leren van onze ervaringen.

Verstoorde ontwikkeling van executieve functies bij AD(H)D

Elk kind heeft wel eens last van licht verstoorde executieve functies. Kinderen met AD(H)D ondervinden hier in het dagelijks leven echter veel meer hinder van dan hun leeftijdsgenoten zonder AD(H)D. Bij activiteiten waar kinderen interesse in hebben, werken hun  executieve functies goed wel goed.
Dit verschijnsel ‘ik kan het soms wel, maar meestal niet’ wekt de indruk dat AD(H)D een gebrek aan doorzettingsvermogen zou zijn. Wat dus absoluut niet het geval is.

Lees meer over Executieve functies en AD(H)D

 

De problemen van een kind met ADD

De problemen van een kind met ADD

Wat betekent het als je kind ADD heeft of de symptomen hiervan? Wat zijn problemen van een kind met ADD?

Kinderen met de aandachtstekortstoornis ADD hebben moeite hun aandacht te richten op dingen. Ze kunnen moeilijk onderscheid maken tussen wat belangrijke en minder belangrijke informatie is . Hierdoor is het moeilijker gericht informatie op te nemen. En de binnengekomen informatie lijkt ook op een langzame en minder efficiënte manier verwerkt te worden door de hersenen. De regelfunctie in de hersenen die de informatieverwerking moet regelen lijkt minder goed te werken. Er is van een verminderde prikkeloverdracht in de hersenen waardoor het coördineren en organiseren in de hersenen minder goed verloopt.

Taakgerichtheid

Kinderen met ADD hebben ontzettend veel moeite met het taakgericht werken. Het aanleren van dagelijkse routines en vooral het automatiseren (het doen zonder er steeds lang bij na te hoeven denken) hiervan, kost ze enorm veel moeite. Ze zijn vaak stil en dromerig. Hun leertempo ligt veelal laag, zij hebben weinig zelfcontrole en kunnen erg teruggetrokken zijn, zijn vergeetachtig en lijken vaak weinig nieuwsgierig. Hun problemen met aandacht worden vaak toegedicht aan niet willen, terwijl er sprake is van niet kunnen

Slecht luisteren

Een kind met ADD kan veelal iet goed luisteren. Hij doet vaak niet wat er van hem wordt gevraagd.
Te veel informatie in één keer komt niet binnen. Het is dan ook beter om slecht één ding te gelijk te vragen en te controleren of hij het heeft begrepen. Vraag pas het volgende als de gehele taak of opdracht is afgerond.  Jas ophangen, schoenen uit doen en tas leegmaken en opruimen en dan ook nog vragen hoe het op school was. Een kind met ADD kan deze hoeveelheid informatie niet verwerken. Met een beetje geluk hangt hij nog net zijn jas op!

Negatief zelfbeeld

Wanneer een kind slecht luistert, niet doet wat je vraagt, is er vaker strijd en ruzie met ouders en  leerkrachten. Benoem daarom vaak wat goed gaat, geef opstekers en complimenten, wanneer dingen goed gaan. Verwacht ook niet teveel van een kind.

Weinig tijdsbesef

Kinderen met ADD hebben weinig tijdsbesef. Daarom gaat huiswerk maken niet altijd even goed. Ze maken het niet of op het laatste moment. Kinderen zijn gebaat bij wat extra hulp in de planning. Gebruik pictogrammen om routines aan te leren. Bijvoorbeeld voor het ochtend ritme. Maak duidelijke afspraken over wanneer huiswerk moet worden gemaakt. En wijk hier niet van af. Maak samen een planning zodat er later geen discussie over ontstaat. Duidelijke communicatie en strakke afspraken zijn heel belangrijk.

Concentratieproblemen

Een ADD’er heeft vaak concentratieproblemen als het om dingen gaat die hij minder interessant vindt
Probeer huiswerk of andere dingen die zijn aandacht eisen afwisselend en overzichtelijk te houden.  Bouw ontspan moment in, zodat hij zich daarna weer kan concentreren. Bij dingen die ze interessant vinden kunnen ze zeer geconcentreerd zijn, een hyperfocus. Ze kunnen volledig opgaan in dat wat hen bezighoudt. 

Impulsiviteit

Een ADD’er heeft moeite met het onverwacht veranderen van de planning.  Een spontaan bezoekje of uitje is vaak lastig voor iemand met ADD. Probeer dit zoveel mogelijk te voorkomen. Bespreek van te voren wanneer er iets wordt ondernomen. Wat kan een kind verwachten, zo kan hij aan het idee wennen.

 

Onnodige diagnose ADHD of ADD

Onnodige diagnose ADHD of ADD

Steeds vaker wordt er bij kinderen de diagnose ADHD of ADD gesteld. Waarbij het soms de vraag is of dit wel terecht is. Soms denkt een kind anders, verwerkt hij informatie op een andere manier. Wat kan leiden tot de onnodige diagnose ADHD of ADD

Er zijn veel beelddenkers met ADHD, bijna alle ADHD-ers hebben een voorkeur voor het denken met de rechter hersenhelft. De zwakke linker hersenhelft zorgt namelijk voor de ADHD. Het gevolg is dat ADHD-ers bij voorkeur in beelden denken.

Verschil tussen ADHD en beelddenken

ADHD is een neurobiologische stoornis en beelddenken is een manier van denken en leren. ADHD en beelddenken hebben een grote overlap.  Wanneer beelddenkers informatie op een voor hun passende manier tot zich kunnen nemen, kunnen de ADHD verschijnselen afnemen. Kinderen worden minder druk en voelen meer rust in hun hoofd. Het doet ze goed hun hersens te gebruiken op een manier die bij ze past. Daar kunnen ze veel energie in kwijt.

Overeenkomsten tussen ADHD en beelddenken zijn, aandachtsproblemen, snel afgeleid zijn, moeite met details, hyperfocus, hyperactiviteit, vergeetachtigheid, weinig tijdsbesef, onrustig en drukte in het hoofd. 

Het verschil tussen ADHD en beelddenken, zit hem de in de mate van extreme drukte en impulsiviteit.

 

Ontwikkeling kinderen

Iedereen wordt geboren als beelddenker. Als baby kun je niet praten en als klein kind denk je in plaatjes. Of iemand beelddenker is wordt rond het zevende levensjaar bepaald, als kinderen in groep drie leren lezen en schrijven.

Kinderen kunnen zich als ze ouder worden prima verstaanbaar maken. In hun hoofd zien ze nog wel steeds veel plaatjes. Bij het leren lezen en schrijven wordt er in de hersenen onbewust een keuze gemaakt,  sommige kinderen blijven primair in plaatjes denken, anderen schakelen over naar talig denken. Uit onderzoek blijkt dat 53% van de kinderen in meer of mindere mate in beelden denkt. Daarvan kan ongeveer 30% prima meekomen op school, hun hersenen hebben voldoende compensatiemogelijkheden. Bij circa 20% is de rechterhersenhelft zo dominant dat ze vastlopen op school.

Hoe denkt een beelddenker

Beelddenkers zien ongeveer 32 beelden per seconde, tegenover twee woorden per seconde van een taaldenker. Ter vergelijking: op televisie zien we ongeveer 25 beelden per seconde.  Bij die beelden horen de echte beelddenkers vaak ook geluid en voelen ze van alles. Het is dus een complete chaos in hun hoofd

Gedrag in de klas

Een beelddenker valt op in de klas omdat het leren lezen traag en radend gaat. Ze lezen mama terwijl er moeder staat bijvoorbeeld. In hun werk zijn ze chaotisch, kunnen zich maar moeilijk concentreren, kijken naar het geheel, missen veel details.  Ze zijn in hun hoofd constant aan het associëren. Waardoor ze gemakkelijk afgeleid zijn. Er wordt bijvoorbeeld een rekensom uitgelegd aan de hand van koekjes. Een kind denkt aan zijn favoriete koekje, die hij laatst samen met zijn moeder in de supermarkt had gekocht. Onderweg daarheen hadden ze een mooie sportwagen zien rijden. En weg is de aandacht en concentratie!

Alle woorden die de beelddenker ontvangt worden in hun hoofd vertaald naar beelden om te kunnen begrijpen wat er gezegd is. Als ze een vraag moeten beantwoorden zal ook het antwoord weer vertaald moeten worden van beeld naar woord. Het vertalen en formuleren kost tijd en ze reageren hierdoor trager.

Onnodige diagnose ADHD of ADD

Dat beelddenkers het wel snappen, maar merken dat andere kinderen sneller zijn, kan ze onzeker en faalangstig maken en soms zorgen voor een negatief zelfbeeld. Leerkrachten denken vaak in eerste instantie aan dyslexie en vanwege het onrustige gedrag aan ADHD of ADD.

Beelddenkers vallen tegenwoordig meer op dan vroeger omdat het onderwijs taliger is geworden. Veel rekensommen worden met een verhaaltje uitgelegd. Daarnaast staan er nu veel meer vrouwen voor de klas. Zij geven vaak een langere mondelinge uitleg en bij zo’n waterval aan woorden haken beelddenkers af. Mannen zijn over het algemeen wat bondiger en hebben vaak minder moeite met druk gedrag.

Waar herken je beelddenkers aan

  • Snel van begrip, goed in puzzels en blokpatronen.
  • Werkt en vertelt chaotisch.
  • Sterk ruimtelijk inzicht.
  • Heeft tijd nodig voor werkjes.
  • Herinnert zich gebeurtenissen gedetailleerd (zelfs van jaren geleden)?
  • Grote woordenschat, maar dit komt er niet altijd uit op school.
  • Veel fantasie.
  • Scoort lager bij opdrachten zonder plaatje.
  • Lijkt vaak slecht te luisteren.
  • Werkt vanuit het grote geheel en laat details achterwege.
  • Haalt wisselende cijfers.
  • Is creatief en gevoelig.
  • Heeft moeite met spelling, dictee en tafels.

 

Lees meer over communiceren met beelddenker

 

ADD of gewoon dromerig? Hoe helpt je een kind

ADD of gewoon dromerig? Hoe helpt je een kind

Is jouw kind een echte dromer? Kan hij zich vaak moeilijk tot een taak zetten? Lijkt hij afwezig en gaat hij opruim opdrachten graag uit de weg. Dit kan duiden op ADD. Wat betekent dit en hoe kun je een kind helpen.

Kinderen met ADD verwerken informatie, indrukken en emoties trager dan anderen. Ze  hebben een slecht werk of korte termijn geheugen. De vertraging is dermate klein dat ADD op school niet opvalt. Het leer, werk en prestatievermogen is vaak wel wisselvallig. Het lange termijn geheugen van deze kinderen werkt wel goed. Plannen, organiseren en opruimen is lastig door het ontbreken van overzicht in het nu.
Kinderen met ADD zijn dan ook vaak slordig en hebben moeite om hoofd- en bijzaken te onderscheiden.

Concentratie

ADD kan je zien als een gat tussen het vermogen en het uiteindelijk presteren, tussen waar je toe in staat bent en wat je uiteindelijk bereikt. Kinderen hebben last van een concentratieproblemen. Ze zijn dromerig, hebben veel gedachten en ze hebben moeite om de aandacht vast te houden. Ze zijn snel afgeleid en chaotisch. Dit brengt enorm veel creativiteit en veelzijdigheid met zich mee. Belangrijke taken worden pas op het allerlaatste moment gedaan, veel dingen komen niet af en ze komen vaak te laat. ADDers hebben alle dagen het gevoel dat zij zich moeilijk tot een taak kunnen zetten, ze stellen veel dingen uit tot de volgende dag en ze zijn langdurig inactief.

Hyperfocus

Hyperfocus is een bekend verschijnsel bij kinderen met ADD. Als een kind met ADD iets echt super leuk vindt, komt de dopamine toevoer op gang en kan hij zich wel concentreren. Zo erg zelfs dat hij moeite heeft het onderwerp los te laten

Energie

De doorgaande snelweg van gedachten, ideeën  en gemoedswisselingen worden veroorzaakt door een kleine chemische onbalans in de hersenen. Hierdoor zijn kinderen soms wat traag in reactie, door extra inspanning valt dit vaak minder op. Kinderen lopen hierdoor als het ware constant op hun tenen. Wat een gebrek aan energie en emotionele wisselingen met zich mee kan brengen.

Kinderen met ADD hebben vooral moeite met het plannen en organiseren van taken. Het kind komt moeilijk op gang met het uitvoeren van de taak.
Kinderen met ADHD hebben last van hyperactiviteit. Kinderen met ADD hebben dat ook, alleen zie je dat niet terug in hun gedrag . Die hyperactiviteit zit in hun hoofd. Omdat alles zoveel energie kost zijn kinderen met ADD snel moe en kunnen moeilijk in slaap komen.

Tips voor het omgaan met een kind met ADD

  • Zorg dat er duidelijke (huis)regels voor het kind zijn.
  • Probeer de vaste dingen thuis altijd te laten plaatsvinden op een vast tijdstip en in een vaste volgorde.
  • Geef korte en duidelijke opdrachten, zodat het voor het kind te overzien is.
  • Zorg voor regelmaat en structuur in het leven van een kind.
  • Maak gebruik van humor als een kind weer eens iets vergeet. Boos worden heeft geen zin. Realiseer je: het is vervelend dat je kind vaak dingen vergeet, maar we hebben allemaal wel iets waar we niet zo goed in zijn.
  • Geef een kind de ruimte om zelf creatief bezig te zijn en zich terug te trekken op zijn eigen plekje als het daar behoefte aan heeft.
  • Praat rustig en met zachte stem.
  • Train een kind om zich concentreren op de momenten dat het echt nodig is. Dit kun je onder andere doen door bij belangrijke dingen vooraf aan te geven dat het belangrijk is.
  • Geef een kind de ruimte om dingen rustig te verwerken en verwacht niet direct een reactie.
  • Stel je verwachtingen bij. Wanneer je weet dat concentreren lastig is voor een kind, verzin dan andere activiteiten waar een kind wel goed in is. Dit kan bijvoorbeeld iets zijn waar veel bij bewogen wordt, zoals dansen of sporten.
Wat is ADD?

Wat is ADD?

ADD wordt, anders dan ADHD, niet zo snel opgemerkt bij een kind. Kinderen met ADD zijn over het algemeen juist rustig. Ze leiden andere kinderen niet af en zorgen niet voor drukte in de klas. Wat bij ADHD juist wel zo is. Kinderen met ADD ondervinden wel problemen op school, onder andere door een verminderd concentratievermogen, hierdoor hebben ze vaak moeite met leren. Wat is ADD nu eigenlijk precies?

Wat is ADD?

Bij ADD is er sprake van een dopamine tekort en een verlaagde hersenactiviteit.  Dit zorgt ervoor dat kinderen moeilijk tot activiteit kunt komen. Gezonde voeding en beweging zijn daarom belangrijk om zo optimaal mogelijk te kunnen functioneren.

Dopamine verhogende activiteiten, alles was leuk is, verhoogt de concentratie. Om deze reden kan een kind zich vaak wel goed concentreren als hij bezig is met zijn talenten.
Door de behoefte aan het analyseren, ontladen en ontspannen, vallen kinderen met ADDer meestal pas laat in slaap. Het kost meer tijd om het grote aantal opgedane indrukken, belevingen en gedachten te verwerken.

De kernmerken van ADD zijn dingen die iedereen wel vertoont.  Dit maakt het zo lastig om ADD te herkennen. Denk aan dagdromen, niet opletten, niet opruimen, spullen kwijtraken, onzeker zijn, te laat komen. Het verschil zit ‘m in de intensiteit, consistentie en frequentie.

Kenmerken van ADD

  • Ze hebben meer dan gemiddeld moeite om aan het werk te gaan
  • Ze slagen er niet in de aandacht bij de taak te houden, behalve als ze deze heel interessant vinden Dit hebben uiteraard meer kinderen, maar een kind met ADD heeft dat veel
  • Schrijven huiswerk niet in  hun agenda (of schrijven het wel op maar kijken er nooit meer naar).
  • Stellen alles uit tot het laatste moment.
  • Ze zijn ongeorganiseerd en chaotisch.
  • Zijn vaak dromerig (ADD: Alle Dagen Dromerig)
  • Hyperfocus: ze kunnen volledig opgaan in dat wat hen bezighoudt
  • Denken vaak ver vooruit en weten dan niet wat er nu aan de orde is.
  • Geven te weinig aandacht aan details.
  • Lijken niet te luisteren, zelfs als ze rechtstreeks aangesproken worden.
  • Volgen aanwijzingen niet goed op.
  • Zijn vaak dingen kwijt.
  • Deze kinderen komen vaak te laat.
  • Ze worden makkelijk afgeleid door prikkels uit de omgeving, maar ook door hun eigen gedachten.
  • Ze kunnen vaak niet vertellen wat er net geleerd is, ook al weten ze het wel.
  • In hun gedachten zijn ze vaak met twee of meer dingen tegelijk bezig.
  • Lijken dus rustig, maar hebben last van “chaos” in het hoofd;
  • Reageren vaak met “vertraging” op een prikkel van buitenaf. De informatie komt wel binnen, maar de prikkelverwerking duurt langer.
  • Moeite met het “produceren” van werk. Ze snappen de leerstof wel, maar krijgen het niet op papier.
  • Moeite met het sociale gebeuren in de klas. Ze hebben vaak weinig vrienden.
  • Moeite met overzicht houden tijdens balsporten.
  • Lijken vaak passief en inactief.
  • Ze zijn vaak vergeetachtig bij dagelijkse activiteiten.
  • Kinderen met ADD hebben vaker dyslexie en/of dyscalculie.
  • Kinderen met ADD staan meestal niet graag in het middelpunt van de belangstelling.

Positieve kant van ADD

Het hebben van ADD is niet alleen maar vervelend. Er zitten ook positieve kanten aan

  • Ze zijn uitgerust met extra concentratievermogen bij interesse (hyperfocus).
  • Vaak zijn ze fantasierijk, met een groot voorstellingsvermogen.
  • Deze kinderen hebben vaak een creatief talent (acteren, zingen, schrijven, tekenen, enz.)
  • Ze zijn over het algemeen heel handig.
  • Hebben vaak veel humor.
  • Ze zijn perfectionistisch.
  • Ze denken vaak ver voor uit.
  • Vaak hebben ze een groot probleemoplossend vermogen.
  • Zijn creatief, denken “out of the box.”
  • Ze zijn gevoelig, emotioneel en betrokken.
  • Ze willen graag maximale resultaten leveren.
  • Lijken rustig (in gedrag, niet in hun hoofd).
  • Ze bezitten een groot inlevingsvermogen.
  • Ze zijn vaak veelzijdig.
  • Beschikken over veel doorzettingsvermogen