**//sticky ads code//**

‘Mamma, plassen!’ schalmt het door de versafdeling van de supermarkt -Ik had het de eerste keer al gehoord maar hoopte dat het wel zou meevallen –

Als een dolle ren ik langs alle schappen om zo snel mogelijk mijn boodschappenlijstje af te werken. Aangekomen bij het snoep probeer ik mijn vier jaar oude zoontje af te leiden, maar zijn gehupst inclusief smekende blik en gekruiste beentjes betekenen niet veel goeds. Geen openbaar toilet hebben in een supermarkt zou strafbaar moeten zijn, bedenk ik me. Maar in mijn achterhoofd weet ik ook wel dat ik Julian voor het winkelen naar het toilet had moeten sturen. Stom, maar niets meer aan te doen. ‘ Mamma is bijna klaar. Kun je het nog even ophouden?’  Buiten adem smijt ik de laatste boodschappen in mijn overvolle mandje. Ondertussen gaat de klaagzang over het toilet gewoon verder en raast mijn andere schurk zo ongeveer iedere nietsvermoedende passant omver met zijn mini winkelwagen.

In een poging om de twee boeven bij elkaar te houden vraag ik ze me te helpen om alles op de band te leggen. Terwijl er eentje onder de kassa kruipt en de andere sprintjes trekt langs de kassa’s voel ik de ogen van andere mensen in mijn rug priemen als ik mijn kinderen hopeloos probeer te corrigeren.  Een oud dametje met pret oogjes lacht naar me. ‘Je zult je handjes wel vol hebben aan die twee.’
Nou reken maar! Wil ik in eerste instantie uitbrengen, maar in plaats daarvan lach ik gemaakt. ‘Ach het valt wel mee. Winkelen is ook erg saai voor ze.’ Zodra de pinautomaat mijn betaling bevestigd, snel-wandel ik de supermarkt uit met een veel te zware boodschappentas in mijn hand en op mijn arm, Flynn van twee, die, vermoed ik lood in zijn luier heeft. Julian rent inmiddels al de parkeerplaats op. Ik schreeuw naar hem dat hij moet wachten en moet oppassen voor de auto’s. Als ik hem eindelijk heb ingehaald slaak ik een zucht van verlichting omdat het nu niet meer lang duurt voordat we thuis zijn.

Bijna bij de auto hoor ik opeens een hoop geroezemoes en gelach.

Ik kijk de personen in kwestie vragend aan, maar die lopen zwijgend door. Het zal wel denk ik, maar tegelijkertijd kijk ik recht tegen de pielemuis van Julian aan. Met zijn broek op zijn enkels springt hij op en neer. ‘Wat doe jij nou?’ vraag ik verbaasd.

‘ Ik ga even plassen, mamma.’ En voor ik kan reageren, pakt  hij zijn plassertje beet als een brandslang en begint met blussen. Ik zie de opluchting in zijn gezicht en weet even niet goed of ik nu boos ben of  juist heel erg hard moet lachen.

Ik kijk om me heen en constateer dat niemand het heeft gezien. Vlug stop ik mijn zoontjes in de auto en schud lachend  mijn hoofd. Hij heeft het gelukkig niet in zijn broek gedaan.