**//sticky ads code//**
Week van de dyslexie 2020 | Dyslectici creëert en innoveert

Week van de dyslexie 2020 | Dyslectici creëert en innoveert

Ook dit jaar is er weer de Week van dyslexie. De week van 1 tot en met 8 oktober staat in het teven van Dyslexia Awareness. Dit jaar zijn alle activiteiten online vanwege Corona. Enerzijds jammer omdat de positieve vibe vorig jaar groot was, maar het biedt ook een prachtig podium aan fantastische internationale sprekers.  

Thema week van de dyslexie

Dit jaar is het thema van de week van de dyslexie is: Dyslexie Creëert en Innoveert. Het vermogen van dyslectici, het anders denken,  heeft hen de afgelopen jaren echte “Game Changers”  gemaakt. De ontwikkeling van de eerste telefoon tot de iPhone 11 en van het eerste vliegtuig tot toeristische ruimtevaart. Allemaal innovaties van dyslectici. En dat is echt geen toeval!

Tijdens de week van de dyslexie zullen onder andere Dr Maryanne Wolf (UCLA), Dr. Sally Shaywitz (Yale) en Marc Lammers (oud bondscoach en innovatie coach)  spreken over de kracht van ‘het andere brein’. Het brede beeld van dyslexie en het verbeteren van het zelfvertrouwen. 

Op donderdag 1 oktober wordt gestart met een bijzondere internationale gast. Thomas G. West auteur van de bestsellers ‘In the Mind’s Eye’, ‘Thinking Like Einstein’ en ‘Seeing What Others Cannot See’. Hij gaat het niet alleen hebben over  de uitzonderlijke prestaties van dyslectische mensen (en mensen met andere labels), maar onthult ook hun enorme potentieel. Zo essentieel in het nieuwe digitale tijdperk, waar traditionele en academische vaardigheden steeds minder belangrijk worden, terwijl het vermogen om te visualiseren, patronen te herkennen en het hebben van een creatief en probleemoplossend vermogen snel in waarde toeneemt op de wereldwijde economische markt. Thomas West zal hier tijdens zijn lezing ‘ A new world shaped by dyslexics’ dieper op ingaan.

Samen voor empowerment

Tijdens de Week van Dyslexie hebben BALANSHOI en IMPULS & WOORTBLIND de handen ineen geslagen en organiseren ze samen ook een inspirerende middag over dyslexie. Met als openingsspreker de dyslectische, zeer bevlogen en innovatieve bondscoach van het Nederlands dames hockey team, Marc Lammers. Hij omarmd zijn dyslexie en heeft er zijn kracht van gemaakt. Er zijn deze middag diverse break-out sessies met voor iedereen iets interessants. Bijvoorbeeld Kansen van dyslexie, door HOI. In deze breakout sessie neemt Tamara Vreeken (HOI) je mee in de kennis over de andere kant van dyslexie. En waarom het zó essentieel is dat dyslexie wordt ge-re-brand…!

De focus van het evenement is EMPOWERMENT. Iedereen weet hoe belangrijk het is om in je eigen kunnen te geloven. Maar hoe doe je dat als specifieke onderdelen op school of op je werk moeilijk voor je zijn? Hoe zorg je ervoor dat je vol zelfvertrouwen kan functioneren en het beste uit jezelf of je kind kan halen? Deze drie organisaties laten je ieder op een ander manier zien hoe je dt kunt bereiken.

Meer informatie en het hele programma van de week van de dyslectici vind je hier. 

Wij mogen ook drie kaarten weggeven voor de week van de dyslexie. Stuur een bericht aan redactie@deleukstekinderen.nl met de motivatie waarom jij graag één van deze kaart wilt winnen. 30 September ontvangen de winnaars van ons een reactie.

 

Boekentip: Leeuw met strepen

Boekentip: Leeuw met strepen

Houdt jouw kind van spannende boeken, lees dan vooral even verder. Een leeuw met strepen is een bloedstollend historisch avontuur voor kinderen vanaf 9 jaar. Op dit moment heel herkenbaar 

De kaft het boek ziet er misschien wat eng uit. Maar dat hoort ook wel een beetje bij een spannend boek! Het boek heeft een prettig en duidelijk lettertype met een fijne regelafstand. Op veel pagina’s zijn illustraties van ratten te zien of een sierlijk kader. Het boek telt 213 pagina. Achterin het boek is een kleine woordlijst opgenomen, mochten termen als dolhuis, rakker, of brouwer niet bekent zijn bij een kind. 
Kinderen vanaf een jaar of negen kunnen het boek goed zelfstandig lezen, maar ook samen of als voorlees boek is een Leeuw met strepen

Waar gaat dit boek eigenlijk over?

Leeuw met strepen speelt zich af in 17e-eeuws in de stad Amsterdam tijdens de pestepidemie. Wanneer de tienjarige Jacob en de vijfjarige Catrijn alleen achterblijven na het overlijden van hun moeder, wachten broer en zus met smart op thuiskomst van hun vader, die als een soort arts op zee vaart. 

Uit angst dat Catrijns huidaandoening wordt aangezien voor de builenpest, zitten Jacob en Cartijn  samen op zolder verscholen. Wanneer een gemene  buurvrouw de kinderen verraadt, wordt Jacobs kleine zusje Catrijn weggevoerd naar het pesthuis buiten de stad. Jacob doet er alles aan om zijn zusje te redden. Hierbij krijgt hij hulp uit onverwachte hoek…

De auteurs van Een leeuw met strepen

Voor schrijvers Marlene Rebel (1965) en Lucinda Vos (1963) is dit huur debuut roman. Schrijven is niet nieuw voor ze. Dit doen ze samen al ruim 20 jaar, maar dan vooral lesmateriaal voor basisonderwijs. In deze periode ontdekte hun passie voor het schrijven van fictie. Met als resultaat dit eerste prachtige en spannende boek. Nog niet overtuigd, bekijk dan de trailer van het boek.

 

Huiswerk goed plannen? Hoe doe je dat?

Huiswerk goed plannen? Hoe doe je dat?

Huiswerk plannen en maken kan soms een hele klus zijn voor een kind. In magister zien kinderen wanneer ze huiswerk af moeten hebben. Plannen wanneer ze dit gaan maken of inzicht in hoelang ze hiervoor nodig hebben, is vaak last. Hierdoor kan er soms veel stress ontstaan.  Door ook op te schrijven wanneer je iets gaat doen, voorkom je deze stress.  Een plenda kan daarbij helpen. Hoe werkt de plenda en voor wie is deze geschikt.

Hoe werkt een plenda?

Een plenda vervangt de traditionele agenda.  Kinderen schrijven hun huiswerk en andere afspraken in het bovenste gedeelte van de plenda. Dit is nog niet heel veel anders dan een standaard agenda. Vervolgens schrijven ze op wanneer ze het betreffende huiswerk gaan maken.

In de Plenda staat een 6-stappenplan om de planning van het huiswerk structureel aan te pakken. Als kinderen dit stappenplan volgen hoeven ze minder vaak na te denken over wat ze wanneer willen doen. Ze komen hierdoor minder snel voor verrassingen te staan. Een opgekregen proefwerk wordt meteen de dag dat ze het op krijgen ingepland.

Als ze ruim van te voren beginnen en iedere keer een blokje leren is dat veel relaxter dan alles op de laatste dag. Bovendien automatiseren en leren ze veel beter door vaak te herhalen i.p.v. te stampen.
Het 6-Stappenplan staat op een bladwijzer die ze kunnen bevestigen in de week waar ze op ze bezig zijn.  Zodat hij altijd zichtbaar is.

Waarom al dat “extra” werk?
Het lijkt een hoop extra werk om alles in de Plenda op te schrijven. Het staat ten slotte ook al in je agenda of op magister. Maar wat blijkt? Vaak werkt Magister averechts. Kinderen missen overzicht. Ze kijken alleen naar wat ze voor school af moeten hebben de komende dagen.  Activiteiten buiten school, een bijbaantje, de sporten en afspraken met familie en vrienden, staan niet in dit overzicht. Deze worden gemakkelijk vergeten.

Voor wie is de Plenda geschikt?

De Plenda is heel waarde vol voor kinderen die moeite hebben om werk te plannen. Kinderen die druk of stress ervaren door alles wat ze nog moeten doen. Overzicht werkt voor deze kinderen heel plezierig.  Door de informatie-overload is het voor hen soms moeilijk om dit  overzicht te houden en zich te kunnen concentreren.  De plenda werkt ook heel fijn voor kinderen met ADD, ADHD, autisme of concentratieproblemen.

Als kinderen een poosje structureel met het 6 stappenplan werken krijgen ze in de gaten bij welke vakken het plannen echt nuttig is. Zo kan het best zijn dat je er na een poosje achter komt, dat het voor de talen veel fijner werkt door alles in blokjes over meerdere dagen te verdelen. Terwijl ze wiskunde altijd in de klas al af hebben. Dat hoeven ze dat natuurlijk niet meer in te plannen, dat is dubbel werk. Het is goed om het wel uitgeprobeerd te hebben, zodat ze er zeker van zijn wat het beste werkt.

Het bewust afronden van taken geeft een voldaan gevoel.

Het afvinken van een taak is natuurlijk reuze fijn om te doen. Het werkt heel motiverend, omdat je echt het gevoel krijgt goed bezig te zijn. Een kind maakt geluksstofjes aan, net als bij een game, als er een volgend level wordt behaalt.

 

Wat de manieren van prikkelverwerking je vertelt over het gedrag van kinderen

Wat de manieren van prikkelverwerking je vertelt over het gedrag van kinderen

Vandaag de dag krijgen kinderen vaak het label autisme of adhd, als ze iets drukker zijn dan gemiddeld of zich iets anders gedragen dan hun leeftijdsgenoten. Vaak heeft het gedrag van deze kinderen te maken met hun manier van prikkelverwerking. Kinderen zijn overprikkeld of juist onderprikkeld. Wanneer je met dit in je achterhoofd naar het gedrag van kinderen kijkt, brengt je dit veelal tot hele andere inzichten en betere mogelijkheden om een kind te helpen, daar waar nodig.

Het ene kind wat gevoelig is voor prikkels en indrukken, houdt van rust. Terwijl een ander kind juist constant stuitert, friemelt, praat en geen twee seconden kan stil zitten. Een kind wat gevoelig is voor prikkels, wil na een drukke dag op school, graag even alleen zijn om tot rust te komen. Een onderprikkeld kind klimt in bomen, springt op de trampoline om extra prikkels op te doen.

Verschillende manieren om te reageren op prikkels

Er zijn twee manieren waarop kinderen kunnen reageren wanneer ze over of onderprikkeld zijn. Dit kan op een actieve en passieve manier. In het boek “wiebelen en friemelen” wordt onderscheid gemaakt in vier verschillende “prikkeltypes

Onderprikkeld en actief (actief bezig om meer prikkels te krijgen)

Omdat er te weinig prikkels worden doorgegeven aan het bewustzijn, krijgt een kind geen signalen dat er iets aan de hand is of iets gebeuren moet. Een kind blijft daardoor wat slomer of slaperiger.

Een onderprikkeld actief kind gaat zelf op zoek naar extra prikkels. Die prikkels mogen van hem langer duren, harder zijn en vaker herhaald worden dan iemand met een gemiddelde zintuiglijke prikkelverwerking. Hij krijgt dus niet snel genoeg van prikkels; want prikkels ? véél prikkels ? zijn juist fijn!

Kenmerken van overprikkeld en actief zijn:
Druk, spontaan, uitbundig/chaotisch, vraagt veel aandacht, gaat maar door.
Een kind is altijd op zoek naar nieuwe ervaringen, houd niet van routines en regels. Hij is erg enthousiast en impulsief, verveelt zich snel. Een kind zit vaak te wiebelen of loopt van zijn plek.

Onderprikkeld en passief (niet bezig om meer prikkels te krijgen)

Omdat er te weinig prikkels doorgegeven worden aan het bewustzijn, krijgt een kind geen signalen dat er iets aan de hand is of iets gebeuren moet. Een kind wordt daardoor wat loom of dromerig .
Een onderprikkeld passief kind gaat niet zelf op zoek naar de extra prikkels die hij nodig heeft. Daardoor blijft hij slomer en mist hij informatie. Wanneer die prikkels wel op zijn pad komen, kan hij daarvan genieten.

Kenmerken van overprikkeld en passief zijn:
Flexibel en sloom, onverschillig, mist informatie, is moeilijk te bereiken
Een kind is vaak heel rustig en kan zich goed concentreren. Presteert goed onder druk, omdat hij daar niet veel van opmerkt. Lijkt soms ongeïnteresseerd, is geregeld traag en vergeetachtig. Droomt snel met zijn gedachte weg. Mist het overzicht om goed te kunnen plannen.

Overprikkeld en actief (is zichzelf aan het kalmeren)

Omdat er te veel prikkels doorgegeven worden aan het bewustzijn, wordt een kind overspoeld door prikkels. Het is daardoor lastig om de prikkels die op dat moment belangrijk zijn eruit te filteren.
Een overprikkeld actief kind probeert zelf de hoeveelheid prikkels in zijn omgeving te beïnvloeden, zodat hij niet de hele tijd overprikkeld raakt. Hij probeert onprettige prikkels te vermijden en zoekt prikkels op die hem kalmeren.

Kenmerken van een overprikkeld actief kind zijn:
Gestructureerd en besluitvaardig, met oog voor detail, snel gespannen, wil controle hebben
Een kind vindt het prettig om alleen te zijn. Hij vergeet niet snel iets, merkt alles op. Een kind is niet heel flexibel, hij bepaalt graag zelf hoe dingen gaan. Hij verzet zich tegen verandering en kan zeer emotioneel zijn.

Op school gaat een kind achter in de rij staan, als hij te veel prikkels ervaart, omdat het daar rustiger is. Of hij trekt zijn capuchon over zijn hoofd om minder last te hebben van de prikkels

Overprikkeld en passief (is zichzelf niet aan het kalmeren)

Omdat er te veel prikkels doorgegeven worden aan het bewustzijn, worden deze kinderen overspoeld door prikkels. Het is daardoor lastig om de prikkels die op dat moment belangrijk zijn er uit te filteren.
Een overprikkeld passieve kind is niet veel bezig om de hoeveelheid prikkels in zijn omgeving te beïnvloeden, waardoor hij regelmatig overprikkeld raakt.

Kenmerken van overprikkeld passief kind zijn:
Gevoelig, opmerkzaam, vindt rust prettig, nerveus, kan opeens overstuur raken
Een kind is zich heel bewust van zijn omgeving, heeft oog voor detail. Hij is snel afgeleid, is hyper en nerveus, hij schrikt van prikkels niet verwacht. Hij onthoudt wat mensen vertellen.

Bron: 7zintuigen

Zo haal je het beste uit een temperamentvol kind

Zo haal je het beste uit een temperamentvol kind

Sommige kinderen willen graag alles zelf bepalen. Ze houden niet van verrassingen. Dat kan nogal eens voor strijd zorgen. Kinderen met een sterke eigen wil zijn temperament vol. Dit vraag van ouders van net even een andere opvoedaanpak. Over deze kinderen gaat het boek Temperamentvolle kinderen van Eva Bronsveld.

Temperamentvolle kinderen zijn heel verschillend. Is deze beschrijving een nieuw hokje, een labeltje erbij? Nee. Het is meer een verzameling van de volgende eigenschappen:

  • Intens. Ze kunnen enorm enthousiast zijn, uitbundig reageren en dingen diep beleven.
  • Gevoelig. Ze hebben behoefte aan harmonie en kunnen zich goed inleven in anderen.
  • Opmerkzaam. Ze horen en zien dingen die anderen niet opvallen. Ze zien zoveel details dat ze er soms door overweldigd kunnen worden.
  • Sterke eigen wil. Ze weten wat ze willen, zijn doelgericht en vastberaden. Ze zijn creatief in het bedenken van manieren om dat voor elkaar te krijgen.

Al deze eigenschappen verenigd in een kind, kunnen soms flink botsen. Het zorgt soms voor moeilijk te voorspellen gedrag.  Het ene moment is een kind super enthousiast, het volgende moment helemaal overstuur.

Deze eigenschappen kunnen later de kracht of juist de zwakte van een kind zijn. Als ouders heb je hier veel invloed op. Hoe zie jij je kind, hoe benader je hem? Zolang je een kind nog niet helemaal accepteert, zul je een kind onbewust willen veranderen.

Focus op de positieve kant van de eigenschappen

Alle eigenschappen hebben positieve en negatieve kanten. Het kan helpend zijn om door een positieve bril naar de eigenschappen van een kind te kijken.

  • Hysterisch, overdreven, luidruchtig en ongeremd? In positieve termen: enthousiast, uitbundig, hartstochtig en levendig kind.
  • Overgevoelig, slap en prikkelbaar? De positieve kanten zijn empathisch, zachtaardig en toegankelijk.
  • Kieskeurig, pietluttig en snel afgeleid? Een kind is oplettend, scherpzinnig en heeft oog voor detail.
  • Koppig, eigenwijs en hardnekkig? De positieve kant is vastberaden, doelgericht en krachtig.

Wat heeft een temperamentvol kind nodig?

Ieder kind heeft basisbehoeften, maar bij temperamentvolle kinderen zorgt het ontbreken van de basisbehoeften voor een veel extremere reactie. Een temperamentvol kind dat honger heeft wil direct eten. Als het dan nog een half uur duurt, dan kan de boel allang ontploft zijn. De belangrijkste behoefte van een temperamentvol kind zijn:

  • Verbinding
    Ieder kind wil graag verbinding. Maar een temperamentvol kind heeft er extra veel behoefte aan. Ze hebben ook meer bevestiging nodig dat die verbinding er is.
    * Zorg er daarom voor dat je écht aanwezig bent, niet alleen fysiek.
    * Benoem zo vaak mogelijk dat je blij bent dat je kind er is. ‘Wat fijn om samen een boekje te lezen’. Als je alleen positieve opmerkingen maakt als je kind goed helpt of opruimt, kan een kind het gevoel krijgen dat het eerst iets goeds moet doen voordat je blij bent met zijn aanwezigheid.
    * Zorg voor vaste contactmomenten.
  • Controle en voorspelbaarheid
    Kinderen met een sterke wil bepalen het liefst zelf hoe de dingen gaan. Ze willen graag controle over wanneer ze dingen doen.
    * Geef een kind meer keuze mogelijkheden, bijvoorbeeld over de kleding die hij draagt of het beleg wat hij op brood wil.
    * Luister naar hun standpunt. Deze kinderen kunnen zich beter erbij neerleggen als ze merken dat hun mening serieus genomen wordt.
    * Zorg zoveel mogelijk voor een vast ritme, regelmaat en routine. Kondig uitzonderingen op een routine van tevoren aan.
    * Vertel van tevoren precies wat je kind kan verwachten, dit voorkomt grote teleurstellingen met de bijbehorende reacties.
    * Geef een kind de tijd en ruimte om te wennen aan nieuwe of veranderende situaties.
  • Ontspanning
    Temperamentvolle kinderen leven intens. Prikkels komen sneller binnen. Daarom is het belangrijk om ze te kunnen herstellen van alle indrukken. Dit kan door voldoende tijd te reserveren voor ontspanning . Combineer ontspanning met verbinding.

Wat vindt een temperamentvol kind lastig?

Sommige dingen zijn voor een temperamentvol kind moeilijk om mee om te gaan. Wees je hier van bewust. Het gaat met name om:

  • Prikkels van buitenaf
    De opmerkzaamheid van temperamentvolle kinderen zorgt ervoor dat ze veel waarnemen: harde geluiden, felle lichten, kleding die niet fijn zit, pijn, geuren, kou/warmte en stemmingen van anderen. Wat kan je kind helpen? Accepteer dat hij meer ervaart en erken zijn ervaringen. En vermijd overprikkeling zoveel mogelijk.
    Leer een kind om de prikkels te herkennen en zichzelf te beschermen tegen deze prikkels.
  • Macht
    Temperamentvolle kinderen kunnen slecht tegen macht. De manier waarop je je kind benadert, is van grote invloed op de reactie die je krijgt. Met een goede benadering kun je veel weerstand voorkomen. Vermijd machtswoorden (In plaats van moeten, gaan we naar school of opruimen) .
    Wees vriendelijk én duidelijk. Voorkom een toon waarop het lijkt alsof je toestemming vraagt aan je kind. Dus niet: ‘We gaan naar oma, oké?
    Geef zelf het goede voorbeeld. Als je zegt dat je iets gaat doen, doe het zelf dan ook gelijk. Zeg niet dat je naar de winkel gaat terwijl je ondertussen je mail nog even checkt.
    Heel belangrijk, leg uit waarom. ‘Kom, we gaan tandenpoetsen zodat je geen gaatjes krijgt’.
  • Overgangen
    Overgangen zijn lastig voor een temperamentvol kind. En dat is niet gek: door zijn opmerkzaamheid en gevoeligheid ervaart hij een overgang intensiever dan een ander kind. Probeer het aantal overgangen te verminderen of te verkleinen door stapjes in te bouwen.
  • Afwijzing
    Omdat temperamentvolle kinderen meer verbinding nodig hebben, kunnen ze zich ook eerder afgewezen voelen. Niet elk kind gaat daar op dezelfde manier mee om. Het ene kind zal proberen om toch verbinding te krijgen, de ander zal net doen of het hem niets kan schelen.  Herstel de verbinding direct nadat je boos bent geweest. Leer je kind om de verbinding te herstellen zonder zichzelf weg te cijferen.
  • Spannende gebeurtenissen
    Spannende gebeurtenissen kunnen zorgen voor wakker liggen, buikpijn of lastig gedrag.  Besef dat het voor  een kind heel moeilijk is om zich ‘goed’ te gedragen in spannende situaties.