**//sticky ads code//**
Dyscalculie, het minder bekende broertje van dyslexie

Dyscalculie, het minder bekende broertje van dyslexie

Dyslexie is voor veel mensen bekend. Veel minder bekend is dyscalculie. Dyscalculie is een leerprobleem op het gebied van rekenen en ruimtelijk inzicht. Kortweg: wat dyslexie is bij taal, is dyscalculie bij rekenen. Ik ga misschien te kort door de bocht door het broertje van dyslexie te noemen. Echter, dyslexie en dyscalculie hebben meer verwant dan je zou verwachten.

Wat is dyscalculie?

Niet iedereen heeft een rekenknobbel en dat hoeft ook niet. Soms is er echter meer aan de hand en wordt rekenen een groot en hardnekkig struikelblok. Dyscalculie betekent letterlijk vertaalt ‘beperkt rekenen’. Net zoals bij dyslexie zijn voor dyscalculie dezelfde criteria beschikbaar waarmee bepaald wordt wanneer je van dyscalculie mag spreken en in aanmerking komt voor een dyscalculieverklaring:

  • ernst van de problemen
  • mate van achterstand
  • en of er sprake is van didactische resistentie (=ondanks 3-6 maanden extra instructie door leerkracht of remedial teacher is weinig vooruitgang geboekt)

Hoe vaak komt dyscalculie voor?

Percentages in onderzoeken variëren tussen de 2-7%. Overigens heeft een groter percentage (10-15%) grote moeite met rekenen. Opvallend liggen de percentages in lijn met dyslexie ondanks de lagere bekendheid. Het belang van rekenen voor het dagelijks leven (op tijd zijn, omgaan met geld, meten) is groot, terwijl dyscalculie nog wordt onderschat. Dyscalculie kan net als dyslexie het effect op kinderen hebben dat ze denken ‘ik ben dom’, terwijl ze dat niet zijn.

Wat zijn de verschijnselen van dyscalculie?

Kinderen met dyslcalculie kunnen moeite hebben met het leren van cijfers, eenvoudige sommen lastig vinden, niet kunnen schatten, lang op de vingers blijven tellen, omdraaien van cijfers bij getallen (68 wordt 86), leen- en onthoudfouten, fouten bij het toepassen van de rekenregels. Een kind kan problemen hebben  met het automatiseren van tafels en delen. Of met het begrijpen van rekensymbolen (+,- , =). Soms heeft een kind ook moeite met het verschil kennen tussen links en rechts, kaartlezen, klokkijken, op tijd komen, notenschrift lezen, ordenen, dingen in de juiste volgorde plaatsen. In de praktijk zijn er grote individuele verschillen.

Oorzaken van dyscalculie

De oorzaak van dyscalculie is onduidelijk. Wel bekend zijn factoren die een rol kunnen spelen bij het ontstaan van dyscalculie:
1) Beelddenken: denken in beelden en gebeurtenissen, niet in woorden en begrippen. Veel onderwijsmethoden zijn gebaseerd op taal en stap-voorstap methoden. Dat past niet goed bij kinderen die meer in beelden denken. Beelddenkers weten soms heel snel de uitkomst van een som, maar kunnen niet uitleggen hoe ze aan hun antwoord komen.
2) Missen van de betekenis bij symbolen: cijfers en rekensymbolen zorgen dan voor verwarring. Zien ze het verband tussen het cijfer 5 en het daarbij behorende aantal? Kennen ze de betekenis van rekensymbolen zoals + en =?
3) Dyslexie/leesproblemen: een deel van de kinderen heeft ook dyslexie. Het lezen van redactiesommen is moeilijker of ze lezen 2 x 5 = 7 in plaats van 2+5=7.
4) Mate van desoriëntatie: mate van afleiding , van verwarring. Is het kind vaak afgeleid in de klas, heeft het bijvoorbeeld ADHD? Het kind heeft minder aandacht bij de juf of les en mist belangrijke uitleg. Raakt het verward door de symbolen of zit het in de rekenstress? Dan zorgt de desoriëntatie dat het kind iets anders ziet dan er staat.
5) Missen van concepten: bij rekenen heb je vereiste vaardigheden nodig als consequentie, oorzaak-gevolg denken, tijd, orde, volgorde, etc. Als een kind een concept (deels) mist, mist het kind een vaardigheid die nodig is bij het rekenen.
6) aangeboren- of erfelijke aandoeningen: als dyscalculie in de familie voorkomt, is de kans groter. In het algemeen hebben meisjes met het syndroom van Turner meer moeite met rekenen.

Wat zeker geen rol speelt is de intelligentie, want op elk IQ niveau kun je dyscalculie hebben.

Wat hebben dyscalculie en dyslexie verwant?

Zowel bij dyscalculie als dyslexie zijn de factoren beelddenken, missen van betekenis bij symbolen en mate van desoriëntatie vaak aanwezig. Daarmee heb je mogelijkheden om de vicieuze cirkel, van lage prestaties naar negatieve emoties zoals frustratie en faalangst naar nog lagere prestaties, te doorbreken. Door gebruik te maken van hun beelddenkend vermogen. En hun te leren bewust te worden van hun desoriëntatie zodat ze zelf hun aandacht weer kunnen richten.

bron beeld-wijs.nl

Dikke vrienden met de Dikke Van Dale?

Dikke vrienden met de Dikke Van Dale?

Het woordenboek, iedereen kent het. Toch krijgt dit boek minder aandacht dan vroeger en dat is jammer. Ik merk als Davis-counselor dat kinderen niet weten hoe ze moeten omgaan met een woordenboek. Toen vriendinnen vertelden dat ze vol verbazing zagen hoe hun vwo kinderen worstelden met dit boek, vond ik dat het tijd werd voor een pleidooi.

Ik hoor jullie al zeggen: kinderen kunnen een woord toch opzoeken op hun computer of telefoon? Klopt, toch heeft het leren werken met een woordenboek voordelen. De voordelen van leren omgaan met een woordenboek:

  • Het is handig om je basisschool kind de vaardigheid te leren hoe je woorden opzoekt. Later op de middelbare school met vreemde talen werken ze ook met woordenboeken.
  • Je kind heeft geen afleiding bij het maken van huiswerk. Op een telefoon zien ze meteen of een nieuw berichtje binnengekomen is en zijn afgeleid. Een woordenboek helpt je als ouder om de schermtijd te
    beperken.
  • Een woordenboek kan je altijd raadplegen, ook als het internet even uit ligt of de batterij van de smartphone leeg is.
  • In een boek kan je bladeren. Bij het opzoeken van een woord worden niet alleen de hersencentra voor het zien geactiveerd, maar ook die voor beweging en gevoel. Je kind ziet niet alleen, maar voelt ook waar een letter in het alfabet zit.
  • Je kind kan ontdekken hoe handig het is om het alfabet goed te kennen, niet alleen als een liedje. Het alfabetliedje zingen totdat je bij M bent kost tijd of je zingt zo snel dat je nog niet hoort waar M zit. Het
    alfabet is geen liedje, het zijn 26 symbolen op een door mensen bedachte volgorde.
  • Vergeten kinderen bepaalde letters als de Q en de X? Laat je kind ontdekken welke woorden met deze letters beginnen.
  • Voor een kind met leesproblemen en dyslexie kan juist dit boek een hulp zijn bij het uitbreiden van zijn woordenschat. Als gevolg van dyslexie hebben sommige kinderen een kleinere woordenschat en
    ontwikkelen ze problemen met begrijpend lezen.

Hoe kan een woordenboek een hulp zijn bij kinderen die in beelden denken en leesproblemen of dyslexie hebben?

Voor hun is het een boek vol met rijtjes woorden zonder samenhang. Voor kinderen met dyslexie schrikt het
helemaal af.

Tips bij beelddenkers:

  • Begin met het verhaal te vertellen achter een woordenboek. Over het ontstaan van woorden na rotstekeningen en hiërogliefen. Dat mensen dezelfde symbolen gingen gebruiken. Met deze symbolen (letters) werden namen gegeven aan dingen, dieren, etc. Alle afgesproken woorden staan in een woordenboek.
  • Leg uit hoe een woordenboek werkt, de alfabetische volgorde, de begin- of eindwoord bovenaan een pagina, etc. Uitleg voor in een woordenboek kan je daarbij helpen.
  • Doe spelletjes met een woordenboek om hun zoekvaardigheid en hun woordenschat te vergroten. Hoe groter hun woordenschat, hoe makkelijker het (begrijpend) lezen gaat.

Voorbeelden van spelletjes met een woordenboek:

  • Als je kind een tekst leest, kan hij moeilijke woorden op woordkaartjes schrijven. Op de voorkant schrijft je kind het woord (met lidwoord) en op de achterkant maakt je kind een tekening of plakt hij of zij een
    plaatje van de betekenis. Eventueel schrijf je de betekenis erbij.
  • Met de woordkaartjes doe je spelletjes als het raden van het woord. Jij laat het plaatje met omschrijving zien. Je kind mag raden welk woord op de voorkant staat.
  • Woorden opzoeken die bij elkaar horen en hier groepjes woordkaartjes van maken zoals huis-flat-appartement-bungalow. Husselen met andere groepjes woordkaarten en dan je kind de juiste groepjes laten maken.
  • Woorden op de juiste volgorde laten leggen. Je kan hier spelen met de letter positie in het woord. Meest simpel is alleen de 1e letter te gebruiken als bij kat-hond-dolfijn en moeilijker maken kan door 1e en 2e
    letter gelijk te houden: column-codicil-collecte-coach-cocon. Zit er een woord tussen dat ze niet begrijpen, dan kan je kind meteen de betekenis opzoeken en hier een woordkaartje van maken.
  • Zoeken van grappige, onbekende woorden en kijken of andere kinderen of ouders weten wat het betekent. Voor kinderen die dol zijn op Roald Dahl is het nieuwe Roald Dahl woordenboek leuk om te gebruiken. Let op ouder: in dit woordenboek staan naast gniffelgave gewone woorden ook door Roald Dahl bedachte woorden.
    Voor kinderen zijn speciale kinderwoordenboeken. Die sluiten aan bij wat een kind op een bepaald moment moet kennen. Met de spelletjes vergroot je de woordenschat, terwijl je kind leert met een woordenboek te werken. Een woordenboek is geen worsteling meer, eerder een vriend.

Ook ideeën of vragen?

Heb je ook ideeën voor spelletjes met het woordenboek? Laat een reactie achter. Wil je meer weten over hoe je kind met dyslexie via de Davis-methode het alfabet eigen maakt en leert om te gaan met het woordenboek, neem dan contact op via mijn site Beeld-Wijs.nl.

Wynanda Pool

Wynanda Pool

Wynanda Pool is 45 jaar en de trotste moeder van twee tienerkinderen. Door haar oudste kind is ze een aantal jaar geleden in aanraking gekomen met de Davis methode en heeft zij nu haar eigen praktijk Beeld-Wijs. Ze begeleidt kinderen en volwassenen met dyslexie, dyscalculie en AD(H)D.

Haar oudste kreeg na een moeizame periode op school zijn dyslexieverklaring. Het vergoede traject daarna hielp een beetje. De grote verandering in zijn zelfbeeld en zelfvertrouwen kwam door de Davis methode die zij voor hem volgde. Plaatjes in de Donald Ducks werden ingewisseld voor dikke boeken. Belangrijkste was dat dyslexie geen onderdeel meer was van zijn identiteit: ‘ik ben niet dom, ik leer alleen anders!’ Deze verandering gunt zij elk kind en volwassene en zo is haar praktijk Beeld-Wijs ontstaan.

Na de opleiding tot Davis Counselor heeft zij zich verder verdiept in ADHD en is ze ook coach voor volwassenen met ADHD. Ze is nu bezig met de opleiding tot Davis Autisme counselor. Meer informatie is te vinden op haar website. Daar zijn ook haar andere blogs te vinden.