De kracht van dyslexie en informatie verwerking

De kracht van dyslexie en informatie verwerking

De wereld veranderd in razend tempo, door technologische ontwikkelingen en digitalisering. Dit vraagt om andere vaardigheden en capaciteiten. Daar hebben we eerder al in een blog aandacht aan besteed. En hoe de krachten van een dyslectisch brein hierin een belangrijke rol kan spelen.  In dit blog gaan we in op dyslexie en informatie verwerking, dit levert prachtige inzichten op.

Er wordt veel geschreven over de uitdagingen die mensen met een dyslectisch brein ondervinden. Wij willen graag ook het tegenovergestelde geluid laten horen. Dit door het in kaart brengen van dyslectische krachten en deze te koppelen aan de kern van werk gerelateerde vaardigheden en in de toekomst benodigde skills. Het doel van deze oefening is het transformeren van de perceptie van dyslexie. En bruikbare handreikingen te geven om dyslectische vaardigheden te identificeren.

Dyslexie en informatie verwerking

Informatie verwerking of wel cognitieve vaardigheden.  Cognitieve vaardigheden hebben te maken met het vermogen om kennis en informatie op te nemen en te verwerken. Van mensen met een dyslectisch brein is bekend dat ze op een andere manier dan bij de “gemiddelde mens “ informatie verwerken. Dit geeft ze unieke kwaliteiten. Het identificeren van deze kwaliteiten geeft een kind de kans om zijn talenten verder te ontwikkelen.

Op cognitief vlak zijn er zes vaardigheden waar dyslecten uitzonderlijk goed in zijn:

  1. Cognitieve flexibiliteit

    Het vermogen om snel te schakelen en handelen wanneer prioriteiten of randvoorwaarde wijzigen. Flexibele denkers passen zich snel aan, aan de onverwachte gebeurtenis . Ze zetten hun probleemoplossende vaardigheden in om tot een betere uitkomst te komen. Cognitieve flexibiliteit kan ook leiden tot meer veerkracht bij  Iets wat een kind met dyslexie vaak ervaart in zijn leerproces.

  2. Creativiteit

    Het vermogen om te komen met originele of slimme ideeën over een gegeven onderwerp of situatie. Maar ook op creatieve manieren een probleem op te lossen.

  3. Logische redenering

    Logica gebruiken om argumenten en feiten af te wegen en op waarde te schatten. Doordat iemand met dyslexie associatief denkt, worden heel snel  – als een spinnenweb – verbanden gelegd tussen informatie en kennis.

  4. Probleemgevoeligheid

    Het vermogen om te signaleren en vertellen wanneer iets is verkeerd of waarschijnlijk mis zal gaan. Het gaat hier om het zien en herkennen van een probleem, voordat dit door een groter publiek wordt gezien. Het vroegtijdig signaleren van mogelijke problemen is in veel branches ontzettend waardevol.

    Intelligentie gaat om meer dan slim zijn 

  5. Wiskundig redenering

    Het vermogen om te kiezen voor de juiste wiskundige methoden of formules om een probleem op te lossen. Wiskundig denken is een krachtige manier van denken over zaken. Logisch, analytisch, kwantitatief en met precisie. Wiskundig redeneren is ook zeer effectief in het dagelijks leven. Kinderen die hier goed in zijn, hebben over het algemeen meer succes in het leven. Het geeft ze het vermogen om in elke situatie logisch te denken, wat ze in staat stelt om algemene groei te bereiken.

  6. Visualisatie

    Het vermogen om je voor te stellen hoe iets eruit zal zien, ook nadat het is verplaatst, gedraaid rond of uit elkaar gehaald.
    Middels visualiseren kun je ideeën uitwerken en overbrengen. Wanneer je iets visualiseert word je gedwongen om tot de kern te komen. Je moet keuzes maken tussen hoofd- en bijzaken en hierdoor wordt je boodschap compact, duidelijk en komt deze beter binnen bij de ontvanger.
    Visualiseren dan ook een krachtige techniek die je kan helpen obstakels te overwinnen en doelen te bereiken.

bron: The value of Dyslexia EY

Zin en onzin over ADHD

Zin en onzin over ADHD

Kinderen met ADHD ervaren problemen bij het concentreren, het vasthouden van aandacht en of  het beheersen van gedrag. Soms zijn kinderen hyperactief.  Wat leven met ADHD soms nog moeilijker maakt is de hoeveelheid verkeerde informatie en negatieve stereotypen over de diagnose. ADHD’ers worden vaak omschreven als over-gediagnosticeerd, ongedisciplineerd, of gewoon lui. Onzin. Enkele feiten, fabels en andere onzin over ADHD .

1. ADHD is een stoornis

ADHD wordt door psychologen een ‘stoornis’ genoemd.  Een vervelend woord, omdat het suggereert dat een kind ‘gestoord is’, niet helemaal goed.  Dit is echter niet wat psychologen bedoelen met ‘stoornis’. Met dat woord geven ze aan dat kinderen met ADHD anders zijn dan anderen. Niet beter of slechter, niet meer of minder, maar anders. En dat anders-zijn levert vaak problemen op.

2. ADHD zit ‘tussen je oren’

Op een bepaalde manier, zit ADHD inderdaad ‘tussen je oren’ of beter gezegd in de hersenen. Onderzoek heeft aangetoond dat bepaalde gebieden van de hersenen niet goed gesynchroniseerd zijn bij kinderen met ADHD. De opbouw van het brein is anders dan mensen die het niet hebben. Hoewel veel mensen geloven dat ADHD iets is dat kinderen of ouders gebruiken als een excuus is dit ADHD aantoonbaar.

3. Alleen kinderen hebben ADHD

De aandoening komt vaker voor bij kinderen en tieners maar veel volwassenen hebben het ook. Echte onzin over ADHD dus!  Je hebt meer kans als een kind te worden gediagnosticeerd, maar veel volwassenen worden in de leeftijd van 30 of zelfs ouder gediagnosticeerd. Als kind ondervindt je vaak meer last van ADHD. Naar mate kinderen ouder worden, kunnen ze er beter mee overweg of het inzetten als hun kracht.

4. ADHD ‘ers zijn lui en niet slim.

Een van de misvattingen over ADHD  is dat kinderen lui en dom zouden zijn. Luiheid impliceert dat iemand iets kon doen,  maar er geen energie in wil steken. Kinderen met ADHD zijn juist het tegenovergestelde van lui.  Een diagnose heeft verder niets te maken met het verstandelijke vermogen. Door concentratie problemen, lopen ze niet altijd voorop qua ontwikkeling op school. Mensen met ADHD zijn zeer slim en creatief. Ze werken alleen anders dan anderen.

5. Moeite om zich te concentreren betekent dat je ADHD hebt.

Als je problemen hebt met concentratie, heb je niet automatisch ADHD. Iedereen heeft in meer of mindere mate wel eens last van concentratieproblemen. Er zijn een aantal factoren die daar aan bij kunnen dragen – zoals stress, angst, depressie, gebrek aan slaap of gebrek aan lichamelijke activiteiten.
Een kind moet zes of meer symptomen van onoplettendheid vertonen, wil er een diagnose ADHD gesteld kunnen worden. Hierbij moet je denken aan,  geen aandacht voor details, aandachtsproblemen op school, niet luisteren als je direct wordt aangesproken of het geregeld verstoren van bezigheden van anderen.

9 tips voor ouders van een kind met een prachtig ADHD brein

6. ADHD kan worden genezen met goede ouderwetse discipline.

Het idee dat ADHD wordt veroorzaakt door slecht ouderschap is een fabel. Discipline kan helpen voor diegene die zich wel kunnen concentreren, maar het is zeker niet het antwoord voor ADHD. Ouders die proberen om de discipline te versterken, zonder het probleem van hun kind goed te begrijpen, kunnen de situatie nog erger te maken. Kinderen met ADHD hebben de neiging om zeer emotioneel en gevoelig te reageren op spanningen.

7. Als je ADHD hebt, heb je medicatie nodig

Kinderen met ADHD krijgen vaak medicatie voorgeschreven. Het gaat hierbij om stimulerende middelen, als Concerta of Ritalin.  Maar behandeling is meer dan een pilletje. Meestal is een combinatie met gedragstherapie de meest effectieve manier voor de behandeling van ADHD.

8. ADHD is een modeverschijnsel

Heel wat mensen vinden ADHD een modeverschijnsel. Dit wat we willen adresseren als onzin over ADHD. Omdat er zoveel aandacht voor is, beweren ze, wordt het etiket ‘ADHD’ veel te vaak gebruikt. Wie vroeger ‘druk’ of ‘lastig’ werd genoemd, krijgt nu de diagnose ADHD. Wie vroeger van het type ‘twaalf ambachten, dertien ongelukken’ was, heeft tegenwoordig ADHD. Met andere woorden: ADHD zou volgens deze mensen overdreven worden, niet meer dan een modegril zijn, iets dat wel weer overwaait.

De diagnose ADHD wordt tegenwoordig inderdaad vaker gesteld dan vijftien, twintig jaar geleden. Maar wil dat zeggen dat de diagnose onzin is? Absoluut niet. De diagnose ADHD moet aan strenge voorwaarden voldoen. Psychiaters, psychologen en kinderartsen gaan daar serieus mee om. Het is onzinnig om te beweren dat u wordt bestempeld als iemand met ADHD louter omdat u druk en impulsief bent.

Dat de diagnose vaker wordt gesteld komt omdat er tegenwoordig een diagnose is. Wat vroeger niet – of heel vaag – werd beschreven, kan nu duidelijk en helder onder woorden worden gebracht. Dat maakt ADHD niet tot een modeverschijnsel, maar tot een aandoening waar kinderen en volwassenen met ADHD, ouder(s) en partners, en leerkrachten en ook (kinder)artsen en psychologen eindelijk een beetje greep op beginnen te krijgen.

9. Alleen jongens hebben ADHD.

Het kan zeker lijken dat jongens eerder hyperactief en makkelijker afgeleid zijn dan meisjes. Uit een enquête bleek dat 82 procent van de leraren geloofden dat ADHD vaker voorkomt bij jongens dan bij meisjes, en dat het moeilijk was om de symptomen bij meisjes te herkennen. Maar ADHD wordt zowel bij jongens als meisjes gediagnosticeerd, hoewel het aandeel hoger is bij jongens (13,2 procent) in vergelijking met meisjes (5,6 procent). ADHD bij meisjes wordt wel vaak minder goed herkent.

10. Onzin over ADHD en criminele aanleg

Een ander misverstand is dat mensen met ADHD een ‘criminele aanleg’ hebben. Dat is onzin. Mensen met ADHD hebben vaak problemen met hun gedrag, ze kunnen agressief zijn, irritant, maar dat maakt ze niet tot criminelen. Het misverstand is misschien ontstaan omdat blijkt dat relatief veel veroordeelde jongeren ADHD hebben. Er is dus wel een verband tussen ADHD en crimineel gedrag. Dat is echter geen direct verband: er zitten stappen tussen.
Een voorbeeld hiervan is dat mensen met ADHD relatief vaak drank en drugs gebruiken. Dat leidt ook vaker dan bij anderen tot een verslaving. Een verslaving kan vervolgens leiden tot geldnood en ten slotte tot diefstal en ander crimineel gedrag. (Let wel, dit is een voorbeeld: zo gaat het lang niet altijd!)
Er is dus een verband tussen ADHD en crimineel gedrag, maar dat is geen rechtstreeks verband. Van een criminele aanleg is bij mensen met ADHD is geen sprake.

11. Als je ADHD hebt, dan ben je hyperactief.

Het is niet zo dat je hyperactief gedrag moet vertonen om te worden gediagnosticeerd. Dit kan ook als je alleen concentratieproblemen hebt. En niet alle mensen met veel energie en die over-actief zijn hebben ADHD.

Bron: dokter bosman en adhdblog

Slim maar…  Talenten en frustratie

Slim maar… Talenten en frustratie

Het is enorm frustrerend wanneer je ziet dat er bij een kind niet uit komt wat er in zit. Dat een slim pienter kind moeite heeft met simpele taken als opruimen, aankleden en op tijd aan huiswerk beginnen. Dit kan uiteraard vele oorzaken hebben. De executieve functies kunnen hierbij een rol spelen. Onderzoek toont aan dat bij deze kinderen hun executieve functies nog niet goed ontwikkeld zijn.

Wat zijn executieve functies?

Executieve functies zijn de functies in de hersenen die het mogelijk maken om rationele beslissingen te nemen, impulsen te beheersen en je te kunt focussen op wat belangrijk is. Er zijn verschillende vaardigheden te onderscheiden:

  1. Respons Inhibitie: het vermogen impulsen te beheersen. Om te denken voor je doet.
  2. Werkgeheugen: regelt de informatiestromen in het geheugen. Het bepaalt wat nu relevant is, wat later en wat onbelangrijk is.
  3. Emotieregulatie: emoties reguleren om doelen te behalen of gedrag te controleren.
  4. Volgehouden aandacht: aandachtig blijven, ondanks prikkels en afleiding.
  5. Taakinitiatie: op tijd en efficiënt aan een taak beginnen.
  6. Planning/prioritering: een plan maken en beslissen wat belangrijk is.
  7. Organisatie: informatie en materialen ordenen.
  8. Timemanagement: tijd inschatten, verdelen en deadlines halen.
  9. Doelgericht gedrag: doelen formuleren en realiseren zonder je te laten afschrikken.
  10. Flexibiliteit: flexibel omgaan met veranderingen en tegenslag.
  11. Metacognitie: een stapje terug doen om jezelf en de situatie te overzien en te evalueren.

Wanneer een kind een taak niet uitvoert, kan het natuurlijk zo zijn dat een taak of opdracht niet past bij een kind. Je kunt dan de taak aanpassen, maar er zijn ook dingen, zoals huiswerk maken, aankleden die moeten wel gebeuren.
Ga in deze situatie na of een kind de taak niet wil of niet kan uitvoeren. Controleer of er omgevingsfactoren zijn die een kind belemmeren en kijk welke functies een kind nodig heeft voor het uitvoeren van een taak. En of een kind deze bezit?

Slim maar…

In het boek Slim maar… geven Peg Dawson en Richard Guare praktische tips hoe je deze vaardigheden bij kinderen kunt ontwikkelen. Voor veel voorkomende problemen hebben ze aangegeven welke executieve functies je daarbij nodig hebt. De komende weken zullen we in een reeks artikelen praktische tips en voorbeelden geven over het trainen van de verschillende executieve functies.

slim maar

Kun je niet wachten lees dan het boek Slim maar.  Het is geschreven voor ouders, maar ook leerkrachten kunnen hier tips uithalen. Het is echt een aanrader voor iedereen die kinderen wil helpen met het versterken van hun executieve functies.

Ken jij de toegevoegde waarde van dyslexie?

Ken jij de toegevoegde waarde van dyslexie?

De maatschappij verandert door technologie en digitalisering van een industriële naar een kennis- en netwerksamenleving. Dit vraagt om andere vaardigheden van mensen. Er is een aanzienlijke groei van de vraag naar flexibele vaardigheden om goed samen te kunnen werken in een interdisciplinaire omgeving. De vraag naar mensen met deze vaardigheden is hoog, het aanbod beperkt. Daar ligt de waarde van dyslexie!

De waarde van dyslexie

Wat heeft deze verandering met dyslexie te maken?  Uit onderzoek van Ernst en Young blijkt dat de positieve kanten van dyslexie hier uitkomst bieden.

Dyslexie is een genetisch verschil in het leervermogen en informatie verwerking van mensen. Hierdoor hebben dyslectici andere capaciteiten, met als sterke punten creativiteit, probleemoplossend vermogen en communicatieve vaardigheden. Daar staat moeite met spelling, lezen en onthouden van feiten tegenover.
Deze andere manier van denken, maakt dat dyslectische personen een andere kijk hebben op een situatie en met creatieve oplossingen komen.
Het vermogen om zaken te visualiseren, de kracht van logisch redeneren en ondernemerschap kunnen een frisse, vaak vernieuwd perspectief bieden

Onbenut talent

Dyslectische sterke punten sluiten nauw aan bij veranderde behoefte van organisaties en kunnen hier dan ook van grote waarde zijn. Een groter bewustzijn van deze sterke punten, neuro-diverse vermogens en gewenste toekomstige vaardigheden in de maatschappij is nodig. Zowel in het onderwijs als binnen ondernemingen kan dan beter ingespeeld worden op deze kwaliteiten.

Dyslexie wordt echter vaak gezien vanwege zijn uitdagingen in plaats van sterke punten. Er is veel meer bekend over waar iemand met dyslexie moeite mee heeft dan waar hij bovengemiddeld goed in is. In het onderwijs en binnen organisaties, kan er een negatieve perceptie zijn van dyslexie. Met als gevolg dat veel potentieel onbenut blijft.

Een verandering in de perceptie van dyslexie is nodig omdat dit maakt dat kinderen, maar ook volwassene zich kunnen ontplooien. Zorg dat dyslectici de ruimte krijgen om tot volledige ontwikkeling te komen. Want we hebben ze ontzettend hard nodig in de snel veranderde wereld om ons heen.

Hoe geweldig zou het zijn als we allemaal meer naar deze kwaliteiten zouden kijken!

Er is meer aandacht nodig voor de kwaliteiten van dyslexie

Dyslectische denkvaardigheden, de waarde van dyslexie

  • Visualiseren
    75% van de dyslectici is bovengemiddeld goed in visualiseren. Interactie met ruimte, zintuigen, fysieke ideeën en nieuwe concepten;
  • Verbeelden
    84% van de dyslectici is bovengemiddeld in verbeelden. Een origineel werkstuk maken of ideeën een nieuwe draai geven;
  • Communiceren
    71% van de dyslectici is bovengemiddeld goed in communiceren. Duidelijke en boeiende boodschappen maken en overbrengen;
  • Redeneren
    84% van de dyslectici is bovengemiddeld goed in redeneren. Patronen begrijpen, mogelijkheden evalueren en beslissingen nemen;
  • Verbinden
    80% van de dyslectici is bovengemiddeld goed in verbinden. Zelf begrijpen; anderen verbinden, inleven en beïnvloeden;
  • Verkennen
    84% van de dyslectici is bovengemiddeld goed in verkennen, ontdekken. Nieuwsgierig zijn en ideeën onderzoeken op een constante en energieke manier.

 

 

Wat hoogsensitieve kinderen vervelend vinden

Wat hoogsensitieve kinderen vervelend vinden

Soms kan een kind ineens boos, geïrriteerd of verdrietig worden om “niets” Of althans dat lijkt zo. Een hoogsensitief kind krijgt veel meer prikkels binnen en verwerkt deze ook diepgaander.  Hoogsensitieve kinderen krijgen dus veel binnen en denken daar diep over na. Ongeveer één op de vijf kinderen is hoogsensitief. Leren omgaan met deze gevoeligheid vermindert woedeaanvallen en huilbuien en versterkt het zelfvertrouwen. Er zijn een paar dingen die vrijwel alle hoogsensitieve kinderen vervelend vinden.

Onrecht

Op nummer één van wat hoogsensitieve kinderen vervelend vinden staat: onrecht. Het rechtvaardigheidsgevoel van een hoogsensitief kind is groot. Als iets oneerlijk gaat, dan onderneemt hij actie. Het maakt niet uit of dit hem zelf of andere aangaat.  Ze gaan in discussie als ze het niet eens zijn met een oneerlijke beslissing van ouder of de leerkracht. Als dit dan weggewuifd wordt, ze zich niet gehoord en begrepen voelt, ontvlamt dit in woede.

Onechte mensen

Gevoelige en empathische kinderen reageren sterk op hun omgeving en ze hebben het feilloos door als mensen niet echt zijn. Ze hebben echte en betekenisvolle relaties nodig met andere mensen en ze voelen zich helemaal niet prettig bij mensen die nep zijn. Kinderen klappen vaak dicht in de omgeving van deze mensen.

Een schoolreisje of sportdag

Alles gaat die dag anders. Geen herkenbare structuur, een ander dagritme. Niet de gebruikelijke lessen in de klas of pauzes waarin gegeten en gedronken wordt.  Iedereen is zo druk, duwen voortdurend, praten hardere dan normaal. Het verwerken van al deze nieuwe prikkels kost veel tijd. Tegen het eind van de dag, zijn kinderen vaak uitgeput en kunnen maar moeilijk van zo’n “leuke dag” genieten.

Hoe om te gaan met hooggevoeligheid op school

Spontane uitstapjes

Opeens ‘leuk’ op stap gaan, is iets Wat hoogsensitieve kinderen vervelend vinden. Het bekende dagritme wordt doorbroken.  Er is veel onduidelijk over wat er gaat gebeuren, wie er zijn, hoe de omgeving eruit ziet. Dit voelt voor een kind niet prettig, waardoor hij in de weerstand schiet. Een kind houd liever vast aan het bekende en voorspelbare.

Labeltjes en naden

Door hun gevoelige huid is elk kledinglabeltje of naad in een sok aanwezig en zit dit continu te kriebelen. Ook strakke kleding of ruwe stoffen worden regelmatig als vervelend ervaren.

Zand

De meeste kinderen vinden zand geweldig. Spelen in de zandbak of op het strand. Zand is echter iets wat hoogsensitieve kinderen vervelend vinden. Het zand plakt en kriebelt, komt in schoenen terecht en maakt kleren vies.

Meteen een keuze moeten nemen

“Wat wil je op je brood?”, is één van de meest gevreesde vragen, omdat papa of mama daar graag gelijk een antwoord op verwacht. Een keuze maken is lastig, omdat er zoveel consequenties zijn. Vruchtenhagel knoeit snel, pindakaas plakt in je mond en de jam heeft pitjes. Maar als ik nu iets zoets kies, mag ik dat vanmiddag niet meer. Voordat al deze aspecten zijn afgewogen, herinnert mama alweer aan de vraag, waardoor de irritatie stijgt en een keuze maken nog moeilijker is.

Een hooggevoelig kind beter begrijpen

 

Meisjes met ADHD en hun sociale strijd

Meisjes met ADHD en hun sociale strijd

Meisjes met ADHD kunnen zich soms behoorlijk schamen voor de moeilijkheden waar ze tegen aanlopen. Ze worden overweldigd door de frustratie of angst voor mogelijke negatieve gevolgen. Veel meisjes en adhd zullen er alles aan doen om te voorkomen dat ze vrienden en familie teleurstellen. Vaak wordt de worsteling en de strijd om het sociaal allemaal “goed te doen” niet gezien.  Dit kan grote negatieve gevolgen hebben voor hun ontwikkeling, hun sociale relaties en gevoel van eigenwaarde.

Meisjes en ADHD

ADHD bij meisjes wordt vaak over het hoofd gezien of niet als zodanig herkend. Een ADHD brein wordt drie keer meer gesignaleerd bij jongens dan bij meisjes. Dit komt grotendeels doordat kenmerken van  ADHD er bij meisjes anders uitzien. Je moet hierbij denken aan dagdromen in de klas, verlegenheid, perfectionisme, zich angstig of verdrietig voelen, vergeetachtigheid, emotionele ontregeling en soms moeite om vrienden te behouden.

Meisjes vertonen meer tekenen van angst- en stemmingsstoornissen dan jongens, en bij meisjes wordt vaak pas op latere leeftijd het ADHD brein herkend.  Ze ervaren vaak afwijzingen door leeftijdsgenoten. Sociale contacten zijn over het algemeen voor meisjes zeer belangrijk voor hun  welbevinden. In tegenstelling tot bij jongens waar hun prestaties veel belangrijker zijn.

Hoe herken je ADHD bij meisjes

Sociale contacten

Wanneer meisjes met een ADHD brein, signalen missen,  kan de omgang met andere moeizaam gaan. Ze maken minder makkelijk vrienden en het is soms lastig om vriendschappen goed te onderhouden. Ze willen verbinding maken, maar weten vaak niet goed hoe. Ze worstelen misschien met vergeetachtigheid en hebben moeite met luisteren. Hun uitdagingen om zich goed te uiten en emoties onder controle te houden helpt daar niet bij. Hoewel sommige meisjes met ADHD erg sociaal georiënteerd zijn, hebben ze grotere kans om buiten de groep te vallen.

Vaker wel dan niet lijden meisjes met een ADHD  brein in stilte en vertonen ze minder uiterlijke symptomen van hun worstelingen. Leraren en ouders kunnen hun ADHD missen omdat meisjes onder de radar vliegen en niet de aandacht op zichzelf vestigen.

Schaamte

Schaamte is een enorme strijd voor meisjes en ADHD. Ze schamen zich voor hun moeilijkheden.  Ze worden overweldigd door frustratie en angst voor mogelijke negatieve gevolgen op school, thuis of bij vrienden. Het is voor hun moeilijk om met teleurstellingen om te gaan. Ze willen dit dan ook zoveel mogelijk voorkomen. Dit kan voor behoorlijk wat stress zorgen. Meisjes vinden het vaak moeilijk om hulp te vragen en hebben de neiging om te verbergen wat er aan de hand is.
Ze hebben vaak moeite met groepsopdrachten en zijn bang om te worden uitgelachen als ze iets fout zeggen of doen.

Meisjes met een ADHD brein zijn over het algemeen minder populair bij hun leeftijdsgenoten. Ze vinden het moeilijk om deel te nemen aan groepen en te socializen waardoor zij zich terugtrekken.

Sociale leven

Door hun gevoeligheid voor afwijzing (afwijzingsgevoelige dysforie) hebben meisjes met een ADHD brein, de neiging om een ​​laag zelfbeeld te hebben. Ze nemen dingen persoonlijk op en herstellen langzamer van kwetsende interacties. Als zodanig lopen ze een hoger risico op eetstoornissen en zelfbeschadigend gedrag. Let daarom op waarschuwingssignalen , zoals isolatie, verlegenheid en meedogenloos perfectionisme.

Help een meisje te leren hoe ze zich kan concentreren op sociale signalen, deze kunnen herkennen en passend te reageren. Vaak is het zelfrespect van meisjes en vrouwen met ADHD verbonden met sociale relaties. Oefen met haar wat je moet of kan doen, wat je moet zeggen en hoe je iets moet zeggen. Als ze bijvoorbeeld een uitleg of vraag niet begrepen hebben, en ze graag de vraag of uitleg nog een keer willen horen. Wat kun je dan zeggen, hoe stel je zo’n vraag? Hoe lang wacht je op reacties?

Leer een kind  dat er verschillende soorten vriendschappen zijn. Er zijn kennissen, vrienden en beste vrienden. Hoe ziet een vriend eruit? Wat doet een vriend? Een kennis? Dit zal haar helpen gemakkelijker in sociale kringen te manoeuvreren.

Beheer je eigen frustraties en kom met mededogen, vriendelijkheid en begrip. Veel ouders van kinderen met ADHD hebben ook ervaring met of leven met ADHD. Kinderen met ADHD hebben allemaal unieke hersens: help meisjes om die van hen te omarmen!

Meisjes en adhd begrijpen