**//sticky ads code//**
Briefje aan mijn puberende zoon

Briefje aan mijn puberende zoon

Bijna drie jaar geleden schreef ik dit briefje aan mijn zoon:

‘Als beelddenker moet jij, lieve schat, maar alle plaatjes
en beelden die constant als een orkaan door je hoofd razen de baas blijven.
Ze leiden je af van de lesstof en wat zit je hoofd vaak vol.
Met hulp van school, jouw doorzettingsvermogen en jouw enthousiasme
kom jij, mijn kind, er echt wel.
En wij…. Wij volgen jou op je levensweg.
Houden je in de gaten, houden soms je hand vast,
rapen je op als je valt.
Maar jij, lieverd, bepaalt de snelheid en de route
van het af te leggen pad. En wij volgen je op de voet.’

Liefs, Mama

Dit briefje aan mijn zoon was het begin van 65 blogs over mijn visueel ingestelde zoon.

Bijna alles kwam aan bod: het verdriet van Tijs omdat hij zich zo onbegrepen voelde in een wereld vol taaldenkers, de frustratie wanneer hij de lesstof niet in zich op kon nemen en zich daarom dom voelde. De WISC II IQ test die niet de creatieve talenten toetste maar alleen het  verbale- en performale vaardigheden van een kind, waardoor de uitslag uiteraard veel lager uitpakte. De ‘Ik leer anders methode’, de (onbedoeld) grappige woordspelingen van mijn zoon, het snelle denken en de humor om serieuze zaken op een ‘andere’ manier te zien. Het chaotische denken en van de hak op tak springen. De vele talenten die Tijs in zich heeft, maar die helaas in deze maatschappij minder van belang zijn dan presteren volgens de CITO toetsen.

Tijs is veranderd van een onzeker, wat naïeve jongen in een zelfverzekerde, soms recalcitrante, puber van bijna dertien jaar. Het schooladvies valt veel hoger uit dan wat in de verwachting lag. Tijs gaat nu naar de VMBO waar hij al jaren zijn zinnen op heeft gezet. Een goede keuze waar veel aandacht is voor de talenten van de scholieren. Een school met visie en methoden die zo goed bij mijn kind past. Wat ben ik trots op zijn doorzettingsvermogen.

De blogs hebben mij ook veel opgeleverd: Ik heb veel bijzondere mensen leren kennen. Heb veel reacties mogen ontvangen van andere moeders met beelddenkende kinderen. Ik heb me verdiept in het visueel ingesteld kind en in de ‘Ik leer anders’ methode, waardoor ik gecertificeerd coach ben om andere kinderen te helpen. Ik heb presentaties gegeven, met als hoogtepunt een interactieve presentatie met de klasgenootjes van Tijs. Op dit moment volg ik de opleiding ‘Kindercoach’.

Mijn doel, drie jaar geleden, om meer bekendheid te geven aan beelddenken is beloond door mijn bijdrage op de website: www.deleukstekinderen.nl

Het voelt goed. Het is tijd voor mijn laatste blog. Ik houd niet van losse eindjes. De cirkel is voor mij rond met dit briefje aan mijn puberende zoon:

‘Daar staan we dan, lieve schat.
 Niet meer hand in hand, want dat is écht niet cool.
We kijken achterom en zien het lange pad dat we bewandeld hebben.
Voor ons zien we de beloning van het harde werken van jou:
De VMBO school waar je zo graag heen wilt.
We kunnen nog niet oversteken.
 Het licht staat nog niet op groen. Maar dat duurt niet lang meer.
Nog een paar maanden en we zullen jou, lieverd, uitzwaaien.
Je zult dan dit kruispunt oversteken en de weg bewandelen die jij zelf gekozen hebt.
Je zult vallen, maar je hebt geleerd om weer meteen op te staan.
We zullen je nog steeds In de gaten houden maar met meer afstand,
want hand in hand lopen kan écht niet meer als je dertien bent.
Weet in ieder geval dat we er altijd voor je zullen zijn als je ons nodig hebt.’

Een hele stiekeme kus (want je prehistorische moeder kussen als je puber bent is écht niet vet),

Je moeder

 

Mijn kind in beeld

Mijn kind in beeld

Een week voor dé grote dag ziet mijn PowerPoint er gelikt uit. Vooral op de grappige overgangen naar een nieuwe sheet ben ik erg trots.
Na een paar weken chaos in mijn hoofd en op papier heb ik nu de juiste volgorde en alle belangrijk informatie over beelddenken die ik graag wil delen. Mijn presentatie: Mijn kind in beeld

De presentatie is opgebouwd uit twee delen. In deel I leg ik uit wat beelddenken is door middel van een kort filmpje over visueel ingestelde kinderen op de basisschool. Ik laat op een duidelijk plaatje de kenmerken en karaktervergelijkingen zien van taal-versus beelddenkers. En voor elke groep heb ik minimaal twee praktijkvoorbeelden waar beelddenkers tijdens de les, het maken van opdrachten en tijdens het luisteren van de uitleg tegen aan kunnen lopen. Dus ook hoe een leerkracht een beelddenker zou kunnen herkennen. Met dank aan Tijs, die mij deze voorbeelden op een presenteerblaadje heeft aangereikt door de jaren heen.

Deel II is een iets aangepaste en verkorte versie van de Ik Leer Anders (ILA) presentatie. De basis wordt uitgelegd: Hoe het hoofd van een visueel ingesteld kind wordt ingericht in kamers of kasten, dat de lesstof visueel wordt opgeslagen (informatie krijgt zo een eigen plek in één van de kamers) en dat de lesstof vertaald wordt naar beelden. Ik leg de ILA methode uit aan de hand van het visualiseren van het alfabet, hoe een woord als een plaatje wordt opgeslagen in één van de kamers, zodat een beelddenker dat woord voor zich ziet en het van voor naar achter en van achter naar voor kan spellen. Daarna laat ik zien dat cijfers via het honderdveld geautomatiseerd kunnen worden en hoe een kind + en – sommen kan maken via het honderdveld. Tot slot leg ik uit hoe de tafelsommen opgeslagen kunnen worden en hoe je een beelddenker het beste de analoge klok kunt leren kijken.

Héél veel informatie

Informatie welke ik in ongeveer een uur wil vertellen.
Ik oefen de presentatie een paar keer voor mijn man. Hij heeft veel ervaring met spreken voor groepen. Hij geeft me nog een paar handige tips, maar is aangenaam verrast over mijn gelikte presentatie en dan vooral over hoe ik mijn verhaal overbreng.

Wat ben ik zenuwachtig op de dag zelf. Uiteraard slaat bij mij de onzekerheid weer genadeloos toe. Ik vraag me elk uur wel af waarom ik mezelf dit aandoe.

Wanneer ik eindelijk voor de bekende gezichten sta van de leerkrachten van OBS ‘De Bonte Tol’ valt in één keer de spanning weg. Vol enthousiasme vertel ik mijn verhaal geleidt door de plaatjes, beelden en voorbeelden. Vooral bij de praktijkvoorbeelden zie ik bij de leerkrachten herkenning en is er veel interactie. Ik merk dat ik de aandacht kan vasthouden en dit in combinatie met de interactie geeft mij een ontzettende kick.

Meer informatie

‘Dit is wat ik wil’, denk ik regelmatig tijdens de presentatie. Wat is dit leuk en wat krijg ik hier een energie van.
Weer thuis zit Tijs te wachten op mij: ‘Jeetje mam, het ging zeker niet goed?’
‘Hoezo?’ vraag ik verbaasd.
‘Het duurde zo lang. Ik was bang dat je het steeds opnieuw moest doen.’
‘Nee joh! Het ging heel goed. De juffen en meester hadden juist heel veel vragen.’
‘Gelukkig’, zucht mijn kind en verdiept zich weer in zijn minecraft wereld.

Ik zit in mijn eigen wereldje en ben alle leerkrachten, de directrice maar vooral juf uit groep 7 heel dankbaar dat ze de tijd hebben genomen, maar vooral omdat ze open stonden om het verhaal van een ‘anders’ lerend kind aan te horen. Ik besef dat mijn kind gehoord en gezien wordt op school. De keuze, jaren geleden, om ons kind op OBS ‘De Bonte Tol’ zijn bassischool periode te laten doorbrengen is door ons gevoelsmatig genomen. En wat ben ik blij dat we nooit getwijfeld hebben aan ons gevoel.

Geïnteresseerd in mijn presentatie ‘Mijn kind in beeld’? Ik kom graag langs op scholen om te vertellen over deze bijzondere en getalenteerde kinderen.

 

Een nieuwe uitdaging

Een nieuwe uitdaging

Juf en ik hebben een intensief mailcontact. Wat is zij betrokken bij het ‘anders’ leren van Tijs. Vaak krijg ik nog een mail van juf op vrijdagavond, waarin ze mijn vragen beantwoord of zelf met vragen komt. En dat vind ik zo tof aan juf. Ze laat merken en voelen dat ze oprecht geïnteresseerd is in Tijs.

Op de dagen dat deze juf les geeft zie ik een blij en opgewekt kind. Juf heeft namelijk de gave om op de juiste momenten een (leer)spelletje te doen waardoor de kinderen lol hebben, even stoom kunnen afblazen én niet in de gaten hebben dat ze er ook nog iets van opsteken. Ook haar inlevingsvermogen heeft groot effect op Tijs, maar ook op mij.

Dan krijg ik een mail van juf of ik langs kan komen. Ze wil iets bespreken met me. Ik schrik, want ik heb nét het gevoel dat alles soepel verloopt.
Wanneer ik, op mijn hoede met mijn armen over elkaar, tegenover haar zit schiet juf in de lach.
‘Met Tijs gaat alles goed hoor. Anders had je het allang gehoord. Hadden we toch afgesproken?’
Ik knik en baal een beetje dat ik aan haar heb getwijfeld.

‘Ik heb eens nagedacht over alle informatie die ik van jou gekregen heb over beelddenken. Vooral de informatie speciaal voor leerkrachten over een visueel ingestelde leerling is erg interessant. Wanneer je over beelddenken vertelt doe je dat met zoveel enthousiasme en passie. Wat zou je ervan vinden om hier op ‘De Bonte Tol’ voor alle leerkrachten een presentatie te geven over beelddenken?’

‘Oh, wat gaaf!’ roep ik direct

De onderwerpen, praktijkvoorbeelden en filmpjes als een flipperkast schieten door mijn hoofd. Tegelijkertijd voel ik een kriebel in mijn buik. Want het lijkt me doodeng om een presentatie te geven. Ik zal uit mijn comfort zone moeten stappen om iets te doen wat ik nooit gedaan heb. Kan ik voor een groep mensen mijn verhaal vertellen? Kom ik duidelijk over? Lukt het me om de aandacht vast te houden? Lukt het me om überhaupt een presentatie in PowerPoint te maken?’

Juf ziet mijn emoties en twijfels. Ik heb geen pokerface. Af en toe best lastig, maar aan de andere kant weet iedereen die tegenover me zit wel hoe ik mij daadwerkelijk voel.
‘Als je het prettig vindt, mag je altijd met me sparren hoor! Maar ik weet gewoon dat het je gaat lukken. Je bent zo betrokken bij het onderwerp.’
‘Wie zullen er dan bij zitten?’ vraag ik.
‘Alle leerkrachten, Intern begeleider en de directrice.’

En dan wordt de kriebel in mijn buik heftiger. Er zullen veel leerkrachten naar mijn verhaal luisteren die ik ken. Die ik een jaar lang gebombardeerd heb met mijn tips. Leerkrachten die mij geheid lastig gevonden hebben.

Toch overheerst mijn enthousiasme. En alle beren die weer eens op de weg verschijnen, probeer ik te negeren. We plannen een datum. In de eerste week van het nieuwe jaar. Ik heb dan zes weken om mij de presentatie eigen te maken. Vol energie kom ik thuis.

Verbazing

Tijs kijkt me verbaasd aan als ik vertel wat juf mij gevraagd heeft.
‘Jíj? Ga jíj aan de juffen en meesters les geven? Dat heb je nog nooit gedaan.’
En bedankt voor het vertrouwen en de opbeurende woorden meneertje, denk ik: ‘Eén keer moet toch de eerste keer zijn?  Zeg ik.

‘Vind je het niet eng dan?’ vraagt Tijs.
‘Ja, doodeng!’ zeg ik naar waarheid. Ik vond de spreekbeurten vroeger afschuwelijk. Stond met kramp in mijn buik voor de klas mijn verhaal, dat ik in mijn hoofd gestampt had, op te dreunen.
‘Waarom doe je het dan? Moet het van de juf?’ vraagt Tijs.

‘Juf vroeg het aan me. Ze denkt juist dat ik het wel kan, omdat ik zoveel over beelddenken weet. Ook dankzij jou’, zeg  ik en knijp Tijs even speels in zijn arm.
Mijn zoon is even stil. Denkt na: ‘Moet ik je helpen, mam?’
Ik knuffel mijn kind: ‘Je mag me helpen met de PowerPoint. Daar weet ik echt niets van af.’
Zijn ogen glimmen: ‘Kom op, mam. Gaan we direct kijken naar een leuke presentatie.’

Voor ik het weet zit ik met mijn 11-jarige zoon achter de laptop . Vrij snel hebben we een degelijke, maar ook stoere en grappige basis voor de presentatie. Ik heb een presentatie met animaties en overgangen waarvan ik het bestaan nooit geweten heb.

De volgende stap is de presentatie uitwerken en bedenken wat ik er allemaal mee wil vullen. Dat wordt een grote uitdaging omdat ik zoveel wil vertellen, zoveel duidelijke praktijkvoorbeelden heb om de leerkrachten te laten ervaren en zien  wat ‘typisch’ beelddenken is. Een ‘andere’ manier van lesstof opslaan en soms woorden en zinnen letterlijk nemen. De eerste twee zinnen horen en daarna zo afgeleid zijn door alle beelden die door het hoofd razen, dat de rest van het verhaal al niet meer gehoord word. Laat staan de oefening die er bij hoort. Woorden niet goed kunnen spellen, slordig lezen, moeite met tafelsommen, moeite met automatiseren van sommen. Niet goed kunnen klokkijken. Ik ben bang dat ik een dag nodig heb om mijn verhaal te kunnen vertellen.

Wanneer mijn man thuis komt, barst ik nog steeds van de energie. Ik ben hyper door alle ideeën en beelden die door mijn hoofd schieten. Morgen ga ik als eerste een lijst maken met de onderwerpen. Dan zal het hyper gevoel over zijn. Maar eerst geniet ik nog even van mijn energie boost.

 

 

Topotoets: van Gibraltar naar Giethoorn

Topotoets: van Gibraltar naar Giethoorn

Wanneer Tijs voor de deur staat, zie ik aan zijn gezicht dat hij het niet naar zijn zin heeft. Hij gooit zijn rugzak op de grond en wappert chagrijnig met een aantal vellen papier.

‘Dit moet ik dus vrijdag uit mijn hoofd weten he!’, zegt hij. ‘Eerst je tas opruimen, kijk ik daarna wat je in je handen hebt’, zeg ik, een zucht binnen houdend.
Mopperend over al het onrecht dat school hem aandoet en dan met name dat hij vrijdag, ja vrijdag al, alles uit zijn hoofd moet weten ruimt hij zijn tas op.
‘Laat eens zien?’ Het is een topotoets van drie landen tegelijk: Frankrijk, Spanje en Portugal. Het ziet er behoorlijk pittig uit.

‘Sinds wanneer weet je dat je deze toets vrijdag hebt?’ vraag ik voor de zekerheid.
‘Vorige week ofzo.’ Tijs haalt zijn schouders op. En die ‘wat kan het mij schelen’ houding valt bij mij verkeerd.

‘We hadden dit dus al afgelopen weekend kunnen oefenen. Nu hebben we nog maar drie avonden. Waarom kom je er nu pas mee? En durf het niet je schouders op te halen’, priem ik met een vinger in zijn richting.

‘Omdat ik het moeilijk vind’, zegt Tijs eerlijk. ‘ In landen als Nederland, België en Duitsland zijn we best wel vaak geweest en dan kunnen we ezelsbruggetjes maken. Maar in Frankrijk, Spanje en Portugal komen we toch eigenlijk nooit? Hoe moet papa mij dan helpen? We zijn maar één keer in Frankrijk geweest.’

‘Jij hoeft je niet druk te maken hoe papa jou gaat helpen om de steden, bergen en rivieren in je koppie te krijgen. Je weet dat papa bijna overal wel een oplossing voor heeft.’
Wanneer de mannen dezelfde avond aan de eettafel zitten met Frankrijk, Spanje en Portugal tussen hun in, wens ik in stilte mijn man succes. Dit is, gelukkig, zijn afdeling. Ik nestel mij op de bank met een tijdschrift.

Visualisatie van de topotoets

‘Beginnen we met de grootste stip van Frankrijk’, zegt mijn man. ‘Welke stad is dit?’
Tijs kijkt wazig uit zijn ogen. Eén groot vraagteken hangt boven zijn hoofd.
‘Begint met een P’, helpt mijn man. Een stilte volgt. ‘Begint met PA…’

‘Papendrecht!’ roept Tijs enthousiast.
Ik leg mijn boek opzij. Kan niet geloven wat ik hoor.
‘Papendrecht?’ hoe kom je daar nu bij?’ vraagt mijn man.
‘Weet ik veel. Dit was de eerste stad die bij me opkwam.’ Zegt Tijs.

Een lach borrelt zich bij mij een weg naar boven.
‘Nee Tijs, we zijn met Frankrijk bezig. Deze grote stip hier, daar ligt Parijs!’
‘Oh, zeg dat dan meteen. Daar zijn we afgelopen zomer nog doorheen gereden. Weet je nog?
Hebben we de auto bij de Eiffeltoren neer gezet. Was cool he?’
‘Weet je nog langs welke grote rivier we toen gelopen hebben?’
‘De Seine’, zegt Tijs zonder te twijfelen.

‘Inderdaad. En de Seine loopt hier op de kaart. Kijk maar,’ wijst mijn man met zijn vinger op de kaart.
‘En weet je nog, papa, dat mama zo kwaad werd op je omdat je twee keer over die drukke rotonde reed? Iets met Arc of zo. Mama wilde toen bijna uit de auto stappen.’ De mannen lachen. Ik iets minder.
‘Weet je in welk gedeelte van Frankrijk we toen op de camping stonden?’ vraagt mijn man, ‘Kijk hier. In de Loire streek. Hier loopt de rivier de Loire’, wijst hij aan.

‘Dat was gaaf he?’ reageert Tijs. ‘Daar waren mooie kastelen, leuke stadjes en het zwembad op de camping was ook zo cool.’

‘Weet je nog het nummer van de caravan?’ vraag ik Tijs.
‘Ja hoor. Cent quatre-vingt treize.’ honderddrieënnegentig, en dat klopt. Elke ochtend gingen Tijs en ik vers stokbrood en croissantjes halen voor het ontbijt. Hij wilde de bestelling altijd graag in het Frans doen en leerde het nummer uit zijn hoofd.

‘We gaan weer verder met de steden’,  zegt mijn man, ons uit de herinneringen halend.
Dan is Gibraltar aan de beurt.  Mijn man helpt hem weer een handje: ‘G…GIE…’

Associates

‘Giethoorn,’ roept Tijs. De lach die eerst nog borrelde moet mijn lichaam uit en ik gier het uit. Hoe komt hij er bij! Mijn man kan zijn lachen ook niet meer inhouden. De tranen stromen over onze wangen. Tijs die het ook allemaal wel grappig vindt lacht mee.
‘Weet je nog, mama, dat we met opa, oma, Caroline, Mirjam, Romke, Joyce en Luc in Giethoorn waren?’
Ik knik. Zie de dag weer zo in beelden voorbij schieten.
‘Weet je nog dat Caroline zo aan het gillen was toen ze de boot in moest?’

Ik haal het beeld weer zo voor me: Mijn oudste zus die in spagaat, met het éne been in de boot en het andere been op de wal stond terwijl het bootje steeds verder van de kade dreef. En gillen dat ze deed. We stonden erbij en keken er naar, omdat we zo moesten lachen. Typisch een Caroline actie.

Ik schiet in de lach. Wat een gezellige dag was dat met mijn ouders, zussen, zwager, nicht en neef. Een dag om te koesteren.
‘Hallo!’, roept mijn man, ‘dit is NIET Giethoorn, maar Gibraltar!’ Tijs en ik worden weer ruw gestoord in onze herinneringen: Beelden die razendsnel door onze hoofden schieten. Maar wat is het fijn om soms even terug te gaan naar leuke momenten. Tijs en ik waren net echt even terug in Giethoorn.

Mijn man vindt het genoeg voor deze keer. Er moet nog veel geleerd worden, maar we hebben nog twee dagen. Uit ervaring weten we dat het allemaal wel goed zal komen. Op het laatste nippertje, dat wel.

Ook deze toets is wonderwel goed gekomen. Een ruim voldoende! En dat dankzij het geduld van mijn man en de vele ezelsbruggetjes om de steden, rivieren en bergen zoveel mogelijk te visualiseren.

Ik leer anders methode

Ik leer anders methode

‘Because I’m happy. Clap along if you feel like a room without a roof. Because I’m happy. Clap along if you feel like hapiness is the truth.’
Op de uitgeprinte routeplanner zie ik dat ik bijna ben gearriveerd op de locatie waar de opleiding zal plaatsvinden van de ‘ Ik leer anders ’ methode.

‘Becaus I’m happy’, schal ik hard en vals mee met Pharell Williams. Maar dan rijd ik plotseling in het centrum van Monster. Huh? Ik had langs een molen moeten rijden en daar had ik direct moeten afslaan naar rechts. Opeens ben ik niet zo happy meer en het zweet breekt me uit. Hier was ik al zo bang voor. De weg niet kunnen vinden en hopeloos verdwalen. Gelukkig ben ik een half uur eerder vertrokken. Ik heb dus nog alle tijd om de locatie te vinden, praat ik mezelf moed in.

Ik stop naast een vrouw die haar hond uitlaat en vraag haar of ze mij de weg kan wijzen.
‘Tja’, zegt ze. ‘Het is hier allemaal eenrichting. Je moet in ieder geval die kant op’, wijst ze naar links. ‘Maar ja, daar mag je niet in.’

Ik bedank haar en rijd wat doelloos rond tot ik een oudere man met boodschappentas spot. Hij wijst mij echter de andere kant op, met dezelfde waarschuwing: ‘Het is lastig te vinden vanaf deze plek. Alles is eenrichting.’

Ik heb inmiddels nog maar een kwartier. Ik besluit mijn auto op een parkeerterrein te parkeren en dan proberen te voet de locatie te vinden. Onderweg maak ik foto’s van de straatnaambordjes. Het zal me niet gebeuren dat ik straks mijn auto niet meer kan terug vinden.

De andere cursisten

Precies op tijd arriveer ik op de plek van bestemming. Ik kan direct doorlopen naar één van de stoelen die nog vrij is. Ik tel 23 cursisten. We beginnen met een voorstel rondje. Daar was ik al bang voor. Weet iedereen direct dat ik geen leerkracht of kindercoach ben, maar ‘gewoon’ een werkende moeder met een beelddenkende zoon.

De meeste cursisten zijn kindercoach, die zich de ‘Ik leer anders’ methode eigen willen maken of leerkrachten die deze twee opleidingsdagen gebruiken voor hun studiedagen en studiepunten.

Als één van de laatsten ben ik aan de beurt. Ik haal diep adem en vertel:

‘Ik ben 16 jaar werkzaam bij TNO op de reisafdeling. Daarnaast ben ik moeder van een zoon die beelddenker is. Vier jaar geleden kwam ik daar per toeval achter. Ik ben me toen in het beelddenken gaan verdiepen en heb op school vele gesprekken gehad over het ‘anders’ lerende kind. Mijn doel met deze opleiding is om in eerste instantie mijn zoon te kunnen begeleiden op een manier waarop hij de lesstof wel snapt. Daarnaast ben ik een website begonnen met informatie over beelddenken en een twee wekelijkse blog over mijn beelddenkende zoon. Ik wil meer bekendheid geven aan het visueel ingesteld kind. Ik wil bruggen bouwen tussen het beelddenkende kind, de ouders en leerkrachten door presentaties te geven op scholen. Elke reactie die ik ontvang is een nieuwe steen om mijn brug te bouwen’, eindig ik mijn betoog.

Het is even stil. Dan reageert een cursiste. ‘Jeetje wat een verhaal. Top dat je er bent en met je gedrevenheid kom je er echt wel.’

Ik leer anders methode

Ik merk al gauw dat de lesstof voor mij gesneden koek is. Ook omdat ik op school met beelddenkjuf alle sessies bijgewoond heb en thuis ook met Tijs veel oefen met deze methode.

Tijdens de lunch deel ik een tafel met een aantal leuke dames. Eén van de dames zucht en zegt: ‘Dat honderdveld he? Ik begrijp er écht helemaal niets van.’ Verbaasd kijk ik haar aan.

‘Wat begrijp je dan niet?’ vraag ik.

‘Ik zié het gewoon niet’, zegt ze. En dat merkte ik al eerder tijdens de uitleg die ochtend. Meerdere cursisten zágen niet hoe de stof ‘anders’ uitgelegd kan worden. En dan besef ik dat de taaldenkers tussen de cursisten de lesstof niet goed in zich op kunnen nemen zoals beelddenkers de lesstof op de ‘normale’ manier niet goed begrijpen. Het is of taal-en beelddenkers af ten toe Chinees met elkaar praten.  Ik beloof de dame na de lunch het honderdveld nog een keer rustig aan haar uit te leggen.

Ik heb leuk contact met kindercoach Suzanne van Bloei!Kindercoaching uit Voorschoten en met onderwijsassistent Mariska van Bijles Westland. Gedreven vrouwen die op de één of andere manier ook emotioneel bij beelddenken betrokken zijn.

Ik voel me al lang niet meer de vreemde eend en de sfeer onderling is goed, omdat we allemaal hetzelfde doel voor ogen hebben: het certificaat!

Na twee lange en intensieve trainingsdagen ben ik dan de trotse bezitter van het certificaat. Een goede opsteker voor dat meisje dat 7 jaar over de HAVO gedaan heeft.

Maar de molen, waar ik direct rechtsaf moest, heb ik óók op de tweede dag nooit gevonden.

Uit mijn comfort zone

Uit mijn comfort zone

Op zondag, de dag voor de 1ste opleidingsdag tot gecertificeerd coach van de ‘Ik leer anders’ methode, slaat in één keer de onzekerheid toe. Ik ben bang dat ik de leerstof niet aan kan. Ik heb geen pedagogische achtergrond en ben bang dat ik een vreemde eend in de bijt zal zijn tussen allemaal leerkrachten en kindercoaches. Ik ben bang dat ik achter mijn rug om wordt uitgelachen: haha, een moeder die gecertificeerd coach wil worden. Ook kan ik me geen beeld vormen van de plek en de situatie waar ik morgen in zal verkeren. Ik moet opeens uit mijn comfort zone en dat is voor mij heel lastig. Maar waar ik me op dit moment de meeste zorgen om maak is om de weg te vinden naar de locatie in Monster. Ik heb totaal geen richtingsgevoel en wanneer ik éénmaal verkeerd ben afgeslagen, ben ik écht letterlijk totaal de weg kwijt.

Ik probeer mijn zenuwen te verbergen voor man en kind, maar dat lukt niet. Wanneer ik mijn onzekerheden probeer te duiden gaat de mond van Tijs open.

‘Ben jij ook wel eens zenuwachtig?’ vraagt hij verbaasd.

Er gaat een nieuwe wereld voor hem open. En dat is ook direct mijn valkuil. Wanneer ik me onzeker voel krijg ik een air over me dat niemand mij kan raken. Van buiten een vrouw die weet wat ze wil en wie ze is, maar van binnen zo week als wat. Mijn kind moest eens weten dat ik met lood in de schoenen naar school ben geweest om vol passie en zelfvertrouwen te verkondigen dat mijn kind wel eens beelddenker kon zijn. De vele gesprekjes die hierop volgden en proberen om tot oplossingen te komen. Eenmaal weer thuis was al mijn energie verdwenen en stond het zweet op mijn rug.

Mijn man stelt voor om de route naar Monster te gaan rijden, zodat ik in ieder geval die stress morgen niet meer heb. Maar dat wil ik niet, hoe graag ik wil toestemmen in zijn plan. Ik wil man en kind niet opzadelen met mijn onzekerheden. Ik ben te lang, lekker veilig, in mijn comfort zone blijven zitten. Het is nu tijd om hier zelf mee te dealen.

Ze zijn geduldiger en liever voor me dan anders. Ook Tijs komt vaker knuffelen. Zuchtend kom ik de zondag door met een steeds grotere steen in mijn maag.

Voordat Tijs naar bed gaat komt hij nog even lekker bij me zitten.

‘Weet je, mam. Ik weet zeker dat je het morgen heel erg leuk gaat vinden. En ik ben trots op je. Dat zeg je ook vaak tegen mij.’

Tranen schieten in mijn ogen. Op zo’n dag zitten mijn emoties torenhoog. Ik geef hem een dikke knuffel.

‘Als ik er maar éénmaal ben en de mensen gezien heb, dus een beeld heb dan weet ik zeker dat ik het hartstikke leuk en interessant vind.’

Tijs knikt: ‘Dat heb ik ook mam! Komt dat omdat we beelddenkers zijn?’

Ik denk even na en knik dan. Ik denk wel dat wij ons zekerder voelen als we duidelijke beelden hebben bij iets wat we gaan doen. Geen spannende surprise uitjes of feestjes voor mij. Ik wil weten waar ik aan toe ben, zodat ik beelden kan vormen in mijn hoofd.

’s Avonds op bed moet ik opeens denken aan de vroedvrouw die mij begeleidde bij de geboorte van Tijs. Terwijl ik mij op hoge golven van pijn bevond, riep ze vrolijk: ‘Puf maar op de zin ‘deze dag gaat ooit voorbij’. Een paar uur lang werd dit mijn mantra. En inderdaad die dag ging ooit voorbij, zoals ook morgen uiteindelijk voorbij zal zijn. Een troostende gedachte die mij wonderwel in slaap wiegt.