Dyslexie heeft onder andere invloed op het vermogen om vloeiend te (leren) lezen, spellen en soms ook schrijven. In Nederland is het identificeren van dyslexie van groot belang om passende ondersteuning te krijgen. Een dyslexie test kan worden aangevraagd wanneer er vermoedens zijn van dyslexie bij een kind. De procedure voor het identificeren van dyslexie in Nederland is grondig en gestructureerd.

Er wordt een onderscheid gemaakt tussen de termen dyslexie en de (behandelindicatie) Ernstige Dyslexie (ED), voorheen bekend als Ernstige Enkelvoudige Dyslexie (EED) (tot 1 januari 2022). Alleen in dit laatste geval worden zowel het onderzoek als het vervolgtraject gefinancierd door de gemeente.

Wanneer een dyslexie test

Vaak wordt er vanuit school gesignaleerd dat een kind meer dan gemiddeld moeite heeft met leren lezen en schrijven. Zeker bij erfelijkheid heb je als ouder soms ook een vermoeden. Soms is het wel onduidelijk wanneer een dyslexie test kan worden gedaan. Wanneer dit gedaan mag/kan worden staat in het Protocol Dyslexie Diagnostiek en Behandeling 3.0. Hierin worden de onderstaande criteria opgesomd.

  • Een kind is tussen de 7 en 13 jaar oud en zit op de basisschool.
  • Er is sprake van aanzienlijke achterstand, gekenmerkt door drie opeenvolgende cito E-scores/V-scores (laagste 10%) voor woordlezen.
  • Er is sprake van hardnekkigheid, wat blijkt uit aantoonbare inspanningen van de school om extra hulp te bieden op het gebied van lezen en/of spellen, zonder dat er voldoende vooruitgang wordt geboekt.

Wat betekent dit?

De eerste cito toetst die in aanmerking komt om een “achterstand” inzichtelijk te maken kan worden afgenomen halverwege groep 3. Een derde toetst is dan op zijn vroegst halverwege groep 4. Halverwege groep 4 moet er ook een dossier zijn welke aantoont dat er extra inspanningen zijn gedaan om de ontwikkeling van een kind extra te ondersteunen. Extra inspanningen zijn bijvoorbeeld een speciale begeleiding om het leesniveau te verbeteren en trainingen om lettercombinaties en/of woorden te automatiseren. Vaak worden deze vanuit een samenwerkingsverband waar een school onderdeel van is gegeven. Ook het inzetten van het programma Bouw kan helpen bij het verbeteren van het automatiseren van klanken en woorden.

Voor een vergoed vervolgtraject gelden vervolgens de volgende voorwaarden:

  • Er zijn geen andere verklarende factoren voor de lees- en/of spellingproblemen aan het licht gekomen tijdens het onderzoek.
  • Er zijn geen complexe andere problemen die een effectieve uitvoering van de training belemmeren. Denk hierbij bijvoorbeeld aan concentratieproblemen door ADHD

Intelligentie

Dyslexie staat los van intelligentie. Om een beeld te krijgen van de intelligentie wordt er bij een kind een IQ-test afgenomen. Er wordt onder andere gekeken naar semantische taalvaardigheden (zoals woordenschat en het kunnen leggen van verbanden tussen woorden) en de werking van het geheugen. Het doel hiervan is om mogelijke andere verklaringen voor de lees- en/of spellingproblemen uit te sluiten en om te kijken of het kind in staat is een training goed te kunnen volgen.

Niet in elk traject is nog voldoende aandacht over de positieve keerzijde van dyslexie. Dit is jammer omdat alle aandacht op wat niet goed gaat, het zelfvertrouwen van een kind kunnen aantasten. Lees hier meer over de sterke kanten van dyslexie