ADHD en emoties | soms best lastig!

ADHD en emoties | soms best lastig!

Van kinderen met een adhd brein is vaak bekent dat ze moeite hebben met focus en impulsiviteit. Maar een uitdaging die minder wordt genoemd, is moeite om met emoties om te gaan. Lees meer over ADHD en emoties

Kinderen met een ADHD brein hebben dezelfde emoties als andere kinderen. Wat echter anders is, is dat ze deze emoties veelal intenser voelen. Deze emoties duren ook langer en kunnen het dagelijks leven in de weg staan.
Daarom kunnen deze kinderen (maar ook volwassenen):
• Overweldigd worden door ontmoediging, frustratie of woede;
• Te snel opgeven wat ze ook doen;
• Interactie met anderen vermijden.

ADHD en emoties

Naar mate kinderen ouder worden gaat dit veelal wel beter. Maar sommigen blijven er als volwassenen mee worstelen. Er zijn vaardigheden die mensen van alle leeftijden kunnen leren om emoties beter te beheersen

Voorbeelden van problemen met het omgaan met emoties
Wanneer kinderen met ADHD moeite hebben met het beheersen van hun emoties, kan dit op verschillende manieren tot uiting komen. Sommigen hebben moeite om hun gevoelens af te remmen als ze boos of gestrest zijn. Anderen vinden het moeilijk om enthousiast te worden om iets te doen wat ze saai vinden
Kinderen met ADHD kunnen ook:
• Snel gefrustreerd raken door kleine ergernissen;
• Zich te veel of te lang zorgen maken over zelfs kleine dingen;
• Moeite hebben om te kalmeren als ze geïrriteerd of boos zijn;
• Zich zeer gekwetst voelen aan milde kritiek;
• Buitensporige urgentie voelen om iets te krijgen wat ze nu willen.

Wat gebeurt er?

Het ADHD brein worstelt met een reeks mentale vaardigheden, de uitvoerende functies, die helpen zaken in perspectief te houden.
En beheren hoe we reageren op situaties en gevoelens. Ze omvatten flexibel denken en impulsbeheersing.

Het werkgeheugen is een andere vaardigheid waarmee kinderen met ADHD worstelen. Ze zijn soms te gefocust op hoe ze zich op dit moment voelen om hun andere gevoelens in gedachten te houden. Ze kunnen bijvoorbeeld boos zijn en iets gemeens zeggen, ook al willen ze niemand van streek maken.
De executieve functies ontwikkelen zich in de loop van de tijd. Kinderen met ADHD worden mogelijk beter in het omgaan met emoties naarmate ze ouder worden. Maar uitdagingen gaan vaak door tot in de volwassenheid.

Hoe kinderen te helpen emoties te beheersen

Wanneer kinderen worstelen met hun gevoelens, kan het lijken alsof er geen manier is om tot hen door te dringen of negatief gedrag te stoppen. Maar er zijn manieren om kinderen te helpen hun emoties onder controle te krijgen en te beheersen.

Begin met te erkennen hoe ze zich lijken te voelen. Gebruik zinnen als “Ik zie hoe teleurgesteld je bent dat je tweede bent geworden.” Maak geen ruzie over de vraag of ze zich zo moeten voelen. Meestal escaleert dat het probleem alleen maar.
Als kinderen eenmaal kalm zijn, bied dan aan om hen te helpen een betere manier te vinden om met de emoties om te gaan.

Als ouder of leerkracht kun je een frustratie dagboek bij houden om meer inzicht te krijgen wanneer een kind gefrustreerd raakt en waarom. Het kan helpen patronen in het gedrag van een kind te vinden

bron: understood.org

Ik hoor je wel, maar luister niet! Auditieve verwerkingsproblemen

Ik hoor je wel, maar luister niet! Auditieve verwerkingsproblemen

Auditieve functies worden vaak uitgelegd als “wat we doen met wat we horen”. Oftewel het verwerken van geluiden, klanken en spraak. Kinderen met auditieve verwerkingsproblemen hebben moeite met verschillende vaardigheden, benodigd voor het verstaan van mondelinge informatie, terwijl hun gehoor goed is.

Waar aan herken je problemen met auditieve verwerking

Voor veel ouders is het herkenbaar dat een kind niet luistert. Lekker doet waar hij zelf zin in heeft. Maar er kan soms sprake zijn van problemen met het verwerken van de informatie die een kind hoort. Er zijn verschillende kenmerken die kunnen duiden op auditieve verwerkingsproblemen:

  • vaak ‘huh’ of ‘wat zeg je?’ zeggen
  • slechthorend is en begeleiding wil voor spraak afzien
  • een achterstand in de spraak en/of taal heeft opgelopen door gehoorproblemen
    gedurende een langere tijd (bv. veel oorontstekingen)
  • mondelinge opdrachten moeizaam begrijpt
  • moeite om mondelinge informatie te onthouden
  • inadequate antwoorden geeft op vragen 
  • moeite heeft om de leerkracht te volgen in een rumoerige klas
  • meerdere mondelinge instructies moeilijk begrijpen
  • moeite heeft met het herhalen van mondelinge informatie in de juiste volgorde

Indien kinderen problemen ondervinden met de auditieve verwerking kunnen er op korte en lange termijn problemen in de ontwikkeling optreden. Wanneer dit probleem niet vroegtijdig wordt herkent kunnen er meer problemen ontstaan. Denk hierbij aan aan spraak- en/of taalproblemen of andere leerproblemen. Deze problemen komen vaak voor in combinatie met andere problemen, zoals slecht presteren op school (ondanks normale intelligentie). Problemen bij het vervullen van klassikale opdrachten, een korte aandachtsboog, snel afgeleid door geluiden of gebeurtenissen in de omgeving. En een slecht ontwikkeld besef van tijd.

Wat te doen bij auditieve verwerkingsproblemen

Een logopedist kan kinderen helpen die auditieve problemen ervaren. Er zijn daarnaast ook dingen die je zelf kunt doen.

  • Spreek duidelijk naar een kind en niet te snel;
  • Maak gebruik van een krachtige intonatie;
  • Benadruk de hoofdpunten, zo is de kans groter dat een kind het belangrijkste onthoud;
  • Breng structuur aan in activiteiten: als een kind weet wat er van hem verwacht wordt, kan hij in die situaties gemakkelijker anticiperen op mondelinge informatie;
  • Controleer of je boodschap is aangekomen, laat een kind in zijn eigen woorden herhalen wat je hebt gezegd;
  • Bespreek samen met een kind en de leerkracht wat de beste plek in de klas is.

Hoe leer je klanken herkennen

Wat ouders moeten weten over kinderen en uitstelgedrag

Wat ouders moeten weten over kinderen en uitstelgedrag

Als ouder kan het omgaan met een kind dat uitstelgedrag vertoont enorm frustrerend zijn. Dagelijkse schema’s kunnen al moeilijk genoeg zijn om door te komen, en wanneer een kind zijn verantwoordelijkheden uitstelt, is dat vervelend. Een kind doet dit echt niet altijd expres. Het is waar, soms stellen kinderen karweitjes , huiswerk of andere verantwoordelijkheden uit, gewoon omdat ze ze niet willen aanpakken. Maar soms stellen kinderen om andere redenen uit. Lees meer over kinderen en uitstelgedrag.

Als je begrijpt wat er achter het uitstelgedrag van een kind zit, kan dit je helpen de behoeften van een kind beter te begrijpen en te voorkomen dat een kind dingen blijft uitstellen.

Wat zit er achter het uitstelgedrag van een kind?

Een kind begrijpt het niet

Een kind begrijpt niet wat er wordt verwacht. Kinderen stellen misschien klusjes, huiswerk of andere taken uit, simpelweg omdat ze niet begrijpen wat ze moeten doen. Wanneer een kind niet zeker is van zijn rol of niet over de vaardigheden beschikt om een ​​taak aan te pakken, zal hij deze waarschijnlijk niet willen aannemen. Als je een kind vraagt iets te doen, zorg er dan voor dat je de tijd neemt om hen precies te laten zien hoe ze de verantwoordelijkheid kunnen vervullen en beantwoord eventuele vragen. Het kan ook een goed idee zijn om ze een keer of twee te bekijken om advies te geven over hoe ze het gemakkelijker kunt maken.

Ze kunnen er mee wegkomen

Ze kunnen ermee wegkomen, kinderen zijn slim en weten al op jonge leeftijd wanneer hun vader of moeder bluft. Als je dreigt de televisietijd van je kind af te nemen als ze hun kamer niet opruimen, maar de consequentie niet naleeft. Wees dan niet verbaasd als ze het de volgende keer gewoon weer uitstellen. Zorg ervoor dat een kind weet wat zijn verantwoordelijkheden zijn, wat de deadline is en wat de gevolgen zijn als het zijn werk niet doet.

Kinderen motiveren en stimuleren door te werken aan een growht mindset

Kinderen en uitstelgedrag door afleiding

Spelletjes en sociale media op de smartphone is veel leuker dan taakjes die gedaan moeten worden.  Al die appjes die maar bliepen of in beeld verschijnen, terwijl je je eigenlijk moet concentreren. Het is dan ook goed deze uit te zetten. Onderzoek heeft uitgewezen dat als je twee dingen tegelijk doet (bijvoorbeeld appen en huiswerk), je er twee keer langer over doet, en ook twee keer zoveel fouten maakt. Leg de telefoon weg of zet de notificaties uit.

Kinderen en uitstelgedrag door faalangst

Ze zijn bang dat ze het verkeerd of slecht doen. Soms gaat uitstelgedrag hand in hand met perfectionisme .  Als je denkt dat een kind verantwoordelijkheid ontwijkt omdat het niet het vertrouwen of de vaardigheden heeft om het te doen, motiveer ze dan het te proberen.  Jonge tieners kunnen bang zijn om te falen en ze begrijpen niet altijd dat oefenen de beste leermeester is. Als een kind het oefenen van een instrument vermijdt omdat het bang is om slecht te klinken, leer hem dan dat het werken door fouten is waar het bij oefenen om draait. Dat je niet verwacht dat een kind het bij de eerste poging goed zal doen.

Alles wat je als ouder moeten weten over faalangst

Ontspanning nodig

Ze hebben rust nodig. Zo is het ook weer. Kinderen stellen hun klusjes of huiswerk soms uit omdat ze iets beters te doen hebben, zoals uitgaan met vrienden, televisie kijken of gamen.  Zorg ervoor dat een kind elke dag downtime heeft en probeer een tijd te vinden om klusjes te plannen als er niet zoveel afleiding is. Wat huiswerk betreft, sommige kinderen hebben na schooltijd wat tijd nodig om te ontspannen voordat ze verder studeren. Probeer een schema te maken dat past bij de behoeften van een kind en help een kind zich eraan te houden. En als je denkt dat het schema van een  kind te druk is, overweeg dan om activiteiten te verwijderen die niet echt belangrijk zijn.

Een “label” is geen oplossing!

Een “label” is geen oplossing!

Het plakken van een label op kinderen hoeft niet verkeerd te zijn. Belangrijk is wat je doet nadat er een diagnose is gesteld. Helpt het een kind of werkt het stigmatiserend. Er zijn situaties waarin het zeker een kind helpt, maar helaas is het ook vaak het “eind station”. De diagnose is gesteld en daarmee moet een kind het doen.

Een praktijk voorbeeld

Meester Marcel vertelt:
Er was iets niet helemaal in orde met de jongen. Dat vond de school. En dat merkten zijn ouders ook. In de klas was hij er niet helemaal bij. Afwezig, vaak. Ongeconcentreerd. De school en de ouders vonden het een goed plan, als hij eens onderzocht werd. Zo kwam het tot een diagnose: ADD, attention deficit disorder. ADHD zonder de hyperactiviteit, dus. Opeens begreep de school het. En ook de ouders waren opgelucht, omdat ze daarmee te horen hadden gekregen dat het niet aan hen lag. Ritalin of een aanverwant medicijn werd deel van de dagelijkse routine.

Marcel heeft contact gehouden met dit jongetje en zijn ouders, omdat hij schrok van hoe we ons in korte tijd een compleet psychiatrisch jargon hebben eigen gemaakt en hoe normaal we dat zijn gaan vinden. ‘Ons kind slaapt heel laat. Dat is een kenmerk van ADD’, vertelden de ouders me. Ik draaide het om: ‘Als je iedere dag laat in slaap valt, zou je best wel eens wat focusverlies overdag kunnen ondervinden.’ Dat vond hun huisarts een steekhoudende hypothese. Hij schreef een lichte dosis van een natuurlijk slaaphormoon voor. Sindsdien slaapt de jongen om 20:00u en vertoont hij amper nog de symptomen van ADD.

Niet goed slapen als kenmerk van ADD of moeite om geconcentreerd te blijven, omdat je niet goed slaapt.

Het is een fundamenteel andere manier van kijken.
Een grote valkuil in de “hulpverlening” kenmerkt zich door niet meer naar het kind te kijken, maar naar het gedrag. Een kind is meer dan een zak competenties of een set gedragskenmerken. Er zijn kinderen die op basis van hun gedrag op school en in de klas, wel drie keer het label ADHD zouden kunnen krijgen. Maar wanneer ze rustig thuis zijn, kruipen ze heerlijk bij je op de bank voor een verhaaltje. Zijn ze de rust zelve. Een gevalletje van deeltijd-ADHD?

Wat betekent een label

Wat betekent het om te denken in labels in plaats van in kinderen. De Amsterdamse hoogleraar opvoedkunde Jo Hermanns presenteerde tijdens zijn NIVOZ-voordracht ‘Een pedagogisch antwoord op passend onderwijs’. Uit bevolkingsonderzoek blijkt dat tussen de 2 en 5 procent van de kinderen een leer of gedragsprobleem heeft. Maximaal 1 op de 20 kinderen heeft speciale hulp nodig. Dit is decennia lang een redelijk vaststaand cijfer geweest. Echter, in onze tijd krijgt maar liefst 1 op de 6 kinderen een diagnose.

De bijwerkingen van medicalisering

Medicijnen hebben bijwerkingen. Medicaliseren heeft ook z’n bijwerkingen, vaak ernstige. Je loopt een verhoogd risico te gaan leven, je te gaan gedragen naar de taal en de logica van het medicaliserende model. Er zijn ouders die zeggen dat ze blij zijn met een diagnose, omdat het daarmee ‘niet aan hen ligt’, maar aan ‘stofjes’ in ‘de hersenen’, die te veel of te weinig aanwezig zijn. En daar zijn medicijnen voor. Die neiging is al te menselijk en goed te snappen. Maar wat je als ouder eigenlijk moet begrijpen, is dat je weliswaar een geweldige invloed hebt op de ontwikkeling van je kind, maar dat je geen ‘factor’ bent die schuld draagt.

Explanation stopper

Datzelfde geldt voor leraren, die een diagnose gebruiken als een explanation stopper, zo’n uitleg die iedere verdere gedachte overbodig maakt: ‘Tja, hij heeft ADHD. Dan weet je het wel.’ Wat weet ik dan wel? Hoe ontslaat dat je ervan het kind achter het label te blijven zien? Ook in administratieve zin zijn er bijwerkingen voor scholen.  Als men extra geld nodig heeft voor de begeleiding van een kind, moeten er een goede sterke diagnose liggen.

Het ergst is het ongetwijfeld voor de kinderen zelf. Wat betekent het om ‘gelabeld’ te zijn? Hoe word je benaderd? En hoe verhoud je je zelf tot een diagnose? Sommigen zeggen: ‘Ik kan er niks aan doen, want ik heb ADHD.’ Als je een diagnose gebruikt om begrip te krijgen van je situatie, is dat prima. Maar als je gaat wonen in je diagnose, als het een reden wordt om je te blijven gedragen zoals je doet, is zo’n label eerder een katalysator die het probleem in stand houdt. Zorg dat een label een route naar een oplossing is.

Achteraf zijn ze geen kinderen meer!

Achteraf vinden we het mooi dat Leonardo Da Vinci, Albert Einstein, Pablo Picasso, Roald Dahl, Steven Spielberg, Bill Gates en Jan des Bouvrie dyslectisch bleken te zijn. Als we terug kijken wordt het deel van hun sucess storyMaar ‘achteraf’ zijn ze geen kinderen meer. Kinderen willen nú laten zien wat ze kunnen.

En het is aan de leerkracht om deze kinderen de de ruimte te bieden: ‘Laat maar zien wat je kunt. Doe het maar. En trouwens, ik heb ook verwachtingen: wat jij kunt, moet je me ook laten zien.’
Een pilletje is vaak als een punt aan het eind van de zin: het verhaal is af, met een medische diagnose kan het denken stoppen. Kijken voorbij het gedrag naar het kind zelf is eerder een uitroepteken. Of beter: een krachtig vraagteken. Omdat je nooit zeker weet waar je uitkomt.

Lees meer over voorbij hokjes denken

bron:het kind

Hooggevoeligheid bespreken met de leerkracht.

Hooggevoeligheid bespreken met de leerkracht.

Als jou kind erg gevoelig is. Niet goed tegen lawaai en drukte kan dit heel vervelend zijn op school. Helaas kun je er niet altijd vanuit gaan dat de leerkracht op school weet wat dit inhoudt. Hoe maak je dit bespreekbaar en zorg je ervoor dat een leerkracht begrijpt wat hooggevoeligheid is?

Op school raakt een hooggevoelig kind eerder overprikkeld dan andere kinderen. Een kind krijgt op school veel prikkels binnen. Innerlijk ervaart een kind dit als spanning. Die spanning kan een kind uiten door te gaan huilen, angstig te worden, door zich terug te trekken of druk te worden. Begrip en goede begeleiding van de leerkracht zijn essentieel om een hooggevoelig kind te helpen op school. Tips om hooggevoeligheid te bespreken op school.

Hoe kun je voorkomen dat een kind overprikkeld raakt in de klas?

  1. Inrichting van het klaslokaal:
    Hooggevoelige kinderen nemen vaak veel waar. Een druk ingericht klaslokaal waar iedere centimeter iets te zien is, voelt niet prettig.
  2. Plek in de klas:
    Zet een hooggevoelig kind niet vooraan of midden in de klas, het kind zal veel achterom kijken, om niets te hoeven missen van wat achter hem gebeurt. Een plek aan de rand van de groep biedt de mogelijkheid alles te overzien.
  3. Filter prikkels:
    Geluiden zijn prikkels die je grotendeels buiten kunt sluiten door een kind gehoorbeschermers te geven voor in de klas. Dit gebeurt al regelmatig op scholen. Een kind kan deze opzetten als hij zich moet concentreren of wanneer hij wil ontspannen door zich even af te sluiten.
  4. Aangesproken worden in de klas:
    Veel hooggevoelige kinderen ervaren hun leerkracht als streng. Dit kan komen door het volume van de stem. Vertel de leerkracht dat je kind snel schrikt van een verheven stem en daarom bang kan worden voor de reactie van docent. Vertel dat het goed werkt als je kind wordt aangesproken als er oogcontact wordt gemaakt en er rustig en langzaam wordt gesproken. Eerst glimlachen doet ook vaak wonderen!
  5. Verbonden voelen:
    Een hooggevoelig kind heeft, meer dan andere kinderen, behoefte aan het voelen van verbinding, zeker met een leerkracht die een kind vele uren per week meemaakt. Verbinding stelt een kind gerust en daarmee ontspant een kind. De leerkracht kan op allerlei simpele manieren even verbinding maken met een kind. Een aai over de bol, een glimlach, oogcontact, iets liefs zeggen of even naast het kind gaan zitten.
  6. Structuur bieden:
    Plotselinge of onaangekondigde veranderingen geven een hooggevoelig kind vaak veel stress. Het is een direct gevolg van het feit dat een kind meer zintuiglijk waarneemt dan andere kinderen. Er komt van alles tegelijkertijd binnen, teveel en dan ontstaat er stress. Een hooggevoelig kind is dus gebaat bij een leerkracht die veranderingen in de klas of uitjes van tevoren duidelijk bespreekt. Vertel de leerkracht ook dat je kind deze uitleg nodig heeft om te voorkomen dat hij overprikkeld raakt op het moment zelf.
  7. Zorg voor ontspanning:
    Om prikkels te kunnen verwerken, heeft een kind rust en ontspanning nodig. Als een kind overprikkeld raakt, lukt het ook niet meer goed om informatie op te nemen. Bespreek de mogelijkheden om vaste momenten van ontspanning in te bouwen.

Heb jij nog meer tips over hooggevoeligheid? Laat het ons weten.