Slim maar…  Talenten en frustratie

Slim maar… Talenten en frustratie

Het is enorm frustrerend wanneer je ziet dat er bij een kind niet uit komt wat er in zit. Dat een slim pienter kind moeite heeft met simpele taken als opruimen, aankleden en op tijd aan huiswerk beginnen. Dit kan uiteraard vele oorzaken hebben. De executieve functies kunnen hierbij een rol spelen. Onderzoek toont aan dat bij deze kinderen hun executieve functies nog niet goed ontwikkeld zijn.

Wat zijn executieve functies?

Executieve functies zijn de functies in de hersenen die het mogelijk maken om rationele beslissingen te nemen, impulsen te beheersen en je te kunt focussen op wat belangrijk is. Er zijn verschillende vaardigheden te onderscheiden:

  1. Respons Inhibitie: het vermogen impulsen te beheersen. Om te denken voor je doet.
  2. Werkgeheugen: regelt de informatiestromen in het geheugen. Het bepaalt wat nu relevant is, wat later en wat onbelangrijk is.
  3. Emotieregulatie: emoties reguleren om doelen te behalen of gedrag te controleren.
  4. Volgehouden aandacht: aandachtig blijven, ondanks prikkels en afleiding.
  5. Taakinitiatie: op tijd en efficiënt aan een taak beginnen.
  6. Planning/prioritering: een plan maken en beslissen wat belangrijk is.
  7. Organisatie: informatie en materialen ordenen.
  8. Timemanagement: tijd inschatten, verdelen en deadlines halen.
  9. Doelgericht gedrag: doelen formuleren en realiseren zonder je te laten afschrikken.
  10. Flexibiliteit: flexibel omgaan met veranderingen en tegenslag.
  11. Metacognitie: een stapje terug doen om jezelf en de situatie te overzien en te evalueren.

Wanneer een kind een taak niet uitvoert, kan het natuurlijk zo zijn dat een taak of opdracht niet past bij een kind. Je kunt dan de taak aanpassen, maar er zijn ook dingen, zoals huiswerk maken, aankleden die moeten wel gebeuren.
Ga in deze situatie na of een kind de taak niet wil of niet kan uitvoeren. Controleer of er omgevingsfactoren zijn die een kind belemmeren en kijk welke functies een kind nodig heeft voor het uitvoeren van een taak. En of een kind deze bezit?

Slim maar…

In het boek Slim maar… geven Peg Dawson en Richard Guare praktische tips hoe je deze vaardigheden bij kinderen kunt ontwikkelen. Voor veel voorkomende problemen hebben ze aangegeven welke executieve functies je daarbij nodig hebt. De komende weken zullen we in een reeks artikelen praktische tips en voorbeelden geven over het trainen van de verschillende executieve functies.

slim maar

Kun je niet wachten lees dan het boek Slim maar.  Het is geschreven voor ouders, maar ook leerkrachten kunnen hier tips uithalen. Het is echt een aanrader voor iedereen die kinderen wil helpen met het versterken van hun executieve functies.

Ken jij de toegevoegde waarde van dyslexie?

Ken jij de toegevoegde waarde van dyslexie?

De maatschappij verandert door technologie en digitalisering van een industriële naar een kennis- en netwerksamenleving. Dit vraagt om andere vaardigheden van mensen. Er is een aanzienlijke groei van de vraag naar flexibele vaardigheden om goed samen te kunnen werken in een interdisciplinaire omgeving. De vraag naar mensen met deze vaardigheden is hoog, het aanbod beperkt. Daar ligt de waarde van dyslexie!

De waarde van dyslexie

Wat heeft deze verandering met dyslexie te maken?  Uit onderzoek van Ernst en Young blijkt dat de positieve kanten van dyslexie hier uitkomst bieden.

Dyslexie is een genetisch verschil in het leervermogen en informatie verwerking van mensen. Hierdoor hebben dyslectici andere capaciteiten, met als sterke punten creativiteit, probleemoplossend vermogen en communicatieve vaardigheden. Daar staat moeite met spelling, lezen en onthouden van feiten tegenover.
Deze andere manier van denken, maakt dat dyslectische personen een andere kijk hebben op een situatie en met creatieve oplossingen komen.
Het vermogen om zaken te visualiseren, de kracht van logisch redeneren en ondernemerschap kunnen een frisse, vaak vernieuwd perspectief bieden

Onbenut talent

Dyslectische sterke punten sluiten nauw aan bij veranderde behoefte van organisaties en kunnen hier dan ook van grote waarde zijn. Een groter bewustzijn van deze sterke punten, neuro-diverse vermogens en gewenste toekomstige vaardigheden in de maatschappij is nodig. Zowel in het onderwijs als binnen ondernemingen kan dan beter ingespeeld worden op deze kwaliteiten.

Dyslexie wordt echter vaak gezien vanwege zijn uitdagingen in plaats van sterke punten. Er is veel meer bekend over waar iemand met dyslexie moeite mee heeft dan waar hij bovengemiddeld goed in is. In het onderwijs en binnen organisaties, kan er een negatieve perceptie zijn van dyslexie. Met als gevolg dat veel potentieel onbenut blijft.

Een verandering in de perceptie van dyslexie is nodig omdat dit maakt dat kinderen, maar ook volwassene zich kunnen ontplooien. Zorg dat dyslectici de ruimte krijgen om tot volledige ontwikkeling te komen. Want we hebben ze ontzettend hard nodig in de snel veranderde wereld om ons heen.

Hoe geweldig zou het zijn als we allemaal meer naar deze kwaliteiten zouden kijken!

Er is meer aandacht nodig voor de kwaliteiten van dyslexie

Dyslectische denkvaardigheden, de waarde van dyslexie

  • Visualiseren
    75% van de dyslectici is bovengemiddeld goed in visualiseren. Interactie met ruimte, zintuigen, fysieke ideeën en nieuwe concepten;
  • Verbeelden
    84% van de dyslectici is bovengemiddeld in verbeelden. Een origineel werkstuk maken of ideeën een nieuwe draai geven;
  • Communiceren
    71% van de dyslectici is bovengemiddeld goed in communiceren. Duidelijke en boeiende boodschappen maken en overbrengen;
  • Redeneren
    84% van de dyslectici is bovengemiddeld goed in redeneren. Patronen begrijpen, mogelijkheden evalueren en beslissingen nemen;
  • Verbinden
    80% van de dyslectici is bovengemiddeld goed in verbinden. Zelf begrijpen; anderen verbinden, inleven en beïnvloeden;
  • Verkennen
    84% van de dyslectici is bovengemiddeld goed in verkennen, ontdekken. Nieuwsgierig zijn en ideeën onderzoeken op een constante en energieke manier.

 

 

Wat hoogsensitieve kinderen vervelend vinden

Wat hoogsensitieve kinderen vervelend vinden

Soms kan een kind ineens boos, geïrriteerd of verdrietig worden om “niets” Of althans dat lijkt zo. Een hoogsensitief kind krijgt veel meer prikkels binnen en verwerkt deze ook diepgaander.  Hoogsensitieve kinderen krijgen dus veel binnen en denken daar diep over na. Ongeveer één op de vijf kinderen is hoogsensitief. Leren omgaan met deze gevoeligheid vermindert woedeaanvallen en huilbuien en versterkt het zelfvertrouwen. Er zijn een paar dingen die vrijwel alle hoogsensitieve kinderen vervelend vinden.

Onrecht

Op nummer één van wat hoogsensitieve kinderen vervelend vinden staat: onrecht. Het rechtvaardigheidsgevoel van een hoogsensitief kind is groot. Als iets oneerlijk gaat, dan onderneemt hij actie. Het maakt niet uit of dit hem zelf of andere aangaat.  Ze gaan in discussie als ze het niet eens zijn met een oneerlijke beslissing van ouder of de leerkracht. Als dit dan weggewuifd wordt, ze zich niet gehoord en begrepen voelt, ontvlamt dit in woede.

Onechte mensen

Gevoelige en empathische kinderen reageren sterk op hun omgeving en ze hebben het feilloos door als mensen niet echt zijn. Ze hebben echte en betekenisvolle relaties nodig met andere mensen en ze voelen zich helemaal niet prettig bij mensen die nep zijn. Kinderen klappen vaak dicht in de omgeving van deze mensen.

Een schoolreisje of sportdag

Alles gaat die dag anders. Geen herkenbare structuur, een ander dagritme. Niet de gebruikelijke lessen in de klas of pauzes waarin gegeten en gedronken wordt.  Iedereen is zo druk, duwen voortdurend, praten hardere dan normaal. Het verwerken van al deze nieuwe prikkels kost veel tijd. Tegen het eind van de dag, zijn kinderen vaak uitgeput en kunnen maar moeilijk van zo’n “leuke dag” genieten.

Hoe om te gaan met hooggevoeligheid op school

Spontane uitstapjes

Opeens ‘leuk’ op stap gaan, is iets Wat hoogsensitieve kinderen vervelend vinden. Het bekende dagritme wordt doorbroken.  Er is veel onduidelijk over wat er gaat gebeuren, wie er zijn, hoe de omgeving eruit ziet. Dit voelt voor een kind niet prettig, waardoor hij in de weerstand schiet. Een kind houd liever vast aan het bekende en voorspelbare.

Labeltjes en naden

Door hun gevoelige huid is elk kledinglabeltje of naad in een sok aanwezig en zit dit continu te kriebelen. Ook strakke kleding of ruwe stoffen worden regelmatig als vervelend ervaren.

Zand

De meeste kinderen vinden zand geweldig. Spelen in de zandbak of op het strand. Zand is echter iets wat hoogsensitieve kinderen vervelend vinden. Het zand plakt en kriebelt, komt in schoenen terecht en maakt kleren vies.

Meteen een keuze moeten nemen

“Wat wil je op je brood?”, is één van de meest gevreesde vragen, omdat papa of mama daar graag gelijk een antwoord op verwacht. Een keuze maken is lastig, omdat er zoveel consequenties zijn. Vruchtenhagel knoeit snel, pindakaas plakt in je mond en de jam heeft pitjes. Maar als ik nu iets zoets kies, mag ik dat vanmiddag niet meer. Voordat al deze aspecten zijn afgewogen, herinnert mama alweer aan de vraag, waardoor de irritatie stijgt en een keuze maken nog moeilijker is.

Een hooggevoelig kind beter begrijpen

 

Pubers opvoeden! wat je wel en juist niet moet doen?

Pubers opvoeden! wat je wel en juist niet moet doen?

De puberteit van je kind is voor jou als ouders soms best een pittige periode. Stemmingswisselingen, moeite met autoriteit en gezag. Kinderen die zich meer los willen maken van ouders, nieuwe dingen proberen en daarbij soms bewust risico’s en grenzen opzoeken.  Je vind het misschien niet leuk, maar het hoort helaas bij pubers opvoeden. 

Hoe kun je ervoor zorgen dat het toch gezellig blijft in huis en je een goede band houd met je puber. Wat moet je dan vooral laten en wat kun je doen?

Wat kun je beter laten 

  • Preken
    Hoe vaak praat je ‘tegen je puber’ in plaats van ‘met je puber’.  Met de beste bedoelingen uiteraard. Je wil je kind ergens behoeden of duidelijk maken dat iets heel belangrijk is. Je overlaadt je je puber met informatie. ‘Je moet echt meer bewegen en minder gamen, want  uit onderzoek blijkt dat …’. Pubers zijn allergisch voor dit soort ‘gepreek’ van hun ouders en haken veelal direct af. Mogelijk krijg je nog een reactie als  ‘Jaahaa mam, ik weet het, dat heb je nu al 100 keer gezegd’. Je boodschap komt niet aan, dus zonde van je energie
  • Verwijten maken
    Zeg je ook geregeld tegen je kind: Moet je geen huiswerk maken of zit je weer te gamen. Wat je eigenlijk zegt is, ik vind het maar niks dat je zit te gamen. Deze opmerkingen helpen echter niet. Je puber wordt niet gemotiveerd om minder te gamen of zijn huiswerk te maken. Een andere aanpak kan zijn om interesse te tonen in wat je kind doet of leg hem zonder verwijten uit waarom je zijn gedrag niet oké vindt.
  • Invullen
    Pubers hebben vaak iets meer tijd nodig om hun gedachten en gevoelens onder woorden te brengen. Als ouder heb je vaak snel de neiging om dingen in te vullen om het gesprek op gang te brengen. Dit kan behoorlijk averechts effect werken. Want als je er naast zit, zal je kind zich onbegrepen voelen en vaak ook geïrriteerd reageren (‘je snapt er niks van!’). Probeer daarom zoveel mogelijk open vragen te stellen en je kind op die manier te helpen om zijn gedachten te uiten en gevoelens te ordenen.

Pubers opvoeden motiveren hun best te doen op school! Zo doe je dat

Pubers opvoeden: wat wel doen als het gaat om 

  • Creëer qualitytime
    Pubers zijn vaak vooral bezig met hun vrienden of gamen en zijn niet altijd even gezellig thuis. Wil je de band met je kind goed houden of versterken, onderneem dan samen dingen. Dit is een belangrijk onderdeel voor het versterken van jullie band. Onderneem samen af en toe iets leuks. Zorg ervoor dat dit iets wat jullie allebei leuk en interessant vinden. Ga samen naar de film, wandelen of sporten. 
  • Blijf communiceren
    Een machtsstrijd levert alleen maar frustratie op van beide kanten. Probeer in gesprek te blijven, zonder te oordelen. Toon interesse in zijn belevingswereld en neem ideeën serieus. Zo voelt je kind zich veilig en geliefd. Al merk je hier soms weinig van. 
  • Geef complimenten
    Heeft je kind, dan eindelijk zijn kamer opgeruimd of is hij gezellig aan tafel benoemd dit dan. Richt je hierbij vooral op de inzet, niet op het resultaat.
  • Help met een plan van aanpak
    Wil je kind overgaan gaan dit jaar, vraag hem dan hoe hij dat wil gaan doen. En uitsluitend zijn best doen, is dan niet concreet genoeg. Vraag wat hij gaat doen en wanneer of op welke momenten. Vraag of je hem moet helpen bij dingen. Je zorgt er zo voor dat je puber gaat nadenken en je laat zien dat je vertrouwen hebt in zijn aanpak. 
  • Het is soms makkelijker gezegd dan gedaan, maar probeer je niet al te druk te maken over het gedrag van je kind. De puberteit is een (vaak lastige) fase die vanzelf weer overgaat. 
  • Verantwoordelijkheid
    Vaak heb je als ouder best wat regels, veelal om je kind te beschermen en te voorkomen dat hij in de problemen komt. Door een kind te leren dat als hij zich verantwoordelijk gedraagt, hij ook meer vrijheid krijgt omdat je ziet dat hij het aankan. Doe wat je moet doen, zodat je kan doen wat je wil. 

Tip: Zo leer je je kind verantwoordelijkheid nemen

Hoe ga je om met sinterklaas spanningen?

Hoe ga je om met sinterklaas spanningen?

De Sint is weer in het land! Voor de veel kinderen betekent dit extra spanning en meer prikkels. Ze hebben last van Sinterklaas spanningen. Dit kan tot verschillende problemen leiden, zoals moeite met het concentreren

Een kind kan moeite hebben met zijn concentratie omdat het eigenlijk bezig is met andere dingen, zoals sinterklaas. Maar dit kan ook een aankomende verjaardag of een ruzie met een vriendje zijn.

Prikkels

Het moeilijk kunnen concentreren heeft vaak te maken met de hoeveelheid prikkels die een kind binnen krijgt In de Sinterklaas periode zijn dit er vaak nog meer dan normaal. Voeg daar de spanning rondom het feest bij, dan is dit best veel. Bij de meeste mensen werken de hersenen als een filter. Zo filter je automatisch de (vele) prikkels die op je afkomen en kun je je richten op datgene waar je op dat moment mee bezig bent.
Er kunnen verschillende reden zijn (bijvoorbeeld ADD of Hoogsensitiviteit) waardoor filters niet goed werken. Alle informatie komt dus binnen (gedachten, geluiden, beelden etc.). Wat kan leiden tot sinterklaas spanningen.

Wat kun je doen aan sinterklaas spanningen?

  • Creëer een rustige omgeving
    Een rustige omgeving zorgt ervoor dat een kind minder snel afgeleid word. Denk hierbij aan een opgeruimde ruimte en weinig geluid radio of televisie.
  • Zorg voor overzichtelijke situaties en zo min mogelijk prikkels
    De situatie moet voor een kind (met concentratieproblemen) overzichtelijk zijn. Kinderen die snel afgeleid zijn, reageren vaak op alles wat er om hen heen gebeurd. Als bijvoorbeeld overal om het kind heen speelgoed voor het grijpen ligt, zal een kind ook van alles gaan pakken.
  • Vraag niet meer van een kind dan hij of zij aan kan.
    Het is goed om je bewust je zijn van de verwachtingen die je van een kind hebt. Vindt jij bijvoorbeeld dat een kind aan tafel moet blijven zitten tot iedereen uitgegeten is, maar merk je dat dit keer op keer mis gaat? Vraag je dan af of deze eis reëel is. Een kind vind het zelf ook niet leuk als er veel strijd is, dus wellicht vindt een kind het te moeilijk om lang stil te zitten? Een oplossing in deze situatie zou bijvoorbeeld kunnen zijn dat het kind wél aan tafel blijft zitten, maar dat als het zijn/haar bord leeg heeft een spelletje aan tafel mag doen.
  • Geef complimenten als een kind zijn best doet
    Ook als je ziet dat een kind zijn/haar best doet en het lukt niet helemaal, kun je toch een compliment geven. Een kind heeft immers wél zijn best gedaan en door dat te benoemen stimuleer je een kind om dat een volgende keer weer te doen!
  • Als een kind een activiteit wél vol houdt, beloon een kind hier dan voor.
    Door belonen versterk je het zelfbeeld van een kind en dat draagt bij aan een goede ontwikkeling.
  • Zorg voor vaste structuur
    Kinderen met concentratieproblemen hebben behoefte aan veel duidelijkheid. Ze zijn over het algemeen snel afgeleid en er niet altijd bij met hun hoofd. Als ze weten waar zij aan toe zijn, zorgt dit voor rust. Structuur bieden is een breed begrip. Het betekent onder andere dat dingen op dezelfde manier gaan en/of op dezelfde volgorde. Bijvoorbeeld douchen, tanden poetsen, voorlezen, slapen. Veel kinderen vinden het prettig als zij een overzicht hebben van hoe hun dag (of week) gaat verlopen.

10 tips om sinterklaas te voorkomen bij je kind of in ieder geval te beperken