**//sticky ads code//**
Inzicht in de impulsiviteit van je kind

Inzicht in de impulsiviteit van je kind

De meeste kinderen hebben momenten waarop ze handelen zonder na te denken.  Wanneer kinderen impulsief handelen, kunnen ze ten onrechte als onzorgvuldig, gemeen of onbeleefd worden bestempeld. Er zijn manieren om kinderen met impulsiviteit te helpen.

Hoe vaak heb je kinderen zien handelen zonder na te denken? Waarschijnlijk veel. De meeste kinderen hebben momenten waarop ze impulsief zijn en dingen zeggen of doen voordat ze zichzelf kunnen stoppen. Ze kunnen iets ongepast zeggen of na een bal op straat rennen zonder te kijken. Maar hoe zit het met kinderen die niet in staat lijken om de ‘mentale remmen’ op te zetten? Als je kind vaak mensen onderbreekt, dingen pakt en fysieke risico’s neemt, kun je je afvragen waarom dat gebeurt. Is het onvolwassenheid? Een verkeerde inschatting?  Of is je kind (te) impulsief?

Wat is impulsief gedrag?

Wanneer een kind af en toe impulsief is, is dat heel normaal, dit hoort bij alledaags kindergedrag. Maar als het vaak gebeurt, lijkt het wat het eigenlijk is: problemen met zelfbeheersing. 
Impulsiviteit uit zicht niet bij alle kinderen op dezelfde manier. En het gedrag kan veranderen naarmate kinderen ouder worden. Als kinderen impulsief zijn, kunnen ze:

  • Gek of ongepaste dingen doen om aandacht te vragen
  • Hebben ze problemen met het consequent volgen van regels
  • Zijn ze agressief tegenover andere kinderen (slaan, schoppen of bijten komt vaak voor bij jonge kinderen)
  • Hebben moeite om op hun beurt te wachten in gesprekken en games
  • Pakken dingen af van andere mensen of duw in de rij
  • Reageren heftig op frustratie, teleurstelling, fouten en kritiek
  • Willen het laatste woord en de eerste beurt hebben
  • Begrijpen niet hoe hun woorden of gedrag andere mensen beïnvloeden
  • Begrijpen de gevolgen van hun acties niet

Wat kan impulsiviteit bij kinderen veroorzaken?

Kinderen kunnen om veel redenen impulsief zijn. Soms is het echt een kwestie van volwassenheid. Niet alle kinderen ontwikkelen zich in hetzelfde tempo, bij sommige kinderen duurt dit gewoon langer dan bij anderen, voordat ze kunnen stoppen en na denken voordat ze handelen.

Slaapgebrek kan ook reden zijn voor impulsief gedrag, net als stress en frustratie. Wanneer kinderen op school of in het dagelijks leven met iets worstelen, kan zich dit op verschillende manieren uiten. Jonge kinderen hebben niet altijd de woorden om te zeggen wat ze voelen. Ze weten soms niet eens exact waarom ze gestrest of gefrustreerd zijn.

Voor sommige kinderen kan er iets anders zijn dat de impulsiviteit veroorzaakt. Een van de meest voorkomende oorzaken van frequent impulsief gedrag is ADHD . 
ADHD maakt het moeilijk om intense gevoelens te bevatten, zoals woede en verdriet. Als kinderen met ADHD bijvoorbeeld boos worden, schoppen ze misschien tegen het meubilair of zeggen ze iets gemeens, in plaats van rustig te roken.

Er zijn ook psychische problemen, zoals fobieën en stemmingsstoornissen , die kunnen leiden tot impulsief gedrag bij kinderen.

Mensen oordelen vaak snel impulsieve gedrag van een kind.  Als een kind bijvoorbeeld een grove opmerking maakt, denken mensen snel dat dit onvriendelijk bedoelt is. Maar in veel gevallen, zoals bij ADHD, willen kinderen niet onbeleefd of agressief zijn. Ze hebben echter meer hulp en oefening nodig om na te denken voordat ze iets zeggen of doen. 

Hoe je kinderen kunt helpen impulsiviteit te beheren

Er zijn veel manieren om je kind te helpen. Een goede plek om te beginnen is om aantekeningen te maken over wat je thuis ziet. Het kan je een beter idee geven waarom je kind het misschien moeilijk heeft.
Impulsiviteit kan ook verband houden met frustratie.

Worstelen met impulsiviteit kan invloed hebben op hoe kinderen zich over zichzelf voelen. Leg je kind uit dat veel mensen deze uitdagingen hebben en dat zelfbeheersing kan verbeteren als je daar aan werkt. Praat over de sterke punten van een kind en vergeet niet om zelfs kleine overwinningen te vieren terwijl een kind aan zelfcontrole werkt.

Het verbeteren van zelfbeheersing kan ervoor zorgen dat kinderen zich beter over zichzelf voelen. 
Sommige kinderen kunnen het niet helpen impulsief te zijn, maar ze kunnen manieren leren om het te beheersen.

bron: understood.org

Een vervelend of hooggevoelig kind?

Een vervelend of hooggevoelig kind?

Iedereen kent in zijn omgeving wel van die kinderen die heftig reageren op dingen. Snel boos zijn of verwend gedrag vertonen. Wanneer je goed naar deze kinderen kijkt, kun je soms tot de ontdekking komen dat het gaat om hoogsensitieve kinderen (HSK).

Een hoogsensitief kind of hooggevoelig kind wordt vaak moeilijk begrepen door hun omgeving, zowel door leerkrachten als familieleden. Mensen die veelal niet van het bestaan van HSK weten.

Hooggevoelige kinderen hebben veel langer de tijd nodig om dingen te verwerken en te accepteren. Ook zijn hooggevoelige kinderen bij te veel verschillende activiteiten in een relatief korte tijd eerder vermoeid.  Hooggevoelige kinderen zijn erg sensitief voor indrukken. Ze ervaren niet alleen indrukken met hun zintuigen intensief, maar ook op sociaal gebied voelen ze veel aan.

Hoe herken je een hooggevoelig kind?

Al van jongs af aan zijn er signalen die kunnen duiden op hooggevoeligheid. Een kind wil bijvoorbeeld alleen maar in zijn eigen vertrouwde bed slapen of is snel van slag door harde geluiden, fel licht of drukke ruimtes? Een kind is tijdens het vieren van zijn of haar eerste verjaardagen zo van slag dat het wel weg wil kruipen.

Als korte omschrijving van hooggevoeligheid hanteert Elaine Aron, de grondlegster van het begrip HSP de volgende definitie: Hoogsensitieve personen zijn mensen die zijn geboren met de neiging veel dingen op te merken in hun omgeving en diep te reflecteren alvorens te handelen, in vergelijking met degenen die minder opmerken en snel en impulsief handelen.

Elaine Aron heeft een lijst gemaakt met 23 kenmerken, om te bepalen of een kind hoogsensitief is.

  1. Schrikt snel.
  2. Heeft last van kriebelende kleding, naden en merkjes.
  3. Houdt over het algemeen niet van grote verrassingen.
  4. Leert meer van vriendelijke correctie dan van strenge straf.
  5. Lijkt gedachten te kunnen lezen.
  6. Gebruikt moeilijke woorden voor zijn/haar leeftijd.
  7. Ruikt elk vreemde geurtje.
  8. Heeft scherpzinnig gevoel voor humor
  9. Lijkt erg intuïtief.
  10. Valt moeilijk in slaap na een opwindende dag.
  11. Heeft moeite met grote veranderingen.
  12. Wil zich verkleden als de kleding nat of zanderig is.
  13. Stelt veel vragen.
  14. Is een perfectionist.
  15. Heeft oog voor het verdriet van een ander.
  16. Houdt meer van rustige spelletjes.
  17. Stelt diepzinnige, beschouwende vragen.
  18. Is erg gevoelig voor pijn.
  19. Kan slecht tegen een luidruchtige omgeving.
  20. Heeft oog voor detail.
  21. Kijkt eerst of het veilig is alvorens ergens in te klimmen.
  22. Presteert het beste zonder vreemden erbij.
  23. Beleeft de dingen intensief.

Als je voor een kind dertien of meer vragen met ja beantwoordt hebt, is een kind hooggevoelig, aldus Aron.

Omgaan met een hooggevoelige kind

Een hooggevoelig kind op de juiste manier begeleiden is best lastig. Een kind kan door andere nog al eens gezien worden als een vervelend kind. Het gedrag wat door andere vaak als vervelend wordt ervaren is veelal een reactie op hetgeen gebeurt is of wat een kind is overkomen.  Een hooggevoelig kind is zelden degene die begint in een ruzie of onenigheid. Al wordt dit vaak anders ervaren, omdat hetgeen vooraf ging aan zijn reactie in de ogen van niet hooggevoelige mensen niet in verhouding staat tot de reactie.

Veel geduld tonen en op een rustige manier een kind proberen te kalmeren is heel belangrijk. Wanneer een kind aangeeft alleen te willen worden gelaten, om in alle rust te kunnen uitrazen, probeer er dan voor te zorgen dat een kind hier een plekje voor krijgt.

Overprikkelde hooggevoelige kinderen willen in eerste instantie vaak niet aangeraakt, dan wel getroost worden. Respecteer dit en wacht tot een kind rustiger is geworden.

Succes ondanks dyslexie of succes dankzij dyslexie?

Succes ondanks dyslexie of succes dankzij dyslexie?

Sommige geluksvogels onder ons lukt het om enorm succesvol te worden ondanks het hebben van een beperking als dyslexie. De Britse zakenman Richard Branson bijvoorbeeld wist een imperium op te bouwen en gigantische rijkdom met o.a. een platenlabel en een vliegtuigmaatschappij. Jamie Oliver, idem dito, ook razend succesvol. In Nederland hebben wij ook boegbeelden die staan voor ‘succes met dyslexie’; onlangs overleden astronaut Wubbo Ockels, maar ook Jan des Bouvrie, zakenman Henny van der Most en Joop van den Ende. Wat heeft nu gemaakt dat ze zo succesvol zijn geworden met wat ze doen? Dit is hen niet alleen gelukt doordat ze uitblonken in hun vakgebied, maar ook op karakter.

Omgaan met dyslexie

Ouders die hun dyslectische kind helpen bij het huiswerk en leren zullen beamen dat het soms lastig is om te beschrijven hoe het nu werkelijk zit met die dyslexie. Want waar begint en eindigt nu dat ‘last hebben’ van dyslexie en neemt het karakter het over? Beïnvloedt het elkaar en zo ja, in hoeverre dan? Anders gezegd: Laat je je inpakken door je beperking of ga je het gevecht aan?

Inspirerend is ook het Britse parlementslid David Blunckett. Blind geboren in een achterstandswijk in Sheffield werd hij voor Labour één van de beste parlementsleden ooit. Blind! Iedere dag kwam hij met zijn hond naar het parlement. En wat te denken van Oscar Pistorius (voordat hij trouwens beschuldigd werd van moord op zijn vriendin) beide benen geamputeerd en toch als bladerunner een paar wereldrecords bij elkaar gelopen. Talent is niets zonder karakter.

En hoe zit dat nu bij dyslexie?

Van mensen met dyslexie wordt vaak gezegd dat ze ‘anders denken’. Niet het lineaire denken van a naar b, maar met een omweg, waardoor ze blijkbaar onderweg andere zaken tegenkomen dan anders het geval zou zijn. Ze worden daardoor vaak originele denkers genoemd, creatief en kunstzinnig. Maar hoe word je er dan succesvol mee? Waarschijnlijk vanuit een stuk frustratie en van ‘ik zal het iedereen wel eens laten zien mentaliteit’. Met veel vallen en opstaan natuurlijk. Dus toch karakter? Succes ondanks dyslexie of succes dankzij dyslexie. Ik weet het eigenlijk nog steeds niet!

Hoe krijgt een kind meer tijdsbesef?

Hoe krijgt een kind meer tijdsbesef?

Regelmaat is erg belangrijk voor kinderen en helemaal voor beelddenkers. Een typisch kenmerk van een beelddenkers is dat zij als het ware “niet in de tijd, maar in de activiteit” leven. Tijd zegt ze daarom niet zo veel. Hoe help je een kind om toch meer tijdsbesef te krijgen?

Het tijdsbesef van beelddenkers

Beelddenkers denken vaak meer tijd ter beschikking te hebben dan er feitelijk is. Ze komen vaak te laat, schatten tijd verkeerd in en hebben geen idee welke dag of maand het is.
Kinderen hebben geen besef van hoe lang iets duurt, of hoeveel tijd ze nog nodig hebben. Laat staan dat ze kunnen inschatten wanneer ze een zee van tijd hebben en wanneer ze zich moeten haasten. Een tijdschema kan al veel helpen. Hiermee heeft een kind een overzicht van de taken die het nog allemaal moet doen

Door regelmaat krijgt tijd betekenis

Regelmaat is het tovermiddel om (beelddenkende) kinderen rustiger te laten worden. Maak de tijd voorspelbaar door er regelmaat in te bouwen en door duidelijk de verschillende momenten aan te geven en zo te houden. Bijvoorbeeld nu is is het tijd om aan te kleden,  etenstijd, sporten of tijd om te spelen.
Een dagritme kaart kan hierbij helpen. Geef in beelden of symbolen aan wat wanneer wordt gedaan, in welke volgorde. Zorg ervoor dat het bord op een plek hangt welke een kind zelf kan zien.
Het zichtbaar maken van de activiteiten stimuleert tevens de verantwoordelijkheid voor taken. Het vergroot de betrokkenheid binnen het gezin. Iedereen ziet de dagindeling en elkaars activiteiten. Waardoor er meer tijd is voor gezelligheid en een positieve ‘vibe’ binnen het gezin.

Aankondigen van de tijd

Het is niet altijd eenvoudig om kinderen die druk aan het spelen zijn, aan het werk te krijgen of gewoon te doen stoppen. Kinderen hebben, net als volwassenen ook de tijd nodig om iets af te ronden. Belangrijk is daarom het stop-moment duidelijk en eventjes op voorhand aankondigen. Een kookwekkertje kan hierbij een hulpmiddel zijn. Maak 10 tot 15 minuten voor het einde, de afspraak met het kind, dat het nog even verder mag spelen, tot de wekker afloopt.

Dyslectische kinderen hebben de toekomst!

Dyslectische kinderen hebben de toekomst!

Dyslexie komt voort uit een andere manier van denken en informatie verwerken in de hersenen. Deze manier van denken wordt ook wel conceptueel denken genoemd. Kinderen gebruiken vooral hun rechter hersenhelft.  Conceptueel denkers denken van groot naar klein, hebben eerst een oplossing en gaan dan pas naar de details. Dit hebben zij gemeen met mensen met AD(H)D, hoogbegaafdheid, dyslcalculie en PDD-NOS.

De kwaliteiten en talenten van dyslectici

Doordat dyslectische kinderen conceptuele denkers zijn, zijn zij goed in:

  • improviseren;
  • kritisch denken;
  • innovatief
  • zijn creatief en zitten vol met ideeën ;
  • kunnen goed vooruit zien en denken;
  • oorzaak en gevolg kunnen zien;
  • zijn hooggevoelig, voelen aan wat er gaat gebeuren gaat, of wat er onder de oppervlakte speelt;
  • zien snel oplossingen voor complexe problemen;
  • kunnen problemen of situaties van verschillende kanten bekijken;
  • sterk beeldend vermogen;
  • goed ruimtelijk inzicht;
  • zijn gevoelig voor sfeer, kleur en schoonheid;
  • kunnen goed improviseren;

De kwaliteiten van dyslectische kinderen zijn nodig in de maatschappij

Er zijn diverse wetenschappers die een toekomstbeeld van onze maatschappij schetsen waarin conceptueel denkers in het voordeel zijn op lijndenkers.

Met de toename van de welvaart, de technologie en de globalisering, zijn de veranderingen in onze maatschappij vooral de laatste 150 jaar heel snel gegaan. 150 jaar geleden waren we vooral een agrarische samenleving. Met de komst van machines en fabrieken wordt steeds meer arbeid van de mens overgenomen. De komst van de computer heeft dat nog verder versneld, waardoor we nu in het informatietijdperk zitten en een kenniseconomie hebben. Er is veel informatie beschikbaar, die geanalyseerd moet worden. Iets waar lijndenkers heel god in zijn.
Met alle technologie die nu beschikbaar is en gaan we het conceptuele tijdperk in. Waarbij een beroep wordt gedaan op creativiteit, beeldend vermogen, organisatorische vaardigheden. En heel belangrijk het innovatief vermogen. Dit biedt volop kansen voor kinderen die conceptueel denken en vaak dyslectisch zijn.

Veel succesvolle dyslectici

Als we naar het verleden kijken zijn er ook veel dyslectici zeer succesvol. bijvoorbeeld: wetenschappers als Isaac Newton, Albert Einstein en Wubbo Ockels. Of ondernemers als Richard Branson, Steve Jobs,  Bill Gates, Nicola Tesla en Joop van den Ende.

Bijna niemand bekijkt hun succes en ziet daarbij hun dyslexie, als een defect of stoornis. Wat niet wegneemt dat ze vaak een hele worsteling achter de rug hebben, maar door zich vooral te richten op hun kwaliteiten zijn ze uitblinkers geworden.

bron: www.werkendyslexie.nl

Misvattingen over ADHD

Misvattingen over ADHD

Een kind met  ADHD vindt het moeilijk om zich te concentreren, zijn aandacht vast te houden, zijn gedrag te beheersen en kan hyperactief zijn. Wat leven met ADHD misschien nog moeilijker maakt is de hoeveelheid verkeerde informatie en negatieve stereotypen over de diagnose.
Een kind met ADHD is altijd heel druk, dat komt door te veel suiker, een slechte opvoeding en het lijkt alsof er steeds méér drukke kinderen zijn. Er doen zich de gekste verhalen voor over ADHD. Soms gaat het om goed bedoeld advies, een andere keer wordt de aandoening niet erkent.  Zes misvattingen over ADHD op een rij:

1. ADHD staat voor: Alle Dagen Heel Druk

Een kind dat geregeld door de klas rent, niet stil kan zitten en het ontzettend moeilijk vindt om op zijn beurt te wachten. Dit is het typische beeld van een kind met ADHD. Maar dit beeld klopt niet helemaal.
Kinderen met ADHD hebben niet allemaal dezelfde kenmerken. Er zijn verschillende typen ADHD: de één is hyperactief, de ander heeft juist moeite zich te concentreren en is helemaal niet zo druk. Weer een ander is vooral impulsief. Ook kan iemand beide hebben, hyperactief, moeite met concentratie en impulsief

2. Het ligt aan de opvoeding

Een kind wat altijd druk en hyperactief is, vraagt om aandacht omdat hij thuis aandacht tekort komt. Dit is absoluut niet waar. ADHD is geen gevolg van slechte opvoeding. Deze fabel kan erg vervelend zijn voor het kind én ouders. ADHD kent een biologische oorzaak en is daarmee dus geen direct gevolg van verkeerde opvoeding. Wel vraagt de opvoeding van een kind met ADHD meer structuur, ritme en rust.

3. Er zijn steeds meer kinderen met ADHD

Drie tot vijf procent van de mensen heeft ADHD. In een klas zit dus vaak wel een kind met ADHD.  Het lijkt alsof er steeds meer kinderen met ADHD bij komen. Maar dit heeft veel te maken met de helderde geformuleerde diagnose. Waardoor het beter herkent word. De kenmerken waren vroeger minder duidelijk omschreven. Een kind was vervelend, onhandelbaar of heel druk. Door nieuwe technieken kan nu zelfs bekeken worden wat er anders is aan de hersenen van iemand met ADHD.

4. Het is een fase

Dat ADHD een fase is, is een misverstand. Ja, kinderen kunnen een tijd wat drukker zijn dan anders door bijvoorbeeld stress. Maar bij deze kinderen houden deze kenmerken langere tijd aan. Zo niet hun hele leven. Het blijft voor hen lastig zich te concentreren, hun beurt af te wachten en zaken te plannen. Ze kunnen wel leren er beter mee om te gaan.

5. Een kind met ADHD heeft een gebrek aan wilskracht en doorzettingsvermogen

Een kind met ADHD moet vaak op zijn tenen lopen om binnen de lijntjes te blijven. Over de hele linie kost het een kind met ADHD meer wilskracht en doorzettingsvermogen om te functioneren en mee te komen met de ‘normale’ mensen. Om dit te kunnen volhouden zijn creatieve en vernuftige trucs nodig, anders is het niet vol te houden. Veel kinderen met ADHD zijn creatief, intelligent en oplossingsgericht.

6. Geen suiker voor een kind met ADHD

Van suiker worden kinderen druk. Dat wordt vaak gedacht. Uit divers wetenschappelijk onderzoeken blijkt dat suikerinname niet de oorzaak van hyperactiviteit kan zijn. Kinderen krijgen vaak meer suiker op feestjes, waar ze toch al drukker waren dan normaal. Kinderen met ADHD hoeven dus zeker niet op een suikervrij dieet te worden gezet. Gezonden voeding is uiteraard belangrijk. Net als voor elk kind.