**//sticky ads code//**
Niet elk compliment zorgt voor meer zelfvertrouwen bij een kind!

Niet elk compliment zorgt voor meer zelfvertrouwen bij een kind!

Als ouder kun je denken dat je je kind zelfvertrouwen geeft door hun verstand en talent te prijzen. Dit kan echter een tegenovergestelde effect in de hand werken, want kinderen kunnen aan zichzelf gaan twijfelen als iets moeilijk is of fout gaat. Je kind kan vervolgens het gevoel krijgen niet te voldoen en faalangst en het ontwikkelen van een vaste mindset liggen op de loer. Terwijl een groei-mindset zoveel meer biedt.

Als ouder kun je je kind beter leren om te genieten van de inspanning, houden van uitdagingen, nieuwsgierig te zijn naar fouten en dit als wijze te zien om te blijven groeien. Hiermee geef je namelijk mee onafhankelijk te worden van beloningen en leer je je kind het eigen zelfvertrouwen te versterken en herstellen.
Nu hoor ik je denken; ’ik mag toch wel complimenten of beloningen geven?’ Natuurlijk mag dat! Van complimentjes en zo nu en dan een beloning geniet immers iedereen (gever en ontvanger) en daar groei je ook van. Het gaat er hierbij om wat je beloond. Het is namelijk beter om complimenten te geven over het proces in plaats van het resultaat. Hiermee bedoel ik het proces dat gaat over het oefenen en de weg naar het behaalde resultaat toe. Door je complimenten te richten op het proces en de weg ergens naar toe stimuleer je de groei-mindset. Dit principe, hoe het werkt en het belang hiervan, leg ik graag uit.

Kenmerken van een vaste-mindset en groei-mindset

“Een mindset is een verzameling innerlijke overtuigingen, een manier van denken die van invloed is op je gedrag en houding ten opzichte van jezelf en anderen.”
Prof. Carol Dweck ontdekte dat een vaste-mindset ontwikkeling belemmert, terwijl een groei-mindset zorgt voor motivatie, doorzettingsvermogen en een passie voor ontwikkeling en leren.

Vaste-mindset

Met deze mindset ga je ervan uit dat intelligentie vast staat. Dit zorgt ervoor dat je graag slim wil over komen. Je vermijdt uitdagingen, want dan kun je fouten maken. Je zoekt steeds bevestiging op basis van intelligentie, persoonlijkheid of karakter. Het draait om succes hebben, slim overkomen, geaccepteerd worden en een winnaar voelen. De grote angst is falen, dom overkomen, afgewezen worden en een verliezer voelen. Je gedraagt je defensief bij belemmeringen en geeft het al gauw op.
Inspanning is zinloos, want als je echt een genie bent, dan hoef je je toch niet in te zetten? Kritiek komt over als een bedreiging, daarom negeer je leerzame negatieve feedback. Het succes van anderen zie je als een bedreiging. Het resultaat van de vaste-mindset is dat je je niet echt ontwikkelt en dus minder bereikt dan mogelijk is.
De vaste-mindset beperkt de prestaties van je kind. Het werkt destructief op de gedachten en leidt tot slechte leermethoden.
“Gelukkig kun je een vaste mindset veranderen naar een op groei gerichte mindset.”

Groei-mindset

Met deze mindset ga je ervanuit dat je jouw basiskwaliteiten kunt ontwikkelen door er moeite voor te doen. Intelligentie is te ontwikkelen. Dit zorgt ervoor dat je graag wil leren. Het geloof dat kwaliteiten ontwikkeld kunnen worden kan een intrinsieke motivatie tot leren geven.
Een kind met een op groei gerichte mindset is blij met uitdagingen en geeft niet op bij tegenslag. Inspanning is de weg tot meesterschap. Met de intrinsieke motivatie om zich volledig in te zetten en vol te houden, is je kind in staat om zichzelf door moeilijke perioden van het leven heen te slaan.

Zo leer je je kind uitdagingen te omarmen en te zien als mogelijkheden om te groeien.

  • Leer je kind dat iedereen mogelijkheden heeft ergens beter in te worden.
  • Leer doorzetten als iets moeilijk is; vertel over eigen ervaringen.
  • Leer dat fouten als filter werken en als inspirator dienen om te groeien
  • Geef kans nieuwe dingen te proberen, ruim obstakels niet uit de weg.
  • Geef complimenten over het proces; hoe heeft je kind het aangepakt?
  • Benadruk de inzet; je ziet en beloond de inspanning die je kind geleverd heeft.
  • Laat je kind ervaren dat hard werken een voorwaarde is om iets te bereiken.
  • Maak je kind bewust van zijn mindset.
  • Leg uit dat het brein verbindingen aanlegt met oefenen (bijv. fietsen, lopen).
  • Creëer leerzame momenten.

Voordelen voor je kind.

  • Meer vertrouwen in eigen kunnen.
  • Meer open voor ‘negatieve’ feedback.
  • Laat zich minder ontmoedigen door tegenslagen
  • Meer doorzettingsvermogen.
  • Meer plezier in wat ze doen.

Stella KinderJeugdCoach heeft ook een Facebook pagina. Hier vind je verschillende artikelen, columns van Stella, tips, leuke en handige weetjes…en meer…

Wat is het positieve effect van bewegend leren?

Wat is het positieve effect van bewegend leren?

Beweging heeft tal van positieve effecten op het leerproces van kinderen. Na een bewegingstussendoortje in de klas hebben kinderen meer energie om aan de volgende les te beginnen en kunnen ze beter hun aandacht bij de les houden.

Stil zitten

Leerstof bewegend eigen maken zorgt ervoor dat het beter en langer beklijft. Dat klinkt ook best logisch, want kinderlichamen zijn niet gemaakt om de hele dag stil te zitten. De concentratie verslapt en afleiding vinden ze in de kleinste dingen. Vooral voor jongens is langdurig stilzitten extra moeilijk. Door een hoog gehalte testosteron hebben zij, nog meer dan meisjes, behoefte aan regelmatig bewegen. De vraag is dus, hoe je als ouder met deze kennis in je achterhoofd op een andere manier met je kind bezig kunt zijn als het tafels moet oefenen, moet oefenen met lezen of de provincies van Nederland moet leren.

Bewegen tijdens het leren

Er zijn veel onderzoeken gedaan en publicaties geschreven over de rol van beweging bij het leren. Bewegen tijdens het leren vergroot niet alleen het plezier in leren, maar uit onderzoek blijkt dat je makkelijker leert en beter. Ook is het zo dat je  door te bewegen het geleerde langer onthoudt. Beweging betrekken bij het leren kan zorgen voor een meer uitdagende leeromgeving en dit zorgt weer voor een hogere betrokkenheid en een optimaal leerresultaat. Daarnaast is het ook gewoon leuk om met papa of mama op deze manier het huiswerk thuis te oefenen en voorkom je zo dus het geruzie over huiswerk of de pogingen om het huiswerk te blijven uitstellen. Genoeg redenen om in beweging te komen!

Actief proces

Leren is een actief proces. Kinderen in de basisschoolleeftijd ontdekken de wereld het best door spelend te leren. En dat spelen doen ze niet door stil te zitten. Beweging is dus heel belangrijk en is uitermate geschikt om te leren, het stimuleert de hersenen. Wanneer je beweegt tijdens het leren gaat er meer bloed en zuurstof naar je hersenen. Leren is bovendien makkelijker. Informatie die je op doet, blijft beter en langer hangen. Bij het leren door beweging wordt er een verbinding gelegd tussen je linker- en je rechterhersenhelft.

Benodigdheden

Het mooie is ook dat je om bewegend leren toe te passen helemaal niet zo extra veel materialen nodig hebt. De meeste materialen heb je gewoon al in huis! Met stoepkrijt, papier, een vliegenmepper, een aantal bakjes, een bal en eventueel een aantal touwtjes van ongeveer een meter kom je al heel ver.

10 ideeën voor bewegend leren thuis

  • Tafels oefenen buiten: schrijf de antwoorden van de te oefenen tafel met stoepkrijt op de tegels. Noem een tafelsom en laat je kind naar het juiste antwoord rennen.
  • Tafels binnen oefenen: schrijf de antwoorden van de te oefenen tafel op losse briefjes. Plak die briefjes op de deur of op de muur en geef je kind een vliegenmepper. Noem een tafelsom en laat je kind met de vliegenmepper op het juiste antwoord slaan. Op deze manier kun je ook letters oefenen.
  • Tafels door elkaar oefenen: bedenk welke tafels je wilt oefenen en pak voor elke tafel een bakje. Plak op het bakje een briefje met de naam van de tafel die je wilt oefenen. Schrijf alle antwoorden op losse briefjes. Geef je kind een briefje met een antwoord. Je kind moet dan bedenken welke tafelsom hierbij hoort en dit aan jou vertellen. Is het goed, dan rent/loopt je kind naar het juiste bakje en legt daar het briefje in.
  • Engelse woordjes oefenen: hiervoor heb je een bal nodig. Noem het woord in het Engels en gooi de bal naar je kind. Je kind vertaalt het woord in het Nederlands en noemt dan weer een woord en gooit de bal naar jou. Jij vertaalt het woord enzovoort.
  • Verhouding breuken, procenten en kommagetallen: ook dit kun je oefenen door ondertussen met een bal over te gooien.
  • Spelling oefenen: noem het woord en je kind schrijft het antwoord op de stoep met stoepkrijt
  • Metriek stelsel: schrijf op losse kaartjes de maten uit het metriek stelsel op (kilometer, hectometer, decameter enz.) en plak die in goede volgorde op de trap. Laat je kind de trap op- en aflopen terwijl hij omrekent tussen verschillende maten.
  • Werkwoordspelling: maak twee cirkels d.m.v. hoepels of touwen die je in hoepelvorm neerlegt. Schrijf in de ene hoepel een t en in de andere hoepel een d. Geef je kind een werkwoord en laat het bedenken of dit werkwoord in de verleden tijd met een t of een d geschreven moet worden.
  • Leren schrijven: geef je kind een krijtje en laat het de woordjes van school oefenen door ze te schrijven op de stoep of op de tegels. Wel zo fijn voor je kind als de motoriek om in een klein schriftje te schrijven nog lastig is.
  • Rekenen: getallen op de getallenlijn plaatsen doe je lekker buiten. Teken een getallenlijn met een aantal steungetallen, bijvoorbeeld de tientallen. Geef je kind een getal (bijvoorbeeld 25) en laat het naar die plaats op de getallenlijn lopen.

Joanne is zelf leerkracht basisonderwijs en heeft haar eigen kindercoachpraktijk “de Zeeuwse Knoop”. Daarnaast blogt ze over het onderwijs op haar site Juf Joanne.

Help! Mijn kind heeft moeite met begrijpend lezen!

Help! Mijn kind heeft moeite met begrijpend lezen!

Vol trots kwam mijn kind naar buiten met zijn rapport. Thuis aangekomen gingen we samen het rapport bekijken. Het was inderdaad prachtig, maar wat mij wel opviel was dat begrijpend lezen toch wel erg achter bleef vergeleken met de rest. Hoe komt dat toch? Het technisch lezen is geen enkel probleem!

Ik besloot er niets over te zeggen tegen kindlief. Focus op al die mooie, andere resultaten! Toch bleef het begrijpend lezen cijfer in mijn hoofd zeuren. Na een gesprek op school kwam ik eigenlijk niets wijzer thuis. Bijna de hele klas vond het lastig, de kinderen kregen niet zoveel toetsen van dat vak en het zou allemaal wel goed komen!

Vaardigheid

Begrijpend lezen is een belangrijke vaardigheid, niet alleen op school tijdens het vak zelf, maar zeker ook bij andere schoolvakken en in de wereld om de leerling heen. Kijk maar eens goed om je heen om te zien hoe ‘talig’ onze wereld is vol met woorden en zinnen. Kinderen moeten dit allemaal leren doorgronden.

Leesplezier

Om een goede begrijpend lezer te worden, is het van groot belang dat je lezen leuk vindt. Laat je kind dus boeken lezen die aansluiten bij zijn leeftijd en belevingswereld. Dit kunnen naast leesboeken ook stripboeken, informatieve boeken of tijdschriften zijn. Wat bij ons thuis goed werkt: zien lezen doet lezen. Als je veel leest, vergroot je ook je woordenschat; een tweede pijler die belangrijk is voor begrijpend lezen. De derde pijler is begrijpend luisteren. Blijf je kind voorlezen, ook al is het al ouder en stel vragen over de tekst. Wat wordt daar nu mee bedoeld? Wie zegt dat? Waarom gebeurt dat? Naar welk ander stukje verwijst dit zinnetje?

Leesstrategieën

Begrijpend lezen wordt op school aangeleerd via verschillende strategieën. Sommige kinderen pakken de verschillende leesstrategieën bijna automatisch op, bij mijn kind en veel andere kinderen werkt dit helaas niet zo. Leesstrategieën die op school aan bod komen zijn: voorspellen, vragen stellen, visualiseren, verbinden, samenvatten en afleiden. Wat kun je als ouder doen aan het verbeteren van die begrijpend lees resultaten?

Tips:

  1. Zoals ik aan het begin al schreef: veel lezen! Lees samen en geef het goede voorbeeld door ook een krant of boek open te slaan.
  2. Spreek dagelijks een tijdstip af waarop uw kind leest. 20 à 30 minuten is echt meer dan genoeg.
  3. Pak vooral ook informatieve boeken en bekijk dit vooraf eerst aandachtig door. Lees de titel, bekijk de afbeeldingen en laat uw kind voorspellen waar het boek over gaat.
  4. Bespreek na het lezen waar het boek over ging en of de voorspelling klopte. Stel vragen over dat wat gelezen is en laat uw kind het letterlijk terugzoeken in de tekst. Laat uw kind de tekst visualiseren (uitbeelden, tekenen etc.) Welke zinnen zijn lastig? Is de betekenis van deze zinnen duidelijk?
  5. Stel vragen die beginnen met wie, wat, waar, wanneer, waarom en hoe.
  6. Vergroot de kennis van de wereld van uw kind. Uw kind kan een tekst beter begrijpend als het al wat weet van het onderwerp en het in de context kan plaatsen. Een informatief filmpje kan natuurlijk ook.
  7. Vergroot de woordenschat van uw kind. Vraag regelmatig naar de betekenis van een woord of laat uw kind een zin maken met een woord zodat de betekenis duidelijk wordt.
  8. Ga met “doeteksten” aan de slag. Dit kan variëren van het lezen van een recept en samen een maaltijd bereiden of het lezen van een tekst en samen iets in elkaar zetten.
  9. Laat uw kind kort vertellen (samenvatten) wat hij nu gelezen heeft en denkt dat het belangrijkste is in de tekst.
  10. Maak er thuis geen school van. Ook ik had die neiging om thuis schooltje te gaan spelen, maar dat kwam de sfeer niet ten goede. Doe alle vorige tips spelenderwijs, wissel af en vergeet vooral niet uw kind complimenten te geven voor zijn inzet.

Inmiddels zijn we een jaar verder en weer kwam ons kind thuis met een prachtig rapport ook voor begrijpend lezen! Niet alleen door de tips die ik heb toegepast, maar zeker ook door twee superjuffen die je elk kind gunt!

Joanne is zelf leerkracht basisonderwijs en heeft haar eigen kindercoachpraktijk “de Zeeuwse Knoop”. Daarnaast blogt ze over het onderwijs op haar site Juf Joanne.

Mijn kind is thuis een totaal ander kind dan op school!

Mijn kind is thuis een totaal ander kind dan op school!

Inmiddels zijn de scholen al weer even bezig en in de tussen tijd is hier al weer aardig wat ontwikkeling, binnen school en in de thuis situatie.

De eerste week begon tegen verwachting goed, we hadden een vrolijk lief meisje in huis die lekker in haar vel zat. Helaas duurde dit niet zo lang aangezien de juf onze dochter niet begrijpt.  En onze dochter ook heel sterk dit gevoel heeft dat dit zo is ( wat een naar gevoel moet dat zijn, omdat school een veilige warme plek moet zijn.

Thuis totaal een ander kind

Maar goed onze meid staat stevig in haar schoenen en laat zich niet zo makkelijk uit het veld slaan. Met het gevolg op school houd ze zich groot en thuis barst de bom is het lieve rustige zelfstandige meisje ineens een draak die om alles ruzie maakt, overprikkelt is, aan mama hangt over al en nergens, niet meer alleen durft te slapen kortom niet een prettige thuissituatie. Maar door ervaring ermee en mijn eeuwige geduld kan ik haar laten ontprikkelen door te knuffelen, muziekjes te luisteren, een boekje voor te lezen of heerlijk samen te kleuren, maar het vergt veel van mij als moeder die alles zelf moet dragen ( man is internationaal chauffeur). Na wat gesprekken met een super lieve ib er op school gaat onze lieverd weer naar school met een aangepast programma even werken even ontprikkelen en kleine gesprekjes met de juf, maken dat ze weer wat beter in haar vel zit en we nu met school een intensief programma gaan draaien. 

Aankomende weken gaat ze onderzocht worden omdat we sterk denken dat ze een beelddenker is en daardoor achterstand heeft ontwikkeld omdat dat extra denkwerk is voor. Mocht ze een beelddenker zijn dan krijgt ze van school een aangepast lespakket. Kortom er is veel gebeurt en we zijn er nog lang niet.

Hoe weet je of je kind een beelddenker is?

Ik ben erg benieuwd of er meer ouders van beelddenkers deze site bezoeken en mijn blog lezen.

Een vraag voor deze ouders of mensen die er ervaring mee hebben, hoe kwamen jullie erachter dat jullie kind een beelddenker was.

Volgende keer kom ik hier weer op terug en hoop al een uitslag te kunnen vertellen,
Voor nu een warme groet en bedankt voor het lezen…

Sonja

Vanuit het perspectief van een hooggevoelig kind

Vanuit het perspectief van een hooggevoelig kind

Hoe beleeft een hooggevoelig kind een dag?  In haar praktijk Twinkelster begeleidt Maureen van de Lustgraaf vele kinderen waarvan de hoofdjes vol zitten. Voor deze kinderen is het vaak moeilijk om goed te functioneren in de dagelijkse situaties thuis en op school.

In deze column deelt ze een verhaal welke een duidelijk beeld geeft van de ervaringen van de eerste ochtenduren van een hooggevoelig kind.

Het is maandagochtend 07.00 uur.

Tijd om op te staan. Ik word gewekt, maar eigenlijk wil ik nog even blijven liggen. Ik kan niet ineens opstaan, heb tijd nodig om wakker te worden. Bovendien willen mijn ogen gewoon niet open. Ik blijf nog even liggen.

Ineens hoor ik hard mijn naam. Oeps, nou is het menens. Ik moet er nu uit. Ik was me, kleed me snel aan en ga naar beneden. Mijn ontbijt staat klaar, maar ik krijg geen hap door mijn keel. Ik laat het staan, tot grote frustratie van mijn moeder. Even word ik onzeker en bang.

Samen met mijn zus loop ik naar school. Op het schoolplein ga ik nog even buiten spelen totdat we naar binnen mogen. Om 8.30 uur precies lopen we met z’n allen de klas in. Er zijn een aantal kinderen die haast hebben. Ik word gewoon aan de kant geduwd! Ik begrijp niet waarom deze kinderen zo doen. Het is toch niet aardig….ze kunnen toch gewoon op hun beurt wachten? Ik laat ze maar voor.

Wanneer ik de klas in loop, hoor ik de juf schreeuwen tegen de “gehaaste” jongens. Ik schrik en doe mijn handen op mijn oren. Ik wil dit niet horen. Tegelijkertijd krijg ik een raar gevoel in mijn buik. Ik probeer zo onopvallend en rustig mogelijk te gaan zitten. Ik houd me gedeisd en ben bang. Die gehaaste jongens lachen de juf gewoon uit. Wat akelig!

Wanneer ik goed naar de juf kijk, zie ik dat ze een knalrood hoofd heeft en een verdrietige blik in haar ogen. De juf is zenuwachtig en weet even niet wat ze moet doen volgens mij. Om haar heen zie ik allemaal felle kleuren. Ik vind het heel naar om te zien en kijk maar even de andere kant op. Ik voel me ongemakkelijk en krijg buikpijn.

Vol hoofd

Mijn hoofd zit nu al vol merk ik. Vol met woorden, boosheid, frustratie van anderen, kleuren, haasten, bah! Ik ga in gedachten even proberen om in mijn hoofd te zoeken, hoe ik alles een plekje ga geven, zodat het rustiger wordt. Terwijl ik alles aan het ‘parkeren’ ben, hoor ik opeens mijn naam. Ik schrik….o jee…had ik iets niet gehoord? Ik kijk om me heen. Iedereen heeft zijn leesboek voor zich, behalve ik. Snel open ik mijn kastje, pak mijn leesboek en open het. Ik begin te lezen, maar hoe ik ook mijn best doe, ik weet niet wat ik lees. Mijn hoofd zit nog steeds vol, er kan niets meer bij. Ik ga nog harder mijn best doen, want ik wil de juf niet teleurstellen. Ze ziet er namelijk nog steeds boos en verdrietig uit.

Wat ik ook probeer, het lukt niet. Ik zit zo vol. Zal ik even naar de wc gaan, dat helpt meestal wel. Zachtjes sta ik op en loop naar het stoplicht en zet het op rood. Terwijl ik de deurklink omlaag doe, hoor ik ineens…” Wat ga jij doen?” . Zachtjes antwoord ik dat ik naar de wc moet. Ik krijg te horen dat het niet mag omdat ik net op school ben, dus ga ik maar weer zitten. Wat voel ik me vervelend. Mijn hoofd begint te bonken en mijn buikpijn is nog erger geworden. Stilletjes hoop ik dat het snel pauze is.

Hooggevoeligheid & een vol hoofd

Wanneer een kind (hoog) gevoelig is voor omgevingsfactoren zal het snel vol kunnen lopen. Ervaring leert dat het een valkuil is om uiterlijke kenmerken van informatieverwerkingsproblemen en hooggevoeligheid als onwil te interpreteren. Er is eerder sprake van onvermogen dan van onwil.

Wat kun je als ouder doen?

Neem je kind bij de hand en ga als ouder op zoek naar een manier om er achter te komen hoe het in het hoofd van je kind werkt, waardoor het vol raakt en wat het nodig heeft om het leeg te maken.

Maureen: “In mijn praktijk adviseer ik ouders en kinderen. Ik vind het belangrijk om kinderen te leren contact te maken met hun eigen lichaam, zodat ze opmerken wanneer het hoofd vol loopt. Ook geef ik ze praktische tips mee naar huis.”

 

Gamen is normaal! Of toch niet?

Gamen is normaal! Of toch niet?

Wanneer is mijn kind gameverslaafd?

In veel gezinnen is er spanning rondom gamen en dit begint vaak al jong. Gamen is normaal. Vroeger lazen wij misschien wel de halve nacht door in een spannend boek of waren we heel druk met andere dingen die pubers toen belangrijk vonden.

Gewoon tijdverdrijf

Vandaag de dag is gamen een gewoon tijdverdrijf wat ook erg leuk is en waar je veel van kan leren. Probeer maar eens een spel mee te doen met een groepje kinderen of pubers. Zo word ik thuis nog steeds uitgelachen om mijn ene potje Fortnite waar ik elke keer doodging, omdat ik in de storm terecht kwam en niet meer wist hoe ik eruit moest komen. Ik vermoed zomaar dat alle ouders ergens mijlenver onderaan eindigen na een potje gamen met hun kind.

Luister eens mee als je kind weer een potje Fortnite gaat spelen om te horen hoeveel lol ze kunnen hebben met elkaar en hoe ze moeten samenwerken om een doel te halen. Dat zijn mooie effecten van gamen evenals snel reactievermogen ontwikkelen, veel oogbewegingen maken en overzicht leren hebben en snel besluiten kunnen nemen.

Alert zijn als ouder

Nou klink ik wel heel positief over gamen hè?! Ondanks dat ik de positieve kanten in zie van gamen, vind ik wel dat we als ouders alert moeten zijn op gamen. De ontwikkeling van een kind tot 12 jaar is er niet op gericht om stil te zitten en natuurlijk mogen ze gamen, maar niet eerder dan wanneer er echt gespeeld is en het liefst buiten. Beweging is belangrijk op die leeftijd, omdat anders het lijf te weinig ervaring krijgt om zijn taken te doen.

Pubers mogen en kunnen meer tijd achter een scherm zitten, maar ook hier moet je als ouder sommige kinderen begrenzen. Observeer de feiten en het evenwicht voor een gevarieerd puberleven. Wist je dat ongeveer 1 op de 10 jongens kans heeft op een gameverslaving?

Risicofactoren voor een gameverslaving zijn:

  • Moeite hebben met concentreren
  • Moeilijk vrienden kunnen maken
  • Niet kunnen stoppen met gamen en andere taken verwaarlozen

Gamen is een tijdverdrijf en zolang je puber zijn huiswerk doet, goede cijfers haalt, gaat sporten, een bijbaantje heeft en gezonde dingen doet die pubers nu eenmaal doen, hoeft gamen geen probleem te zijn.

Voorbereiden op stoppen

Of je nu een kind of een puber hebt die van gamen houdt, belangrijk is om ze voor te bereiden op stoppen. Geef aan hoeveel speeltijd er nog is, voordat jullie aan tafel gaan. Als ik zonder waarschuwing aangeef dat mijn zoon moet stoppen met gamen, gegarandeerd dat er een woordenwisseling volgt. Ik probeer altijd 10 minuten voor het einde te zeggen dat er afgerond moet worden. Door mijn zoon zo te waarschuwen dat de tijd er bijna op zit, kan het beter omgaan met de overgang.